Home Blog Pagina 10

Spakenburg wederom de sterkste in de dorpsderby

0

Afgelopen zaterdag heeft Spakenburg, alhoewel het hemelsbreed slechts dertig meter verder op is, in het hol van de leeuw drie punten opgehaald bij buurman IJsselmeervogels. De vooraf behoorlijk beladen clash, zowel in sportief als sentimenteel opzicht, eindigde na een 0-1 ruststand in een 0-2 overwinning voor onze Blauwen.

Spakenburg startte met de volgende elf: Houweling, Kok, Apau, Guiting, Green, Van Huffel, Kunst, Van Lopik, Van der Linden, El Azzouti en Van Mil.

Eerste Helft

Ten opzichte van de eerdere derby dit seizoen startte de vogels met een behoorlijk gewijzigde basiself. Zij mochten namelijk in de afgelopen transferwindow liefst zeven nieuwe spelers verwelkomen. De meest in het oog springende is uiteraard Raily Ingacio die nog een verleden bij onze Blauwen heeft. De robuuste spits kwam door puik verdedigen van zowel Apau als Guiting totaal niet in het stuk voor. Het enige billenknijp-moment waarbij de rooie spits gevaarlijk opdook ontstond door Spakenburg zelf, maar daarover later meer.

De grootste spanning zat voor alle thuiskijkers en supporters in de sporthallen nog voor de aftrap. Het streamingsplatform trok het aantal kijkers niet en daarmee leek de livestream verloren te gaan, maar gelukkig schakelde het mediateam van IJsselmeervogels snel en kon men via een YouTube-link toch van de wedstrijd genieten. Waarvoor veel dank aan het rode mediateam. Het begin van de wedstrijd was van twee kanten aftastend en afwachtend. Beide ploegen gedijen momenteel bij een tegenstander met overwegend balbezit waarna vanuit de omschakeling de mogelijkheden worden gecreëerd. Spakenburg had vanaf de aftrap het meeste balbezit en bleef rustig de aanval zoeken en loeren op een kans. De eerste mogelijkheid was voor de vogels. De aalvlugge buitenspeler Robertha trok naar binnen, maar zijn doelpoging was een eenvoudige vangbal voor Houweling. Later, vlak na een half uur spelen, moest de jeugdige speler overigens noodgedwongen naar de kant, zijn plaats werd ingenomen door Hardijk.

Door het eerste kansje van IJsselmeervogels raakte Spakenburg niet van de leg, sterker nog: een goede fase brak aan voor de Blauwen. Het kreeg in een kort tijdsbestek een tweetal corners en uit de tweede, lekker getrapt door Green, wist El Azzouti net als een week eerder bij de tweede paal binnen te koppen. Daarmee kwam de 0-1 op het scorebord en stond het goed gevulde Blauwe uitvak in vuur en vlam! Amper vijf minuten later, in minuut 23, werd de kleine aanvaller in stelling gebracht door de op het middenveld heersende Des Kunst. De subtiele inzet van El Azzouti kon doelman Kaarsgaren ternauwernood met de voet redden.

Spakenburg bleef het initiatief houden, maar echt kansen kreeg het tot aan de rust niet meer. Aan de andere kant schonk in de 34e minuut doelman Houweling de buren zomaar een mogelijkheid door een terugspeelbal niet tijdig te verwerken waardoor er een hachelijke situatie in de Blauwe 16 ontstond. Ignacio was er als de kippen bij, maar een tegengoal leverde het gelukkig niet op. Spakenburg kon de voorsprong tot aan de rust verder vrij eenvoudig vasthouden en zocht met een goed gevoel de thee op.

Tweede Helft

Ongewijzigd kwamen onze Blauwen terug het veld op voor het tweede bedrijf. IJsselmeervogels was het nu dat het initiatief nam en licht aandrong. Wie als rooie had gehoopt dat ze nu met het mes tussen de tanden door zouden drukken kwam echter bedrogen uit en dit was koren op de molen voor Spakenburg. Het initiatief leverde wel een schotkans met links op voor verdediger Gerwin van de Groep, maar geen goal. Die goal viel drie minuten later voor Spakenburg door, wie anders dan, Floris van der Linden. Een geweldige rush met de bal aan de voet van Olaf Kok over rechts ging daar aan vooraf. Zijn puntgave voorzet werd bij de tweede paal door de aanvoerder binnengegleden: 0-2. Het was te vroeg om deze tweede goal als beslissing te noemen, maar gevoelsmatig leek het er wel op.

Nog voor het verstrijken van het uur trok Leushuis een blik wissels open. Campman, Van Hees en Ignacio konden gaan douchen en Kuisch, Butter en Beers kwamen binnen de lijnen. Met een 0-2 achterstand werd er met de wissels geprobeerd om iets te forceren, daarvoor waren er enkele mogelijkheden. Eerst werd in de zestigste minuut een kopbal van Janssen door Guiting voor de lijn weggewerkt. Een minuut of tien later werd er een goed lopende aanval over links opgezet waarbij Martis het eindstation was, zijn schot kwam echter in het zijnet terecht. Met nog een kwartier spelen kreeg Ruizendaal nog speeltijd en werd Mattheij naar de kant gehaald. De invaller kon vrij koud in het veld uithalen vanuit de 16, maar zag zijn schot geblokt worden door Des Kunst. Alles wat rood was claimde hierbij een pingel, maar De Brito Roque zag er niets in of beoordeelde het als een natuurlijk houding waarin Kunst stond.

Spakenburg zat redelijk relaxed in de leunstoel met de 0-2 voorsprong op zak en loerde wat meer op de counter. Die tegenaanvallen kwamen er ook, maar die werden niet helemaal goed uitgespeeld. Zo kreeg Sam van Huffel een vrije schietkans, maar de middenvelder schoot te gehaast en daarmee huizenhoog over. De grootste kans van de tweede helft was ook voor Spakenburg. Olaf Kok haalde snoeihard uit, maar een rood hoofd ving deze poeier op. De rebound was voor Claver. De ingevallen verdediger bracht met gevoel de bal richting goal, maar zag dat het vizier net niet scherp genoeg was afgesteld en dat daarmee de bal rakelings naast ging.

