Home Blog Pagina 2

BROER EN ZUS BLOKLAND SAMEN IN DE HOOFDMACHT VAN VVAC

0

Bij VVAC spelen ze dit seizoen allebei in de eerste selectie. Domine Blokland bij de vrouwen, haar broer Josia onder de lat bij de mannen. Een derde broer, Wilant (24), voetbalde ook totdat een kruisbandblessure in de Onder 19 daar een einde aan maakte. Hij vlagt tegenwoordig bij het tweede en vond zijn nieuwe passie in het hardlopen.

Domine begon pas op haar elfde met voetballen. Daarvoor turnde ze, tot ze er rugklachten aan overhield. Volleybal, de sport van haar vader, overwoog ze ook nog, maar uiteindelijk gaf de inspiratie van haar twee voetballende broers de doorslag. Een proeftraining met een meisje uit het dorp was genoeg om haar te overtuigen. “Ik vond het vooral leuk dat het een teamsport is. Bij turnen was dat toch echt anders. Ik had al snel een band met de meiden uit mijn team en het was gewoon gezellig.” Vorig seizoen was haar eerste in Dames 1. Samen met een ander meisje dat een jaar eerder was overgekomen, rolde ze er moeiteloos in. Tot de winterstop deed het team goed mee in de top 3, maar daarna zakte het weg. De trainer vertrok en er komt een nieuwe: ambitieus, met het kampioenschap als doel. Domine is voorzichtig positief. “Ik heb het programma gezien. Het wordt taai, maar ik zeg nooit nooit.”

Josia rolde min of meer per toeval het doel in. Eerst keepte hij om en om met zijn neef, een helft ieder, tot zijn trainer van de F4 hem vroeg of keepen niet iets voor hem was. Sindsdien is hij nooit meer weg geweest, via alle jeugdteams tot het tweede, en sinds vorig seizoen als vaste eerste keeper. Die kans kreeg hij toen de keeper die jarenlang onder de lat stond voor VVAC, stopte. Het pakte goed uit. VVAC eindigde vierde en liep de nacompetitie net mis. Zelf is Josia kritisch. “Ik wil wat volwassener gaan keepen. Spel en situaties beter herkennen, en meer meevoetballen om het team te helpen in de opbouw.” Komend seizoen wacht een zwaardere, maar dichter bij huis gelegen competitie.

Familie VVAC

Thuis bij familie Blokland draait het gesprek na een wedstrijddag al snel om de club. Vader coachte Domine geregeld en trainde ook Wilant bij de Onder 19, moeder staat als vrijwilliger achter de bar. Doordat de vrouwen doorgaans iets eerder aftrappen dan de mannen, lukt het de ouders én ploeggenoten vaak om een stuk van beide wedstrijden mee te pikken. Spelen ze een enkele keer allebei thuis, dan wordt het een heus familie-uitje bij de club. Domine: “Ik heb het altijd wel leuk gevonden dat mijn broers actief zijn bij VVAC. Ik ben het ook altijd het zusje van… En ja het heeft natuurlijk wel iets bijzonders dat we ook samen kunnen voetballen en bij elkaar kunnen kijken.”

VAN HEMERT BRENGT RUST EN AMBITIE TERUG BIJ STEDOCO

0

Rody van Hemert is de nieuwe trainer van SteDoCo, een club die een roerig seizoen achter de rug heeft: veel gedoe, meerdere trainerswissels, en uiteindelijk degradatie. Van Hemert kiest er bewust voor om vooruit te kijken. En dat lijkt tot dusver goed uit te pakken.

Met wat er vorig seizoen misging, heeft Van Hemert weinig te maken. Met een nieuwe technische commissie en een compleet nieuwe staf is dat wat hem betreft verleden tijd. “Daar heb ik zelf niet zoveel van meegekregen, en ik heb er ook niks mee te maken.” Het enige dat nog voelbaar is, is wat scepsis en hunkering naar succes. Iets wat hij eerder meemaakte bij zijn vorige club Nieuwenhoorn, die ook net gedegradeerd was toen hij daar begon. Daar haalde hij twee keer de play-off-finale voor promotie, en verloor beide keren.

