Home Blog Pagina 264

Henk Zwaak krijgt energie van Lekkerkerk

0

Zeker drie keer per week rijdt hij van zijn woonplaats Maassluis naar Lekkerkerk en weer terug. Dat doet Henk Zwaak met alle plezier, want de jeugdvoorzitter geniet van de dynamische jeugdtak van zijn vereniging. “Ik krijg er energie van.”

Zijn ogen gaan glimmen als het over de Lekkerkerkse jeugd gaat. “Ik had niet gedacht dat ik het zo leuk zou vinden”, reageert de vader van twee voetballende zoons, terwijl hij in de bestuurskamer een slokje van zijn frisdrank neemt. “Frans Braal, die onlangs is gestopt als voorzitter, heeft mij gevraagd. Ik ken Frans heel goed, want we werken in hetzelfde bedrijf. Hij dacht dat ik wel gesneden was voor de functie van jeugdvoorzitter. Ik was trainer en leider van de JO17. Ik had eigenlijk geen idee wat de functie inhield.”

Intussen vormt Zwaak (44) het epicentrum van een goed geoliede machine. Met een enthousiaste jeugdcommissie, al even enthousiaste trainers en leiders staat er bij Lekkerkerk een team dat de ruim 260 jeugdleden op voetbalgebied bijspijkert,

maar vooral ook plezier bezorgt. “Natuurlijk vinden wij het leuk als er teams succesvol zijn, maar prioriteit ligt bij ons op plezier maken met elkaar. Het sociale component is bij Lekkerkerk altijd erg belangrijk. Buiten de reguliere trainingen en wedstrijden om wordt er verschrikkelijk veel georganiseerd. De agenda zit soms zo vol dat ik vorig seizoen maar met moeite een datum kon vinden voor de vrijwilligersdag. Bij Lekkerkerk krijgen de kinderen het hele pakket met voetbal en activiteiten.”

Dat pakket heeft de club geen windeieren gelegd, want de afgelopen jaren groeide de jeugdafdeling hard. “We hebben er in de afgelopen twee jaar honderd kinderen bijgekregen”, zegt Zwaak. “Het is daardoor wat proppen qua training en wedstrijden, maar voorlopig kunnen we de nieuwe leden nog goed kwijt. Als de groei doorzet en dat hopen we natuurlijk gaan we door met puzzelen.”

Lekkerkerk investeerde een paar geleden in het niveau van de trainers. Met NNF werd een samenwerking aangegaan waarbij de insteek is dat trainers met weinig ervaring een handvat krijgen

om hun teams te trainen. “We willen de trainers niet het veld opgooien en zeggen ‘zoek het maar uit’. We zien dat het goed werkt en dat trainers het ook prettig vinden om feedback te krijgen.” Hoewel het niet per se een doel is, zijn de vruchten ook zichtbaar op het veld. Zwaak: “Onze JO10-1 speelt in de hoofdklasse tegen Feyenoord, Sparta en Excelsior. Daar ben ik apetrots op.”

Het doel van Lekkerkerk is om de groei de komende jaren vast te houden, waardoor ook in de bovenbouw straks meer teams zijn in een leeftijdscategorie. “Dat hebben we nu nog niet”, vertelt Zwaak. “Daardoor moeten we wel eens keuzes maken waar in eerste instantie niet iedereen blij van wordt. Voor dit seizoen hadden we net te weinig spelers om het tweede en twee JO19-teams te bemannen. We moesten schuiven. Clubbelang gaat dan voor individueel belang, hoe vervelend dat ook is. Kijk, ook dat hoort bij mijn functie. Ik heb in mijn eerste jaar wel geleerd dat je het niet iedereen helemaal naar de zin kan maken”

Klik op VV Lekkerkerk voor meer artikelen over de club.
Klik op VV Lekkerkerk voor meer informatie over de club.

Alex Jobse voorziet een pittig seizoen voor Serooskerke 

Het was voor Alex Jobse en iedereen bij v.v. Serooskerke afgelopen seizoen een bijzondere ervaring. Na de degradatie en turbulente gebeurtenissen in seizoen 2021-2022 kroonden de blauwhemden zich tot kampioen in de 3e Klasse A. Een treetje hoger beleeft de aanvaller vooralsnog een lastige start en bevinden ze zich onderaan de ranglijst.

”We wisten vooraf wel dat het een pittig seizoen zou gaan worden. Er zijn wat jongens afgehaakt, vertrokken of gestopt en we hebben ook weer wat jeugdspelers ingepast. Als je dan van heel roering naar een bijzonder kampioenschap gaat én opnieuw promoveert binnen een jaar, dan was dat op zich al bijzonder te noemen. Dat is namelijk geen vanzelfsprekendheid, zeker niet met een aantal heel sterke ploegen erbij als concurrenten. Toch hebben we het gered en we gaan er alles aan doen om dat nu als tweedeklasser ook te realiseren. Al beseffen we heel goed, dat het een meer dan lastige opgave zal worden.”