Tussen alle bedrijven door had Chris de Graaf naast Claver nog wat wissels doorgevoerd. In minuut 67 nam El Azzouti met een doelpunt op zak voldaan plaats op de bank en nam Junte zijn plek in. Tien minuten voor het einde kwam naast Claver ook Wesdorp binnen de lijnen en als laatste mocht ook Van der Linden het slotakkoord vanaf de bank waarnemen, zijn plaatsvervanger was de jeugdige Stan Beune. In de absolute slotfase wist de geplaagde ploeg van Willem Leushuis ook geen potten meer te breken en na drie minuten blessuretijd  floot de prima leidende De Brito Roque voor het laatst.

Ranglijst en volgende wedstrijd

Spakenburg kijkt door de lekkere overwinning weer verder omhoog en mag nog altijd dromen van iets moois, al zal er dan niet (veel) meer mogen worden verloren. De Blauwen vinden zich door het verlies van HHC Hardenberg momenteel terug op de gedeelde vierde plaats. Rijnsburg morste twee punten door het gelijke spel tegen Barendrecht. Hoek en Quick Boys waren wel foutloos met hun overwinning op respectievelijk HHC en Jong Sparta. Volgende week komt Kozakken Boys op bezoek bij Spakenburg en wacht ons wederom een mooie affiche op de Blauwe Westmaat. Tot dan en zoals altijd, maar nu extra: FORZA BLAUWEN!

Statistieken

Opstelling IJsselmeervogels: Kaarsgaren, Van de Groep, Mattheij (77’ Ruizendaal), Janssen, Martis, Campman (58’ Kuisch), Schuurman, Van Hees (58’ Butter), Doesburg, Ignacio (58’ Beers), Robertha (34’ Hardijk)

Opstelling Spakenburg: Houweling, Green , Apau, Guiting, Kok, Van Lopik (79’ Claver), Kunst, Van Huffel, El Azzouti (67’ Junte), Van Mil (79’ Wesdorp), Van der Linden (84’ Beune)

Scoreverloop: 18’ 0-1 Ahmed El Azzouti, 54′ 0-2 Floris van der Linden

Toeschouwers: 7.963

Scheidsrechter: Sander de Brito Roque

Gele kaarten: Junte en Guiting (beiden Spakenburg)

Klik op SV Spakenburg voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Spakenburg voor meer informatie over de club.

Aron Eijkelboom vindt dat Hardinxveld kampioen moet worden

Aron Eijkelboom is 28, draagt het nummer tien en voelt zich dit seizoen weer voetballer. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar voor hem is het dat niet. Na jaren waarin hij worstelde met vertrouwen en speeltijd, staat hij bij VV Hardinxveld weer waar hij het liefste staat: tussen de linies, met het spel voor zich.

Zijn voetbal begon bij Peursum, waar hij zijn hele jeugd speelde. Peursum was toen vierdeklasser. Hardinxveld speelde tweede klasse. Hogerop, andere ambities. “Peursum belt bijna elk jaar of ik terugkom,” zegt Eijkelboom. “Maar ik zit hier bij Hardinxveld beter op mijn plek. Veel vrienden van mij voetballen in dit team.”

“Wij zijn de sterkste ploeg van de competitie,” zegt Eijkelboom zonder aarzeling. En dan volgt iets wat in veel kleedkamers half fluisterend wordt gezegd: “Er is zo’n ongeschreven regel dat je nooit moet zeggen dat je kampioen wil worden. Maar wij moeten gewoon kampioen worden.”

Geen bravoure

Het is geen bravoure, eerder overtuiging. Pelikaan en Spirit blijven ook winnen, de concurrentie haakt niet af. Maar Eijkelboom voelt dat dit het seizoen kan zijn. “Nog niemand binnen deze selectie is ooit kampioen geworden. Dat is wel een dingetje. In de kantine gaat het daarover.”

Eijkelboom staat op tien. “Ik zit er wel lekker in dit seizoen. Ik wil tien doelpunten maken. Dat is mijn doel. In principe krijg ik wel elke wedstrijd een honderd procent kans, en af en toe mis ik er helaas één.”

De afgelopen drie seizoenen waren minder. Hij speelde weinig en lag niet lekker met de trainer. “Hij gaf me geen vertrouwen en op een gegeven moment viel ik buiten de basis. We waren geen fan van elkaar.” Hij is eerlijk genoeg om erbij te zeggen dat het niet alleen aan de trainer lag. “Dat komt ook wel door mezelf.” Het knaagde. Hij dacht zelfs na over stoppen.

Nieuwe trainer, nieuwe energie

De komst van een nieuwe trainer veranderde veel. Nieuw systeem, nieuw elan, één of twee nieuwe jongens erbij. De nummer tien speelt weer met vertrouwen. “Je zou kunnen zeggen dat ik even het plezier kwijt was geraakt in het voetbal. Het was echt een minder leuke tijd waarin ik zelfs twijfelde om er helemaal mee te stoppen. Terug naar Peursum zou ik dan niet gaan. Als ik hier stop, stop ik denk ik helemaal met voetbal. Gelukkig heb ik onder deze nieuwe trainer mijn plezier weer teruggevonden. We hebben een leuke groep jongens in deze selectie. Ik zou zeggen: een vriendengroep. Niemand wordt hier betaald, dat wordt volgens mij steeds zeldzamer in het amateurvoetbal. Hardinxveld is een hele mooie club met vrijwilligers die de boel draaiende houden.”

Ambities om nog hogerop te gaan? Eijkelboom schudt zijn hoofd. “Ik denk niet dat het er nog in zit.” Het leven buiten het voetbal weegt mee, net als de realiteit. “Met het team dat we nu hebben, moeten we een stabiele tweedeklasser kunnen zijn. Maar eerst dit seizoen afmaken en kampioen worden.”