Van speler naar trainer

Van Hemert stopte op zijn 29e met voetballen om trainer te worden. Hij speelde toen bij Smitshoek, en merkte tijdens een busreis naar een uitwedstrijd tegen Kloetinge dat zijn aandacht veel meer uitging naar zijn jeugdteam dan naar zijn eigen wedstrijd. Na de wedstrijd, die ze wonnen, appte hij zijn vrouw dat hij ermee stopte om zijn passie voor het trainersvak achterna te gaan.

Wat hem aansprak in SteDoCo was vooral de ambitie. De club staat in de regio bekend als een club die omhoog wil. De laatste jaren stond het geregeld op de drempel van promotie naar de tweede divisie. “Je hebt hier alle faciliteiten die je nodig hebt, en geweldig toegewijde mensen. Het dorpse karakter is gebleven, maar er zijn dingen mogelijk die bij andere amateurclubs gewoon niet kunnen.” Zo kreeg hij zonder veel gedoe goedkeuring voor een klein trainingsweekend om het groepsproces te versnellen. Vergeleken met zijn vorige club, waar hij vaak alles zelf moest regelen, merkt hij hier vooral gedeelde ambitie. “Bij deze boot roeien mensen mee.”

Zijn allereerste training bij SteDoCo duurde ruim twee uur, aanzienlijk langer dan gebruikelijk. Bewuste keuze, legt Van Hemert uit. Spelers kopen vaak in mei al nieuwe voetbalschoenen, laten die een maand ongebruikt liggen, en trekken ze pas aan bij de eerste training. Blaren en hamstringblessures in de eerste week zijn dan al snel het gevolg. Zijn oplossing: een lange, rustig opgebouwde training met pauzes. “We begonnen met twintig minuten relaxte warming-up, en tussen oefeningen door telkens een paar minuten om wat te drinken of een balletje hoog te houden.” Het resultaat: de groep had zelf niet eens het gevoel dat ze zo lang op het veld hadden gestaan. Over de toewijding van zijn nieuwe selectie is hij nu al lovend. “Jongens die om kwart over zeven al in de gym staan, en na elke training een ijsbad in duiken. Dat kan ik alleen maar prijzen.”

De mens achter de speler

Als trainer is Van Hemert vooral kritisch op de omgang met een selectie. Zelf was hij als speler geen makkelijke klant, en dat heeft hem gevormd. “Als ik een speler een verbeterpunt meegeef, vind ik ook dat ik daar zelf verantwoordelijkheid in draag, om hem daarin te helpen.” Eerlijkheid staat bij hem voorop, ook als dat schuurt. “Soms kun je beter een keer een klootzak zijn en eerlijk, dan dat je iedereen alleen maar te vriend wil houden. Uiteindelijk wordt daar niemand beter van.”

STEEGWIJK KEERT TERUG NAAR DE ALBLAS

0

Jesse Steegwijk (27) keert deze zomer voor de tweede keer terug bij De Alblas. Na een uitstapje van één seizoen naar zijn jeugdclub Sliedrecht, waar de gewenste klik met trainer Sjoerd van der Waal uitbleef, is de buitenspeler weer thuis op het veld in Alblasserdam.

Steegwijk doorliep de hele jeugd bij Sliedrecht, de club waar hij opgroeide. Maar met een sterk eerste elftal, destijds bovenin de eerste klasse, was doorbreken voor jonge spelers lastig. Na twee seizoenen op het toenmalig hoogste niveau voor tweede elftallen kreeg Steegwijk een tip van een vriend. Junior Visser, die bij De Alblas speelde, spoorde hem aan het daar te proberen.  Steegwijk waagde de overstap en voelde zich meteen op zijn plek. “Vond ik echt een toptijd. Hartstikke leuke club, we werden kampioen.” Kort na hem maakte ook jeugdvriend Jeroen Melwijk dezelfde overstap, en al snel voelde De Alblas als een tweede thuis.

