Home Blog Pagina 2

Marco van Honk is al 30 jaar online het gezicht van VV Heukelum

Al bijna zijn hele leven is Marco van Honk betrokken bij VV Heukelum, eerst als speler, later als bestuurder en inmiddels vooral als de man achter alles wat online gebeurt. “Die website is wel een beetje mijn kindje. Het is de oudste voetbalwebsite van de hele regio. Daar ben ik in 1996 mee begonnen, inmiddels 30 jaar geleden, samen met iemand anders. Toen stelde het nog niet zoveel voor hoor, alleen uitslagen en af en toe een zinnetje. Maar dat is uiteindelijk steeds verder uitgebreid.” Wat begon als iets kleins, groeide uit tot een platform waarop alles samenkomt: wedstrijdverslagen, foto’s, social media, live-updates en zelfs video samenvattingen en -interviews. “Ik wil niet zeggen dat we de beste moeten zijn, maar wel één van de meest complete van de regio. Dat is wel een beetje het uitgangspunt.”

Marco doorliep de jeugd bij Heukelum en speelde later vooral in het tweede elftal, met af en toe een uitstapje naar het eerste. Rond zijn drieëntwintigste kwam hij al in het bestuur terecht. “Het toenmalige bestuur wilde verjongen. Toen ben ik gevraagd als secretaris en later ben ik ook voorzitter geworden. Dat was best jong, zeker in die tijd.” Het leverde hem een periode op waarin hij snel moest leren. “Je moet met mensen omgaan, beslissingen  nemen. Soms ook lastige beslissingen. Dat hoort er gewoon bij. En je moet zichtbaar zijn, vind ik. Niet alleen op zaterdag, maar ook doordeweeks. Mensen moeten je kunnen aanspreken.” Toen hij later naar Den Bosch verhuisde, trok hij zelf de conclusie dat het niet meer te combineren was. “Vanuit daar kon ik dat gewoon niet goed meer doen. Ik vind dat je er moet zijn voor de club. Dus toen heb ik die keuze gemaakt.”

Toch verdween hij nooit echt uit beeld. Integendeel, zijn betrokkenheid bleef. “Ik ben altijd betrokken gebleven. Ik ga al jaren mee naar wedstrijden van het eerste, uit en thuis. Vanuit het bestuur, maar ook vanuit de website, en vooral omdat ik het leuk vind. Die rol groeide vanzelf door. Die verslagen bijvoorbeeld, dat is elke week. Dat hoort er gewoon bij. Sinds dit seizoen maak ik ook van elke thuiswedstrijd een videosamenvatting. Maar bijvoorbeeld interviews doe ik alleen als ik het leuk vind of als het moment ernaar is. We zijn vrij vroeg begonnen met samenvattingen. En in coronatijd hebben we bijvoorbeeld wedstrijden live uitgezonden met commentaar erbij. Uniek voor de hele regio.”

Naast het heden dook Marco ook het verleden van de club in. Wat begon als nieuwsgierigheid, groeide uit tot een serieuze rol als archivaris. “Ik ben een keer in oude kranten gaan zoeken. Gewoon uit interesse. En toen kwam ik erachter dat er een oud-voorzitter was die negentien jaar voorzitter was geweest en was benoemd tot ere-voorzitter, maar nergens meer genoemd werd. Dat was dus een man die vergeten was geraakt. Toen dacht ik: ja, dat moet je wel vastleggen. Anders raak je dat kwijt. Zo begon het en ik probeer steeds meer uit te zoeken omtrent de club.”

Tegelijkertijd ziet hij ook de keerzijde van zijn eigen inzet. “Het nadeel is wel dat veel bij mij blijft hangen. Als ik ermee zou stoppen, wordt het wel een stuk minder. Uiteindelijk moet je het ook een beetje overdragen. Het is niet alleen van mij, het is van de club. Maar ja, je moet wel mensen hebben die het willen en kunnen doen. Je moet net iemand hebben die het leuk vindt. Anders gebeurt er gewoon weinig.”