Zelf beleefde de aanvaller een heel dubbel seizoen. Waar het de ploeg voor de wind ging, daar kreeg Jobse te maken met fysieke ongemakken. “Na de winter heb ik veel wedstrijden gemist vanwege een blessure. Een MRI-scan laten maken en naar een aantal doktoren geweest. Het leek op een ontsteking in de knie, maar uiteindelijk bleek er de diagnose ‘jicht’ uit te rollen. Net voor het eind en vlak voor het behalen van de titel was ik weer beschikbaar en heb ik toch nog wedstrijden gespeeld. Op die manier heb ik toch nog enigszins een positief gevoel aan het kampioenschap overgehouden en mijn bijdrage met een aantal goals gehad.”

Op dit moment heeft de 32-jarige spits medicatie en daardoor geen hinder meer van de jichtklachten waardoor hij wekelijks nu een niveau hoger aan de bak kan. “Als je een tijdje langs de kant moet toekijken, dan is het gevoel toch anders. Je kan geen inbreng hebben en nu wel. We zullen moeten proberen om elke week het maximale te geven, dat zal ook nodig zijn willen we wegkomen uit de onderste regionen. We hadden een vrij goede voorbereiding en als ik zie hoe de jonge jongens het oppakken dat is ook heel mooi. Aan het eind van diezelfde voorbereiding hadden we ineens wel een paar flinke blessures en dan zie je toch dat je het lastig krijgt. Want hoewel er altijd wel elf spelers aan de aftrap staan is in mijn ogen onze selectie nu nog niet breed genoeg om zo’n gemis van basiskrachten te kunnen opvangen. Zo realistisch moeten we helaas wel zijn.”

Jobse is woonachtig in Vrouwenpolder maar al sinds zijn jongste jeugd speler van de dorpsclub. “Op één jaartje Kloetinge in 2015 na heb ik hier inderdaad altijd gevoetbald. Daar kwam destijds een nieuwe trainer en ik kreeg geen kans meer. Jammer, maar toen was er maar één club waar ik naartoe terug wilde en dat was Serooskerke. Nu ben ik tweeëndertig en hoop ik hier nog een paar seizoenen te kunnen voetballen en een zo hoog mogelijk niveau te halen. En als we de groep zoveel mogelijk fit kunnen houden en het voetbal uit de voorbereiding weer kunnen laten zien, dan vind ik dat we handhaving zeker als realistisch doel moeten stellen. Het liefst rechtstreeks en anders via de nacompetitie.”

Fit blijven is een belangrijk doel voor de veelscorende aanvaller, maar toch heeft hij met potlood nog een ander doel op het wensenlijstje geschreven. “Ik sta op de all-time topscorerslijst hier bij Serooskerke inmiddels op zo’n 130 officiële doelpunten. Frank Allaart heeft er in totaal 150 gemaakt dus daar zit ik aardig bij in de buurt. Wie weet is het me gegeven om dat aantal te evenaren of te verbreken. Als dat ooit mocht lukken dan zou dat mooi zijn. Al vind ik handhaven nu in de tweede klasse toch belangrijker.”

Meer artikelen lezen over VV Serooskerke? Klik hier.
Klik hier voor meer informatie over VV Serooskerke.

Heeren hoopt met Rood Wit snelle leerling te zijn

Na een teleurstellend verlopen seizoen én een nieuwe degradatie, stond Sonny Heeren bij Rood Wit te popelen om weer te beginnen. Want in zijn tweede jaar bij het eerste, moet het dit keer beter. “Snel vergeten, maar er ook dingen van leren.”

Het belangrijkste? “Vooral dat we altijd een team moeten blijven. Voor en na de wedstrijd. Er samen vol voor gaan, ook als je in die negatieve spiraal zit. Al zinkt de moed je dan soms wel eens in de schoenen…” Helemaal als je net als de twintigjarige Heeren pas net bij de senioren komt kijken. “Ik begon bij het tweede, om even te wennen aan dit soort voetbal. Vooral fysiek. Normaal stond je tegen leeftijdsgenoten, nu zijn ze soms heel wat jaartjes ouder.” Toch geniet hij er met volle teugen van, ondanks de degradatie. “Nu zijn veel meer mensen met je bezig, dan in de jeugd. Dat merk je. De staf, supporters, noem maar op.”

