Home Blog Pagina 31

‘Je hebt in al die jaren lief en leed met elkaar gedeeld’

0

Hoewel het 90-jarig bestaan van een club geen officiële mijlpaal is, besloten ze bij Rood-Wit hun jubileum dit jaar toch te vieren. Met onder meer een jubileumgids, een reünie en de nodige activiteiten, doet de vereniging uit Sint Willebrord er alles aan om verhalen uit het verleden op te halen, vertelt Ko van Nispen. “Daar zijn we natuurlijk ontzettend trots op.”

Want 90 jaar, is een mooie tijd, vindt de 73-jarige Van Nispen. “Een vereniging kent natuurlijk altijd ups en downs, maar daar stap je overheen en dan ga je weer door. Bij Rood Wit proberen we er altijd het beste van te maken.” En als iemand het kan weten, is hij het wel. “Ik ben nu 65 jaar lang onafgebroken lid. Dan heb je ergens wel een goed gevoel bij.” Betrokken is de voormalig speler, die eveneens ooit in het bestuur zat, dan ook nog steeds. “Mijn kleinkinderen voetballen hier, dus op zaterdag én zondag ga ik nog geregeld kijken.”

Oude verhalen

Toen ze hem anderhalf jaar geleden vroegen of hij een receptie en reünie wilde organiseren ter ere van het 90-jarige bestaan, wist Van Nispen het antwoord dan ook wel. “Destijds heb ik samen met Kees Lauwen, Henk Heeren, Rini van Zundert, Corné Bulkmans, Adrie Derijck en Gerard Rokx een team gevormd en zijn we aan de slag gegaan.” Met op 15 maart uiteindelijk een opkomst van meer dan 200 man tot gevolg. “Het was heel mooi en gezellig, we hadden het goed voor elkaar!” Eenvoudig, was het echter niet. “We hebben natuurlijk allemaal een flinke kennissenkring, van mensen met een verleden bij Rood Wit. Die hebben we uitgezocht.” Daarnaast, verzamelde Van Nispen oude foto’s en video’s. “Daar hebben we een presentatie en fototentoonstelling van gemaakt.” En die verzameling, zorgde voor een feest der herkenning. “Iedereen stond te wijzen en keek enthousiast naar het scherm.” Precies zoals de bedoeling was. “We wilden graag de oude tijd naar voren halen.” Een tijd van 90 jaar geschiedenis. “Officieel is dat bij de KNVB geen mijlpaal, maar we vonden het toch wel leuk om er iets mee te doen.” Onder meer met allerlei festiviteiten, verschillende activiteiten, het traditionele U10-toernooi en een wedstrijd tegen FC de Rebellen. Want zo’n jubileum, behaal je natuurlijk niet zomaar. “In de kleedkamer, trainen, een potje voetballen en daarna naar de kantine. Dat was voor mij Rood Wit.” Van Nispen, die voornamelijk zijn wedstrijden speelde in het tweede van de club, geniet dan ook nog altijd het meeste van de gezelligheid in de kantine. “Een potje bier drinken, babbelen over voetbal en oude verhalen ophalen.”

Voetbalkameraden

Oude verhalen die hij samen met Jeffrey Bulkmans en Michael Schuring heeft verzameld, in de jubileumgids. “Ik weet natuurlijk veel van het verleden, dus wij hebben de tekst en de foto’s aangeleverd.” Makkelijk was dat niet. “Het is moeilijk om te selecteren. Je kunt natuurlijk niet alles erin zetten.” Toch is de oud-jeugdtrainer en leider tevreden met het resultaat. Net als met de reünie. “Je oude voetbalkameraden weer zien, dat blijft het mooiste. Je hebt in al die jaren toch lief en leed met elkaar gedeeld.” Helaas kon niet iedereen komen, vertelt Van Nispen. “We worden allemaal ouder, dan ga je dingen mankeren. Maar gelukkig kom je elkaar soms ook op het dorp tegen.” Want daar woont de fanatieke voetballiefhebber, als vanzelfsprekend nog steeds. Stiekem misschien wel, om alles goed in de gaten te kunnen blijven houden. “Ik hoop dat het eerste het gaat halen. Het zou mooi zijn als ze kampioen worden in de vierde klasse.” Ook met het oog op de toekomst. “Voetballen op zondag wordt steeds lastiger. Ik vrees dat we volgend seizoen nog maar twee seniorenteams over hebben. Al hopen we natuurlijk van niet. Maar mensen hebben tegenwoordig genoeg andere dingen te doen.” Zo ook bij de jeugd. “Als die het eerste elftal niet halen, gooien ze het bijltje er nogal makkelijk bij neer. Dus hopelijk blijft het ledenaantal groeien.” En dan op, naar de honderd. “Dat zal ons vast wel lukken!”

Klik op Rood-Wit voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rood-Wit voor meer informatie over de club.

‘Wat dat betreft hebben we geen gebrek aan ervaring’

Toen hij heel wat jaren geleden op een bedrijventoernooi geblesseerd raakte aan zijn enkel en zelf niet meer kon voetballen, vond Giel Magielse zijn voetbalgeluk in het zijn van leider. En na acht seizoenen bij het vierde van De Fendert, geniet hij daar nog steeds wekelijks van. “Voetbal is het mooiste spelletje wat er is.”