Terug naar de jeugdclub

Vier jaar lang bleef Steegwijk bij De Alblas. Het team werd kampioen in de derde klasse en handhaafde zich daarna in de tweede. Toen na die vier jaar een aantal ploeggenoten vertrok en Sliedrecht opnieuw aanklopte, greep hij zijn kans. “Ik vond het toch wel leuk om het nog een keer te proberen bij de club waar je bent opgegroeid. Ik had daar nooit echt de kans gehad om in het eerste te spelen.” Twee seizoenen geleden stonden De Alblas en Sliedrecht nog tegenover elkaar. Dat was precies op het moment dat zijn terugkeer naar Sliedrecht bekend werd. De Alblas won destijds met 2-1, een wedstrijd die achteraf extra betekenis kreeg.

Geen klik met de trainer

Al voor zijn overstap had Steegwijk twijfels over de hoofdtrainer van Sliedrecht, die hij nog kende van vroeger. Die twijfels bleken terecht. Tactisch botste het: waar Steegwijk als echte buitenspeler moest profiteren van een aangekondigd 4-3-3, koos de trainer uiteindelijk voor twee spitsen. “In het begin liep dat goed, dus snapte ik het wel. Maar toen de resultaten tegenvielen, werd het niet omgegooid.” Ook persoonlijk klikte het niet. Vlak voor de winterstop hakte Steegwijk de knoop door en stopte hij bij de selectie. Een goed gesprek met de trainer van het tweede overtuigde hem om het seizoen daar af te maken. Met succes: het team werd kampioen in de eerste klasse voor tweede elftallen. “Niet mijn verwachting vooraf, maar uiteindelijk toch nog een hartstikke leuk jaar.”

Ondanks dat mooie einde had Steegwijk zijn keuze al gemaakt. “Sliedrecht voelde niet meer zo als thuis als ik gehoopt had.” Wat hem bij De Alblas altijd is bijgebleven, is vooral de sfeer. “Heel laagdrempelig, altijd gezellig, de derde helft. Serieus, maar ook met beide benen op de grond.” Steegwijk benadrukt dat het probleem bij Sliedrecht bij de trainer lag, niet bij de groep. “Aan de groep lag het niet, dat waren gewoon leuke gasten.”

Bij De Alblas hoopt Steegwijk weer bovenin mee te draaien. De nieuwe competitie-indeling, met veel derby’s, stemt hem vrolijk. “Ik denk dat we zeker bovenin mee kunnen draaien. De kwaliteit was er vorig jaar ook, het viel gewoon vaak de verkeerde kant op.” Persoonlijke stappen naar een hogere club ziet hij niet meer zitten. “Ik vind het leuk om weer lekker in een eerste elftal te voetballen, nu het nog kan.”

RWB maakt zich op voor Waalwijk Cup

0

De selectie van RWB is inmiddels ruim twee weken onderweg in de voorbereiding op het nieuwe voetbalseizoen. Na de start met een intensieve trainingsdag op zaterdag 1 augustus heeft de ploeg meerdere trainingen en twee oefenwedstrijden afgewerkt. Met wedstrijden tegen een tweede- en een eersteklasser kreeg RWB daarbij direct de nodige weerstand voorgeschoteld.

Op dinsdag 11 augustus speelde RWB tegen tweede klasser JEKA. De ploeg had het lastig en verloor met 0-3.

Een paar dagen later volgde een duel met eersteklasser Almkerk. RWB hield in de eerste helft stand (0-0), maar kwam na rust 0-2 achter. Toch knokte de ploeg zich terug: Owen Kogels maakte 1-2 en Jordy van der Klauw zorgde voor de 2-2 eindstand.

De komende week wordt de voorbereiding voortgezet met trainingen. Daarna staat direct een belangrijk onderdeel van de voorbereiding op het programma: de Waalwijk Cup 2026⁠. Het toernooi wordt van donderdag 20 tot en met zaterdag 22 augustus georganiseerd door WSC. De herenteams komen vrijdag en zaterdag in actie.

Eerste prijs van het seizoen

Voetballen in de  selectie doe je voor je plezier maar ook om wedstrijden te winnen en prijzen te pakken. Voor de clubs uit Waalwijk, Sprang-Capelle en Waspik biedt de Waalwijk Cup ieder jaar een mooie eerste mogelijkheid om direct een prijs aan het seizoen toe te voegen.