Weinig ervaring

Een bijzonder gevoel. Helemaal als je ‘kind aan huis bent’. “Ik voetbal sinds mijn vierde bij Rood Wit. Voel me hier thuis, ken iedereen en het is altijd gezellig. Dat creëert een band. Het is een bijzondere club. Heel vriendelijk en sociaal, een beetje alsof je thuiskomt.” Al is het ook daar, minder gezellig, als je veel verliest. “Dan is het zaak om de koppen weer bij elkaar te brengen.” Maar hoe lastig dat is, weet Heeren als geen ander. “Zeker als aanvaller, is dat soms heel teleurstellend. Daar moet ik aan werken, samen met de trainer. Om niet te snel mijn koppie te laten hangen.” Want ook in die tweede klasse had Rood Wit het vorig seizoen dus meer dan zwaar. “Je merkte eigenlijk al best wel snel: deze tegenstanders zijn ook behoorlijk goed. Tegen RBC speelden we in het begin misschien wel onze beste wedstrijd van het seizoen. Toen zat er ook echt nog karakter in de ploeg.” Toch werd het daarna steeds moeilijker, vertelt Heeren. “Er stond een nieuwe en jonge ploeg, dan moet je aan elkaar wennen. Dan heb je ook nog een paar keer pech, kom je knullig achter of geef je het in de laatste minuut weg…” Al weet de buitenspeler wel waar dat aan ligt. “We hebben weinig ervaring, komen eigenlijk pas net kijken. De oudste is 27. Er is niemand die op dat soort momenten dan echt opstaat.” Maar, zo blijft hij positief. “Daar hebben we nu van geleerd. We hebben allemaal gemerkt hoe seniorenvoetbal is, ook op tactisch gebied.”

Gefrustreerd

Bij de pakken neerzitten, doet Heeren dan ook absoluut niet. “Iedereen beseft de situatie. Er is genoeg talent én potentie, maar dat kost tijd.” Ook in de derde klasse. “Ons doel is natuurlijk om alles te winnen. Ik denk dat we zeker bovenin mee moeten kunnen draaien, al zal het kampioenschap lastig worden.” De inwoner van Sint Willebrord gelooft dan ook dat de degradatie niet per se nadelig hoeft te zijn. “We willen allemaal niet nog zo’n jaar. Dus het is honderd procent beter dat we nu in die derde klasse zitten. Winnen, plezier hebben en meer spirit in het team. Dat is natuurlijk veel leuker dan steeds verliezen.” Met hem als rechtsbuiten. “In de jeugd was ik altijd ‘nummer tien’. Een technische voetballer die het spelletje ziet, maar niet overdreven snel.” De linkspoot doet wat dat betreft denken aan een bekende topvoetballer. “Haha! Ik ben wel altijd fan geweest van (Hakim) Ziyech, daar kan ik van genieten.” Al gaat Heeren zelf, toch liever voor een doelpunt dan de assist. “Vorig seizoen maakte ik er acht. Dat is niet slecht lijkt me, voor een eerste seizoen.” En dus kan de lat voor dit jaar, weer een stukje verder omhoog. “Ik mik nu op vijftien doelpunten.” Behalve dat, heeft de jongeling ook nog een paar andere punten om aan te werken. “Meer mijn koppie bij het spel houden. Nu raak ik nog te snel gefrustreerd. En daarnaast, sneller handelen en dingen eerder zien.” Als liefhebber van het spelletje kijkt Heeren op tv naar bijna al het voetbal, en dus barst hij van de ambitie. Al blijft de technicus bescheiden. “Ik wil voorlopig gewoon alles geven voor Rood Wit, de ploeg bij elkaar houden en hier zo hoog mogelijk spelen. Zodat we de komende jaren weer die stap naar de tweede klasse kunnen zetten!”

Klik op Rood-Wit voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rood-Wit voor meer informatie over de club.

U13 Cup zet in op extra sponsorinkomsten

De U13 Cup van CVV Zwervers is komend jaar toe aan zijn dertigste editie. De club is blij met het bereiken van deze mijlpaal, maar sluit de ogen ook niet voor een toekomst die verre van zorgenvrij is. Het wordt steeds lastiger om het budget rond te krijgen.

De 29ste uitgave van het internationale toernooi voor teams onder dertien jaar mocht er afgelopen Pinksteren weer wezen. Met Feyenoord, dat ook al in 2022 de sterkste was, kreeg het bovendien een prachtige winnaar. “We zijn trots op wat we in al die jaren hebben opgebouwd”, zegt Ton Grosjean namens de organisatie. “We hebben teams van grote naam gehad en dat willen we graag volhouden.”

De organisatie van het toernooi merkt echter ook dat het steeds lastiger wordt om het budget rond te krijgen. Wat lange tijd geen enkel probleem was, dreigt voor de toekomst wel een uitdaging te worden, zoals Grosjean het formuleert. “We hebben de afgelopen jaren met een tekort afgesloten. Dat kunnen we opvangen door de  goede jaren waarin we reserves hebben kunnen opbouwen, maar we zien nu wel duidelijk een trend dat de kosten niet incidenteel hoger worden, maar structureel.”

“Daarnaast merken we ook dat clubs minder snel bereid zijn om mee te betalen aan kosten dan voorheen. Daardoor stijgen voor ons de reis- en verblijfskosten. En daarnaast zijn de kosten voor vliegen of ander vervoer fors gestegen en dat geldt voor de kosten voor een hotel. Het gaat om stijgingen van soms wel veertig, vijftig procent.”

