Home Blog Pagina 14

Smitshoek zet zich in voor Hospice De Reiziger: “Het geeft zoveel voldoening”

Bij voetbalvereniging Smitshoek gaat maatschappelijke betrokkenheid verder dan alleen wat er op het veld gebeurt. De club werkt sinds kort samen met Hospice De Reiziger in Barendrecht – een plek waar mensen in hun laatste levensfase met zorg en warmte worden omringd. Een van de drijvende krachten achter die samenwerking is Paul van Loo, die zich al decennia vrijwillig inzet voor de club én het hospice.

Twee petten op

Van Loo (81) is ambassadeur van Smitshoek en vervult daarnaast de rol van gastheer bij Hospice De Reiziger. “Ik loop eigenlijk met twee petten op,” vertelt hij met een glimlach. “Bij Smitshoek ben ik ambassadeur, bij het hospice vrijwilliger. En dat combineert mooi, want beide werelden draaien om betrokkenheid en mensen iets meegeven.”

Zijn stap richting het hospice kwam min of meer toevallig. “Ik had mijn bestuursfuncties in de sportwereld net neergelegd – ik was 72 en dacht: het is mooi geweest. Maar een vriend vroeg of ik eens wilde komen kijken bij een hospice in oprichting. Ik dacht eerst: ik ben net klaar met al dat vrijwilligerswerk! Toch ben ik gegaan, samen met mijn vrouw en dochter. En we zijn er nooit meer weggegaan.”

Sinds de opening in 2016 is Van Loo daar actief als gastheer. “We helpen de verpleging, ontvangen familie en proberen de gasten op hun gemak te stellen. Het is bijzonder werk – intens soms, maar vooral dankbaar. Je kunt op kleine momenten veel betekenen voor mensen. Dat geeft enorm veel voldoening.”

Een club met een warm hart

Diezelfde toewijding brengt Van Loo ook mee naar Smitshoek. “Onze vereniging telt inmiddels zo’n 1800 leden. We hebben een G-voetbalteam, een walking football-afdeling en een 35+-competitie. Dat laat zien hoe breed en sociaal onze club is,” zegt hij trots. “Smitshoek is een vereniging waar ruimte is voor iedereen, van jong tot oud.”

De samenwerking met Hospice De Reiziger past volgens Van Loo perfect bij dat karakter. “Smitshoek wil niet alleen sportief presteren, maar ook maatschappelijk iets terugdoen. In het verleden steunde de club al projecten als het Ronald McDonald Huis en PIPA. Nu hebben we gekozen voor een lokaal doel, iets wat dichtbij onze gemeenschap staat.”

Het initiatief kwam tot stand via de commerciële commissie van Smitshoek. “Marcel van den Einde kwam naar me toe en vroeg of ik namens de club ambassadeur wilde worden richting het hospice. Dat vond ik een eer. De bedoeling is om samen acties op te zetten die geld opleveren voor het hospice, maar ook de maatschappelijke kant van Smitshoek laten zien.”

Van shirtveilingen tot Rad van Avontuur

En dat lukt uitstekend. “We zijn op allerlei manieren actief,” vertelt Van Loo enthousiast. “Bij wedstrijden, toernooien en evenementen is er vaak een inzameling of een verloting voor het hospice. We hebben gesigneerde shirts van Sparta, Feyenoord en RKC die binnenkort worden geveild via de businessclub. Ook tijdens het bedrijventoernooi komt er een kleine bijdrage per team voor De Reiziger.”

Daarnaast staat Smitshoek regelmatig met een kraam op lokale evenementen. “Op Koningsdag, maar ook bij jeugdtoernooien,” legt Van Loo uit. “Soms verkopen we wat, soms doen we een verloting. En tijdens ons beroemde Rad van Avontuur in de kantine draaien we voortaan een extra ronde voor het hospice. Dat levert al snel duizend euro op – maar nog belangrijker: het zorgt voor betrokkenheid.”

“Ik ben een tevreden mens”

Van Loo is inmiddels veertig jaar lid van Smitshoek en kreeg in die tijd al meerdere onderscheidingen voor zijn inzet – van Lid van Verdienste tot een Koninklijke onderscheiding. Toch blijft hij bescheiden. “Ik heb alle schouderklopjes al gehad die een mens kan krijgen,” zegt hij lachend. “Ik tel mijn zegeningen en hoop dit nog een tijdje te mogen doen.”

Hoewel hij de tachtig al gepasseerd is, bruist hij nog van energie. “Leeftijd is maar een getal,” zegt hij nuchter. “De een van zestig ziet eruit als honderd, de ander van tachtig als zestig. Het gaat erom dat je blijft doen wat je leuk vindt. Zolang ik iets kan betekenen – voor de club én voor het hospice – blijf ik dat met liefde doen.”

Met de samenwerking tussen Smitshoek en Hospice De Reiziger komt voor Van Loo alles samen waar hij voor staat: sportiviteit, saamhorigheid en maatschappelijke kracht. “Het mooie is,” besluit hij, “dat we met voetbal iets kunnen betekenen voor mensen buiten het veld. Dat is precies waar Smitshoek voor staat.”

Klik op Smitshoek voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Smitshoek voor meer informatie over de club.

‘Ik heb er een leuker leven voor teruggekregen’

Terug van een blessure aan zijn knie, is Djurre Verschut bij derdeklasser DESK weer helemaal fit én vol vertrouwen begonnen aan het nieuwe seizoen. En na een goede start van de competitie, durft de middenvelder stiekem al te dromen van promotie. “Ik zou heel graag hoger willen spelen!”