Voor Marco zit de uitdaging niet in het niveau waarop Heukelum speelt, maar in hoe de club zich presenteert. “We zijn een kleine club. Maar dat betekent niet dat je online klein moet zijn.” Met beperkte middelen probeert hij toch iets neer te zetten dat staat. “Ik werk gewoon met een camera die al tien jaar oud is. Dat hoeft allemaal niet zo duur te zijn. Als het maar goed is. Ik doe het gewoon omdat ik het leuk vind. En zolang dat zo is, blijf ik het doen.”

Klik op Heukelum voor het laatste artikel over de club.
Klik op Heukelum voor meer informatie over de club.

Dat is hartstikke mooi voor die gasten

Kampioen worden is en blijft het leukste wat er is. Ook als jeugdtrainer. En dus voelt het kampioenschap van de JO10-1 van Sparta’30 in de derde klasse als een mooie beloning voor al het harde werken, en het plezier maken, vertelt Jacky Sonneveld. “We zijn nu een aantal jaar met dit groepje bezig.”

En dat begon, in de laagste klasse. “Nu zitten we in de tweede klasse, dus dat is best wel knap en leuk!” Onder meer via een kampioenschap in de derde klasse. “Dat is natuurlijk vooral hartstikke mooi voor die gasten.” Gasten, die allemaal bij elkaar in de klas zitten én dus samen voetballen. “Ons team bestaat uit acht jongens, waarvan we hebben gezegd dat het goed zou zijn als ze één team zouden vormen.” Zo gezegd, zo gedaan. Onder leiding van Sonneveld (42). “Vorig jaar oktober ben ik begonnen als trainer, omdat ze niemand hadden. Toen heb ik dat bij de JO9-1 samen met twee ouders opgepakt. Ik ben er op zaterdag en doe op dinsdag de training.”

Tweestrijd

Onder meer, samen met zijn zoontje Lenn. Hoe dat is? “Soms wel lastig. Ik zeg eerder dat hij iets niet goed doet, dan wel. Je bent toch extra kritisch. Als er dan iets verkeerd gaat, is het vaak mijn schuld. Dat blijft altijd die eeuwige tweestrijd. Maar dat hoort er ook een beetje bij. Hij vindt het gelukkig heel leuk.” En Sonneveld zelf, natuurlijk ook. “Ik zit ook in het bestuur, als TC van de senioren. Dus voetbal blijft het leukste wat er is.” Ook als jeugdtrainer. “Ik probeer ze vooral veel basisvaardigheden bij te brengen. Dus veel oefeningen met de bal. Pass- en trappen, verschillende spelletjes, afwerken en partij.” Maar dat laatste, is voor de oud-speler van de club geen must. “De basis is voor mij het belangrijkste.” Een aanpak, die lijkt te werken. “Ze hebben echt enorme stappen gezet in het voetballen. Deze groep is best wel druk en snel afgeleid, dus het is soms lastig om ze constant geconcentreerd te houden. Gelukkig voeren ze op zaterdag allemaal goed hun taken uit.” Want, zo vertelt Sonneveld. “Trainen is leuk, maar je wilt bepaalde dingen natuurlijk vooral tijdens de wedstrijd terugzien. Het is mooi om daar progressie in te zien.” Helemaal, als fanatiek voetballiefhebber. “Ik kom echt uit een voetbalfamilie. Eigenlijk alles draait bij ons om voetbal. Mijn andere zoon, speelt hier ook in de JO14-1.” Zoals ook Sonneveld, eigenlijk niet beter weet. “Ondertussen kom ik al meer dan 25 jaar bij de club. Ik heb jarenlang in het eerste gespeeld, maar door blessures, ben ik tien jaar geleden gestopt. Nadat ik twee keer mijn kruisband had gescheurd.” Wat was Sonneveld zelf voor speler? “Ik stond altijd op tien. Iemand met een goede trap, goed inzicht en weinig loopvermogen.”

