Home Blog Pagina 1300

‘Sportvereniging SAB is één grote familie’

Als 28-jarige is Marco van Helden al de ‘opa’ van de selectie van sportvereniging SAB. De aanvoerder voelt zich als een vis in het water binnen het eerste elftal, dat na enkele fantastische jaren nu vecht voor behoud in de derde klasse.

Nauwkeurig kiest hij zijn woorden. “Ik denk goed na voor ik wat zeg”, beschrijft Marco van Helden zijn stijl als aanvoerder. “Daarom ben ik in het veld misschien niet de allerbeste aanvoerder, maar daarbuiten wel een regelaar, iemand die voor binding probeert te zorgen in het team. Als we iets gaan doen met de selectie, ben ik ook meestal wel een van de gasten die het organiseert.”

SAB is zijn club. Zijn vader speelde jarenlang het reguliere voetbal aan de Ruitersboslaan en trapt nu nog een balletje in het Walking Football-team, zijn moeder vervult al zolang Van Helden weet allerlei vrijwilligersfuncties binnen SAB en hij loopt er zelf ook al van kleins af aan rond. “Het is één grote familie hier, dat vind ik heel prettig. Iedereen kent elkaar.” Hij ziet de Bredase club stappen zetten, niet alleen op voetballend gebied, maar ook qua naam. “Het is niet zo’n grote prijs, maar we hebben de Fair Play-cup bijvoorbeeld gewonnen. Dat zegt al wel iets.” Die Fair Play-cup is een initiatief van scheidsrechtersvereniging Breda, de sportiefste club op basis van statistieken krijgt deze prijs.

Op voetbaltechnisch gebied ziet Van Helden ook zeker een stijgende lijn. “Binnen de jeugd hebben ze nu een voetbalacademie en die zorgt voor een hoger niveau. Dat niveau groeit weer naar dat van ons vroeger, er zit een idee achter. Wij hebben altijd in de hoofdklasse en zelfs derde divisie gespeeld in de jeugd.” Hij is zelf ook lange tijd trainer geweest van een jeugdteam. “Hartstikke leuk om te doen, maar niet meer te combineren met mijn werk in Rotterdam. Overigens vind ik het ook typerend voor SAB dat veel spelers iets doen binnen de jeugd, de binding is groot.”

De gymleraar geniet ook van de ontwikkeling van zijn eigen team. “We zijn een vriendengroep, de sfeer onderling is echt heel goed. We knokken voor elkaar, hebben in de afgelopen seizoenen mooie stappen gezet. De wijze waarop, vond ik vooral heel goed. Iedereen was belangrijk, we konden niemand missen. We hebben soms mooi voetbal gespeeld, maar als dat niet lukte, knokten we tot het einde voor de punten.”

Twee promoties in twee seizoenen tijd: dat SAB nu vecht voor behoud, is een logisch gevolg. “Het is wel heel snel gegaan.” Maar Van Helden heeft vertrouwen in zijn medespelers. “We laten in elke wedstrijd minimaal één helft zien dat we goed genoeg zijn, dat moeten we alleen langer vast kunnen houden. Ik denk wel dat we daartoe in staat zijn. We hebben er wat versterkingen bijgekregen afgelopen zomer, daar moeten we even aan wennen. Als dat eenmaal in elkaar valt en we in een flow terechtkomen, gaat het wel weer lopen.”

Duo-voorzitterschap functioneert bij ZBVH

Na het aftreden van Rien van der Wal als voorzitter en de tijdelijke invulling als interim-voorzitter door Bas van Leeuwen vaart het bestuurlijke schip bij de Zuid-Beijerlandse voetbalvereniging ZBVH inmiddels al enige tijd onder leiding van twee kapiteins: Vincent Bakker en Jasper Lems. Een duo- voorzitterschap dat goed bevalt en prima werkt.

Rien van der Wal was jarenlang het bestuurlijk boegbeeld van ZBVH, maar besloot vanwege drukte in de werk- en gezinssituatie zijn taken neer te leggen. De tijdelijke invulling door Bas van Leeuwen gaf vervolgens gelegenheid tot nadenken over de verdere invulling van de bestuurlijke taken en daar kwam uiteindelijk een duo-voorzitterschap uit, gedragen door Vincent Bakker en Jasper Lems.