Zelfs als je het zelf dus niet meer kunt doen, zoals in zijn geval. “Ik ben één en al voetbal, dus ik mis het nog steeds! Maar zo ben je er toch een beetje bij. In de kleedkamer, tijdens de derde helft. Dat is nog altijd even gezellig.” Toch ging het op zijn 24ste, dus al mis, voor de inmiddels 55-jarige Magielse. “Tijdens een bedrijventoernooi, verstapte ik mezelf en ging ik door mijn enkel.” Met verrekte enkelbanden tot gevolg. “Op dat moment zat ik al zes jaar bij De Fendert in de selectie en hing ik tegen het eerste aan, toen kreeg ik die blessure.”

Jonge honden

Blijven voetballen ging niet meer én dus werd Magielse gedwongen zijn voetbalschoenen aan de wilgen te hangen. “Daarna heb ik er nog een jaar of zes last van gehad, zakte ik continu door die enkel. Nu gaat het goed, maar een balletje trappen lukt niet meer.” Gelukkig, vond hij zijn passie voor voetbal, terug in een iets andere rol. “Ik ben leider geweest van de B, de A en het tweede. Het vierde doe ik nu een jaartje of acht.” Al moest Magielse daar wel even goed over nadenken, lacht hij. “Toen ze het vroegen had ik even geen team en ging ik regelmatig bij het eerste kijken.” Toch ging de voormalig verdediger overstag. “Er speelden een hoop bekenden in, dus ben ik het gaan doen. En het is goed bevallen!” Want heel wat seizoenen later, is Magielse er dus nog steeds. Als leider. “Het is echt een vriendenteam, vol met oud-spelers van het eerste of jongens die er tegenaan zaten. Dat maakt het een heel leuk team.” Helemaal, omdat er af en toe ook nog wel eens gewonnen wordt. “Dat is natuurlijk niet onbelangrijk.” Sterker nog. “Vorig seizoen hebben we het kampioenschap gepakt in de zesde klasse.” Oude tijden herleven dus. “De jongens wilden dolgraag kampioen worden met deze groep. Het werden allemaal weer jonge honden, waren net zo fanatiek als vroeger.”

Even puzzelen

En dat allemaal door één keer per week te trainen. Onder leiding van een collega van Magielse. “Doordeweeks ben ik er niet bij, maar op zaterdag zorg ik dat we genoeg spelers hebben en maak ik de opstelling. Als een soort elftalleider of trainer.” Of organisator van activiteiten. “We proberen vier keer per jaar een uitje te doen. Van karten, tot aan voetvolley of gezellig uiteten.” Ook een weekendje weg, staat op de planning. “In het verleden zijn we al wel naar voetbalwedstrijden geweest in het buitenland. Onder meer in Engeland en Duitsland.” Aan een functie elders, denkt Magielse dan ook absoluut niet. “Zolang ik er plezier in heb, blijf ik het doen. En dat heb ik nog steeds.” Mede door zijn spelers. “Het groepje blijft altijd bij elkaar, dus daardoor de gezelligheid ook. Dan is het makkelijk toezeggen.” Helemaal als het goed gaat, vertelt hij lachend. “Richting het einde van het seizoen, heb je altijd minder spelers. In totaal hebben we 28 man, maar de vaste kern bestaat uit een mannetje of dertien.” Behalve vorig jaar. “Toen we kampioen konden worden, hadden we er steeds een stuk of achttien. Dan is het best even puzzelen met de opstelling.” Toch doet de inwoner van Fijnaart dat graag. “Onze gemiddelde leeftijd ligt ergens halverwege de 40. De oudste is 57 en de jongste net 30. Wat dat betreft hebben we geen gebrek aan ervaring!”

Klik op De Fendert voor meer artikelen over de club.
Klik op De Fendert voor meer informatie over de club.

Schrauwen sluit seizoen bij Zundert af met plek in de nacompetitie!

0

Na jarenlange inzet bij VV Zundert neemt verdediger Schrauwen binnenkort afscheid van het eerste elftal. De 25-jarige back, die ooit begon bij de kabouters van de club, stopt vanwege drukte met werk en gezinsleven. In een open gesprek blikt hij terug op zijn tijd bij Zundert, de uitdagingen van het huidige seizoen en de moeilijke beslissing om te stoppen met selectievoetbal.

Veel tijd

Die jeugdigheid, heeft Zundert dan ook al een aantal keer dwarsgezeten, denkt Schrauwen. “Soms doen we te weinig met de mogelijkheden. In een aantal duels, hadden we eerder kunnen én moeten scoren.” Zeker als het niet helemaal lekker loopt. “Dan moeten we dingen eigenlijk anders gaan doen, maar dat is lastig voor ons.” Tel daar slechts veertien doelpunten voor in negentien wedstrijden bij op en je speelt een moeizaam seizoen. “Je kunt niet winnen als je niet scoort. Daar wordt binnen de groep natuurlijk wel over gepraat.” Toch is het vertrouwen in handhaving, nog altijd groot, vertelt Schrauwen. “In principe hebben we het in eigen hand.” Bang voor degradatie, is de back dan ook niet. “Persoonlijk sowieso niet en in het team leeft dat ook niet. We gaan er gewoon volle bak voor.” Dat is volgens hem dan ook het voordeel van een jonge groep. “Iedereen is super enthousiast.” Desondanks, is Schrauwen bezig aan zijn laatste wedstrijden in het shirt van Zundert. “Ik heb nu een kleine van een jaar en in de zomer komt er nog eentje, dat kost veel tijd. Daarnaast moet ik als bakker regelmatig vroeg beginnen en soms ook ‘s avonds werken, dus heb ik besloten om aan het einde van dit seizoen te stoppen.” Maar makkelijk, was die keuze zeker niet. “Het groepsgevoel, de grappen en samen met elkaar in teamverband bezig zijn, ga ik zeker missen.” Toch begon hij in de voorbereiding, al te twijfelen. “Dan ben je net vrij geweest en moet je weer opstarten… Stiekem ben je er behoorlijk veel tijd aan kwijt.”