Elkaar helpen

Stilzitten, deed hij na zijn voetbalpensioen overigens niet. “Toen ben ik meteen het bestuur ingegaan.” En niet voor niks. “Sparta’30 is echt een familieclub. Iedereen kent elkaar, er zijn veel vrijwilligers en nagenoeg alle teams zijn goed bezet. Al kan het natuurlijk altijd beter.” Aan de onderlinge sfeer, zal het in ieder geval niet liggen. “Het is gewoon een fijne club, waar iedereen bereid is om elkaar te helpen.” Zoals ook Sonneveld, zijn steentje als jeugdtrainer bijdraagt. “Soms is het wel eens heel druk, met allerlei zaken. Dan moet je echt wel plannen. Maar als ik die jongens dan zie genieten, is het goed. En ik doe het natuurlijk ook voor mijn zoontje.” Vol passie en enthousiasme. “Doordeweeks probeer je ze allemaal dingen bij te brengen, als je dat dan terugziet op zaterdag, maakt je dat wel trots.” Wie weet, wat ze daar in de toekomst bij de club nog aan zullen hebben. Richting het eerste elftal, waar Sonneveld als TC-lid verantwoordelijk voor is. “Dat blijft natuurlijk wel het paradepaardje van een club. Daar ligt als vereniging de grootste uitdaging.” Ambities als jeugdtrainer, heeft de inwoner van Andel verder niet. “Ik doe het echt om te helpen. Als ze me nodig hebben, dan ben ik er, maar ik zie mezelf niet over vijf jaar nog trainer zijn van een jeugdteam.”

Klik hier voor de gepersonaliseerde clubpagina van Sparta’30.

‘Ik kan best wel een beetje opvliegerig zijn’

Tevreden met de huidige plek op de ranglijst, hebben ze bij derdeklasser Victoria’03 toch het gevoel dat er meer in had gezeten. En dus mikt aanvalsleider Keano Elgin nog altijd op het behalen van de nacompetitie voor promotie. “Dat is voor mij in ieder geval het doel!”

Maar om dat voor elkaar te krijgen, zal de formatie van Maikel Cohen waarschijnlijk tweede moeten eindigen. Achter aanstaand kampioen Moerse Boys. “Die zijn wel te ver weg, dus hopen we de derde periode nog te kunnen pakken.” Al had Victoria’03 volgens de 22-jarige Elgin al dichter op de bovenste plekken moeten staan. “In een aantal belangrijke wedstrijden, hebben we het best wel laten liggen. Ik weet eerlijk gezegd niet hoe dat komt.” Toch waagt de aanvaller een poging. “Tegen mindere tegenstanders, is er soms sprake van wat gemakzucht. Terwijl we dan ook gewoon ons eigen spel moeten spelen.”

Mening geven

Een spel, waarmee de inwoner van Roosendaal dus hoopt te promoveren naar de tweede klasse. “Helemaal omdat we vorig seizoen ook al tweede werden en toen niet promoveerden.” Toch wordt dat nog niet zo gemakkelijk, weet ook Elgin. “We moeten er vooral in de cruciale wedstrijden meer staan. Met een betere instelling en écht de wil om te winnen. Dat moet beter.” In zijn tweede seizoen, bij de club uit Oudenbosch. “Ik ben in de jeugd begonnen bij DEVO, daarna heb ik daar in het eerste gespeeld, ging ik naar SC Gastel, Roosendaal en vervolgens Victoria’03.” Ondanks zijn leeftijd, heeft hij dus al een flink rijtje clubs achter zijn naam. “Bij Roosendaal was het lastig, omdat ik daar geblesseerd raakte en de O23 uit elkaar viel.” Eenmaal op gesprek bij zijn huidige club, was de keuze snel gemaakt. “Daar had ik meteen een goed gevoel bij!” Ook in de praktijk, blijkt dat gevoel te kloppen. “Ik heb het enorm naar mijn zin. Met zowel de spelers, als de staf.” En de supporters. “Gewoon het soort mensen. Iedereen is gezellig.” Elgin voelt zich inmiddels dan ook al helemaal thuis, op Sportpark Albano. “Over het algemeen ben ik wel iemand die gewoon zijn mening geeft, maar dat past hier wel.” Ook in het veld. “Ik kan best wel een beetje opvliegerig zijn, als het niet loopt zoals ik wil. Al is dat puur uit fanatisme.” Van een balvaste spits, die vooral fungeert als aanspeelpunt. “De bal laten vallen en daarna weer voor de goal komen. Om te koppen of te schieten.” Want vooral koppen, gaat Elgin goed af. “Dat moet ook wel, want ik ben 1 meter 92!”