,,We hebben er destijds voor gekozen om het voorzitterschap zo in te vullen, omdat we onszelf allebei nog erg jong vonden om zelf de kar te trekken. Na lang beraad hebben we besloten om het samen te doen’’, gaf Jasper Lems onlangs aan. ,,Achteraf moet je stellen dat Vincent en ik de juiste keuze hebben gemaakt. Het is fijn om een klankbord te hebben op bestuurlijk gebied. En met twee voorzitters is er altijd iemand bereikbaar die een klap op beslissingen kan geven.’’

Het tweetal Vincent Bakker en Jasper Lems was al diep geworteld in de club, waarvan zij al lange tijd lid waren. Voordat zij besloten het voorzitterschap in duo-vorm in te gaan vullen, liepen zij al een periode mee als bestuurslid. Vincent Bakker was ruim drie jaar betrokken bij de sponsorcommissie, waarin zijn taak na het doorschuiven naar het voorzitterspluche werd ingenomen door Thierry Cornelissen.

In de taakverdeling focust Vincent Bakker zich vooralsnog op externe zaken, terwijl Jasper Lems de interne zaken voor zijn rekening neemt. Lems maakt daarbij ook nog deel uit van de eerste selectie van zaterdag-vierdeklasser ZBVH. ,,Belangrijk is dat als ik op het veld sta, ik me dan ook echt op het spelen kan richten . De taak van voorzitter ligt dan bij een ander. Dat we als duo-voorzitter fungeren, geeft dan ook rust.’’ Lems speelt vooral in het tweede team en als invaller bij de hoofdmacht. ,,Voor mezelf staat voetbal nog steeds op één. Ik vind het nog steeds leuk om zelf te ballen.’’

De eerste periode van samenwerking op voorzittersvlak is goed bevallen. Lems: ,,De grootste veranderingen zijn achter de schermen geweest. Voor de toekomst willen we de lijn doorzetten, meer mensen erbij betrekken. Sinds we zijn aangetreden, hebben zich steeds meer jonge mensen gemeld. Dat is een mooie ontwikkeling. Op sportief gebied willen we met ZBVH zo hoog mogelijk meedraaien in de vierde klasse. Promotie? Dat is geen must. Lukt het niet, dan is het geen ramp.’’

In het bestuur traden naast Vincent Bakker en Jasper Lems ook Thierry Cornelissen, Bente van Gameren en Eelco Reedijk toe. Cornelissen neemt naast sponsorzaken ook de scheidsrechters onder zijn hoede, Bente van Gameren is vertegenwoordigster van het meiden- en vrouwenvoetbal, terwijl Eelco Reedijk de verbinder is tussen bestuur en selectie.

Johan Peper moet de jeugdopleiding van FC Rijnvogels gaan ‘opfrissen’

Op het grote bord in de vergaderruimte van het bijgebouw op sportpark De Kooltuin staan wel twintig voetbaltermen. Johan Peper, de nieuwe hoofd jeugdopleidingen van FC Rijnvogels, is niet beroerd om ze één voor één op te sommen. “Scherper spelen, dekken, knijpen, diepte zoeken.” Zo gaat hij nog een tijdje door. 

“Dat begrijpen kinderen van zeven, acht, negen jaar toch niet”, reageert Peper. “Alles is samen te vatten in aanvallen groot en verdedigen klein.”

Als het aan Peper ligt spreken alle trainers van de Katwijkse club weer snel de begrijpelijke taal. Met kreten uit het vakjargon moet het maar snel afgelopen zijn. “Helemaal mee eens”, zegt trainster Wilma Plokker, die zich voor de training van de mini’s, even meldt in de trainerskamer. “We zijn als club op een gegeven doorgeslagen naar het verkeerde. Op de eerste plaats stond prestatie en dan pas kwamen zaken als zelfvertrouwen en plezier. Begin bij de jongste jeugd met plezier, geef ze een bal. Dat competitie-element wordt zwaar overschat.”