Beker gewonnen

Lager gaan voetballen, is dan ook niet iets wat Schrauwen snel zal gaan doen. “Daar heb ik wel nog even over nagedacht. Maar ik heb een racefiets en vind hardlopen heel leuk, dus dat wil ik graag meer gaan doen.” Nadat hij ooit bij de Kabouters, bij Zundert begon met voetballen. “Vanaf dat het mocht, ben ik hier gaan voetballen. En vervolgens nooit meer ergens anders.” Met de nodige successen tot gevolg. “In de A-jeugd hebben we de beker gewonnen, dat was een gaaf seizoen. Op neutraal terrein in Oosterhout, dat vergeet ik nooit meer.” Maar ook buiten het veld, heeft Schrauwen al die tijd genoten. “Ik ben nooit met tegenzin naar de club gegaan. Iedereen staat voor elkaar klaar, er heerst een gezellige sfeer en ik heb altijd in fijne teams gespeeld.” Al komt daar over een paar weken, dus een einde aan. Maar tot die tijd, blijft de rechts- en linksback alles geven. “Eerst verdedigend mijn ding doen en dan pas mee naar voren.” Wie weet, ooit nog in de toekomst. “Als het écht tegenvalt, kom ik misschien wel weer terug. Of ga ik in een lager team spelen. Dat sluit ik niet volledig uit.”

Klik op VV Zundert voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Zundert voor meer informatie over de club.

Hoeven maakt indruk als promovendus

0

Met handhaving als doelstelling, begon Hoeven dit seizoen vol vertrouwen aan hun avontuur in de derde klasse. En dat goede gevoel, bleek meer dan terecht. Want met een plek bij de eerste vijf, presteert de formatie van linksbuiten Teun van de Water boven verwachting. “Als promovendus denk je toch dat je het moeilijk gaat krijgen.”

Maar moeilijk, heeft Hoeven het dit seizoen dus eigenlijk niet. Onterecht, is het desondanks niet, vertelt Van de Water (26). “We staan terecht waar we staan.” Hoe dat komt? “Vooral de jonge jongens, hebben zich enorm ontwikkeld. Daardoor zit er nu een stukje volwassenheid en mannelijkheid in de ploeg. Op de juiste momenten, de juiste dingen doen. Dat zijn van die slimmigheidjes.” Kortom. “Het gaat hartstikke goed, ik ben echt trots op de groep!”

Meer ruimte

En dus durft Van de Water zelfs al een beetje verder te kijken. “We moeten hier blij mee zijn én zo doorgaan, misschien is er volgend jaar dan nog wel meer mogelijk.” Al wil de aanvaller natuurlijk eerst dit seizoen, nog zoveel mogelijk punten pakken. “Af en toe kan het nog wel een tandje feller, dan sluipt er wat gemakzucht in het team. Zo van, deze winnen we wel. Dan stappen we te vaak toch als verliezer van het veld.” Want zeker in die derde klasse, moet je er iedere wedstrijd volle bak voor gaan, heeft Van de Water gemerkt. “Het is een groot verschil met de vierde klasse. Het voetbalniveau ligt een stuk hoger, maar doordat tegenstanders nu ook willen voetballen, krijgen we zelf ook meer ruimte.” Met hem als balvaste linksbuiten. “Ik ben geen koude afmaker, meer een voetballende aanvaller. Iemand met spelinzicht en techniek.” Desondanks mag zijn rendement, wel iets omhoog, vindt Van de Water zelf. “Doelpunten en assists zijn schaars.” Al heeft dat dit seizoen, misschien wel te maken met zijn blessure. “Van begin december tot eind februari, ben ik geblesseerd geweest aan mijn enkel. Gescheurde enkelbanden en een botkneuzing. Daar kan ik nog wel even wat last van houden.”

Gestopt

Toch staat de inwoner van Etten-Leur, die ook als spits uit de voeten kan, sinds maart weer op het veld. En dus kunnen ze bij de club, weer genieten van zijn kunsten. Voor het vierde jaar op rij. “Ik ben in de jeugd begonnen met voetballen bij Lage Zwaluwe, daarna ben ik naar hier verhuisd en ben ik bij Internos gaan voetballen.” Via vrienden, kwam Van de Water uiteindelijk bij Hoeven terecht. Al duurde dat niet lang. “Toen ik naar de senioren moest, ben ik drie seizoenen gestopt. Vooral omdat ik niet op zondag wilde voetballen.” En vanwege andere dingen, lacht hij. “Ik ging onder meer op buitenlandse stage, en ik miste het ook niet echt, dat kwam pas na tweeënhalf jaar.” Gelukkig is zijn fanatisme, nu weer helemaal terug. “In het veld kan ik behoorlijk fel zijn, dan probeer ik jongens wel neer te zetten.” En als het aan hem ligt, blijft dat voorlopig ook nog wel even zo. “Ik blijf de komende jaren gewoon lekker bij Hoeven.” Vol met vertrouwen in de toekomst. “Het zou mooi zijn als we naar die tweede klasse kunnen! Dat is gezien onze ontwikkeling, geen gekke ambitie.”