Oud en vertrouwd

Desondanks, is hij over zijn doelpuntenproductie voorlopig allesbehalve tevreden. “Ik heb er nu zes, dat is natuurlijk te weinig. Mijn doel was om er minimaal tien of vijftien te maken. Nu hoop ik rond de tien te eindigen.” Waar wijt hij zijn tegenvallende productie aan? “Vaak ben ik wel bij de doelpunten betrokken, maar zelf mis ik te veel kansen.” Zaak om daar, de komende jaren hard aan te blijven werken. “Uiteindelijk voetbal je om op een zo’n hoog mogelijk niveau te gaan spelen. Daarom zou het mooi zijn, als we met Victoria’03 naar de tweede klasse kunnen. En wie weet, daarna nog hoger.” Sinds dit seizoen samen, met zijn broer Ricardo. “Bij DEVO en SC Gastel deden we dat ook altijd al, dus gelukkig heb ik hem over kunnen halen om ook naar hier te komen. Dat voelt oud en vertrouwd.” Ook al is het, op de training hard tegen hard. “Dan gaat het er soms verhit aan toe, haha.” Maar eenmaal op zaterdag in het veld, weten de spits en linksbuiten elkaar blindelings te vinden. “Die connectie hebben we zeker!”

Klik op Victoria’03 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Victoria’03 voor meer informatie over de club.

Seolto blijft geloof houden: ‘Moet een keer goed vallen’

0

In een competitie die dicht op elkaar zit, is het voor Seolto dit seizoen keihard werken in de derde klasse. Al is dat iets, waar ze op voorhand al wel rekening mee hadden gehouden, vertelt trainer Fred Vrolijk. “We wisten dat het pittig zou worden als promovendus.”

Met een plek in de gevarenzone tot gevolg. “Aan de voorkant was het lastig om een inschatting te maken. Het is een pittige afdeling, maar we staan naar mijn mening wel een paar plekjes te laag.” Hoe dat komt? “We krijgen veel kansen, alleen ons probleem is doelpunten maken. En dat is best belangrijk bij voetbal.” Zorgen maken, doet Vrolijk (58) zich daarover echter nog niet. “Het belangrijkste is dat je kansen blijft creëren.”