RWB is in het herentoernooi ingedeeld in poule A, samen met SSC’55, OVV’67 en SV Capelle. Op vrijdag staan de eerste twee poulewedstrijden tegen SSC’55 en OVV’67 op het programma. Zaterdag volgt de derde poulewedstrijd tegen SV Capelle.

Daarna is het voor alle acht deelnemende clubs direct erop of eronder. Iedere ploeg speelt een kruisfinale, waarna de wedstrijden om de verschillende eindposities volgen. Uiteindelijk wordt zo bepaald wie zich winnaar van de Waalwijk Cup 2026 mag noemen.

Voor RWB is er bovendien iets recht te zetten. Vorig jaar eindigde de ploeg als achtste na een verloren kruisfinale tegen SSC’55 na strafschoppen en een nederlaag in de wedstrijd om de zevende plaats.

Komend weekend krijgt RWB dus de kans om zich te revancheren. De voorbereiding heeft al twee stevige tests opgeleverd. De Waalwijk Cup is de volgende stap én meteen de eerste kans op een prijs dit nog jonge seizoen.

Teun Groot verovert zijn plek bij ADO’20

0

Soms komt een kans pas wanneer je er al jaren op wacht. Voor Teun Groot kwam dat moment vorig seizoen bij ADO’20. De 21-jarige middenvelder moest lange tijd geduld hebben, maar toen hij eindelijk het vertrouwen kreeg, liet hij zien waarom hij al die jaren was blijven doorgaan.

Er zijn genoeg jonge voetballers die dromen van een plek in het eerste elftal. Maar tussen dromen en daadwerkelijk spelen zit soms een lange weg. Teun Groot kent die weg als geen ander.

De 21-jarige speler van ADO’20 was jarenlang een van de jonge spelers die dicht tegen het eerste elftal aanzat, maar nét niet aan de beurt kwam. Hij trainde mee, speelde zijn wedstrijden bij de O23 en stond regelmatig klaar voor het eerste elftal. Soms betekende dat zelfs dat hij na zijn eigen wedstrijd nog achter het vlaggenschip aanreed, om vervolgens negentig minuten op de bank plaats te nemen.

Geen vergoeding, geen garantie dat hij minuten zou maken. Wel de tijd, energie en kosten die hij erin bleef steken. Toch bleef Groot doorgaan.

Het seizoen waarin alles samenkwam

Dat geduld werd in 2025 beloond. Bij de O23 van ADO’20 beleefde Groot een uitzonderlijk seizoen. Het team werd divisiekampioen, bekerkampioen en kroonde zich daarna ook tot algemeen Nederlands kampioen. Daarmee pakte de ploeg de zogenoemde Triple Crown.

Groot speelde daarin een belangrijke rol. In de bekerfinale tegen ZOB was hij bijvoorbeeld goed voor de openingstreffer en ook in de wedstrijd om het Nederlands kampioenschap wist hij te scoren.

Een belangrijke rol in zijn ontwikkeling speelde ook Henk Zinhagel, de trainer van de O23. Zinhagel staat binnen de club bekend als een warm mensenmens en iemand die veel vertrouwen geeft aan zijn spelers. Ook Groot kreeg dat vertrouwen. De middenvelder kreeg de ruimte om zich te ontwikkelen, fouten te maken en vooral te laten zien wat hij in huis had.

Die aanpak betaalde zich uit. Groot groeide binnen de O23 uit tot een belangrijke speler en liet steeds nadrukkelijker zien dat hij klaar was voor een volgende stap.

Maar misschien nog belangrijker: zijn ontwikkeling bleef ook binnen ADO’20 niet onopgemerkt.

Al eerder was duidelijk geworden dat Groot klaar was voor die stap. In februari 2024 maakte ADO’20 bekend dat hij vanuit de O23 doorstroomde naar de eerste selectie. De club omschreef de O23 destijds als de ‘kraamkamer’ van het eerste elftal.

Toch moest hij ook daarna nog wachten op zijn echte doorbraak.

Eindelijk het vertrouwen

Toen ADO’20 degradeerde en Lars Keppel als trainer voor de groep kwam te staan, veranderde er iets voor Groot.

Hij kreeg het vertrouwen waar hij jarenlang op had gewacht. Niet meer vooral trainen, invallen of vanaf de bank toekijken, maar daadwerkelijk basisspeler zijn.