Peper hoort het instemmend aan. “Het is belangrijk dat er een omslag in denken komt bij deze club.” De vijftiger, die hoofdtrainer was bij SVOW, Zestienhoven, HPSV en Houtwijk en daarnaast bij veel clubs een goede jeugdopleiding neerzette, moet de jeugdtak van nieuw elan voorzien. “De boel opfrissen”, noemt hij het zelf. “Door wat voor reden dan ook functioneerde het de laatste jaren allemaal wat minder goed. Zo’n periode maakt iedere club wel eens mee. Er is durf en moed voor nodig om dingen te willen veranderen. Het bestuur heeft ingezien dat het tijd was voor verandering.”

Elftalletjes en spelertjes lopen er genoeg op De Kooltuin. “Het was iedereen voor zichzelf”, zegt Peper. “Er was weinig structuur en organisatie. Toen de teams na afloop van vorig seizoen de ballen moesten inleveren werden er honderdveertig ballen minder geteld. Dat gebeurt onder mijn leiding niet meer”, is hij stellig.

De neuzen dezelfde richting op krijgen is zijn eerste, belangrijke taak. Trainers moeten niet alleen dezelfde taal spreken, maar ook hetzelfde doen op het trainingsveld. “Er zijn er altijd bij die in eerste instantie de kont tegen de krib gooien”, vult Wilma Plokker aan. “Die kunnen moeilijk tegen verandering. Ik ben enthousiast. Er moeten zaken veranderen en goed ook.”

Het niveau, waarop de jeugdteams bij Rijnvogels spelen, is niet om over naar huis te schrijven. Peper: “De meeste hoogste teams spelen in de tweede klasse, de JO14-1 speelt in de eerste klasse. Het niveau is niet zaligmakend, wel de manier waarop we voetbal spelen.”

Volgens Peper is FC Rijnvogels nu vaak een opleidingsinstituut van de grotere clubs in de regio. “Een spelertje die opvalt kan zo naar Quick Boys of Katwijk. We maakten het die clubs soms ook wel heel makkelijk door oefenwedstrijden te organiseren. Doen we niet meer. Ik misgun niemand een overgang naar een andere club, maar we gaan onze spelers niet in de etalage zetten.”

Het maakt allemaal onderdeel uit van een groter plan om de voetbalopleiding bij de ‘Kooltuinstrijders’ te verbeteren. “Ik heb een technisch plan geschreven dat als leidraad moeten fungeren van hoe we het de komende jaren gaan doen”, gaat Peper verder. “In dat plan staat alles, van speelstijl tot trainingsopbouw. Nu moeten we de juiste poppetjes op de juiste plek krijgen. Dat wordt een gigantische uitdaging. Ik wil zo snel mogelijk aan de slag met een groep van tien, vijftien jonge trainers die we zelf opleiden. Het bestuur heeft daar zijn goedkeuring voor gegeven. Dat is weer een stap in de goede richting.”

Theole is trots op haar bloeiende meisjesafdeling

De aanwas van meisjes heeft het ledenaantal van Theole de laatste jaren een flinke boost gegeven. Bij de Tielse club is men enorm trots op de hoeveelheid jongedames die zich wekelijks uitleven op sportpark Drumpt.

Het is zaterdagmiddag en erg druk op sportpark Drumpt. Rondom de voetbalvelden op dit grote voetbalcomplex wemelt het van de ouders, opa’s, oma’s en kleine kinderen, die als supporters aandachtig kijken naar de verschillende jeugdwedstrijden. Diverse jongensteams nemen het hier tegen elkaar op, maar van de speelsters van Theole MO17-1 ontbreekt ieder spoor. Het VoetbalJournaal is tevergeefs speciaal naar Tiel gereisd om het talententeam van de geel-zwarten om 13.00 uur aan het werk te zien, zo vertelt men in de bestuurskamer. Tegenstander vv Beesd had te weinig speelsters om aan de aftrap te verschijnen en dus kon er een streep door het duel. “Maar hier heb je een kop koffie, dan vertel ik je van alles over onze bloeiende meisjesafdeling”, zo zegt de enthousiaste Patrick van Zandwijk, leider en trainer van de Theole MO15-1 in het knusse clubgebouw.