Hij weet ook: derde klasse past niet bij Hardinxveld. “Het is wel slecht dat we nu hier zitten. De club hoort gewoon hoger te spelen. En daarom spreek ik het uit: kampioen worden is geen taboe. Het is een doel.”

Voor Eijkelboom draait het niet meer om een volgende stap, om naam of niveau. Het draait om dit team, deze groep, dit seizoen. Om eindelijk samen iets neer te zetten wat nog niemand in deze selectie heeft meegemaakt. Een titel.

Klik op VV Hardinxveld voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Hardinxveld voor voor meer informatie over de club.

‘Ik vind het vooral heel leuk om te scoren’

Hij is fan van Cristiano Ronaldo, kijkt graag naar Jude Bellingham en droomt ervan om profvoetballer te worden. De elfjarige Rick van der Griend kan niet wachten om in de voetsporen van één van zijn helden te treden. Maar voor het zover is, probeert de middenvelder uit Melissant zoveel mogelijk doelpunten te maken voor de JO12 van De Jonge Spartaan. “Ik vind het vooral heel leuk om te scoren!”

En dat lukt de jeugdspeler van de club uit Middelharnis best aardig, zo blijkt. “Ik heb dit seizoen tegen Rijnmond Hoogvliet in één wedstrijd, acht keer gescoord.” Want hoewel je als middenvelder soms natuurlijk ook moet verdedigen, vindt Rick het vooral leuk om te schieten, te passen en te dribbelen. “Aanvallen vind ik het leukste! Al sta ik soms tijdens een training wel eens te keepen, gewoon voor de lol.”

Mooie beelden

Want plezier in het spelletje, is uiteindelijk natuurlijk het belangrijkste. “Ons team is ook echt een vriendenteam!” Toch begon Rick ooit met voetballen, bij Melissant, vertelt vader Marcel. “We wonen naast de voetbal, dus dat was logisch.” Tot het na twee jaar, tijd werd voor een stap hogerop. “Hij bleek best wel goed te kunnen voetballen en via voetbalschool Train het Verschil, kwamen we in contact met Pasquinel Scheurleer. Die was trainer bij De Jonge Spartaan, zo zijn we vorig seizoen hier terechtgekomen.” Een goede stap, vindt Marcel. “Het gaat er hier iets serieuzer aan toe en ook het niveau ligt hoger. Ze spelen nu in de hoofdklasse, dan moet je er toch iedere week staan.” En dat levert, mooie beelden op. “Ik film iedere wedstrijd, zodat ik er daarna een leuke samenvatting van kan maken.” Vol mooie doelpunten. “Thuis gaat het natuurlijk heel veel over voetbal, en we kijken op zaterdagmiddag vaak al wat fragmenten terug. Gewoon om van te leren.” Want dingen leren, kan Rick nog genoeg, vertelt hij. “Vooral het omschakelen kan nog beter.” Helemaal, als hij ooit net zo goed wil worden als zijn voorbeeld Jude Bellingham. “Maar ik ben ook fan van Ronaldo!” Toch is zijn favoriete club, er eentje uit Nederland. Namelijk Feyenoord. “Ooit hoop ik bij Feyenoord of Real Madrid te mogen spelen.”

Kippenvel

Aan zijn tweebenigheid, zal het in ieder geval niet liggen. “Al schiet ik nog wel steeds beter met mijn rechts.” Waar hij bij Melissant, onder leiding van zijn vader, begon als aanvaller, speelt Rick nu dus vooral op het middenveld. “We wisselen best nog wel vaak van positie.” Training van zijn vader krijgt hij nu, op een enkele invalbeurt na, niet meer, toch is Marcel zeker niet minder trots op zijn zoon. “Als hij de winnende scoort, krijg je als vader toch kippenvel.” Voetballen, deed de eigenaar van een eigen metsel- en tegelbedrijf, overigens zelf ook. “Als centrale verdediger, bij OFB.” Heel lang, hield hij dat echter niet vol. “Op mijn zestiende ben ik gestopt.” Tijd genoeg dus, om wedstrijden te filmen, samenvattingen te maken en samen met zijn zoon voetbal te kijken, lacht Rick. “Ik heb ook nog twee zussen, maar die hebben ook gevoetbald. Dus die vinden dat gelukkig niet erg!”

Klik op De Jonge Spartaan voor de laatste artikelen over de club.
Klik op De Jonge Spartaan voor meer informatie over de club.

Van spelen met Gerd Müller naar assistent-trainer bij Sliedrecht

Koos Waslander (69) heeft geen moeite met relativeren. Wie zijn Wikipedia-pagina leest, ziet een carrière die langs stadions, landen en tijdperken voert: Rotterdammer, spits, betaald voetbal, Amerika, Chelsea dat net niet gebeurde, vijftien jaar prof. Maar wie met Waslander praat, merkt vooral iets anders. Rust. En een man die zijn rondje al heeft gelopen.

Koos Waslander was een aanvaller in een tijd waarin de scheidsrechters minder konden zien dan nu. “Vroeger moest je af en toe uitdelen op het veld. Anders redde je het niet. Ik had schijt, klapte overal in en was een winnaar.”

Koos speelde onder meer bij Excelsior en kwam via omwegen terecht bij Fort Lauderdale Strikers. Met Excelsior speelde hij tegen AZ in de beker. Daarna kwam een telefoontje van Cor van der Hart, trainer in de Verenigde Staten. RWDM was ook een optie. Het werd Amerika: 80.000 dollar per jaar. Een fantastisch avontuur. Koos speelde daar samen met Gerd Müller. “Technisch was Müller geen geweldenaar, maar hij zorgde ervoor dat hij altijd op de juiste plek stond om een goal te maken. Dat was ongelofelijk. Van wie ik echt onder de indruk was, was Teófilo Cubillas. Wat een speler was dat. Zoek hem maar eens op op YouTube. Ook heb ik tegen Franz Beckenbauer gestaan.”