Klik op VV Hoeven voor meer artikelen over de club.
Klik op VV Hoeven voor meer informatie over de club.

Aykut Nargun hangt zijn keepershandschoenen aan de wilgen

De doelman van Hermes DVS heeft een zwaar jaar. Vorig seizoen behaalde de ploeg het kampioenschap in de vierde klasse en dit seizoen staat het team met slechts negen behaalde punten onderaan de derde klasse. Het team kreeg al 80 doelpunten tegen in 22 duels, terwijl er in het kampioensjaar slechts 22 tegentreffers vielen te noteren. Aykut heeft in verband met zijn werkzaamheden aangegeven dat dit het laatste seizoen als selectiekeeper is.

Geboren als keeper

Sinds zijn zesde is Aykut doelverdediger. Hij begon bij DRGS in Schiedam. Deze vereniging bestaat ondertussen niet meer. Toen hij negen was, werd hij gescout door Pim Doesburg van Feyenoord. “Uit een groep van 30 keepers werd ik als eerste gekozen om verder te gaan bij Feyenoord. Alleen viel Schiedam-Oost, daar waar ik toen woonachtig was, net buiten de ophaaldienst voor jeugdspelers van de club van Zuid. Dat was echt een grote pech. We zullen nooit weten hoe het anders was gelopen”, zeg hij over zijn jeugdperiode.

Toen hij twaalf was ging hij naar SVDPW. Daarna maakte hij de overstap naar Excelsior’20. Ik begon daar als tweedejaars C-junior, tegenwoordig de O15. Uiteindelijk heb ik ook nog zes jaar onder de lat gestaan in het eerste team van Excelsior’20. Daarna ging ik naar Meeuwenplaat, maar toen was het coronatijd en werd alles stilgelegd. Uiteindelijk heb ik de overstap naar Hermes DVS gemaakt en daar ben ik nog steeds lid van.

Aykut als keeper

Als je Aykut ziet keepen valt op dat hij vrij klein is voor een keeper. Waar veel keepers de langste van het team zijn, is dat voor hem niet van toepassing.  Hij haalt de 1,80 niet en is tussen de 1,73 en 1,78 lang. Toch vindt hij dit geen belemmering in het keepersvak. “Ik geef ook keeperstraining aan de jeugd en zeg ook altijd, het belangrijkste is je uitstraling, mentaliteit en je gretigheid. Het maakt niet uit hoe lang je bent, als je maar hoger komt dan je tegenstander. Sprongkracht en timing is wel heel belangrijk”, spreekt hij vol passie over het keepersvak

Meevoetballende keeper

Aykut is ook goed in het meevoetballen. “Ik vind het ook leuk om mij met de opbouw bezig te houden. Het is ook fijn voor de verdedigers dat ze de bal ook bij mij kwijt kunnen om even op adem te komen of om de druk van de tegenstander tegen te houden. Ik vind het fijn om mee te voetballen en mijn medespelers weten dat ze de bal altijd bij mij kwijt kunnen. Het betrekt mij ook meer in het spel en dat motiveert mij dan ook. Ik zeg altijd, de keeper is de belangrijkste factor in een elftal. Een trainer begint altijd met de nummer één en dat is de keeper. Als je geen doelpunt tegen krijgt dan verlies je in ieder geval niet. Dan heeft de keeper zijn werk goed gedaan”, gaat hij door in zijn monoloog.

Het huidige seizoen

Vorig seizoen werd Hermes DVS kampioen in de vierde klasse na een spannende strijd met Zestienhoven. Dit seizoen is degradatie eigenlijk nog maar een kwestie van tijd. Slechts vier punten werden tot nu toe binnengehaald door de Schiedammers. Alleen uit bij SVS werd de volle winst binnengesleept. “Niemand verwachtte dat we zo’n slecht seizoen zouden draaien. We zijn heel lang bezig geweest om het te draaien, maar helaas niet met succes. Er zijn wel een paar spelers gestopt of vertrokken waaronder onze topscorer Marius Lansbergen. Dat was wel een bepalende speler vorig seizoen. Misschien is het de veranderde teamdynamiek. De tactieken die wij vorig jaar hanteerden werken gewoon niet in de derde klasse. Tegenstanders gaan daar veel beter mee om dan de vierdeklassers van vorig jaar. Er zijn een boel factoren waar je mee te maken hebt en dat zit gewoon niet mee. Voetballend doen wij echt niet onder voor de andere derdeklassers. We zijn voorin gewoon niet effectief genoeg geweest”, verklaart Aykut over de tegenvallende resultaten

Volgend seizoen

Het volgend seizoen stopt Aykut als selectiekeeper. Niet omdat hij het niet meer leuk vindt, maar omdat het niet te combineren is met zijn onregelmatige werkzaamheden. Het kost hem te veel vrije dagen die hij moet opnemen. “Uiteindelijk kom ik misschien nog wel in een vriendenteam terecht, maar daar is momenteel nog geen sprake van. Of ik keeperstrainer blijf is nog niet duidelijk, daar moet het bestuur van Hermes DVS nog antwoord op geven.”