Het zorgt voor een forse toename van kosten die door Zwervers niet is op te vangen door het verhogen van entreekaarten of prijzen in de kantine. “We zijn daarin beperkt. Bovendien heeft de gemeente Capelle de eis dat een toegangskaartje bij een evenement niet te hoog mag zijn. We willen zelf ook niet dat een kaartje veel hoger wordt. We willen dat het toernooi laagdrempelig te bezoeken is en toegankelijk is voor alle jeugd.”

Grosjean zegt dat Zwervers niet eindeloos de gaatjes kan blijven dichten met de reserves. “Dat potje wordt ook steeds kleiner. We zien ook dat sponsoring niet veel meer is geworden. Daar is wellicht nog winst in te behalen en daarom ook hebben we onze sponsorcommissie versterkt.”

Het maakt ook dat Zwervers voor het eerst ook denkt aan een naamsponsor van het toernooi. “Voorheen was dat niet nodig.”

Grosjean: “Op de korte termijn is het toernooi geborgd, maar we zijn wel serieus aan de slag om de continuïteit op de lange termijn te waarborgen. We hebben een prachtig toernooi neergezet met een bepaald model, daar willen we eigenlijk geen concessies in doen.”

“We hebben altijd een aantal vaste teams, zoals Feyenoord en Ajax. Daarnaast is ook Borussia Dortmund altijd van de partij. We willen een mooie mix van clubs uit Duitsland, Engeland, Frankrijk, Spanje en Italië. Het liefst elk jaar een nieuwe grote naam. Dit jaar hadden we bijvoorbeeld Dynamo Kiev.”

Voor de editie van komend jaar liggen behalve Feyenoord, Ajax en Borussia Dortmund RC Genk en Paris Saint Germain vast. “Er lopen overal lijntjes. Meestal nemen clubs eind november een besluit aan welk toernooi ze meedoen. We willen graag nog een mooie Premier League-club van naam, wellicht een Schotse club, een Scandinavische, en mooie Franse, Italiaanse of Spaanse club. AC Milan is een club die nog niet is geweest.”

Klik op CVV Zwervers voor de laatste artikelen over de club.
Klik op CVV Zwervers voor meer informatie over de club.

 

 

Bezoek de Nationale Sport Vakbeurs 2023

Aanstaande woensdag 15 november is het zover, de 12de editie van de Nationale Sport Vakbeurs in Evenementenhal Gorinchem. Het belooft een inspirerende en gezellig dag te worden voor een ieder die actief is in de sport of gewoon sportliefhebber is.

Wat kan je van deze editie verwachten?

  • 200+ leveranciers en dienstverleners die van meerwaarde kunnen zijn voor iedere sportvereniging, gemeente en/of sportaccommodatie;
  • 40+ inspirerende kennissessies door o.a. NOC*NSF voor sportbestuurders, sportambtenaren en exploitanten van sportaccommodaties;
  • Dick Advocaat en Cor Pot aan tafel bij Kees Jansma;
  • Joop Alberda over ‘De sportclub van de toekomst’;
  • Olympisch bokser Nouchka Fontijn over ‘De Levenslessen uit een topsportcarrière’;
  • Leuke sportactiviteiten op o.a. een padelbaan, adidas voetbalveldje, beachveld, racesimulatoren en urban sports area;
  • En nog veel meer…

Bekijk hier de deelnemerslijst

Bekijk hier het beursprogramma

Klik op Nationale Sport Vakbeurs om je te registreren voor gratis toegangstickets.
Klik op Nationale Sport Vakbeurs voor meer informatie over het evenement.

Wim Eilander volgt hart en geloof

Zijn voetbalhart klopt nog even hard als in zijn jonge trainersjaren Sinds de zomer is Wim Eilander (67) hoofdtrainer van FC Perkouw. Hij neemt zijn geloof mee. “Iedere trainer preekt zijn eigen parochie.”

De lijst van clubs waar Eilander sinds 1982 trainer was is lang en imposant. Het Leidse Lugdunum was de eerste. Als 26-jarige speler van het Rotterdamse Neptunus transformeerde hij binnen één zomer naar hoofdtrainer van de Leidse zondageersteklasser. Het was voor Eilander het begin van een mooie trainerscarrière die tot de dag van vandaag voortduurt.

Hij trainde zeven jaar FC Lisse, met wie hij promoveerde naar het hoogste niveau, werd kampioen op het hoogste zaterdagniveau met het Veenendaalse DOVO, en was trainer ad-interim van Kozakken Boys, volgens hem ook al zo’n mooie club. Eilander diende inmiddels vijftien verenigingen. Lang deed hij dat op het hoogste of allerhoogste niveau, de afgelopen twintig jaar bij clubs die acteren op een bescheidener platform. “Bewust? Nou, ik heb er niet zelf voor gekozen, het overkomt je”, antwoordt hij eerlijk. “Ik was zelf wel een beetje klaar om me elke keer weer tegenover een sponsor te verantwoorden waarom de door hem betaalde speler niet in de basis stond. Inmiddels is dat allemaal beter geregeld met contracten, maar in die tijd was dat nog niet.”