En eenmaal die kans gekregen, gaf hij hem niet meer uit handen.

Groot speelde zich in het elftal en bleef daar vervolgens het hele seizoen staan. De speler die jarenlang geduldig had moeten wachten, was ineens een vaste waarde op het niveau van de Derde Divisie.

De beloning kwam aan het einde van het seizoen. Groot werd door het publiek van ADO’20 uitgeroepen tot Speler van het Seizoen.

RBC Roosendaal wint het Spanjaardsgat Toernooi

0

Na bijna 25 jaar maakte het Spanjaardsgat afgelopen weekend zijn comeback op de Nederlandse voetbalvelden. Waar het toernooi in het verleden voornamelijk werd gekenmerkt door deelname van betaald voetbalorganisaties, waren dit jaar VV Baronie, VV Dongen, RBC Roosendaal en Unitas’30 de deelnemers. Uiteindelijk was het RBC Roosendaal dat de felbegeerde trofee in de lucht mocht houden.

Voor de vier deelnemende clubs vormde het Spanjaardsgat een mooi onderdeel van de voorbereiding op het nieuwe seizoen. In de eerste halve finale nam RBC Roosendaal het op tegen VV Baronie. De Roosendalers trokken uiteindelijk overtuigend aan het langste eind en wonnen met 4-1. Jesper Troost, Jelte Pal en Timo Regouin waren trefzeker namens RBC, waarbij Regouin twee keer tot scoren kwam.

Dongen naar de finale

In de andere halve finale stonden VV Dongen en eersteklasser Unitas’30 tegenover elkaar. Dongen wist het duel met 2-0 te winnen en plaatste zich daarmee voor de finale. Daarmee stond de ploeg tegenover RBC Roosendaal.

RBC trekt finale naar zich toe

De finale tussen RBC Roosendaal en VV Dongen groeide uit tot een doelpuntrijk duel. In totaal vielen er zes doelpunten, maar uiteindelijk was het RBC dat met de overwinning aan de haal ging.

De Roosendalers wonnen de finale met 4-2. Oussama Bouyaghlafen, Jelte Pal, Jesper Troost en Daniel Alexandrov namen de doelpunten van RBC voor hun rekening. Daarmee was de eindzege een feit en kon de ploeg de beker omhoog tillen.

Met de 4-2 overwinning op VV Dongen sloot RBC Roosendaal het toernooi af met de eindzege. Voor de Roosendalers is het daarmee een mooie afsluiting van een weekend waarin de ploeg meerdere sterke optredens liet zien.

Voor Baronie, Dongen en Unitas’30 was het toernooi eveneens een waardevolle krachtmeting in aanloop naar het nieuwe seizoen. Met de herstart van het Spanjaardsgat heeft het amateurvoetbal er bovendien een mooi voorbereidingstoernooi bij gekregen.

Fotografie: Luuksinbeeld

Amateurclubs wachten op bekerloting

0

De voorbereiding op het nieuwe voetbalseizoen is in volle gang, maar voor veel amateurclubs staat vrijdag al een belangrijk moment op het programma. Op vrijdag 7 augustus wordt namelijk geloot voor de eerste kwalificatieronde van de Eurojackpot KNVB Beker 2026/2027.

Tijdens het ESPN-programma De Voetbalkantine wordt bekend welke clubs het in de eerste officiële bekerwedstrijd van het seizoen tegen elkaar opnemen. Daarmee begint voor tientallen amateurverenigingen de jacht op een plek in het hoofdtoernooi van de nationale beker.

Eerste stap richting het hoofdtoernooi

Voor veel clubs is deelname aan de Eurojackpot KNVB Beker een hoogtepunt van het seizoen. Niet alleen biedt het toernooi de kans om ver te komen, ook lonkt bij een succesvolle campagne een droomaffiche tegen een betaaldvoetbalorganisatie.

De eerste kwalificatieronde wordt gespeeld begin september. De winnaars zetten een belangrijke stap richting het hoofdtoernooi, waarin later ook de clubs uit het betaald voetbal instromen.