De voortekenen, zijn wat dat betreft in ieder geval goed. “Het gaat wel lekker!” Ook op persoonlijk vlak dus. “Vorig seizoen had ik lange tijd last van een blessure. Overstrekkingsletsel, waardoor er vocht in mijn knie bleef zitten. Daardoor heb ik uiteindelijk zes maanden niet kunnen voetballen. Nu voel ik me weer fit!” Het gevoel, is dan ook goed, bij de 23-jarige Verschut. “Ons doel is om kampioen te worden. Of via de nacompetitie te promoveren.” Iets wat afgelopen seizoen, uiteindelijk niet lukte. Ondanks een derde plaats en het overnemen van de derde periode. “We werden heel snel uitgeschakeld. Dus achteraf, hadden we het ook niet echt verdiend.”

Niet meer weg

Toch overheerst bij Verschut vooral de tevredenheid. “Als je SVW en WSC zag, de nummers één en twee, denk ik dat we het maximale eruit hebben gehaald. Daar kunnen we tevreden mee zijn. Al hebben we het misschien laten liggen tegen de onderste ploegen.” Want aan vertrouwen, geen gebrek. “We hebben echt een goed voetballend team, met veel snelheid. Als we deze groep bij elkaar kunnen houden, moet bovenin tweede klasse of misschien wel eerste klasse kunnen. Dat lijkt me heel vet!”

Vertrekken, ziet Verschut zichzelf dan ook niet zo snel doen. “Ik hoef niet meer naar een andere club. Mijn ambitie is om zo hoog mogelijk met DESK te voetballen en gewoon lekker zo lang mogelijk hier te spelen.” Dat klinkt logischer, dan het daadwerkelijk is. Gezien zijn verleden in het profwereldje. “Ik heb zeven jaar lang bij PSV gezeten. Vanaf de F’jes tot de C’tjes.” Een mooie tijd, vol met leuke tegenstanders. Van Barcelona en Chelsea tot aan Arsenal en Ajax.

Welke spelers kan hij zich nog herinneren? “Onder andere Ryan Gravenberch, Jamal Musiala en Brian Brobbey.” Maar ook een paar van zijn teamgenoten, spreken tot de verbeelding. “Ik zat in het team bij Mohamed Ihattaren en Ian Maatsen.” Toch voetbalt Verschut nu in de derde klasse en staat hij niet in volle stadions. “In mijn laatste jaar zat ik, nadat ik hersteld was van een gebroken knieschijf, bijna alleen maar op de bank. Terwijl ik mijn vrienden plezier zag hebben bij DESK…” De keuze, was dan ook simpel voor Verschut. Mede ingegeven door zijn ouders. “Die zagen dat ik er geen plezier meer in had. Dus besloot ik halverwege het seizoen, rond de kerst, terug te gaan naar DESK.”

Stukje discipline

Spijt, heeft hij daar nooit van gehad. “Soms had ik wel willen weten hoe ver ik had kunnen komen, maar ik heb er uiteindelijk een leuker leven voor teruggekregen.” Want, zo relativeert de inwoner van Kaatsheuvel. “Je moet er ook heel veel voor laten. En het profvoetbal, is een harde wereld. Op dat moment moest ik daar ook naar school, dat was ook niet makkelijk. Uiteindelijk heb ik de mooiste jaren van een jeugdopleiding meegemaakt, denk ik.”

Teruggekeerd op het oude nest, viel Verschut met zijn neus in de boter. “Toen was ik veertien of vijftien. Gewoon lekker plezier hebben en voetballen met je vrienden.” Al moest hij daar in het begin wel even aan wennen, is de middenvelder eerlijk. “Ik heb toen zelfs nog een tijdje bij de C2 meegedaan, omdat ik niet speelgerechtigd was. Het is natuurlijk een lager niveau én er worden meteen allemaal dingen van je verwacht. Gelukkig zitten er bij ons in het team nu ook een hoop jongens die hoger hebben gespeeld, dat voetbalt toch lekkerder. Daar kun je jezelf aan optrekken.”

Zijn debuut gemaakt op zijn zeventiende, draagt Verschut nog altijd zijn geleerde lessen bij PSV met zich mee. “Je leert daar vooral om zelfstandig te worden. Iedere ochtend nam ik om half zeven ‘s ochtends de bus, om vervolgens ‘s avonds pas weer thuis te komen. Dat is ook een stukje discipline wat je opbouwt.”

Merkt hij nu ook in zijn dagelijkse leven, als werkvoorbereider bij een leerverwerkingsbedrijf in Waalwijk. “Ik vind het helemaal niet erg om hard te werken of om een keer langer te blijven. Terwijl onze generatie daar normaal wel moeite mee heeft.” Een karaktereigenschap die hij ook in het veld, maar al te goed kan gebruiken. “Eerst stond ik op zes of acht, nu sta ik meer op tien.” Een positie waar Verschut naar eigen zeggen het beste uit de voeten kan. “Ik houd het meeste van aanvallen en vooruit voetballen. Een rustige en slimme speler, die het moet hebben van zijn passing en positionering. Niet zo snel, maar wel een echte teamspeler!”

Klik hier voor meer artikelen over DESK
Klik hier voor meer informatie over DESK

‘Bij Rijnmond Hoogvliet Sport bruist de jeugd van energie: het lijkt soms wel een mierennest’

Bij Rijnmond Hoogvliet Sport wordt er met trots naar de jeugd gekeken. De club uit Hoogvliet is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een levendige vereniging waar plezier, ontwikkeling en ambitie hand in hand gaan. Nick Meivogel, bestuurslid jeugdzaken, vertelt over de groei van de jeugdafdeling, de saamhorigheid binnen de club en de plannen voor de toekomst.

Van ouder langs de lijn tot spil in de jeugdopleiding

Wat begon als een simpel verzoek om te helpen bij een training, groeide voor Meivogel uit tot een passie. “Mijn zoon begon met voetballen en toen kreeg ik van Frank Sparrenboom een netje met ballen in mijn handen gedrukt”, lacht hij. “Vanaf dat moment ben ik eigenlijk nooit meer gestopt. Ik ben iemand die graag organiseert en ondersteunt, en dat is binnen deze club alleen maar gegroeid.”