De drie C’s van Aykut

“Keepen wordt best wel onderschat. Je staat op een eiland en als keeper moet je best wel een beetje gek zijn. Communiceren is enorm belangrijk als keeper en je moet weten wanneer je moet coachen en corrigeren als keeper. Als je dan negatief doet haal je de medespelers alleen maar uit de wedstrijd.  Eigenlijk moet een keeper de drie C’s beheersen: Communicatie, Coördinatie en Coaching. Als een keeper dat beheerst heb je al 75% van jouw werk als keeper in het veld al rond. Het belangrijkste van alles is dat ik altijd plezier heb gehad in het spel”, besluit Aykut zijn keepersverhaal.

Klik op Hermes DVS voor meer informatie over de club.
Klik op Hermes DVS voor meer artikelen van de club.

Bryn Siegersma: de Marathonman van VFC 1

Bryn Siegersma (34) maakte vorig seizoen de overstap van VFC (zondag) naar VFC (zaterdag).  De middenvelder speelde 15 jaar in zondag 1 en besloot afgelopen seizoen naar de zaterdag over te stappen. Bryn begon bij Fortuna Vlaardingen, na een fusie met TSB het huidige Victoria’04, met voetballen. Daar speelde hij vier seizoenen in de jeugd en toen stapte hij over naar VFC. Twee maanden geleden is Bryn de trotse vader geworden van zoon Lennon. Dat is een enorm verandering in zijn leven geweest. Maar hij geniet met volle teugen van het vaderschap momenteel.

De overstap van zondag naar zaterdag

“Het voetbal op zaterdag is wel anders. Ik vroeg mij in eerste instantie af of ik niet wat lager had moeten gaan voetballen in de zaterdag 3 bij mijn vrienden. Alleen was ik nog niet klaar met het prestatievoetbal. Ik merk aan mezelf dat ik iedere zaterdag wil presteren en op het hoogste niveau wil voetballen. Er is op zondag ook geen prestatief voetbal meer bij VFC”, legt de kersverse vader uit. Bryn stapte samen met spits Bram van Rij en Brent van Berge over van de zaterdag naar de zondag.

Vrijwel geen zondagvoetbal op niveau meer in de regio

Ook op zondag speelde VFC in de tweede klasse. We speelden vrijwel door het hele land, omdat er in district West II vrijwel geen zondagploegen meer actief zijn. De afgelopen twee jaar speelde we in West 1 en speelden we veel in de omgeving van Amsterdam. Daarvoor speelde we in Zuid 1 en dat was veel gezelliger dan West 1. Een derde helft kennen ze niet echt in de omgeving Amsterdam. De zondag afdeling van VFC speelt sinds dit seizoen geen prestatievoetbal meer.

Prima opgevangen

We zijn goed in de groep opgenomen. Jongens hadden ook aangegeven dat ze blij waren dat ik de overstap maakte. Anders had ik het vermoedelijk ook niet gedaan. Heb vooraf ook een goed gesprek gehad met trainer Sieme Zijm. Veel jongens kende ik al van de zondag. Zij zijn wel een hechte vriendenclub, ze zijn wat jonger en ik sta toch ook wat anders in het leven. Zeker sinds ik vader ben geworden. IK drink vanavond een biertje na de wedstrijd, maar ga niet de stad nog in om te stappen.

VFC draait mee in de subtop

Vorig seizoen werd promotie naar de eerste klasse net gemist. Monster werd kampioen en via de nacompetitie haalde VFC het niet. “Ik had verwacht dat we het goed zouden doen en dat doen we ook wel. Alleen is de competitie een stuk sterker dan vorig seizoen met gedegradeerde eersteklassers zoals Den Hoorn, Zuidland en Honselersdijk.”, zegt Bryn over de huidige competitie. Momenteel staat VFC op de vijfde plaats, maar het verschil met koploper Den Hoorn is slechts drie punten.

Aanvangstijd om vijf uur

Bryn vindt het wel lekker om de wedstrijden om vijf uur te spelen. Thuis trekken we wel wat extra publiek. We zijn de enige die om deze tijd spelen en dan komen mensen van andere clubs toch even kijken en een biertje drinken. Zeker met het mooie weer zoals nu. Bij VFC is het sowieso altijd wel lekker druk. Daarbij halen we thuis betere resultaten dan in de uitwedstrijden. Het lijkt erop dat we ons beter kunnen opladen voor thuiswedstrijden. Dat is natuurlijk mentaal, maar het lijkt er wel op. Thuis hebben we twee keer gelijkgespeeld en de rest gewonnen.

Vooruitkijken

“We hebben nog alle mogelijkheden om voor promotie te spelen.” blikt Siegersma vooruit. Ook in de KNVB-districtsbeker kwamen de Kwekkers heel ver. In de kwartfinale verloor VFC na strafschoppen van vierde divisionist Zwaluwen.

Hoe lang ga je nog door?

“Ik heb wel een gesprek met de nieuwe trainer gehad met de vraag of ik volgend seizoen wil doorgaan. Dit jaar ben ik redelijk in vorm en scoor regelmatig voor de Kwekkers. De laatste jaren op zondag was ik toch meer bezig om de zondag afdeling op de been te houden. Nu ben ik toch een stuk vrijer in mijn hoofd. Momenteel weet ik niet of ik nog doorga bij het eerste of in het vriendenteam bij VFC ga spelen” vertelt Bryn nuchter.