Eilander ging met evenveel plezier aan de slag bij een club op een wat lager niveau. Strijen, Nieuwerkerk, Forum Sport, Soccer Boys, YVV de Zwervers en NTTV uit Nieuwe-Tonge maakten  gebruik van zijn diensten. Nieuwerkerk bleek achteraf een mismatch. “Ik volgde de succesvolle Wim den Besten op. Als trainer probeer je je geloof over te brengen op de spelers, maar dat lukte bij Nieuwerkerk niet. Het was niet het goede moment”, kijkt hij er nuchter op terug. Bij andere clubs beleefde hij mooie periodes omdat hij al snel aanhang kreeg voor zijn voetbalgeloof en visie. “Als je als trainer zo lang meeloopt dan heb je wel een idee van hoe het moet”, zegt Eilander zonder betweterig te willen overkomen. “Ik heb bij veel clubs gezeten, maar ik wel altijd dezelfde visie gehanteerd.”

En of hij nu op het hoogste amateurniveau werkte of in de vierde klasse, Eilander genoot en geniet. “Toen ik stopte met werken als docent lichamelijke opvoeding zei mijn vrouw gelijk: ga alsjeblieft door met voetbal. Daarin had ze gelijk, voetbal is alles voor mij.”

Hij trainde in de afgelopen jaren bij NTTV in Nieuw-Tonge, een kleine vereniging met zijn beperkingen. “Je leert als trainer dealen met de onmogelijkheden”, zegt Eilander. “Vergeleken met NTTV is Perkouw weer luxe, met drie senioren-elftallen.”

In de polder in Berkenwoude gaat dat voetbalhart van de inwoner van Capelle nog harder kloppen. “Het complex ligt midden in de polder. We hebben al een keer getraind met de maan aan het firmament en het moment dat de zon onder ging. Elke training verdwijnen er weer ballen in de vaart. De club heeft een bootje liggen om ze eruit te halen na de training. In de zomer sprongen de jongens er vanwege warmte gewoon in.”

Hij verklapt de ‘link’ waarom hij zich bij Perkouw meldde als kandidaat-trainer. “Ik heb met YVV de Zwervers en Schoonhoven in totaal negen keer gespeeld tegen Perkouw. Daarvan heb ik maar eén wedstrijd gewonnen. Dat was weliswaar een andere tijd met spelers als Elgar Mudde en Harald Vrolijk, maar het zegt ook iets over de mentaliteit.”

Hij heeft nu ook weer een goede groep staan. “Eelco van Viersen, Mark van der Laan, Stef de Goede en keeper Kevin Verstappen zijn de jongens die het elftal vormgeven. Arno Verbree, die sterk speelt op het middenveld, moet op den duur het stokje van die vier gaan overnemen.”

Klik op FC Perkouw voor de laatste artikelen over de club.
Klik op FC Perkouw voor meer informatie over de club.

Kenneth Nelstein heeft niks van zijn drive verloren

0

Zijn haar mag dan wat grijzer en dunner zijn geworden, aan gedrevenheid heeft Kenneth Nelstein niet ingeboet. Drieëntwintig jaar na zijn eerste aanstelling is de 60-jarige Rotterdammer opnieuw hoofdtrainer van SPV’81. Met de drive om de Polsbroekers weer een stuk vooruit te helpen.

Het lijkt een eeuwigheid geleden, het moment dat SPV’81 Nelstein voor de eerste keer als trainer presenteerde. 37 jaar jong was hij, ambitieus en gedreven. Hij bleek ook goed te passen bij de cultuur van de kleine dorpsclub, waar veel kan, maar ook door de beperkte schaalgrootte, veel niet. Met de middelen die Nelstein destijds had bouwde hij steentje voor steentje aan een team dat eerst leerde winnen, vervolgens om promotie kon meespelen en later, toen Nelstein na zeven jaar was vertrokken, promoveerde naar de vierde klasse.

Zowel de mens als de trainer Nelstein paste precies bij SPV’81. “Het contact is ook altijd gebleven”, zegt Nelstein, die als trainer zijn eigen weg aflegde en onder andere NOCKralingen en SDV trainde en tussendoor ook nog wat klussen had als assistent-trainer. De band tussen SPV en Nelstein moest en zou een keer tot een terugkeer leiden. Dat gebeurde ook, toen SPV hem vroeg drie seizoenen geleden de beginnend hoofdtrainer en vriend van Nelstein, René Eyra, bij te staan.