Inmiddels maakt Meivogel deel uit van het bestuur en houdt hij zich, samen met een team van jeugdcoördinatoren en sinds kort een Hoofd Jeugdopleiding (HJO), bezig met alles wat met de jeugd te maken heeft. “We hebben de afgelopen jaren veel opgebouwd. De jeugd heeft de toekomst, en daar willen we bij Rijnmond Hoogvliet Sport echt in investeren.”

De jeugd in beweging

Eén van de speerpunten van de club is het thema ‘jeugd in beweging’. Daarmee bedoelt Meivogel niet alleen letterlijk sporten, maar ook de groei van de hele jeugdafdeling. “We zijn als vereniging echt bezig om meer kinderen naar de club te trekken. Dat doen we met prestatie- én recreatieve elftallen, maar ook door allerlei activiteiten te organiseren. Denk aan toernooien, voetbalclinics of een kinderbingo. Iedereen is welkom — ook kinderen die nog geen lid zijn.”

De aanpak werpt zijn vruchten af. “Vijf jaar geleden hadden we nog velden over. Nu zitten we met vier velden vol, soms zelfs overbezet. Alleen al bij de mini’s lopen er veertig kinderen rond. Het lijkt soms wel een mierennest, maar dat is geweldig om te zien.”

Plezier blijft de basis

Ondanks de groei blijft plezier het fundament van de jeugdopleiding. “We willen dat ieder kind met plezier op zijn eigen niveau kan voetballen”, benadrukt Meivogel. “Er zijn kinderen die richting de hoofdklasse kunnen, maar ook jongens of meisjes die pas net beginnen. Voor iedereen moet er plek zijn.”

Dat vraagt soms om een zorgvuldige balans. “Je hebt altijd ouders die vinden dat hun kind een niveau hoger hoort te spelen. Dat hoort erbij,” zegt hij met een glimlach. “Maar wij zijn daar heel transparant in. Aan het eind van elk seizoen lichten we de indelingen toe. En omdat we al jaren met hetzelfde team van trainers werken, is er veel wederzijds vertrouwen.”

Groei in prestatie en kwaliteit

Naast plezier wil Rijnmond Hoogvliet Sport ook de kwaliteit omhoog trekken. De club ziet dat haar jeugdteams steeds vaker worden opgemerkt door profclubs. “Bijna elk jaar vertrekken er wel jongens naar Feyenoord of Sparta,” vertelt Meivogel. “Dat is natuurlijk het grootste compliment dat je als club kunt krijgen. Tegelijkertijd willen we ook talenten behouden die bij ons verder kunnen groeien.”

Om dat te bereiken, investeert de club volop in trainersopleidingen. “Vroeger deden er misschien vijf trainers mee aan een KNVB-module, nu zijn dat er meer dan twintig. Hoe beter de trainers, hoe beter de trainingen — en dus de ontwikkeling van onze spelers.”

Investeren in ontwikkeling

De groei van de jeugdafdeling vraagt ook om investeringen in faciliteiten. “We doen elk jaar mee aan de Grote Clubactie, waarmee we geld ophalen voor materialen. Zo kunnen we alle teams voorzien van goede goals, ballen en tenues,” legt Meivogel uit. “Daarnaast hebben we allerlei trainingshulpmiddelen — van touwladders tot springhekjes — zodat we trainingen uitdagend kunnen maken voor elke leeftijd.”

Ook wordt er naar de spelers zelf geluisterd. “We vragen de kinderen wat ze leuk vinden, wat ze meer willen doen. Je krijgt dan soms de leukste ideeën terug. Dat zorgt ervoor dat ze zich gehoord voelen en nog meer plezier hebben.”

Toekomst vol vertrouwen

Na de coronaperiode, waarin veel oudere jeugdteams verloren gingen, is de groei weer in volle gang. “Onze JO16 is flink gegroeid, en bij de JO14 zie ik jongens lopen waarvan ik denk: die kunnen over een paar jaar in het eerste elftal spelen,” zegt Meivogel trots. “De toekomst ziet er rooskleurig uit.”

Wat volgens hem het succes verklaart? “Het plezier spat eraf. De kinderen gaan met een glimlach naar de club, ouders raken steeds meer betrokken, en de saamhorigheid is groot. Dat is uiteindelijk waar je het allemaal voor doet.”

Klik op Rijnmond Hoogvliet Sport voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rijnmond Hoogvliet Sport voor meer informatie over de club.

‘Profvoetbal is door mijn knieën niet realistisch’

Na eerder assistent-trainer én techniektrainer te zijn geweest, staat Walterson van Drunen sinds dit seizoen bij de JO14 van RKDVC op eigen benen. Een rol die hem uitstekend ligt, al zou de voormalig jeugdspeler van Willem II liever zelf op het veld staan. Pijnvrij dan tenminste. “In augustus 2024 heb ik besloten om daar te stoppen, omdat het niet meer ging met mijn knieën.”

Een hard gelag, na negen jaar in de jeugdopleiding van Willem II. “Ik ben in totaal vier of vijf jaar geblesseerd geweest. Had altijd last van mijn knieën. Voetballen op hoog niveau, was daardoor niet meer realistisch.” Maar wat het nu precies is, weet Van Drunen (19) na al die jaren ook nog steeds niet. “Dat is heel onduidelijk. Ik voel als ik beweeg een steek en een drukkende pijn, in allebei mijn knieën.” Toch besloot de inwoner van Drunen om dit seizoen aan te sluiten bij het eerste van RKDVC. “De pijn voel ik nog steeds, maar het is te doen. En ik wil gewoon graag voetballen, dus dat heb ik er wel voor over.”

Leerzame lessen

Aanbiedingen van verschillende profclubs, liet hij de afgelopen maanden lopen, vertelt Van Drunen. “Het liefste zou ik dat doen, want mijn droom is nog steeds om profvoetballer te worden. Maar of dat realistisch is?” De vraag stellen, is hem waarschijnlijk beantwoorden. “Ik loop nog steeds dagelijks bij fysio’s rond en leef als een topsporter.” Inmiddels dus weer terug op het oude nest.