Snelste Vlaardinger tijdens de Marathon van Rotterdam

Bryn heeft een goed loopvermogen en komt daardoor vaak achter de verdedigingslijn van de tegenstander. Vorig jaar was hij de snelste Vlaardinger tijdens de marathon van Rotterdam met een tijd van 2 uur en 44 minuten. Ook dit jaar loopt hij de 42 km en 195 meter, maar de dag ervoor speelde VFC de topper tegen Den Hoorn, 1-3 nederlaag voor VFC. De marathon liep Bryn uit binnen de drie uur.

Victoria’03 wil met een goed gevoel de nacompetitie in

Victoria’03 is als tweede geëindigd en kan zich nu volledig richten op de nacompetitie. Met vertrouwen kijken ze vooruit, want ondanks enkele mindere resultaten blijft de sfeer in de groep goed. Jongeling Noah van Opstal is optimistisch: “We zijn bereid om voor elkaar te vechten.”

En die instelling, heeft de club uit Oudenbosch voorlopig geen windeieren gelegd. Want met de tweede plek op zak, draait de ploeg meer dan prima, vindt ook Van Opstal (22). “We doen het eigenlijk heel erg goed! Dat had iedereen vooraf misschien wel niet helemaal verwacht.” Zeker niet na de degradatie uit de tweede klasse, van afgelopen seizoen. “Een aantal jongens ging ook weg, dus we hebben een jong team. Daardoor was het lastig te zeggen wat onze doelstelling precies was. We wilden in ieder geval bovenin meedraaien.”

Stevige basis

Dat is, met een tweede plek in de stand, voorlopig aardig gelukt. “Tuurlijk willen we het liefste zo snel mogelijk weer terug naar die tweede klasse, maar je moet ook realistisch zijn. En daarnaast, is het vooral belangrijk om een goede fundering voor de komende jaren te bouwen.” Onder meer op basis van plezier, legt Van Opstal uit. “We hebben het naar ons zin, zijn op elkaar ingespeeld en de trainer heeft het goed neergezet.” Met winst van de tweede periode dus tot gevolg. “Tegen sterke tegenstanders doen we het vaak beter. En we weten op de juiste momenten onze punten te pakken.” Behalve tegen kampioen Groen Wit dan, begint Van Opstal te lachen. “Die waren voor ons gewoon een niveautje te hoog, dat moeten we eerlijk bekennen.” Maar uitgespeeld, is Victoria’03 desondanks nog lang niet. “Het liefste worden we tweede, zodat we later in de nacompetitie in kunnen stromen.” Al gaat dat niet vanzelf, weet ook de inwoner van Oudenbosch. “De kleine foutjes moeten we eruit zien te halen. In aannames, standaardsituaties of bij het wegwerken van bepaalde ballen.” Helemaal nu de beslissende fase van het seizoen begint aan te breken. “Voorlopig hebben we voetballend, nog niet het niveau van voor de winterstop aangetikt. Als we dat niet terugkrijgen, komt de tweede plek straks nog in gevaar…” Toch is het vertrouwen bij Van Opstal nog altijd groot. “Ik merk dat we een stevigere basis hebben om op terug te vallen. We zijn meer bereid om voor elkaar te knokken.”

Onderschat

De stijgende lijn is na de degradatie, dan ook ingezet, vertelt de verdediger. “De teamspirit zit er beter in. Dat werkt door in de resultaten.” Meer teamgevoel én jonge jongens. Waaronder Van Opstal zelf dus. “Dit is mijn eerste volledige seizoen bij één. Vorig jaar kwam ik er rond de winterstop bij.” Gewisseld van formatie, met vier verdedigers in plaats van vijf, voelt de centrale verdediger zich helemaal thuis in het hart van de defensie. “Ik ben vooral goed in verdedigen. Kopsterk en iemand met een goede pass.” Bij de club waar Van Opstal op zijn vijfde begon met voetballen. “Tot mijn zestiende, daarna heb ik drie jaar bij Virtus in de jeugd gespeeld. Mede omdat ze daar hoofdklasse speelden.” Drie seizoenen geleden, keerde hij terug op het oude nest. Om vervolgens via het tweede, aan te sluiten bij het eerste. “De overstap naar de senioren, heb ik best wel een beetje onderschat. Daar moest ik in het begin echt even aan wennen. Vooral qua tempo en fysiek.” Buiten het veld had Van Opstal, die altijd met de fiets naar de club komt, daar een stuk minder tijd voor nodig. “Mensen staan altijd voor je klaar, dat geeft een goed gevoel.” En zorgt voor een bepaalde trots, vertelt hij. “Dat je mag spelen voor de club van je dorp!” Iets wat de dorpeling dan ook nog wel even hoopt te doen. “Voor nu wil ik met Victoria’03 zo hoog mogelijk proberen te komen. Dat zou fantastisch zijn.” Maar ook op persoonlijk vlak, barst Van Opstal van de ambities. “Uiteindelijk wil ik kijken hoe ver ik kan komen.” De lat, ligt dan ook hoog. “Ik ben bescheiden, maar wel perfectionistisch. Daardoor baal ik flink bij een foutje, al gaat de knop vaak snel weer om.” Aan zijn spelinzicht, kan het in ieder geval niet liggen. “Over het algemeen lees ik het spelletje goed, nu moet de uitvoering nóg beter!”

Klik op Victoria’03 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Victoria’03 voor meer informatie over de club.