Plaatsing via de districtsbeker

Naast de clubs uit de Tweede en Derde Divisie krijgen ook amateurverenigingen uit de lagere divisies de kans om deel te nemen aan de Eurojackpot KNVB Beker. Zij verdienen hun ticket via de KNVB-districtsbeker. In de zes districten strijden honderden amateurclubs gedurende het seizoen om de bekerwinst. De clubs die zich via deze route plaatsen, krijgen de kans om zich in de landelijke beker te meten met ploegen uit de hoogste amateurcompetities en mogelijk zelfs een stap richting het hoofdtoernooi te zetten.

Regioclubs in de koker

Ook diverse amateurclubs uit de regio wachten vrijdag met spanning af wie hun eerste tegenstander wordt. Na maanden van voorbereiding wordt duidelijk waar het bekeravontuur begint en welke uitdagingen hen te wachten staan.

Deze clubs zijn al zeker van deelname

Aan de eerste kwalificatieronde van de Eurojackpot KNVB Beker nemen 64 amateurclubs deel. Het deelnemersveld bestaat uit 36 clubs uit de Derde Divisie, 24 clubs die zich via de districtsbekers hebben geplaatst en 4 clubs uit de Tweede Divisie.

De 36 clubs uit de Derde Divisie zijn automatisch geplaatst voor de eerste kwalificatieronde.

Derde Divisie A
  • ACV
  • ADO ’20
  • DOVO
  • DVS ’33 Ermelo
  • Eemdijk
  • Excelsior ’31
  • Genemuiden
  • Harkemase Boys
  • Hercules
  • Hollandia
  • Hoogeveen
  • Purmersteijn
  • Scherpenzeel
  • Sparta Nijkerk
  • Sportlust ’46
  • Staphorst
  • SVZW
  • TEC
Derde Divisie B
  • Achilles Veen
  • Blauw Geel ’38
  • Dongen
  • EVV
  • Excelsior Maassluis
  • Gemert
  • GOES
  • Groene Ster
  • FC Lisse
  • Noordwijk
  • Poortugaal
  • RBC
  • FC Rijnvogels
  • TOGB
  • UDI ’19
  • UNA
  • VVSB
  • Zwaluwen

Vier clubs uit de Tweede Divisie

Om het deelnemersveld compleet te maken, worden ook vier clubs uit de Tweede Divisie toegevoegd aan de eerste kwalificatieronde. Welke vier clubs dat zijn, wordt door de KNVB via loting bepaald. De overige Tweede Divisionisten zijn vrijgesteld van deze kwalificatieronde en stromen op een later moment in het bekertoernooi in.

De loting is vrijdag 7 augustus live te volgen via ESPN.

Koninklijke onderscheiding voor Lex Wierks

DORDRECHT – Tijdens de traditionele lintjesregen rond Koningsdag in Dordrecht heeft ook Lex Wierks een koninklijke onderscheiding opgespeld gekregen als waardering voor zijn inzet voor de (Dordtse) samenleving.

Die onderscheiding kreeg hij ook vanwege zijn verdiensten voor Oranje Wit, waar hij zich een echte clubman toonde. Jarenlang was Lex – voormalig directeur en tegenwoordig ambassadeur van Verkeersschool Wierks – actief als trainer, organisator en chauffeur en daarnaast ook een betrokken sponsor. Door zijn inzet en toewijding heeft hij daarmee een belangrijke bijdrage geleverd aan het verenigingsleven en aan het plezier van vele leden.

Betrokkenheid

De betrokkenheid bij Oranje Wit begon meer dan dertig jaar geleden. De zoon van Lex Wierks, Thomas,  ging spelen in de F7, waarna de vraag kwam of met het bedrijf de club wilde sponsoren. En zo geschiedde, want kort daarop liepen spelertjes van Oranje Wit in shirtjes met de naam van de verkeersschool erop. Dat was meteen de start van de grote betrokkenheid van Wierks bij de club. Een betrokkenheid die nog steeds voortduurt, aangezien ook de kleinkinderen van Lex nog steeds bij Oranje Wit actief zijn. In het jubileumboek, dat vorig jaar verscheen ter ere van het honderjarig bestaan van de vereniging, zei Lex Wierks dan ook niet voor niks: ,,Oranje Wit is en blijft mijn club, die ik altijd zal blijven volgen.’’