“Vanaf mijn vijfde tot met tiende, heb ik bij RKDVC gespeeld. Daarna ben ik naar Willem II gegaan.” Om vervolgens in de JO19, noodgedwongen te moeten stoppen. Hoe kijkt de rechtsbenige centrale verdediger terug op zijn tijd in Tilburg? “Je moet er heel veel voor over hebben. Dat is wel eens iets wat mensen vergeten. Je maakt lange dagen en het is echt niet altijd leuk.” Maar, zo voegt Van Drunen daaraan toe. “Qua stukje discipline, heb ik veel geleerd. Wat is er nodig? Ook in randzaken, zoals school. Juist zodat de focus optimaal op voetbal kan liggen.”

De jongeling spreekt dan ook van leerzame lessen. “Die neem ik mee voor de rest van mijn leven. Net als de mooie herinneringen. Daardoor word je gemaakt als persoon.” Lessen én herinneringen, die Van Drunen nu als trainer van de JO14, mee hoopt te geven aan zijn spelers bij RKDVC. “Een bepaalde discipline, probeer ik natuurlijk wel over te brengen op die jongens. Maar ook het om leren gaan met tegenslagen. Daar word je volwassener van.”

Hoe bevalt het hem tot nu toe als hoofdtrainer? “Je krijgt een bepaalde verantwoordelijkheid. Dat vind ik leuk. Al is dat, zeker met pubers, nog wel eens lastig. Gelukkig zijn ze wel heel erg gemotiveerd.” Ervaring, heeft Van Drunen wat dat betreft dan ook genoeg. “Afgelopen jaar heb ik mijn studie Sport en Bewegen afgerond, toen moest ik ook een jaar stage lopen.” Dat deed hij, niet geheel verrassend, bij RKDVC. “Ik ben twee seizoenen assistent-trainer geweest, bij de JO15 en de JO17, en ik ben een jaar techniektrainer geweest bij de JO8 en JO9.”

Dagelijks missen

Wat voor team is de huidige JO14? “Het zijn veel vrienden van elkaar. Die logeert met die, en die logeert met die.” Een voordeel, maar soms ook een klein nadeel, weet Van Drunen. “Daardoor hebben ze best wel speels gedrag.” Al is daar genoeg ruimte voor, vertelt hij. “Ik houd van grapjes maken. Behalve als we trainen, dan moet het serieus zijn.” En moeten zijn spelers op tijd zijn. “Voor iedere minuut dat iemand te laat is, moet iedereen een rondje lopen. Zodat ze elkaar daarop aan gaan spreken.” Een werkwijze, die zijn vruchten lijkt af te werpen. “Er komen altijd heel veel ouders kijken, dat geeft toch een stukje voldoening. En het geeft de bevestiging dat je het goed doet.”

Wat voor trainer is hij? “Een leergierige! Ik wil zelf graag leren, maar natuurlijk vooral die jongens wat leren. Ook tactisch, probeer ik ze al dingen bij te brengen.” Vooral door veel te voetballen. “We doen veel vormen waarbij ze na moeten denken. Altijd met een spelelement, zodat ze kunnen winnen.” Fanatisme, waar Van Drunen keer op keer van kan genieten. “Ik vind het vooral heel leuk om op het veld te staan en hun potentie te zien.” Want potentie, ziet hij genoeg. “Mijn doel is om die jongens hogerop te laten komen, én dat kunnen ze!”

Hoe gepassioneerd Van Drunen als trainer ook is, het zelf op hoog niveau voetballen, mist hij nog dagelijks. “Ik vind het training geven leuk, maar niet als vervanger. Het is leuk voor erbij. En om connectie te houden met het spelletje.” Want voor de verdediger, is het niet ‘maar gewoon voetbal’. “Veel mensen zeggen dat, maar dat was het niet voor mij. Ik was er iedere dag mee bezig.” Of hij dat straks als trainer ook ziet zitten, weet Van Drunen nog niet. “Misschien zou ik voor mezelf ooit een voetbalschool op willen richten, naast mijn vaste baan.” Een baan, waar hij nu hard voor aan het studeren is. “Ik zat eerst op het ROC in Tilburg, nu doe ik de hbo-opleiding Vastgoedkunde in Eindhoven.” Met de instelling, die hij als voetballer én als trainer, ook heeft. “Ik wil er het maximale uithalen!”

Klik hier voor meer artikelen van RKDVC
Klik hier voor meer informatie over RKDVC

izilindo Mendes da Silva: stille kracht en tweede aanvoerder bij Meeuwenplaat

Sizilindo Mendes da Silva is bezig aan zijn tweede seizoen bij Meeuwenplaat en heeft in korte tijd een vaste plek veroverd binnen de selectie. De 24-jarige creatieve middenvelder, die vaak als nummer tien speelt, draagt inmiddels de band van tweede aanvoerder. Een rol die past bij zijn rustige karakter én zijn groeiende invloed binnen het team.

Mendes da Silva zette zijn eerste voetbalstappen al op jonge leeftijd, geïnspireerd door zijn moeder die zelf ook voetbalde. Via jeugdopleidingen bij onder meer Rotterdam United, GLZ, Alexandria ’66 en Zwaluwen maakte hij de overstap naar het seniorenvoetbal. Bij Zwaluwen rook hij even aan het eerste elftal, maar trainerswissels, blessures en corona zorgden voor een grillige periode. “Toen voelde ik dat het tijd was voor een nieuwe stap.”

Die stap bracht hem eerst bij sv Poortugaal, waar hij via de Onder 23 uiteindelijk minuten maakte bij het eerste. Een echte doorbraak bleef echter uit. Via trainer Ronald van der Zalm kwam hij vervolgens bij Meeuwenplaat terecht. “Dat voelde meteen goed. Ik heb hier rust gevonden.”