Joost van Ast trainer MVV’27 dames: Het vrouwenvoetbal zit in de lift bij MVV’27

Joost van Ast traint het eerste damesteam en is een enorm ervaren trainer van damesteams. Door zijn dochter is hij in het damesvoetbal terechtgekomen.

MVV’27 dames 1 zou eigenlijk in de A-categorie moeten spelen

Joost is trainer en leider van de vrouwen 1 van MVV’27. Daarbij traint hij op de maandagavond vrouwen 3. Vrouwen 1 speelt op dit moment in de vierde klasse en draait daar mee in de subtop.  Vorig jaar was dat wel anders, toen werd dames 1 kampioen van dezelfde vierde klasse, maar het team wilde niet promoveren omdat de derde klasse onder de A categorie valt. “Dan val je onder de A categorie en mag je beperkt wisselen. Veel van onze vrouwen werken onregelmatig bij de politie of in de zorg en willen gewoon voetballen op de zaterdag. We hebben nog met de KNVB gesproken of het anders kon, maar helaas de KNVB was niet te vermurwen”, zegt Joost over de gang van zaken.

Met de platte kar door Maasland na kampioenschap

Persoonlijke hoogtepunten waren de kampioenschappen bij VDL en vorig seizoen bij MVV’27. “Met de platte kar door Maasland, dat was echt het mooiste dat je kan verzinnen. Iedereen in het dorp kwam naar buiten”, zegt hij met enige trots.

Zijn bed staat in de kleedkamer

Behalve het trainerschap is Joost uitermate actief binnen MVV’27. Als hij zelf niet met een training bezig is, kijkt hij naar trainingen van het eerste elftal en op de woensdag traint hij alle dameskeepsters. Joost is dus kind aan huis bij de Maaslandse club. “Mijn bed staat in de kleedkamer”, zegt de goedgehumeurde trainer. Joost is nu 12 jaar lid en trainer bij de club. Daarvoor was hij actief bij VDL uit Maassluis. Altijd bij de dames overigens.

Meiden spelen liever bij hun vriendinnen

Als vader van een dochter die graag wilde voetballen is Joost erin gerold. “Er stond iemand voor de groep waar ik, op een positieve manier, commentaar op had en toe zei men bij de club dat ik mijn papieren maar moest gaan halen en het team kon gaan trainen”, legt Joost uit.  “In de omgeving zijn er behalve MVV’27 meer clubs die aan vrouwenvoetbal doen. Excelsior Maassluis, MSV’71 en VDL. Excelsior speelt bij ons in de competitie en dat zijn altijd leuke duels. Joost ziet wel het verschil tussen jongens en meisjesvoetbal. “Als je als jongen vroeger werd gevraagd om bij het eerste mee te doen, twijfelde je geen moment. Meiden willen toch bij hun vriendinnen blijven”, vervolgt de enthousiaste trainer. Bij MVV’27 zijn er momenteel zes teams in de jeugd aan het spelen. Vooral de jongste jeugd heeft een enorm grote aanwas gekregen.

Klik hier voor meer informatie over MVV ’27
Lees hier meer artikelen over MVV ’27

DSE voldoet dit seizoen aan alle verwachtingen

0

Kampioen worden of promoveren via de nacompetitie. Vierdeklasser DSE zette aan het begin van dit seizoen hoog in. Maar voorlopig, voldoet de ploeg van Liam Derijck met een plek bij de eerste drie, aan alle verwachtingen. Toch blijft de middenvelder op zijn hoede. “Het is nog niet klaar, hè?”

Al heerst er, ook bij de 25-jarige Derijck, voorlopig tevredenheid. “We kunnen tevreden zijn met een derde plek. Rood Wit was gewoon twee keer echt te sterk en ook Rimboe voetbalt goed.” Toch maakt ook DSE, dit seizoen een sterke indruk. “We scoren makkelijk en geven weinig weg. Verdedigend staat het stabiel.” Mede door het uitblijven van blessures. “Daardoor hebben we weinig wisselingen en kunnen we meer met een vaste elf spelen. Dat zorgt voor vastigheid.” In combinatie met een verbeterde algehele fitheid, een garantie voor succes. “Ons doel was om in ieder geval bij de eerste drie te eindigen.”

Klaar voor

En dat lijkt te gaan lukken. “Het kampioenschap wordt lastig, maar ik denk dat we wel de nacompetitie in gaan.” Voor promotie naar de derde klasse. “Soms heb ik het gevoel dat we er klaar voor zijn, soms ook weer niet. Het zit er wel in, alleen is het te wisselvallig. Dat maakt het moeilijk om te zeggen.” Want, zo is Derijck eerlijk. “Als we een doelpunt tegenkrijgen, laten we nog wel eens onze koppies hangen en worden we slordig.” Mochten ze bij DSE promoveren, moet dat eruit, denkt hij. “Dat is én blijft, wel een puntje bij ons. Al gaat het steeds beter.” Vertrouwen, heeft de inwoner van Etten-Leur dan ook genoeg. “Ooit hopen we weer een derdeklasser te kunnen worden.” Zijn ze er dan, in tegenstelling tot twee jaar geleden, wel klaar voor? “Toen ging het gewoon allemaal net wat te snel voor ons… Dat is nu denk ik niet meer het geval.”