Heimwee

Naast het voetbal was er nog meer genot te vinden in Amerika. “Op de tribune zaten meer vrouwen dan mannen, dan weet je het wel… Eén groot feest.” Toch was niet alles leuk in de VS. “Na een jaar had ik heimwee, miste ik mijn familie en wilde ik weg.”

Chelsea meldde zich voor Koos. “Ik had geen zaakwaarnemer. Dat was nog niet aan de orde in die tijd. Je moest dat gewoon allemaal alleen doen. Anders was ik misschien wel daar naartoe gegaan, maar ik besloot om in Nederland te voetballen. Gelukkig wilde NAC Breda me hebben. Dat was de mooiste club waar ik ooit heb gezeten.” Nog steeds komt hij er vaak. Met oud-spelers viert hij derde kerstdag en heeft hij met regelmaat uitjes. “Het is familie-achtig.”

Na vijftien jaar betaald voetbal hield het op als speler. Inmiddels is Koos actief bij VV Sliedrecht. Niet als hoofdtrainer, maar als assistent. “Haast nooit gedaan,” zegt hij. “Maar ik vind het fijn om de trainer te helpen. Daarnaast zijn dit leuke jongens. Het is warm. Dat vind ik belangrijk.”

Assistent-trainer is voor hem geen tussenstation meer. Hij hoeft niets te bewijzen. “Ik heb die tijd gehad. Nu is het praatjes maken met spelers en Sjoerd van der Waal (red. de hoofdtrainer) zo goed mogelijk assisteren.” Alleen bij NAC en RBC was hij eerder assistent.

Bij Sliedrecht hoopt hij dat het elftal bovenin mee kan draaien. Een periode pakken. Maar belangrijker vindt hij iets anders. “Ze moeten plezier hebben en goed luisteren.” Hij roemt het werk van Sjoerd van der Waal, met videoanalyse. “Te weinig krijgt hij terug,” zegt Waslander.

Klik op Sliedrecht voor de laatste artikelen van de club.
Klik op Sliedrecht voor meer informatie over de club.

‘Alleen met die bravoure, gaat het ons lukken’

0

Na een seizoen zonder voetbal, vond Ben Hoogwerf afgelopen zomer in vierdeklasser DBGC een nieuwe uitdaging. En ondanks dat de oefenmeester uit Vlaardingen iedere training en wedstrijd een aardig stukje moet rijden, doet hij dat naar eigen zeggen met alle liefde. “Het is een leuke club en we hebben een mooie spelersgroep!”

Al hoopt hij soms, dat zijn 35 tot 40 minuten durende ritjes naar Oude-Tonge en weer terug naar huis, iets sneller voorbij zijn. “Vooral op de terugweg, haha!” Toch maakte Hoogwerf (41), nadat hij in 2023 werd ontslagen bij Kethel Spaland en daarna besloot om een sabbatical te nemen, bewust de keuze voor DBGC, vertelt hij. “Ik vind het altijd heel mooi als een stad of dorp één club kent.” Al duurde het even, voordat de trainer in ging op de avances van de toen nog derdeklasser. “Ze hadden een jaar eerder al eens gebeld, of ik in wilde stappen. Maar op dat moment, had ik even mijn buik vol van het voetbal.”

Geduld en begrip

Maar helemaal afstand nemen van het spelletje, kon Hoogwerf gedurende zijn sabbatical toch ook weer niet. “Ik ben in andere keukens gaan kijken, onder meer bij DVV’09 en Brielle. Als een soort stagiair.” Want, zo legt hij uit. “Na negen jaar als hoofdtrainer, doe je toch vaak een beetje hetzelfde kunstje. Nu kon ik echt als een soort klankbord voor die trainers, kijken hoe iemand anders speelt of een wedstrijdsituatie trainbaar maakt.” Begonnen als jeugdtrainer bij Zwaluwen, stond Hoogwerf vervolgens zeven seizoenen voor de groep bij DVO’32. Alvorens hij afgelopen zomer, dus terechtkwam in Oude-Tonge. Nadat ze hem al eens eerder benaderd hadden. “Daarna bleven ze geduldig en mij op de hoogte houden van de situatie. Dus toen ze opnieuw vroegen of ik trainer wilde worden én bepaalde spelers hun jawoord hadden gegeven, vond ik dat ik dat ook moest doen.” En zo geschiedde. “Ik ben een gevoelsmens. Door het begrip van de club, wilde ik graag naar DBGC. Dat heeft me op de één of andere manier gegrepen.” Net als zijn groep met spelers. “Tijdens de eerste bijeenkomst, klikte dat meteen. Daarnaast, heb ik ook een heel fijne staf om me heen.” En ook zijn zoontje, is maar wat blij met de keuze van papa voor DBGC. “Die zingt thuis gewoon het clublied mee. Dat is toch leuk? Daar was ik echt naar op zoek.” Want, zo is Hoogwerf na een vervelend ontslag bij zijn vorige club, eerlijk. “Ik wist daarna niet of ik als trainer nog wel te raken was. Maar gelukkig is dat gelukt!”