Ondanks zijn introverte karakter heeft Mendes da Silva een duidelijke stem binnen de groep. Als tweede aanvoerder fungeert hij als schakel tussen spelers en staf. Op het veld onderscheidt hij zich met loopvermogen, spelinzicht en scorend vermogen vanuit het middenveld.

Na het kampioensjaar van vorig seizoen verloopt de huidige competitie moeizaam, maar zijn vertrouwen in de groep blijft groot. “De resultaten vallen tegen, maar de onderlinge band is sterker dan vorig jaar. Daar kunnen we op bouwen.”

Klik op de link voor meer artikelen over VV Meeuwenplaat
Klik op de link voor meer informatie over VV Meeuwenplaat

Span droomde van het eerste: ‘Hoopte daar zelf ooit te staan’

0

Na een promotie is het altijd even wennen — dat merkt ook derdeklasser Waspik. Na de succesvolle nacompetitie van vorig seizoen vallen de resultaten dit jaar tot nu toe nét te vaak de verkeerde kant op. Toch blijft Jent Span positief. “Als we zo blijven voetballen, komen de punten vanzelf.”

Die punten laten voorlopig nog op zich wachten, erkent Span (20). “In een aantal wedstrijden hadden we echt meer kunnen halen.” Dat lukte niet, vaak door details. “We krijgen regelmatig laat een tegengoal. Dat is ook gewoon pech.” Volgens hem is er maar één oplossing: blijven werken. “Keihard blijven gaan, ook om het vertrouwen vast te houden. We weten inmiddels dat we dit niveau aankunnen.”

Wennen aan een hoger niveau

Het verschil tussen de vierde en derde klasse bleek groter dan verwacht. “Dat hebben we misschien een beetje onderschat,” zegt Span. “Tegenstanders zijn technisch sterker. Vorig seizoen konden we veel ploegen na zeventig minuten kapot spelen. Nu moet je negentig minuten vol gas geven. Eén moment van verslapping en je wordt meteen afgestraft.”

De doelstelling is helder. “Handhaving staat voorop. Als dat lukt, kunnen we kijken of we richting het linkerrijtje kunnen.” Aan het niveau twijfelt hij niet. “We horen thuis in de derde klasse. Dat moeten we alleen nog bewijzen.”

Een promotie om nooit te vergeten

De promotie van vorig seizoen voelt nog altijd bijzonder. “Dat was echt een fantastisch jaar,” zegt Span, die toen zijn eerste seizoen bij de selectie draaide. “Als je dan meteen promoveert, is dat heel speciaal.” Lang deed Waspik mee om het kampioenschap, maar het werd uiteindelijk een tweede plek. “Achteraf was die promotiewedstrijd via de nacompetitie misschien nog mooier. Dat was de vetste wedstrijd die ik ooit heb gespeeld.”

Met bussen vol supporters langs de lijn werd het een dag om nooit te vergeten. “Iedereen die je kende was er. Zoiets maak je niet vaak mee.” Na een korte dip zette de ploeg snel de knop om. “We wisten dat promotie erin zat. Daar hebben we ons volledig op gefocust.”

Van jeugd naar mannenvoetbal

Voor Span zelf was het ook een jaar van aanpassen. “Ik kon op mijn zeventiende al naar het tweede, maar ben bewust bij de jeugd gebleven.” Een seizoen later maakte hij de stap naar het eerste. “Zonder verwachtingen. Gewoon alles geven.” Dat hij mocht blijven, voelde als een beloning.

De overgang naar het seniorenvoetbal was duidelijk merkbaar. “Je gaat van spelen tegen leeftijdsgenoten naar duels met gasten van in de dertig. Alles gaat sneller, harder.” Ook op training. “Als je daar niet vol gaat, val je meteen door de mand.”

Zijn rol binnen het team wisselde regelmatig. Van centrale verdediger tot rechtsback, linksbuiten en uiteindelijk weer middenveld. “Ik ben rustig aan de bal en vind het leuk om de opbouw te verzorgen.” Het liefst speelt hij op zes, al is dat niet altijd mogelijk. “Aan de zijkant heb je vaak net iets meer tijd.”

Een echte clubjongen

Wat zijn positie ook is, één ding staat vast: Span wil bij Waspik spelen. “Ik ben hier lid sinds ik geboren ben,” zegt hij lachend. “Mijn ouders hebben hier ook gevoetbald. Ik ben ermee opgegroeid.” Als kind keek hij langs de lijn naar het eerste elftal. “Dan hoopte je daar ooit zelf te staan. Dat dat nu werkelijkheid is geworden, blijft bijzonder.”

En met dat gevoel én vertrouwen blijft Span strijden voor lijfsbehoud. “Als we blijven doen wat we nu doen, gaat het onze kant op vallen.”

Klik hier voor de gepersonaliseerde clubpagina van Waspik

Poortugaal droomt voorzichtig verder: ‘Het is nog een lange weg, maar we gaan er vol voor’

Bij SV Poortugaal blijft het vizier strak op de vierde divisie gericht. De ploeg van trainer Oscar Biesheuvel staat momenteel bovenaan, heeft de eerste periodetitel al op zak en draait een seizoen waar de achterban stilletjes van begint te dromen. Toch blijft één iemand opvallend nuchter: middenvelder Jesse Vermaat, die in zijn eerste seizoen meteen een vaste waarde én publiekslieveling is geworden. Hij praat uitvoerig over het kampioenschap, de concurrentie en het gevoel binnen de ploeg.

‘Nog veel te vroeg om over een titel te praten’

Wie Vermaat ook maar probeert te verleiden tot grote uitspraken, vist achter het net. Poortugaal staat er uitstekend voor, maar de 23-jarige nummer tien wil vooral niet te vroeg juichen. „Het is nog een lange weg te gaan,” begint hij. „Ik ga niet zeggen: we worden kampioen, want dat is veel te ver weg. Maar we gaan natuurlijk wel met het team ons uiterste best doen om te kijken of we aan het einde van het seizoen met die prijs staan.”