Loopvermogen

Ook persoonlijk, heeft Derijck zich in de afgelopen seizoenen ontwikkeld, vertelt hij. “In de jeugd speelde ik altijd als middenvelder, maar in mijn debuutseizoen bij het eerste, werd ik rechtsback. Dat was wel even wennen.” Even wennen of niet, dat seizoen leverde hem direct een kampioenschap op. Toch keerde hij in de jaren daarna, terug op zijn oorspronkelijke positie. “Mijn voorkeur ligt op het middenveld.” Als nummer acht. “Ik ben van de vuile meters. Iemand met veel loopvermogen, die ruimte creëert voor anderen.” Box-to-box dus. “Tot nu toe moet ik het niet echt hebben van de goals en assists. Vooral assists, zou ik meer willen geven.” Bij de club waar het voor hem op zevenjarige leeftijd allemaal begon. “Vroeger ging ik altijd al kijken bij het eerste, dan hoopte ik daar ooit zelf ook te staan.” Die droom eenmaal in vervulling zien gaan, denkt Derijck niet aan een vertrek. “Ik blijf lekker bij DSE, tot ik niet meer kan.” En dat is niet voor niks. “Het is een gezellige club en iedereen kent elkaar. Met de meeste jongens uit het eerste, speel ik al heel mijn leven samen!”

Mars van Mourik is de trouwe verzorger van WNC

Al veertien seizoenen lang is Mars van Mourik (72) een vertrouwd gezicht bij voetbalclub WNC Waardenburg. Wat begon als een telefoontje van de voorzitter, groeide uit tot een langdurige en hechte band met de club. Hoewel Mars zichzelf met een knipoog één van de vele zelfbenoemde voetbaldeskundigen noemt, ligt zijn echte expertise bij het fit en gezond houden van de spelers. Zijn loopbaan als verzorger is echter geen toeval: met dertig jaar vrijwilligerswerk bij de KNVB op zak, brengt hij een schat aan ervaring mee. Wat Mars bijzonder waardeert aan WNC is de unieke mix van dorpsclubgezelligheid en prestaties op hoog niveau. Al dertien jaar werkt hij samen met dezelfde staf, wat zorgt voor een sterke onderlinge band en soepele samenwerking. Toch is er één ding waar Mars weleens moeite mee heeft: zijn rol bij WNC betekent dat hij zelden de voetbalwedstrijden van zijn kleinkinderen kan bijwonen.

“Ik ben één van die vele miljoenen Nederlanders die denken dat ze verstand hebben van voetbal”  vertelt Mars van Mourik. “Maar mijn hoofdtaak is om de spelers fit en gezond te houden. In principe ben ik er voor het eerste team, maar als iemand anders een keer wat heeft is hij of zij altijd welkom.”

Mars is al veertien seizoenen lang verzorger bij WNC. Hij kwam in contact met de club vanwege zijn vrijwilligerswerk bij de KNVB. “Ik ben dertig jaar bij de KNVB werkzaam geweest als vrijwilliger. Daar heb ik me bezig gehouden met schoolvoetbal, vier tegen vier-voetbal en meidenvoetbal, allemaal jeugdzaken. Zoals je je kunt voorstellen, heb ik in die tijd heel veel verenigingen bezocht en leren kennen. Zo ook WNC. Ik had altijd vrij goed contact met de voorzitter. Op een gegeven moment belde hij me en vroeg me of ik verzorger wilde worden bij WNC. Hij deed het toentertijd zelf en wist dat ik mijn papieren daarvoor had gehaald. Ik heb toen ja gezegd en ben sindsdien nooit meer weggeweest bij de club.”

Het meest bijzondere vindt Mars dat hij al dertien jaar met dezelfde staf optrekt. “De hoofdtrainer, Cor Prein zit hier al dertien jaar. Datzelfde geldt voor de fysiotherapeut. Dat maakt het gewoon leuk. We kennen elkaar heel goed en dat werkt prettig samen. Af en toe geef ik mijn mening over iets aan Cor. Dan merk ik dat hij het ook echt accepteert. Hij laat blijken dat hij er iets mee kan.”

Een tweede aspect wat Mars zo waardeert aan zijn club is de gezelligheid van een dorpsclub in combinatie met het spelen op hoog niveau. “Als we uit spelen en ik soms zie wat voor accommodaties sommige clubs hebben, is dat totaal niet te vergelijken met ons complex bij WNC. Dat is veel groter. Juist dat kleine vind ik mooi. En dan vind ik het wel leuk dat we in de vierde divisie spelen. Dat het voetbal goed is, vind ik ook belangrijk.”

Het hoge niveau brengt nog meer mee. Mars was zoals eerder gezegd dertig jaar actief bij de KNVB waar hij zich voornamelijk met jeugdzaken bezig hield. Daardoor kende hij veel spelers met voetbaltalent. “Doordat WNC op hoog niveau speelt, kom ik vaak spelers tegen die ik van vroeger nog ken en nu in de vierde divisie spelen. Het is altijd leuk om dan even een praatje met die jongens te maken. Soms herinner je ze alleen als 10- of 11-jarigen weet je wel.”

Het enige smetje wat Mars ervaart is dat hij zijn kleinkinderen niet kan zien voetballen. “Ik heb vier kleinkinderen die allemaal voetballen: een echte voetbalfamilie. Ik vind het jammer dat ik ze niet kan zien spelen.”

Klik op WNC voor het laatste artikel over de club.
Klik op WNC voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.