Litteken

Ondanks de degradatie naar de vierde klasse. “Die voelde je afgelopen seizoen aan alles aankomen.” Laten twijfelen, deed hem dat echter niet. “Ik zeg iedere keer tegen die jongens: we bepalen zelf het niveau. Qua trainen, speelwijze en noem maar op.” Met een tweede plaats tot gevolg. “We zijn goed bezig, maar hebben allemaal het gevoel dat we bovenaan horen te staan.” Toch staat zijn ploeg, dat voorlopig dus niet. Hoe dat komt? “Tot nu toe, hebben we onze concurrenten nog niet verslagen. Op grote momenten, hebben we toch een soort van angst.” Een gevoel, dat volgens hem wel te verklaren is. “Die negatieve ervaringen, van twee keer achter elkaar degraderen, vormen toch een litteken.” Ruimte voor verbetering, ziet Hoogwerf dan ook nog genoeg. “We moeten mannelijker en volwassener worden, maar vooral vertrouwen uitstralen. Laten zien dat we kampioen willen worden. Alleen met die bravoure, gaat het ons lukken.” Want het doel, is simpel: “Promoveren en zo snel mogelijk terug naar waar we horen. Al is het via de nacompetitie.” Met de nadruk op ontwikkelen. “Ik vind het mooi om kansen te geven aan jeugdspelers. Wat dat betreft ben ik wel een ontwikkelaar.” Hoe zou hij zichzelf verder omschrijven als trainer? “Ik sta nooit te bulderen langs de lijn en probeer altijd in oplossingen te denken.” En dat doet hij ook volgend seizoen, als eindverantwoordelijke bij DBGC. “Het is altijd mijn intentie geweest om hier langer te blijven.” Al blijft een stap hogerop, toch wel kriebelen. “Ik heb mijn TC2-diploma en had ooit de kans om een tweedeklasser te gaan trainen. Dat heb ik toen niet gedaan. Achteraf, heb ik daar best een beetje spijt van.” Want aan ambities, geen gebrek. “Soms word ik wel eens gebeld door mooie en grote clubs, en dan wil ik dolgraag praten, maar door het ontbreken van mijn papiertje, mag dat dan niet. Dat frustreert wel eens. Daarom is TC1 nu wel aan het trekken.” Zodat hij ooit, wél op gesprek kan gaan. “Mijn droom is om trainer te worden bij een divisieclub!”

Klik op DBGC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DBGC voor meer informatie over de club

Tweeling Daan en Luuk van der Leun zwaaien af bij Stedoco

0

Een sterker voorbeeld van het woord ‘twee-eenheid’ bestaat niet. Ze werken samen. Voetballen samen. En sinds kort wonen ze ook samen in een huis dat ze gezamenlijk kochten. Daan en Luuk van der Leun – eeneiige tweeling – zijn 24 uur per dag in elkaars nabijheid. “Het is alsof je de hele dag met je beste maat op pad bent,” zegt Daan.

Nu zwaaien ze af bij Stedoco. Nu zwaaien ze af bij Stedoco. Ondanks een nieuw aanbod, toch een bewuste keuze om daar niet op in te gaan. Speelminuten bleven uit. Zekerheid ontbrak. En voor twee jongens die hun ziel en zaligheid in het spel leggen, is dat moeilijk te accepteren.

Ze groeiden op in Meerkerk, begonnen bij SV Meerkerk en maakten al jong de overstap naar de jeugd van Stedoco. Die jeugdopleiding moest talent uit de regio aantrekken, maar kwam nooit helemaal lekker van de grond. Ze keerden terug naar Meerkerk, waar ze op hun vijftiende debuteerden in het eerste. Een jaar later stonden ze vast in de basis. Vier seizoenen speelden ze samen in de derde klasse. Het was dorps, hecht, vertrouwd.

Ambitieus

De volgende stap was Almkerk, een eersteklasser. Een dorpse vereniging waar ze zich thuis voelden. Ze speelden alles en Daan werd topscorer. “Halverwege dat eerste seizoen kwam Stedoco in beeld,” vertelt Daan. “Wij hebben altijd willen kijken hoe hoog onze lat nou ligt, dus om van de eerste klasse naar de derde divisie over te stappen voelde logisch voor ons.”

Stedoco was een ander soort club dan de broers kenden. “Dit is ons tweede seizoen en we hebben van alles meegemaakt. Vijf trainers in nog geen twee jaar, spelers die komen en gaan…. We hebben ons eerste officiële contract getekend. Dat vind ik dan wel weer prachtig,” lacht Luuk.

Luuk speelt links centraal achterin en is volgens zijn broer fysiek sterk en hard in de duels. “Je hebt geen makkelijke middag als je tegenover hem staat,” zegt Daan. “Wat hij kan verbeteren, is zijn inspeelpass naar het middenveld en zijn crosspass naar de aanval.”

Daan speelt als spits of aanvallend middenvelder, maar kan volgens zijn broer eigenlijk overal uit de voeten. “Afmaken is zijn grootste kwaliteit. Hij doet alles om te scoren, niets fraais. Hij zorgt gewoon dat hij die bal erin krijgt. Bij Almkerk heeft Daan ook nog in de verdediging gestaan. Ik denk dat hij overal wel redelijk is. Misschien is dat juist ook weer zijn valkuil.”

Het avontuur bij Stedoco liep niet zoals gewenst. Vorig seizoen raakte Daan halverwege geblesseerd. Hij scheurde zijn voorste kruisband af. Dit seizoen lag hij er daardoor vrijwel helemaal uit. Luuk kreeg invalbeurten, maar kwam zelden echt in het ritme. “Als ik zeg dat ik kwalitatief niet bij die eerste elf hoor, dan snap ik dat ook,” zegt hij eerlijk. “Maar ik denk wel dat ik met mijn mentaliteit en werkethiek meer kan brengen dan andere jongens.”

Toen de twee bekendmaakten dat ze niet doorgingen, meldden zich meerdere clubs. Niet allemaal wilden ze de tweeling samen. Daan: “Er was een club die alleen Luuk wilde, omdat ze op het middenveld al helemaal vol zaten. Dat was geen optie voor ons.”

LRC Leerdam

De keuze viel uiteindelijk heel bewust op LRC Leerdam, dicht bij huis in Hoogblokland. Een regionale club, vierde divisie. “We hadden er een goed gevoel bij,” zegt Daan. “De trainer promoveerde uit de eerste klasse, de club wil bouwen zonder de dorpse ziel te verliezen.”

Daan baalt nog wel. “Ik denk dat er met een gedegen plan veel meer in had gezeten bij Stedoco zegt hij. We hadden meer de kans moeten krijgen.” Nu beginnen ze een nieuw hoofdstuk bij LRC Leerdam. Samen, zoals altijd.