“SPV is een kleine club en de talenten die je hebt zijn daardoor spaarzaam en moet je koesteren”, zegt de Rotterdammer. “Daarom was het belangrijk dat de nieuwe generatie goed begeleid werd. Ik ben eerst trainer geworden van de onder negentien jaar, daarna met het merendeel van de ploeg die doorstroomde naar de senioren, van het tweede. Allemaal met het idee om spelers voor te bereiden voor het eerste elftal.”

Toen duidelijk werd dat de wegen van SPV en Eyra gingen scheiden, hoefde de club niet te ver te zoeken voor een opvolger. “Ik heb niet de ambities om nog ergens hoofdtrainer te worden, maar bij SPV heb ik mezelf wel naar voren geschoven omdat ik geloof in continuïteit. De huidige groep is gebaat bij een trainer die weet hoe het werkt binnen de club. Ze hoeven niet te wennen aan mij, ik niet aan hen.”

In basis is SPV’81 nog steeds dezelfde club als toen Nelstein voor de eerste keer binnenstapte. “Het is nog even klein en fijn. De zandbank waarin we trainden is inmiddels ingeruild voor een veel beter trainingsveld. En ook het clubgebouw is uitgebreid. Maar SPV zal nooit een grote club worden. Met die beperkingen moet je als trainer kunnen omgaan.”

Als assistent van Eyra zag Nelstein dat SPV vorig seizoen uit de vierde klasse degradeerde. Onvermijdelijk noemt hij de degradatie. “Het jaar ervoor hadden we het nog overleefd dankzij een ijzersterke tweede competitiehelft. De vierde klasse is echter alleen maar sterker geworden.”

Uit ervaring weet hij dat het niet per se slecht hoeft te zijn dat nu in de vijfde klasse wordt geacteerd. “We zijn volop bezig jeugd in te passen. Het zijn talentvolle jongens. Dat inpassen gaat beter als je daar ook ervaren spelers naast zet. Zo werkt het gewoon. Naar de balans zijn we nu nog op zoek. Balans en een realistische speelwijze zijn de sleutels. Ik speel net als iedere andere trainer ook volop op de aanval en met drie aanvallers, maar het moet wel kunnen met de kwaliteiten die je in je selectie hebt. Een iets behoudener speelwijze past ons veel beter, hoewel we met Stijn Achterberg en Lex van Mourik twee uitstekende voetballers in ons midden hebben.”

Klik op SPV’81 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SPV’81 voor meer informatie over de club.

VV Zundert-speler Rabin Hassan is geknipt om te scoren

Hij werd geboren in Irak, kwam op jonge leeftijd naar Nederland, voetbalde later nog een tijdje in Koerdistan, maar is nu spits van derdeklasser Zundert. En naast de voetbal, is Rabin Hassan kapper. Van profvoetballers. Geknipt om te scoren dus. “Ik had helemaal geen balgevoel meer.”

Want het verhaal van de 29-jarige Hassan, leest als een boek. Dus beginnen we bij het eerste hoofdstuk, op pagina één. “Ik ben in Irak geboren en op mijn derde naar Nederland gekomen. Gevoetbald bij Rozenburg, via-via bij Excelsior Maassluis gekomen en later bij OVV in het eerste.” Ook maakte hij nog even een uitstapje naar zijn geboorteland. “Mijn oom vroeg of ik in Koerdistan wilde komen spelen. Dat was een moeilijke keuze, iets waar ik lang over na moest denken. Uiteindelijk toch gegaan, een jaartje daar gevoetbald, toen wilde ik weer terug naar Nederland. Dit is mijn land, hier ben ik opgegroeid. Al krijg je miljoenen, het is niet leuk om daar te voetballen.”

Het derde

Hassan keerde in 2012 terug, stopte vervolgens op achttienjarige leeftijd met voetballen en dook de sportschool in. “Een beetje spierballen kweken en kijken naar de toekomst. Focussen op werk, school en stage.” Lastig zat, vertelt de aanvaller. “Mijn ouders bleven wel in Irak, omdat ik daar toen ging voetballen. Ik kwam in mijn eentje terug. Zij pas later.” Hassan ging in het Belgische Lier wonen, maar verhuisde een aantal jaar later naar Meer. Op vijf minuten van Zundert. “Toen besloot ik daar bij de voetbal maar eens aan te kloppen. Ik had weer tijd om een balletje te trappen én wilde in plaats van hardlopen, voetballen op zondag. Mijn intentie was helemaal niet hét niveau.” Want topfit, was Hassan op dat moment ook niet. “Ik begon in het derde, had helemaal geen balgevoel en kreeg last van allebei mijn hamstrings. Woog toen 90 kilo aan spiermassa, dat is nu 78.” Toch ging het na de winterstop lopen, vertelt hij. “Ze wilden dat ik aansloot bij het tweede, en de laatste acht wedstrijden ook bij het eerste. Alleen ging ik op huwelijksreis.” Uiteindelijk speelde Hassan afgelopen jaar twee maanden mee bij het vlaggenschip, begon steeds fitter te worden en haalde met zijn teamgenoten zelfs de nacompetitie. “In de verlenging miste ik tegen Oosterhout een penalty, daarna verloren we de penaltyserie. Daar heb ik wel een tijdje mee gezeten. Ik ben echt een speler die moet winnen…”