Theole telt acht meisjesteams, verdeeld over de categorieën onder elf, onder dertien (twee teams), onder vijftien (twee teams) en onder zeventien. Daarnaast telt de club één damesteam en ook nog een speciaal 30-plus team. Genoeg smaken dus voor meisjes en dames uit Tiel en omgeving die het leuk vinden om een balletje te trappen. “De aanwas van meisjes heeft het ledenaantal van Theole de laatste jaren een flinke boost gegeven”, zegt Van Zandwijk. “Daarvoor geef ik graag de credits aan Danny Verhoef. Hij had door dat er voor Theole kansen lagen om de meisjestak van de club een flinke impuls te geven en heeft veel energie gestoken in deze uitdaging. Het succesvolle EK voor dames in eigen land in 2017 kwam ons natuurlijk ook mooi uit. Enthousiaste meiden brachten hun vriendinnetjes mee en die vroegen op hun beurt ook om weer meiden om mee te gaan naar Theole. Inmiddels hebben we in bijna elke leeftijdscategorie minimaal één team ingeschreven voor de competitie en ons streven is om ook op lange termijn te starten met een MO19 en teams voor de allerkleinsten. Nu spelen sommige meiden nog tussen de jongens, wat overigens niet zo erg is. Daar leren ze van.

In totaal hebben we ongeveer 75 voetballende meisjes en dames bij de club.” Als coach moet je meisjes heel anders benaderen dan jongens, zo weet Van Zandwijk uit eigen ervaring. “Je moet engelengeduld hebben en ik voel me soms de papa van al mijn speelsters”, grapt de trainer. “Het werkt als je meiden positief benadert en als trainer moet je inlevingsvermogen tonen, want sommige speelsters willen graag dingen met je bespreken waar ze mee zitten.” Verder benadrukt Van Zandwijk dat het vooral erg leuk is om coach te zijn van een meidenteam. “De meiden zijn fanatiek, vrolijk én we hebben hier veel talent rondlopen, want scouts weten Theole ook te vinden. Verder zorgt de aanwezigheid van meiden voor diversiteit en veel gezelligheid in de kantine, dat is leuk voor de hele club.”

Jesper Imamse gedijt in allroundersrol bij Kagia

Bij Kagia is het dringen voor een plaats op het middenveld. Jesper Imamse (24) is door de toegenomen concurrentiestrijd verhuisd naar de rechtsbuitenpositie van de Lisserbroekse hoofdmacht. “Je hoort mij niet klagen hoor.”

Kagia maakte in de competitie een vliegende start in de derde klasse. De eerste periodetitel is inmiddels binnengehaald door Imamse en zijn ploeggenoten. “Het is nu zaak om deze lijn vast te houden”, reageert de ranke speler, kort nadat Kagia IJmuiden in de pan heeft gehakt (5-1). “Tot nu toe hebben we nog echt veel tegenstand ondervonden, maar de competitie is nog lang. We wandelen heus niet naar het kampioenschap. Andere ploegen gaan het ons nog wel moeilijk maken. Ik kan me niet voorstellen dat we deze reeks nog eens acht wedstrijden volhouden,” voorspelt hij.

De komst van een nieuwe trainer, René Ras, heeft Kagia nieuwe benzine gegeven, lijkt het. “Het is goed dat er een frisse wind waait. Anton Wijsman, onze vorige trainer, heeft het goed gedaan, maar vier jaar is lang. Het is goed dat er dan iemand komt die met een andere blik naar voetbal en het team kijkt. Iedereen is weer een beetje wakker gemaakt.”

Onder Ras, die onlangs zijn contract in Lisserbroek verlengde tot en met de zomer van 2020, is Kagia aanvallender gaan voetballen. Het 4-4-2 systeem is ingeruild voor een 4-3-3 concept. “We zijn veel dreigender naar voren toe”, zegt Imamse over het resultaat van die keuze. “Vorig seizoen hadden we moeite om tegenstanders onder druk te zetten en te houden.”