Klik hier voor meer artikelen over SteDoCo.
Klik hier voor meer informatie over SteDoCo

SNS blijft strijdbaar: ‘Dat is zeker niet het geval’

0

Druk bezig om de zaak nieuw leven in te blazen. Dat is wat ze bij SNS de afgelopen maanden met ziel en zaligheid proberen te doen. Want nadat de club niet genoeg spelers op de been kon krijgen om een prestatief eerste elftal in te schrijven, moet de vereniging van onderaf aan weer beginnen, beseft ook Elco van Gurp. “We geven het nog niet op!”

Eén ding, wil de clubman in hart en nieren dan ook maar meteen duidelijk maken: “Je hoort vaak dat SNS niet meer bestaat, maar dat is zeker niet het geval!” Want, zo vertelt de inmiddels 62-jarige Van Gurp. “We zijn druk bezig om het zaakje nieuw leven in te blazen.” Hoe ze dat doen? Bijvoorbeeld met het peutervoetbal. “Op een speelse manier bezig zijn met voetballen. Voor kinderen vanaf twee jaar. Daar zijn we eind december mee begonnen en we hebben nu al dertien kinderen.” Een mooi aantal, vindt hij. “Als klein dorpje, zijn we heel blij met die opkomst.”

Nieuw leven

En dat worden er, steeds meer, heeft hij gemerkt. “Ook van buiten het dorp.” Van Gurp, weet wel hoe dat komt. “We zijn de enige vereniging in de buurt die dit doet.” Een eerste stap in de goede richting, zo vindt de voormalig linksback van het tweede elftal. “We hebben goede moed dat we volgend seizoen weer een seniorenteam hebben. Waarschijnlijk op recreatief niveau.” Want één ding, staat voor de voormalig jeugdleider, scheidsrechter, grensrechter en lid van het jeugdbestuur als een paal boven water: “Als we de stekker eruit trekken, komt SNS nooit meer terug.” En precies dat, is natuurlijk het laatste wat Van Gurp wil. “Toen ik hoorde dat het eerste elftal ophield te bestaan, vond ik dat wel even heel moeilijk. Helemaal, omdat we nu als vereniging 80 jaar zouden bestaan…” Zaak om de boel de komende maanden, nieuw leven in te blazen, vindt hij. “Dat leven, was er al een tijdje niet meer.” Door middel van een denktank, onder leiding van Van Gurp, proberen ze dat te doen. “We hebben een informatieavond gehouden, die werd heel drukbezocht. Daarnaast adverteren we in de huis aan huis folder, met onder meer een aantal nieuwe activiteiten.” Zoals trimmen, klussen of darten. “Naast het damesvoetbal, de 35+ en het walking football. Voor het walking football hebben we nu 16 leden! Iedere donderdagavond, doen we een onderlinge partij. Dat is ontzettend leuk.” Van Gurp, kan het weten. “Ik doe geregeld mee. Even een uurtje ballen en daarna een gezellige derde helft. Die duurt vaak langer, haha!”

Verder groeien

Stilzitten, doen ze bij SNS dan ook absoluut niet. “Dertien jeugdleden van ons voetballen bij Flakkee, dus ook op dat gebied, werken we samen. Net als met de rugbyvereniging, die op ons complex traint en speelt.” Positieve ontwikkelingen dus. “Dat zorgt allemaal voor reuring op de club!” Net als de onderhoudsploeg én het jeu de boules. “Daar kwamen bezoekers mee tijdens de informatieavond, dat ze dat wel leuk zouden vinden. Toen was er ook meteen een sponsor die dat wel wilde realiseren, dus als het goed is, gaan we daar na de zomervakantie mee beginnen.” Toch, beseft Van Gurp ook maar al te goed: “Het voetbal moet wel voorop blijven staan.” Al weet hij ook. “Hoe breder we het trekken, hoe meer mensen er naar de club komen. En uiteindelijk, zijn dat allemaal inkomsten.” Want blijven bestaan, zal SNS wat hem betreft altijd doen. “Als we weer met een elftal kunnen starten, kunnen we weer verder groeien.” Mede dankzij de aankomende nieuwbouw. “Er worden hier volgend jaar 120 huizen gebouwd, dat zijn allemaal potentiële nieuwe leden. En dus aanwas.” Het jubileum, moet wat hem betreft dan ook gewoon gevierd worden. “Toch in ieder geval met een feestavond.” Al is het alleen maar, om herinneringen op te halen. “Ik ben hier op mijn negende begonnen en loop er nu nog steeds.” Naar een andere club, ging Van Gurp dus nooit. “Niemand zat op mij te wachten, haha!” Veel mooier dan SNS, wordt het voor de inwoner van Stad aan ‘t Haringvliet dan ook niet. “Laatst had ik een gesprek met een paar oud-spelers van onze club. Toen werd weer duidelijk dat we gewoon een heel gezellige vereniging zijn. Dat is denk ik toch wel een beetje onze kracht. Je kent iedereen en het is je eigen dorp.” Betrokken zal Van Gurp, ondanks zijn aanstaande verhuizing naar Middelharnis, de rest van zijn leven blijven. “Zolang mijn gezondheid het toelaat.” Want, met het bomvolle sponsortoernooi straks weer in aantocht, is één ding duidelijk: “We geven het nog niet op!”

Klik op SNS voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SNS voor meer informatie over de club.

VV Ameide krijgt nieuw kunstgrasveld: “Trainingstechnisch zijn we gered”

0

Vijf, zes jaar lang stond het bovenaan de agenda. Gesprekken met de gemeente, plannen, bijstellen, opnieuw rekenen. Deze zomer wordt het werkelijkheid: op sportcomplex Meihoven krijgt VV Ameide een tweede kunstgrasveld.

De gemeenteraad van Gemeente Vijfheerenlanden stelde op 5 februari 2026 één miljoen euro beschikbaar voor aanleg en onderhoud. Als alles volgens planning verloopt, ligt het veld er eind augustus speelklaar bij. Voorzitter Gertjan de Wit kan het inmiddels hardop zeggen zonder slag om de arm. “Eindelijk wordt ons veld vervangen. Eén van de natuurgrasvelden maakt plaats voor kunstgras. Voor de korte termijn is dit een hele goede oplossing.”