Dat de ploeg de eerste periode binnensleepte – in de knetterende derby tegen Smitshoek – zorgde voor euforie, maar geen gemakzucht. „We weten dat we sowieso nacompetitie spelen, dat is fijn. Maar je kunt dan denken: we zitten toch goed. Of je denkt: juist nu moeten we doorzetten. Iedereen binnen de ploeg kiest voor dat tweede. De focus ligt op het kampioenschap.”

Stabiliteit, beleid en teamspirit

Wat opvalt in alles wat Vermaat vertelt: het gevoel binnen de selectie. Poortugaal heeft geen sterrenensemble maar een hecht elftal dat al langer samenspeelt, aangevuld met gericht gehaalde versterkingen. „Ik vind echt dat we een team zijn,” legt hij uit. „Er zijn genoeg ploegen waarbij je merkt dat het nog niet staat, maar bij ons is het anders. De club doet het goed, spelers blijven, en alleen op specifieke posities wordt er gericht iets bijgehaald. Je merkt dat jongens onderling goed zijn met elkaar, buiten het veld ook. Dat zie je terug in hoe we spelen.”

De sfeer is minstens zo belangrijk als het spel zelf. „Op trainingen is het serieus, maar ook gezellig. We zien elkaar niet alleen op zaterdag, maar ook door de week, of in de stad. Er is veel contact. Dat maakt zo’n groep sterk.”

Resultaten helpen – maar ook tegenslag wordt snel verwerkt

Het draait, de punten worden gepakt en Poortugaal staat bovenaan. Dat helpt. Maar volgens Vermaat schuilt de ware kracht in hoe de ploeg omgaat met mindere momenten.
„We hebben dit seizoen ook wedstrijden gehad waarin we punten lieten liggen. Dan zie je soms even de andere kant van het team. Maar iedereen schakelt snel door. We kijken wat beter moet en daarna direct weer vooruit. Dat vind ik een sterke eigenschap van deze ploeg.”

De middenvelder kwam afgelopen zomer over van SCO, werd in recordtempo basisspeler en verlengde al voor volgend seizoen. Niet gek, gezien het perspectief dat Poortugaal biedt. „Het plan van de club, de spelers die blijven, de jongens die ze willen halen… dat geeft mij echt vertrouwen richting de toekomst.”

Spannende strijd bovenin: ‘Smitshoek gaat lang meedoen’

Met concurrenten als XerxesDZB, Jodan Boys en HBS is het bovenin ongekend spannend. De vraag wie de grootste uitdager wordt, vindt Vermaat lastig te beantwoorden.
„We hebben Jodan Boys nog niet gehad. Die begonnen minder maar staan nu alweer derde, dus daar kan ik nog weinig over zeggen. Maar ik vind zelf dat Smitshoek tot het einde wel bovenin mee blijft doen.”

Het belooft dus een lange, zware strijd te worden in de vierde divisie. Maar Poortugaal heeft de koppositie, de periode én het geloof in elkaar.

Vermaat zelf? Die geniet, maar bewaart de rust. „Ik ben blij dat ik bij dit team hoor en dat ik betrokken mag zijn bij het verhaal richting een mogelijk kampioenschap. Maar eerst gewoon elke week onze punten pakken. Daarna zien we wel waar we staan.”

Klik op Poortugaal voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Poortugaal voor meer informatie over de club.

Timo Versteeg blijft trouw aan ‘zijn’ Rijsoord

Hij is pas 21 jaar, maar speelt al jarenlang in het eerste elftal van Rijsoord. Timo Versteeg ademt de club. Als geboren en getogen Rijsoordenaar maakte hij de hoogte- én dieptepunten van dichtbij mee, maar één ding veranderde nooit: zijn liefde voor de vereniging. “Ik ben hier opgegroeid, dit is mijn tweede thuis.”

Van jongs af aan bij de club

Timo hoeft niet lang na te denken als hij wordt gevraagd naar zijn eerste stappen bij Rijsoord. “Ik ben geboren in Zwijndrecht, maar woon al mijn hele leven in Rijsoord. Zodra ik geboren werd, stond ik eigenlijk al langs de lijn. Mijn broer voetbalde hier, dus ik liep als klein jongetje al op het sportpark rond,” vertelt hij met een glimlach. “Op mijn vijfde of zesde ben ik zelf gaan voetballen. Sindsdien ben ik nooit meer weggegaan. Door hard te werken en altijd te blijven geloven in mezelf, speel ik nu al een paar seizoenen in de selectie. Daar ben ik best trots op.”

Een jongen van de club

Versteeg is het toonbeeld van een echte clubjongen. “Ja, ik ben echt een jongen van de club,” zegt hij stellig. “Ik ben hier begonnen, ik geef training bij de jeugd en ik doe mijn best om iets terug te geven. Het is mooi om jonge gasten die ik training geef, later bij het eerste te zien aansluiten. Dan besef je pas echt hoe sterk de band binnen de club is.”

Over zijn speelstijl hoeft Timo niet lang na te denken. “Ik ben een scherpe verdediger, een beetje van de oude stempel. Denk aan iemand als Jaap Stam: hard in de duels, veel inzet, veel positiviteit. Ik hou van eerlijk en fel voetbal. Alles geven voor het team, dat vind ik het belangrijkste.”

Jong team met toekomst

Het huidige eerste elftal van Rijsoord bestaat uit veel jonge spelers, iets waar Timo juist kracht in ziet. “We hebben een jong team, met weinig ervaring, maar wel heel veel potentie. De club heeft bewust gekozen om de komende jaren meer jongens uit de eigen jeugd in het eerste te laten doorstromen. Dat is een toekomstplan waar ik helemaal achter sta,” vertelt hij enthousiast. “Een paar jaar geleden speelden we nog hoofdklasse, nu zitten we in de derde klasse. Natuurlijk is dat sportief gezien een stap terug, maar ik vind het juist mooi dat we bouwen aan iets nieuws. Je ziet nu weer meer bekende gezichten op het veld. Dat is goed voor het team én voor de binding met het publiek.”