Voor Imamse, die in de leliekwekerij van zijn vader werkt, had het overstappen naar een ander systeem wel consequenties. Hij verloor zijn plek op het middenveld. Zelf ziet hij dat niet zo. “We hebben een bredere selectie gekregen. We hadden al de nodige middenvelders en daar zijn er nog een paar bijgekomen. In dit systeem vindt de trainer mij het beste passen aan de rechterkant van de aanval. Ik vind het prima. Ik heb weliswaar een voorkeur om als middenvelder te spelen, maar vind het geen straf om op de rechtervleugel te spelen. Je bent als aanvaller alleen wat meer afhankelijk van de toevoer van achteruit. Als middenvelder heb je veel meer invloed op het spel. Je bent meer de spin in het web.”

“Mijn voordeel is dat ik multifunctioneel ben. Dat kun je als kracht zien, maar je kunt het ook uitleggen dat ik op veel posities net niet goed genoeg ben.”

Bescheiden als hij is, voelt Imamse zich echter voor geen klusje te groot. “Ik ben geen topper”, zegt hij over zichzelf. “Ik moet het hebben van hard werken. Dat is mijn kwaliteit. Bij FC Lisse of VVSB kom ik niet te spelen. Daar ben ik gewoon niet goed genoeg voor.”

Die ambitie heeft hij ook niet. “Ik hou van het gemoedelijke van Kagia. De sfeer is altijd goed. Ik gedij daar goed in. Ik hoor donderdag of zaterdag wel op welke positie ik speel.”

Ronald van Oeveren en Victoria’03 uit elkaar

Ronald van Oeveren, voor het tweede seizoen werkzaam als trainer-coach van Victoria’03 vertrekt na dit seizoen bij de Oudenbossche derdeklasser. Dat was de uitkomst van het halfjaarlijkse evaluatiegesprek tussen het bestuur van Victoria’03 en de Roosendaalse trainer. 

Van Oeveren kwam anderhalf seizoen geleden bij de club binnen, toen het contract van Peter Remie, de beoogde nieuwe trainer, verscheurd werd, omdat een citaat op social media voor een onwerkbare situatie bij zijn nieuwe club zorgde. Van Oeveren, de eigenlijk een sabbatical wilde na zijn seizoenen bij Cluzona, was een uitstekende vervanger voor Remie.

 Vorig seizoen eindigde Van Oeveren, na een prima seizoen, net buiten de prijzen, omdat het laatste competitieduel tegen Roosendaal niet in winst omgezet kon worden. Dit seizoen speelt Victoria’03 wat wisselvalliger, maar neemt de formatie van Van Oeveren, na de winst op Virtus van donderdagavond, een zevende plaats op de ranglijst in.

Nick Rijckaert heeft zijn draai gevonden onder de lat bij HVV’24

Waar hij in zijn eerste seizoen bij de eerste selectie in voorbereiding de concurrentiestrijd verloor van Sjoerd de Graaf, daar kreeg Nick Rijckaert na de winterstop wél het vertrouwen van trainer Pieter Ongenae. Sindsdien is de jeugdige goalie eerste keeper bij derdeklasser HVV’24.

“Dat ik de concurrentie verloor van Sjoerd was wel een tegenvaller natuurlijk. Ik speel al heel mijn leven voor HVV’24 en dan is het zuur dat uiteindelijk iemand anders de voorkeur krijgt. Mijn doel was altijd om het eerste elftal te halen. Ik ben echter altijd keihard blijven doortrainen en uiteindelijk kreeg in dan toen de kans en die heb ik met beide handen gepakt. In het begin keepte ik voor mijn gevoel nog niet sterk en niet constant genoeg. Ik oogde vond ik nog vaak te onrustig en had niet het gevoel dat ik in de jeugd wel altijd had.”

In de voorbereiding van het huidige seizoen begonnen beide keepers weer op nul en nu wist Rijckaert wel de strijd direct in zijn voordeel te beslechten. Een keus van de trainer die hem een boost gaf. “Dit gaf mij enorm veel vertrouwen en ik kan wel zeggen dat ik dat echt even nodig had. Vanaf dat moment voel ik me zekerder en durf ik in tegenstelling tot vorig jaar wel te zeggen, dat ik er tot nu toe op beslissende momenten sta voor mijn team. Daarnaast zijn mijn uitrappen ook veel verbeterd, waarmee ik zelfs al twee keer een assist heb gegeven die een goal opleverde.”