VV Ameide beschikte tot nu toe over twee volwaardige velden en een trainingsveld. In de praktijk kwam dat neer op “2,5 veld”, zoals De Wit het noemt. De oorspronkelijke wens van de club was om het halve trainingsveld uit te breiden tot een volledig veld. “Dat plan hebben we vijf jaar vastgehouden,” vertelt hij. “Het lukte de gemeente niet om het stuk grond waar die uitbreiding dan zou moeten plaatsvinden over te kopen.”

Ondertussen bleef de druk toenemen. De vereniging groeide, trainingen moesten steeds vaker worden geschrapt en bij nat weer was het natuurgras simpelweg niet bespeelbaar. “Wij zijn steeds meer aan de bel gaan trekken,” zegt De Wit. “Op een gegeven moment moet je ook doorschakelen.”

Dat doorschakelen leidde tot het huidige plan: een tweede kunstgrasveld. Volgens de officiële rekentool van de KNVB zou Ameide met het huidige ledental zelfs drie volwaardige velden nodig hebben. “Nu hebben we twee kunstgrasvelden. Trainingstechnisch zijn we gered.”

Minder afgelastingen, meer zekerheid

De afgelopen jaren kampte Ameide regelmatig met afgelaste trainingen en wedstrijden. Vooral in natte periodes werd het natuurgras een beperkende factor. Dat zorgde voor schuiven in het schema, uitwijken naar andere momenten en soms simpelweg voor stilstand. Met het nieuwe kunstgrasveld verandert dat structureel. Kunstgras biedt meer speeluren, is minder weersafhankelijk en maakt het plannen eenvoudiger. “Voor onze leden betekent dit vooral speelzekerheid. Dat is het belangrijkste.”

De club telt ongeveer vijfhonderd leden. Op piekmomenten is het sportcomplex al krap. Een ledenstop dreigde in de toekomst een reëel scenario te worden. “We liepen tegen onze grenzen aan,” erkent De Wit. Het nieuwe veld biedt lucht.

Langlopend dossier

Hoewel het besluit formeel op 5 februari werd genomen, loopt het traject al jaren. Afgelopen november werd een motie ingediend om het beschikbaar stellen van het budget te versnellen. Die werd unaniem aangenomen. In januari volgde het bericht dat het budget waarschijnlijk rond zou komen. Nu is het definitief.

Blik op de lange termijn

Toch is het dossier niet volledig gesloten. De lange termijn blijft onderwerp van gesprek. De wens om het trainingsveld te verbreden tot een officieel veld ligt nog altijd op tafel. “Dat blijft onze ambitie,” zegt De Wit. “Maar voor nu zijn we blij met deze stap.”

Klik op VV Ameide voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Ameide voor meer artikelen over de club.

‘Het liefste had ik afgesloten op mijn eigen dorp’

Na een groot deel van zijn voetballeven bij SNS te hebben gespeeld, maakte Arjan van Gurp afgelopen zomer noodgedwongen de overstap naar Flakkee. Want ondanks zijn inmiddels respectabele leeftijd van 38 jaar, is het voor hem nog lang geen tijd om rustig aan te gaan doen. “Ik ben veel te fanatiek voor een lager elftal.”

Toch stond de inwoner van Stad aan ‘t Haringvliet eind vorig seizoen, dus voor een min of meer gedwongen vertrek. Nadat SNS te weinig spelers had om een prestatief eerste elftal in te schrijven bij de KNVB. “Er was geen team meer en ik wilde nog niet stoppen met voetballen. Dus eigenlijk had ik geen keuze.” Het werd, na jaren in het wit met zwart van SNS en NSVV, dus Flakkee. “Er zijn in het verleden wel meerdere clubs met interesse geweest, maar NSVV (vier jaar) was tot dit seizoen de enige club naast SNS waar ik gespeeld heb.”

Oudste

Heel lang nodig om te wennen, had Van Gurp bij zijn nieuwe club niet. “Mijn zoontje is afgelopen zomer ook samen met de andere jeugdspelers van SNS naar Flakkee gegaan. Die geef ik nu training bij de JO11. Dat doe ik al sinds zijn vierde.” De middenvelder voelde zich vanaf dag één, dan ook thuis, vertelt hij. “Ik kende natuurlijk al wat mensen van Flakkee. We hebben een jonge groep, met veel twintigers, maar ik pas me makkelijk aan. Ook al ben ik de oudste, haha!” Een rol, die hem wel ligt. “Ik vind het leuk om die jongens te helpen met mijn ervaring.” Jarenlange ervaring, die Van Gurp dus opdeed in het shirt van SNS en NSVV. “In principe had ik nog jaren bij SNS willen voetballen, alleen werd het ieder seizoen moeizamer om genoeg spelers te hebben.” Hoe kijkt hij daar, als jongen van de club, nu naar? “Het is natuurlijk allesbehalve fijn. Voor de club en mezelf. Het liefste had ik afgesloten op mijn eigen dorp, maar dat zit er niet in.” Ook niet in de toekomst, denkt Van Gurp. “Een prestatief team wordt heel lastig voor SNS. Recreatief voetbal is wat dat betreft een stuk makkelijker. Ik hoop dat dat lukt. Al hebben ze nu gelukkig nog wel de 35+, het walking football en het peutervoetbal.” Contact, heeft de routinier in ieder geval nog genoeg, met zijn oude club. “Ik zit bij Flakkee ook in de jeugdcommissie, dus dat gebeurt sowieso wel!”