Ook buiten Oranje Wit heeft Lex Wierks door de decennia heen zijn naam nadrukkelijk gevestigd. Al ruim 45 jaar is hij actief als rijinstructeur en ondernemer. Verkeersschool Wierks is uitgegroeid tot een organisatie met meer dan 50 medewerkers. Daarnaast zet hij zich al jarenlang vrijwillig in voor verkeersveiligheid onder kinderen. Daarnaast was hij ook het afgelopen voetbalseizoen zo’n beetje iedere uitwedstrijd van FC Dordrecht de chauffeur van de spelersbus van FC Dordrecht om de selectie van toenmalige trainer Dirk Kuyt door heel Nederland te brengen en zette hij zich ook nog vaker in voor de Dordtse betaald voetbalclub. Met al die inspanningen was de koninklijke onderscheiding dan ook meer dan verdiend.

Laros krijgt Karaca naast zich

Gerard Laros zal ook het komend seizoen, als RCD aan het avontuur in het zaterdagamateurvoetbal begint, voor de selectie van de Racing Club. Aan zijn zijde verandert er wel wat: William Luijten, de huidige assistent, doet namelijk een stapje terug.

Vanuit de vereniging is voormalig selectiespeler Oktay Karaca naar voren geschoven als nieuwe assistent. Karaca fungeerde in het huidige seizoen als hoofdtrainer van de JO19-1 en is aan het begin van dit seizoen gestart met de opleiding Voetbalcoach 2 Senioren. Vorig jaar gaf Karaca al desgevraagd aan dat hij graag wilde doorgroeien in het trainersvak en de stap naar het assistentschap is helemaal in lijn daarmee.

De huidige assistent, William Luijten, gaf al  in de winterstop aan dat hij na dit seizoen stopt met zijn rol naast Gerard Laros. Clubman pur sang Luijten was eerder ook al actief als hoofdtrainer van het tweede team van RCD.

Inmiddels heeft RCD Henk-Jan Stok en Finn Pennock aangetrokken als nieuwe spelers voor de selectie voor komend seizoen.

Dubbeldam treedt toekomst met trots tegemoet

0

De datum van 7 februari 2026 stond bij allen die voetbalvereniging Dubbeldam een warmt hart toedragen al maanden met rood omcirkeld. De dag van de opening van het nieuwe complex op sportpark Schenkeldijk was immers een memorabel moment in de clubhistorie, maar ook een moment waarbij de toekomst met trots tegemoet werd getreden.

DORDRECHT – Natuurlijk, de finishing touch op sportief gebied viel enigszins in het water omdat tegenstander DHV in de slotfase de 2-2 maakte. Maar het uitblijven van een driepunter kon de trots van de verzamelde Dubbeldammers, jong en oud, niet breken. Na een proces dat jarenlang duurde en dat voor een vuistdikke stapel aan publicaties had gezorgd, was daar eindelijk het moment van de opluchting, trots en tevredenheid met een grote grijns: Dubbeldam mocht zich eindelijk de bewoner van een nieuw complex noemen.

Op de Schenkeldijk, maar ook via de sociale kanalen van de vereniging, was er enorm toegeleefd naar het moment dat burgemeester Nanning Mol van Dordrecht met zijn aanwezigheid en mooie woorden tijdens de openingsceremonie de inleiding gaf naar de grootste opening van het prachtige complex. Een complex waar in het afgelopen decennium zoveel te doen om was geweest. Frustraties, bijstellingen, bloed, zweet en tranen, het passeerde allemaal in de revue in de aanloop naar de verhuizing waarvan vaak uitstel maar uiteindelijk geen afstel kwam.

En dus was er op die roodomcirkelde dag, 7 februari 2026, vooral ruimte voor feest. Met een trotse voorzitter Arie in ’t Veld, voor wie de komst van het nieuwe complex bijna een levenswerk was geworden, met heel veel (oud-)leden die aanwezig waren, met de burgervader van de stad Dordrecht maar vooral met een enorm gevoel van trots. Dubbeldam stapte in een nieuwe leefomgeving de toekomst in, een mijlpaal in de clubhistorie.