Hoewel de Hulstenaren eigenlijk vanaf de start een geweldig seizoen draaien, was er tegen Gastel toch een flinke teleurstelling te verwerken. De ambitieuze derdeklasser wil graag meedoen voor de prijzen, maar zag door een gelijkspel tegen de Brabanders uiteindelijk concurrent RBC de eerste periodetitel pakken. “We willen graag meedoen in de top vijf en een periode pakken. Daar zaten we dichtbij, maar helaas mocht het niet zo zijn tegen Gastel. Toch denk ik dat we goed bezig zijn als team. We werken hard en spelen over het algemeen prima voetbal. We hebben veel kwaliteit in het elftal, waarmee we elke tegenstander kunnen verrassen.”

Maar verrassen deden Rijckaert en ploegmaats ook vriend en vijand door eersteklasser RoodWit in de beker met een 4-0 nederlaag terug de spelersbus in te sturen naar Sint-Willebrord. En dat zelfs zonder een vijftal basisspelers. “Dat geeft ook direct onze extra kracht aan. We hebben een brede selectie met jongens die allemaal een prima niveau hebben. Scorend vermogen, technische voetballers, jeugdige talenten én ervaring. De kwaliteit van teams in de derde klasse ligt soms dicht bij elkaar, maar dat extra’s wat wij dan kunnen brengen geeft toch vaak de doorslag.”

Wat betreft de prestaties ziet hij toch ook nog wel duidelijke verbeterpunten, zowel voor het team als voor zichzelf. “Tot nu toe vind ik dat we nog te veel onnodige tegendoelpunten krijgen en we moeten ook trachten om constant te presteren. Hierin valt dus zeker nog winst te behalen. Kijkend naar mezelf ben ik wel redelijk tevreden over mijn prestaties, maar dat wil niet zeggen dat ik het nu rustiger aan moet gaan doen. Ik ga keihard blijven trainen om beter te kunnen worden en om zeker dit niveau vast te kunnen blijven houden. Want we willen met elkaar graag naar een hoger niveau toe. En dan kan je niet verslappen. Dan moet je er elke week weer staan. Als we dat kunnen opbrengen, dan denk ik dat we tot het eind moeten kunnen meedoen voor de prijzen.”

RFC werkt aan professionele jeugd: ‘Leren met veel plezier’

Fusieclub RFC krijgt een steeds duidelijker gezicht. De jeugdopleiding is met name een tak binnen de club die flink wordt aangepakt, geprofessionaliseerd en uitgebreid. Iwan Vink is de coördinator van de onderbouw.

Iwan Vink spreekt vol enthousiasme en ambitie over de jeugd van RFC. De eerste teams van de club uit Raamsdonksveer moeten binnen drie jaar allemaal naar de hoofdklasse, met behulp van het jeugdbeleidsplan. Daarin staat onder meer de indeling van de jeugd technische commissie, waar Vink coördinator van de onderbouw is en Mo Duzgun van de bovenbouw. Zij nemen de eerste en tweede teams van elke leeftijdscategorie voor hun rekening.

Verder heeft de club nog vier mannen rondlopen die de andere jeugdteams coördineren. Ook is er een groepje voor de interne scouting, zij krijgen vanuit de trainers en coördinatoren geregeld namen door van spelers die zij eens moeten bekijken op wedstrijddagen. Dat zijn bijvoorbeeld jongens en meisjes die positief opvallen en mogelijk doorgeschoven kunnen worden naar een hoger team.