Eigen zaak

Maar nu de teleurstelling is gezakt, kijkt Hassan vooral met veel plezier naar zijn tweede leven als voetballer. Al was het, zeker in het begin, wel even wennen. “Aan de balsnelheid, het meer denken van tevoren. Gelukkig had ik dat al in mij.” Ook buiten het veld, gaat het goed. “Het is een heel leuke club, al vanaf het begin. Ik ben met open armen ontvangen. Dat is voor mij ook één van de redenen dat ik ben gebleven. Kende eerst niemand, nu ken ik iedereen.” Tijd om al die mensen, iets terug te geven. “Ons doel is om kampioen te worden! Dat willen we allemaal.” Maar dat gaat niet vanzelf. “Soms gaan we mee in het voetbal van de tegenstander, waardoor we te veel lang schieten. Wij moeten juist opbouwen en gewoon voetballen. Kaatsen, weglopen en wegdraaien. Dan hebben we meer kwaliteit.” Met hem als aanvalsleider. “In de jeugd speelde ik veel op tien, nu sta ik in de spits. Balvast en technisch. Als je doorloopt, krijg je hem terug.” Al wil Hassan zelf natuurlijk ook scoren. “Eerst hield ik het niet echt bij, nu wel. Ik ga voor minimaal twaalf doelpunten.” Misschien dat zijn klanten in zijn barbershop, hem nog wat advies kunnen geven. “Sinds mei 2019 heb ik mijn eigen zaak (Rabin Barbers) in Lier. Ik knipte altijd al vrienden en dacht: wat ga ik doen?” Het werd dus het knippen van onder andere profvoetballers. “Vooral die van Union Sint-Gillis. Maar jongens als Bart Nieuwkoop en Timon Wellenreuther, spelers van Feyenoord, komen ook!” Nu is het tijd om zelf op het veld te gaan ‘shinen’. “Lekker dat het weer begonnen is!”

Klik op VV Zundert voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Zundert voor meer informatie over de club.

Simon van den Broeke reist wekelijks vanuit Breda voor Seroos 4

Doordeweeks is Simon van den Broeke (30) in zijn woonplaats Breda als consultant actief in het projectmanagement. Maar zaterdag is ‘voetbaldag’, niet in Breda maar in zijn geboorteplaats Serooskerke waar hij naast een rol als  speler bij het vierde elftal óók de regeltaken voor zijn rekening neemt.

“Ik ben er in 2015 mee gestart en doe het sinds vorig jaar samen met Robbert-Jan Buijze. Die samenwerking gaat perfect en het is gewoon ook leuk om te doen. Bovendien zijn vrijwilligerstaken meestal niet de dingen waarvoor ze drie rijen dik voor klaarstaan haha. Maar Robert-Jan en ik doen dat al een aantal jaren en bevalt wel hoor. En zoveel stelt het ook niet persé voor he, we zorgen dat we elke zaterdag met voldoende mensen bij de wedstrijden zijn en maken de opstelling. Ook hebben we overleg met de andere leiders van de lagere elftallen en dat loopt prima binnen de club.”

Het feit dat er bij Serooskerke bij de senioren nog altijd zes elftallen in competitie zijn dat zegt volgens Van den Broeke veel over de sfeer bij de club. Zelf keert hij immers ook wekelijks terug vanuit Breda naar Walcheren om met ‘zijn cluppie’ het voetbalveld op te stappen. “Vanaf de stap naar de senioren ben ik in het derde en nu vierde elftal gaan voetballen. Ik ging studeren en trainen zat er daardoor niet meer in. Toch wilde ik wel blijven voetballen hier bij de club en daarom viel de keuze op een lager team. Een bewuste keuze en voor mij een perfecte ook. Ik speel hier al vanaf mijn vijfde en doe dat tot de dag van vandaag nog altijd met enorm veel plezier.”

De eerste drie seniorenteams spelen met een prestatieve insteek. Van vier tot zes draait het vooral om het bezig zijn en het recreatieve. “Toch komen er ook geregeld jongens uit het derde naar ons of andersom als de nood ertoe is. En dat gaat altijd goed, want hoewel we niet trainen doen we er bij het vierde ook wel alles aan elke wedstrijd om een zo leuk mogelijk resultaat te boeken uiteraard.”