Constanter

Terug naar de prestaties op het veld, in de vijfde klasse. “Die vallen wel wat tegen. Ik had verwacht dat we hoger zouden staan, maar het gaat met ups en downs.” Want, zo beseft hij. “Vorig jaar stond Flakkee echt helemaal onderaan…” Een paar plekken hoger, zit er wat dat betreft nu een stijgende lijn in. “Voetballend is het niet zo slecht, alleen zijn we nogal wisselvallig.” Toch ziet hij genoeg perspectief, voor het restant van het seizoen. “We worden zeker niet iedere wedstrijd weggespeeld, maar we geven de goals nog wel te gemakkelijk weg. Waardoor de koppies gaan hangen.” Zaak om daar de komende maanden, wat aan te doen. “Als we constanter worden, kunnen we zeker nog een paar plekjes stijgen.” De juiste formatie, hebben ze in ieder geval gevonden. “In het begin speelden we 433, nu spelen we meestal 532.” Met hem, als middenvelder. “Mijn doel was ooit om tot mijn 40ste in een eerste elftal te voetballen, dus wat dat betreft heb ik het al aardig ver geschopt. Zolang ik fit ben, wil ik daar zo lang mogelijk van genieten.” Aan stoppen, denkt Van Gurp voorlopig dan ook nog niet. “Dat is niet de insteek!” Spijt van zijn overstap naar Flakkee, heeft de bewegingsagoog in de gehandicaptenzorg en sportleider in de kinderopvang dan ook allerminst. “Hans (de Heer) is een ontzettend gedreven trainer, daar ben ik blij mee. Ik ben vier avonden per week op de club en heb het tot nu toe ontzettend goed naar mijn zin.” Onder meer, tijdens het training geven aan zijn zoontje. “Dat is hartstikke leuk! Hij is net zo fanatiek als ik. Als ik hem zie genieten, is dat het mooiste wat er is.”

klik hier voor meer artikelen over MSV&AV Flakkee
klik hier voor meer artikelen over MSV&AV Flakkee

Patrick Lanser maakt Peursum inclusiever

0

Patrick Lanser (41) is al jaren een vertrouwd gezicht bij Peursum. Hij is onlangs algemeen bestuurslid geworden, met aangepast voetbal, jeugd, futsal en facilitair in zijn portefeuille.

Patrick is slechthorend. De grens ligt officieel bij 55 decibel gehoorverlies; hij zit op 60. Met een gehoorapparaat kan hij goed meedraaien in het dagelijks leven, zegt hij. “Maar het blijft iets waar je rekening mee houdt.”

Zijn voetbalverhaal begon bij VV Sliedrecht, in de D9. “Daar kon ik mijn plekkie niet echt vinden,” zegt hij. Hij ging verder bij VVAC, waar hij tot aan de senioren speelde. Werk kwam ertussen, hij stopte. Keerde later terug, opnieuw bij VVAC. Daarna volgden korte periodes bij Peursum, VVAC, SPV 81’ en LMO.

Bij SPV 81’ speelde hij in het 1e en bij LMO speelde hij 1 seizoen speelde hij met dove jongens in een regulier team. Uiteindelijk stopte die groep. Niet omdat het idee niet deugde, maar omdat de structuur ontbrak. Dat bleef hangen. Toen de trainer van het eerste van LMO hem benaderde voor de selectie ging hij daar nog een keer voor maar blessureleed zorgde er voor dat hij daar einde van het seizoen stopte. Na zijn operaties keerde hij terug bij VVAC en in de zaal bij Peursum. En daar viel alles op zijn plek.

Futsal

Patrick zette het algemene futsal en dovenfutsal op. Niet omdat het moest, maar omdat het er nog niet was. “In onze regio had je geen futsal en geen doventeams,” zegt hij. Vanuit de gemeente kwam zelfs de vraag of hij daar iets mee kon. Dat deed hij. Inmiddels heeft Peursum 3 futsalteams: een algemeen team en 2 doventeams met alleen slechthorende en dove spelers. In dat laatste spelen ook twee jongens die uitkomen voor het Oranje doventeam futsal. Er zijn zelfs spelers uit België aangesloten. “Voor ons is dat de basis.”

Patrick speelt zelf ook mee. Bij zowel het algemene futsal team en het doventeam. “Het loopt door elkaar. Dat is precies de bedoeling. Het gaat niet om scheiding, maar om toegankelijkheid. Je moet iemand binnen de club hebben die dit oppakt. Anders gebeurt het niet.”

Zijn rol werd groter toen hij het bestuur instapte. Het bestuur bestond uit drie mensen, waardoor de druk hoog was. “De vereniging deed een oproep: we zoeken bestuursleden. Ik stond toevallig in de bestuurskamer. Ik zei: als jullie hulp nodig hebben…” Zo simpel ging het. Nu is hij algemeen bestuurslid, met aangepast voetbal, futsal, jeugd en facilitair in zijn takenpakket. Als de jeugdcommissie er niet uitkomt, komt het bij hem terecht.

Onderscheidend in aangepast voetbal

Het aangepaste voetbal bij Peursum groeit. Het begon met dovenfutsal, en nu zijn de plannen uitgerold voor walking football. Het doel is breder: de samenleving erbij betrekken. “Peursum is sportief gezien een vierdeklasser. Maar maatschappelijk willen we ons onderscheiden.” Dat lukt, denkt hij, juist omdat het duurzaam is. Zowel het dovenfutsal als het algemene futsal draait nu drie seizoenen. “Dat blijft structureel.”

Binnen het doventeam zit een leraar van een dovenschool, waardoor ook jeugd wordt bereikt die anders misschien nooit bij Peursum was uitgekomen. “Dat helpt, je probeert door jeugd te betrekken iets op te bouwen. Ik snap ook dat niet elke club een doventeam kan oprichten of hier groot genoeg voor is. Het hangt af van hoe groot de doelgroep is. Maar het is hoe dan ook goed om erover na te denken.”

Patrick haalt er voldoening uit. Niet de snelle, maar de duurzame. “Het moet blijven bestaan.” Dat geldt ook voor zijn inzet. Hij doet veel, maar niet alles alleen. “Je hebt mensen nodig.”

Als hij praat over Peursum, klinkt geen borstklopperij. Wel betrokkenheid. “We hebben hier 26 teams, ook vrouwen en futsal. Het is een club die ruimte biedt voor alle spelers, ook dove spelers. Het maakt me trots dat ik daaraan heb mogen helpen.”

Klik op Peursum voor de laatste artikelen over de club.
klik op Peursum voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.