Blijven ondanks tegenslagen

De laatste jaren kende Rijsoord een aantal degradaties, maar Versteeg bleef de club trouw. “Tuurlijk is dat frustrerend. Je hebt echt wel momenten dat je denkt: het is weer hetzelfde verhaal, het lukt weer niet. Maar dan komt toch dat gevoel van loyaliteit naar boven. Je bent een kind van de club en je wil blijven vechten voor de kleuren die je altijd hebt gedragen,” zegt hij. “Voetballen doe je met je hart. En als de technische commissie een goed plan heeft voor de toekomst, dan wil ik daar graag mijn steentje aan bijdragen. Ik heb vertrouwen in wat er komt, ook al kost het tijd.”

Rijsoord als familie

Het dorpsgevoel binnen Rijsoord is iets waar Timo veel waarde aan hecht. “Rijsoord is echt een dorpsclub. Gezelligheid, saamhorigheid, iedereen kent elkaar. In de kantine is het altijd leuk, er hangt een positieve sfeer. En wat ik mooi vind: het maakt niet uit waar je vandaan komt. Iedereen wordt hier hetzelfde behandeld, of je nou uit Rotterdam-Zuid komt of gewoon uit het dorp. We zijn één familie en we doen het met z’n allen.”

Vrijwilligers spelen daarbij een sleutelrol, benadrukt hij. “Zonder vrijwilligers geen club. Wij hebben het geluk dat er bij Rijsoord nog heel veel mensen zijn die zich met hart en ziel inzetten. Van trainers tot kantinemedewerkers – iedereen draagt zijn steentje bij. In de afgelopen tijd zijn er helaas wat clubiconen weggevallen, maar je ziet dat er meteen nieuwe mensen opstaan om het over te nemen. Dat zegt alles over de mentaliteit hier.”

Trots en dankbaar

Na al die jaren is Timo nog steeds trots dat hij het blauw-wit van Rijsoord mag dragen. “Ik heb er hard voor gewerkt om hier te komen en ik geniet er nog elke week van. Dit is mijn club, mijn vrienden, mijn familie. Daar doe je het voor,” zegt hij.
Tot slot wil hij graag nog één ding kwijt: “Een dikke pluim voor alle vrijwilligers. Zij zorgen ervoor dat de club blijft draaien en dat wij kunnen doen wat we het liefste doen: voetballen voor Rijsoord.”

Klik op VV Rijsoord voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Rijsoord voor meer informatie over de club.

Slikkerveer groeit door: “We moesten wel uitbreiden, anders pasten we niet meer op ons eigen complex”

Voetbalvereniging Slikkerveer is de afgelopen jaren flink gegroeid en dat is te zien op het sportpark aan de Anjerstraat. De club heeft de afgelopen maanden fors geïnvesteerd in het complex: zes nieuwe kleedkamers, een vernieuwde kantine, nieuwe meubels, een verse overkapping en hopelijk binnenkort ook een derde kunstgrasveld. Voorzitter Fred Vlasblom vertelt met gepaste trots over de metamorfose bij de Ridderkerkse vereniging.

“De groei van onze club maakte het gewoon noodzakelijk,” begint Vlasblom. “We zagen al een paar jaar dat het aantal leden bleef toenemen. Dat is natuurlijk fantastisch, maar op een gegeven moment liepen we tegen onze grenzen aan. Je kunt niet blijven schuiven met kleedkamers en velden. Als je iedereen de ruimte wilt geven om te trainen, om te douchen en gewoon lekker te voetballen, dan moet je investeren.”

Bouw met de club

De bouw van de zes nieuwe kleedkamers is volgens Vlasblom het paradepaardje van de vernieuwing. “We hebben dit grotendeels zelf van de grond gekregen,” legt hij uit. “Met obligaties die we destijds hebben uitgegeven, wat eigen vermogen en vooral een geweldige bouwploeg van vrijwilligers. Zoeteman Bouw heeft de basis neergezet, en onze eigen mensen hebben het daarna afgebouwd. Daar mogen we als vereniging echt trots op zijn.”

De plannen zijn niet nieuw. “Dit traject is eigenlijk begonnen toen Rinus Hitzert nog voorzitter was,” vertelt Vlasblom. “Hij zag samen met het toenmalige bestuur al aankomen dat we uit onze jas aan het groeien waren. Dankzij die vooruitziende blik zijn we nu zover gekomen.”

Kunstgras op komst

De volgende stap is het derde kunstgrasveld, al is dat nog even spannend. “Dat ligt nu bij de gemeenteraad van Ridderkerk,” zegt Vlasblom. “We hopen deze maand groen licht te krijgen. We hebben alle partijen in onze bestuurskamer uitgenodigd om te laten zien wat Slikkerveer betekent voor de gemeenschap: hoeveel jeugd hier voetbalt, hoeveel vrijwilligers zich inzetten. We hebben laten zien dat we het nodig hebben – en dat we het verdienen.”

Met een glimlach voegt hij toe: “Iedereen reageerde positief. Alleen de SGP was wat terughoudend, maar zelfs met die meneer hebben we een goed gesprek gehad. We hebben uitgelegd dat we nu op zaterdag spelen in plaats van zondag. Dat vond hij mooi om te horen.”

Vernieuwde kantine en warm clubgevoel

Niet alleen de kleedkamers en velden krijgen aandacht: ook de kantine is flink aangepakt. “De buitenkant was verouderd,” vertelt Vlasblom. “Het hout begon te rotten, dus dat hebben we helemaal vernieuwd. We hebben een nieuwe overkapping geplaatst, de kantine binnen opnieuw ingericht met nieuwe meubels — alles is fris en modern. Het geeft de club weer een professionele uitstraling.”