Dat ze bij Serooskerke zes teams bij de senioren actief hebben is in de ogen van de ‘regelneef’ van Seroos4 dan ook enorm knap. “Voor een dorpsclub zeer zeker! Het zegt ook veel over hoe de club leeft in het dorp en het belang van een voetbalvereniging. Want naast het sportieve aspect zijn er ook veel activiteiten zoals darttoernooien en sjoelevenementen, die ook mensen van buiten de club naar Sportpark Noordhout doen komen. Dat is gaaf en laat zien dat het hier meer is dan voetbal. Juist dat is voor mijn één van de redenen dat ik met plezier elke week de rit vanuit Breda naar Serooskerke blijf maken.”

Klik op V.V. Serooskerke voor de laatste artikelen over de club.
Klik op V.V. Serooskerke voor meer informatie over de club.

Jannick Schaier wil zo lang mogelijk van waarde zijn voor Arnemuiden

0

ARNEMUIDEN – Momenteel is Jannick Schaier (33) bezig aan zijn zeventiende seizoen in de hoofdmacht van v.v. Arnemuiden. In al die jaren speelde hij met zijn club op verschillende niveaus en beleefde tal van sportieve successen. ‘Zo lang ik fit blij hoop ik zo lang mogelijk van waarde te zijn bij het eerste elftal. Maar ik bekijk het wel van seizoen tot seizoen.’

Schaier mag met recht dus een routinier genoemd worden bij ‘Erremuu’, dat dit seizoen uitkomt in de 2e Klasse E van het zaterdagvoetbal. “We willen graag een stabiele tweedeklasser blijven en weten ook dat de huidige klasse enorm sterk is. Sinds ik bij het eerste elftal speel hebben we de meeste seizoenen in de tweede klasse gespeeld en toch altijd prima resultaten geboekt.”

Vorig seizoen had de Walcherse club voor het eerst in zeventien jaar tot op bijna het allerlaatste moment zicht op de eerste klasse,  toen het in de nacompetitie vriend en vijand wist te verrassen. Arnemuiden strandde in de halve finale doordat Schaier en zijn ploeggenoten bij Nivo Sparta met 7-1 onderuit gingen. “In de jaren dat ik bij het eerste speel hebben we wel vaker nacompetitie gespeeld, maar tot een promotie leidde het nooit. Vorig seizoen waren we er dichtbij en van de andere kant ook heel ver vandaan. Als je met 7-1 verliest dan heb je natuurlijk ook geen recht op meer en proberen we ook dit seizoen opnieuw om zo ver mogelijk te komen. Want ik vind dat we zeker een talentvolle selectie hebben, dus een plek bovenin de linkerrij moet mogelijk zijn.”

Toch is de start van Arnemuiden niet spetterend te noemen, maar vooral wisselvallig. De openingswedstrijd tegen SVOD’22 ging met maar liefst 10-1 verloren, niet direct de competitiestart die men bij de geelhemden voor ogen had. “Dat is nog zacht uitgedrukt. We hadden echt collectief een totale offday. We begonnen zelf met het maken van persoonlijke fouten, pakten een snelle rode kaart en stonden na twintig minuten met 4-0 achter. Alles wat mis kon gaan viel de verkeerde kant op. Anderzijds kunnen we zo’n tik op de kin maar direct gehad hebben, dan is het zaak om in het restant van de competitie de weg omhoog in te zetten.”

Schaier, fysiotherapeut van beroep, is al zijn gehele voetballende leven actief aan de Pereboomweie. “Ik heb wel één seizoen bij JVOZ getraind en oefenpotjes gespeeld, maar toen speelden ze nog niet zoals nu in competitieverband. Andere jongens hebben die stap hogerop wel gemaakt, maar de meesten zijn allemaal weer teruggekeerd hier. Dat zegt in mijn ogen ook veel over de club, waar over het algemeen de selectie al jarenlang vrijwel intact is gebleven. Het zorgt ook voor herkenbaarheid bij de supporters en maakt het tot een echte ons-kent-ons vereniging. Precies waar ik mezelf als persoon en als voetballer prima thuis voel.”

De centrale verdediger hoopt nog zeker een aantal seizoenen in het geelrood aan vast te kunnen plakken. Voorlopig bij het eerste en als het moment daar is om een stapje terug te doen dan zeker in een lager elftal. “Bij het derde elftal spelen een hoop vrienden. Jongens waarmee ik in de jeugd en ook in het eerste mee heb gespeeld. Maar zolang mijn lichaam het toelaat en ik fit blijft, wil ik proberen om op een zo hoog mogelijk niveau te blijven spelen. Daarna lijkt het me leuk bij die vriendengroep aan te haken. Voor nu wil ik proberen om bij het eerste mijn steentje bij te dragen op een positieve manier. Want we moeten met deze groep minimaal toch stabiel in de tweede klasse kunnen eindigen. Daar hebben we de kwaliteiten voor, al moeten we het als groep wel elke week laten zien.”

Klik op VV Arnemuiden voor meer artikelen over de club.
Klik op VV Arnemuiden voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.