RODE DRAAD
Ook is er een rode draad binnen de jeugdopleiding. Dat staat beschreven in het 26 pagina’s tellende jeugdbeleidsplan voor 2017, 2018 en 2019, dat op de website rfc2017.nl te vinden is. Daarin is onder meer te lezen dat elk team in principe 4-3-3 moet spelen, verzorgd voetbal van achteruit, met twee centrale verdedigers naast elkaar – dus geen voorstopper. In de JO19 mag de trainer wel rouleren, dan zou het 4-3-3 duidelijk in het systeem van de spelers moeten zitten en mag gewerkt worden aan andere tactieken, met het oog op het seniorenvoetbal. Verder wil de club eigenlijk louter trainers hebben die minimaal een KNVB-cursus hebben afgerond, die wordt aangeboden bij RFC zelf. Trainers van selectieteams dienen een UEFA-C-diploma te hebben, net als Vink en Duzgun.

PLEZIER
Voorop blijft het plezier staan, daarmee én met een professioneel ingerichte jeugdopleiding, moet RFC groeien. “Maar als er plezier is, komt de prestatie vanzelf. Het resultaat is voor ons niet zo van belang, wij willen vooral de jeugd dingen leren en ze zich zien ontwikkelen”, aldus Vink. Dat is ook wel te zien in het beleidsplan, waarin bijvoorbeeld staat dat iedereen die doordeweeks traint, speeltijd krijgt.

Om dat te stimuleren, worden er sinds dit seizoen ook techniek- en tactiektrainingen gegeven binnen de jeugd. De onderbouw krijgt extra techniektrainingen, de bovenbouw tactiek. “Op vrijdagavond, dit jaar vijf keer driekwartier lang, buiten de trainingen met hun eigen team. Wij vonden de techniek in de onderbouw niet op orde en dat heeft ook gevolgen voor je bovenbouw. Tactisch konden ook veel dingen nog beter, daarom wilden we de kinderen een bepaalde basis leren. We willen ze het 4-3-3-systeem tot in perfectie laten beheersen, zodat ze standaard weten wat er gevraagd wordt als ze bijvoorbeeld op 7 staan. Op die manier moeten ze moeiteloos mee kunnen met een hoger team, als ze daar ingeschoven worden. Daarom werken al onze teams ook dezelfde warming-up af voor een wedstrijd: we trekken één lijn.”

De bedoeling is dat deze trainingen uitgebouwd worden in de toekomst, de reacties zijn dan ook zeer positief. “De kinderen zijn enthousiast en hun ouders ook.” Na de winterstop worden ook het derde en vierde team van elke generatie meegenomen in de trainingen. Het is alleen even kijken hoe het ingericht gaat worden in de bovenbouw. “Vrijdagavond is voor hen niet ideaal, omdat velen dan juist moeten werken om in het weekend wat te kunnen besteden.”

Het doel is uiteindelijk het eerste seniorenelftal omhoog te helpen. Dan moeten de kinderen echter wel behouden worden voor de vereniging, wat niet makkelijk is met de concurrentie van clubs die momenteel nog hoger spelen in de regio. “We moeten de spelers een bepaald warm gevoel bij de club geven, dat ze de cultuur waarderen en RFC ook willen helpen groeien. Alleen op die manier kun je ze behouden. En als zij doorstromen naar het eerste, kunnen zij dat team omhoog helpen.”

De club is enthousiast, de ouders zijn dat en de kinderen ook. De jeugdcommissie kan dus tevreden zijn. Vink: “De kinderen willen leren en dat is als trainers mooi om te zien. Als de training klaar is, willen ze eigenlijk doorgaan. Dat is een leuk compliment voor ons.”

Papendrecht wint Drierivierencup

VV Papendrecht heeft in een goed bezet sportcentrum Papendrecht de Drierivierencup veroverd. In een spannende finale was Papendrecht 1 met 3-1 te sterk voor De Zwerver 1.

Op vrijdag 28 december startte om 19 uur de eerste editie van de 3 Rivieren Cup. Aan het door zaalvoetbalvereniging Eteha en VV Papendrecht georganiseerde zaalvoetbaltoernooi namen vier verenigingen deel, die met een eerste en tweede team een halve competitie speelden. Buiten gastheer Papendrecht waren De Alblas, De Zwerver en Wieldrecht van de partij.