Toch benadrukt hij dat Slikkerveer meer is dan bakstenen en gras. “We hadden afgelopen week onze ‘Warm Gevoel-avond’,” zegt hij trots. “Daar verwelkomden we zeventig nieuwe leden met hun ouders. We gaven ze allemaal een goodiebag, een bal en een boekje waarin ze hun eerste goal kunnen noteren. We willen dat iedereen dat Slikkerveer-gevoel krijgt. Dat is wat onze club sterk maakt.”

Vrijwilligers en verbondenheid

Met groei komt ook een uitdaging: het vinden van vrijwilligers. “Dat is onze volgende grote stap,” legt Vlasblom uit. “We willen ouders en leden nog meer betrekken bij het clubleven. Zonder vrijwilligers geen club, zo simpel is het. En als je ziet hoe mooi ons complex nu wordt, dan is dat ook een uithangbord. Mensen willen graag iets bijdragen aan iets waar ze trots op kunnen zijn.”

Vrienden van Slikkerveer

De voorzitter prijst ook de steun van de Stichting Vrienden van Slikkerveer, die met donaties veel mogelijk maakt. “Dat is ooit begonnen met vijftig vrienden, inmiddels zijn het er al zestig,” vertelt hij. “Zij helpen ons elk jaar weer om nieuwe dingen te realiseren. Dat is goud waard.”

Ondanks de verbouwingen blijft Vlasblom ook naar het sportieve kijken. “We zijn derdeklasser en de start was wat stroef, maar we hebben nu twee wedstrijden op rij gewonnen. De sfeer is goed, de groep is leuk en het fundament van de club is sterker dan ooit. Dat geeft vertrouwen voor de toekomst.”

Klik op SV Slikkerveer voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Slikkerveer voor meer informatie over de club.

WSC moet wennen in de tweede klasse: ‘Een stapje beter’

Een mooi jaar, bekroond met promotie naar de tweede klasse. En een tripje naar Ibiza. Kortom, bij WSC zaten ze er afgelopen seizoen lekker in. En dus hoopt Jop Daems dat ze in Waalwijk die lijn, ook op een niveau hoger, door kunnen trekken. “Het is voorlopig nog wel even wennen.”

Want na een jaar waarin bijna alles werd gewonnen, WSC eindigde na 26 wedstrijden met 58 punten op een tweede plaats, is de start voorlopig stroef. In de tweede klasse dus. “Het gaat nog niet zo super…” Hoe dat komt? De 21-jarige Daems heeft er wel een antwoord op. “Twee oudere jongens bij ons zijn gestopt, dat is een flink verschil. En we maken de kansen niet af. Net als twee jaar geleden.” Ook toen speelde de ploeg uit Waalwijk namelijk in de tweede klasse, maar degradeerde het. “Tegenstanders zijn sneller én meer fysiek. Iedereen is net een stapje beter.”

Stand verplicht

In vergelijking met de derde klasse dus. Het niveau waarop WSC afgelopen seizoen met succes uitkwam. “Dat is zeker een mooi jaar geweest! Het is jammer dat we het niet kunnen herbeleven.” En niet voor niks, lacht Daems. “Als kers op de taart, gingen we ook nog een weekendje naar Ibiza.” Want, zo vertelt hij. “Een vader van iemand uit ons team, had dat aan het begin van het seizoen op een bierviltje geschreven. Voor als we zouden promoveren.” Zo geschiedde.

Al kostte het de nodige moeite, is de inwoner van Waalwijk eerlijk. “Ons doel was kampioen worden. Met ons team, waren we dat ook eigenlijk wel aan onze stand verplicht.” Toch lukte dat uiteindelijk dus niet. “We waren in principe de beste, maar hebben het zelf weggeven. Onder meer met domme fouten.” Met één punt minder dan kampioen SVW, waren de druiven dan ook zuur. Zou je zeggen. “Tuurlijk was dat jammer, maar iedereen heeft toen heel snel de knop omgezet. Omdat we zeker wisten dat we die nacompetitie gingen winnen. En achteraf, was dat misschien nog wel leuker dan kampioen worden…”

Zak geld

Zaak om dat goede gevoel, na de moeizame start van dit seizoen, snel weer terug te vinden. “Van de tegenstanders die we tot nu toe hebben gehad, hadden we eigenlijk niet hoeven te verliezen. Dus ik heb er alle vertrouwen in dat het goed gaat komen. Maar dat heb ik eigenlijk altijd wel.” Waar zetten ze bij WSC op in? “Ons doel is middenmoot. En ik denk zeker dat dat kan!” Maar vanzelf, zal dat niet gaan, weet ook Daems. “We moeten onze kansen afmaken en zorgen dat we de doelpunten niet te makkelijk tegenkrijgen. Want voor je het weet, ligt die bal zo aan de andere kant in het net.”

Iets wat hij als centrale verdediger, moet zien te voorkomen. “Ik ben absoluut niet snel en moet het vooral van mijn passing, overzicht en duelkracht hebben.” Kwaliteiten, waar ze op Sportpark Eikendonk al heel wat jaar van kunnen genieten. “Vanaf mijn vierde voetbal ik bij WSC. Dicht bij huis en alles klopt.” Onder meer door zijn vrienden. “En het is de hoogst spelende club in de regio.”

Vertrekken, zal Daems derhalve niet zo snel doen. “Alleen voor een flinke zak geld zou ik misschien weggaan, haha! WSC is gewoon mijn club en al mijn vrienden voetballen hier.” Kortom. “Ik voetbal puur voor mijn plezier. Vroeger dacht ik nog dat het leuk zou zijn om profvoetballer te worden, maar dat heb ik nu niet meer.” Zijn geld, verdient Daems inmiddels dan ook op een andere manier. “Als dakdekker. Ik ben nog jong, dus voorlopig heb ik daar geen last van tijdens de voetbal!”

Klik op WSC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op WSC voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.