Na de poulewedstrijden volgden de kruisfinales, waarna uiteindelijk De Zwerver 1 en Papendrecht 1 de finale mochten spelen. Nadat Papendrecht vlak voor tijd op een 1-0 voorsprong kwam, leek de wedstrijd gespeeld. De Zwerver knokte zich terug door met een frommelgoal de gelijkmaker aan te tekenen. In de laatste twee minuten scoorde Papendrecht echter nog twee keer, waarbij de 3-1 van grote schoonheid was.

De eerste 3 Rivieren Cup werd door Erwin Schuil, medeorganisator en bestuurslid Commerciële Zaken en Communicatie van VV Papendrecht, uitgereikt aan uitblinker Thomas Muilwijk. Een geslaagd toernooi dat zeker zijn vervolg gaat krijgen in de komende jaren.

Gert Alblas mist met SPV’81 de geluksfactor

Het zijn geen cijfers om met een lekker gevoel de winterstop in te gaan: elf wedstrijden gespeeld, drie punten. De eerste competitiehelft was voor SPV’81, hekkensluiter in de vierde klasse B, vooral een opeenstapeling van teleurstellingen.

“We missen de geluksfactor”, reageert trainer Gert Alblas. “We hadden zeven, acht punten meer kunnen en ook moeten halen. We zijn geen wedstrijd weggespeeld. We hebben vier wedstrijden met 2-1 verloren, maar die hadden we ook met dezelfde cijfers kunnen winnen. Het ligt in deze vierde klasse heel erg dicht tegen elkaar, alleen zitten wij steeds aan de verkeerde kant van de score.”

Alblas (64) bood een jaar geleden zijn diensten aan bij de dorpsclub. Na de scheiding met Raymond Lantinga ging SPV graag op het aanbod van de oud-trainer in. Alblas was eerder in Polsbroek trainer van 1989 tot en met 1993. “Natuurlijk speelde dat mee”, zegt Alblas. “Het was een geweldige tijd. SPV is knus, gezellig, warm. De eenheid was groot. In de winter nam een speler die bij de plaatselijke supermarkt werkte een paar blikken erwtensoep mee naar de club. We trainden en tien minuten voor tijd gingen die jongens nog even door en ik gooide de erwtensoep in de pan.”

Hoewel het 25 jaar geleden is dat hij vertrok heeft Alblas altijd een band gehouden met SPV. “Ik zie nu nog heel veel dezelfde gezichten, alleen is iedereen wat ouder geworden. De spelers van toen hebben kinderen gekregen van wie ik er een aantal bij het eerste onder mijn hoede heb.”

Met Alblas aan het roer ging het snel beter met SPV vorig seizoen. “Ik ben op 1 februari begonnen en we hebben nog tien punten gehaald. Dat was wel belangrijk voor het moreel. Het plezier moest terug en dat gaat sneller als je ook resultaten haalt.”

Dit seizoen heeft SPV de lijn, die was ingezet, echter niet kunnen doortrekken. “We hebben nog maar één keer gewonnen, tegen Bodegraven, en dat is voor iedereen een tegenvaller. We mogen dan een kleine club met een krappe selectie zijn, we willen wel graag goede resultaten halen.”

Hij kent de verhalen van het verdedigende voetbal van SPV. Onder Alblas zoekt Sportvereniging Polsbroek Vlist echter snel de aanval. “We scoorden moeilijk. Als je de bal verovert achter de middenlijn moet je nog zestig meter naar het doel van de tegenstander, dus zijn we eerder druk gaan zetten.”

Maar zoals met iedere verandering kost die aanpassing tijd. “Er staat opeens geen medespeler meer achter je. Je moet met veel meer durf en lef spelen”, aldus Alblas, die over de vooruitgang van zijn ploeg op tactisch gebied wél tevreden is.

De beloning in resultaten bleef echter uit. Alblas: “De ploeg is jong – het gros is twintig jaar of jonger – en krap. Twee blessures vangen wij niet zo maar op.” Toch heeft hij goede hoop dat hij met SPV in 2019 van de laatste plaats kan komen. “Wij zijn echt niet minder dan Moordrecht, Moerkapelle, Rijnstreek, Bodegraven en Sportief.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.