Laatste dag

Al blijft de oefenmeester uit Ulvenhout ook realistisch. “Het is een combinatie van pech én kwaliteit. Maar ook geluk, dwing je af.” Het al te veel benoemen, doet Vrolijk dan ook liever niet. “Hoe meer je dat doet… Ik probeer er geen ding van te maken. Daar moeten we van weg blijven. We moeten gewoon vertrouwen houden.” Want de uitslagen, zitten er allemaal ‘kort bij’. “Eigenlijk zijn we amper weggespeeld.” Met een heel jong elftal. “De laatste tijd spelen we regelmatig met zestienjarigen in de basis.” Dat gebrek aan ervaring, breekt zijn ploeg wel eens op, denkt Vrolijk. “We geven te veel wedstrijden weg. Vaak zijn we niet minder, maar op de cruciale momenten geven we niet thuis.” Cruciale momenten, die er richting het einde van het seizoen, nog genoeg zullen komen, denkt de oefenmeester. “Het gaat elke week stuivertje wisselen worden. Ik verwacht, dat het spannend zal blijven tot de laatste dag. Dus is het zaak om volle bak gas te geven én fit te blijven.” Vooral dat laatste, is bij Seolto belangrijk in verband met de breedte van de selectie. “Onze O23 is uit de competitie gestapt, waardoor er een heel elftal is weggelopen. Daardoor moeten we nu regelmatig jongens uit de JO17 en lagere teams erbij pakken. Dat is de situatie waar we in zitten.” Tijd om daar al te lang bij stil te staan, heeft Vrolijk niet. “We moeten gewoon keihard knallen.” Vol vertrouwen. “Het staat allemaal dicht bij elkaar, maar ik heb honderd procent het geloof in handhaving. Als we zo doorgaan, moet het een keer goed vallen.” Want aan het veldspel, ligt het volgens hem niet. “Dat is prima. We creëren ook genoeg kansen.”

Vertrek

In zijn eerste seizoen bij de club, nadat hij een aantal jaar geleden, al eens eerder op gesprek was geweest bij de vereniging uit Zevenbergen. “Nick (van den Bosch) is een collega van mij, die is elftalleider bij Seolto, dus ging ik eens bij hem kijken op het moment dat ik geen club had. Toen zag ik de mogelijkheden en was één plus één, snel twee.” Na een mooi geschetst plaatje, voor de oud-trainer van onder meer Terheijden, Bavel en Baronie. “We hebben ook echt een leuke groep, dus wat dat betreft is het heel goed bevallen.” Maar ook uitdagend. “Het is lastig dat we maar één selectieteam hebben. Als je geen tweede of O23 hebt, moet je toch proberen iedereen te laten voetballen. Dat is wel eens moeilijk.” Een tweede seizoen bij Seolto, komt er dan ook niet, voor Vrolijk. “Dit is niet de manier waarop ik graag wil werken. Dat is voor mij de belangrijkste reden om te vertrekken.” Naar vierdeklasser BLC uit Den Bosch, waar hij voor drie jaar heeft getekend. “Ik heb bewust voor meerdere jaren getekend, omdat we daar echt wat op willen gaan bouwen. Het is een club met 1200 leden, die hoort niet thuis in de vierde klasse.” Een mooi project om in te stappen, noemt Vrolijk het. “Qua faciliteiten, maar ook het vertrouwen wat ze in mij uitspreken.” Voor het zover is, wil hij eerst goed afsluiten bij Seolto. “We hebben dit seizoen zowel voetballend, als conditioneel enorme stappen gemaakt. Ze waren hier gewend om heel anders te spelen, maar de stappen die we daarin hebben gezet, zijn goed om te zien.” Was hij achteraf, dan wel blij met de promotie van vorig seizoen? “Uiteindelijk wil je zo hoog mogelijk spelen. Dus daar moet je ook niet voor weglopen. In de vierde klasse had je ook geen garanties gehad op een topklassering.” Het doel voor Vrolijk, die in het bezit is van zijn TC2-diploma en tegenwoordig de docentenopleiding bij de KNVB volgt, dan ook niet veranderd. “Onze doelstelling was én is handhaven!”

Klik op Seolto voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Seolto voor meer informatie over de club.

Schijf bestaat 60 jaar: ‘Dat is onze kracht’

0

Een feestweekend ter ere van het 60-jarig jubileum. Bij Schijf kunnen ze niet wachten tot het half juni is. Want van een expositie en een zeskamp, tot een kinderdisco en een toernooi, alles komt voorbij, vertelt wedstrijdsecretaris Martijn Naenen. “We hebben een hoop leuke dingen bedacht om het te vieren.”

En niet voor niks, begint Naenen (44) enthousiast te vertellen. “Dat we 60 jaar bestaan, voelt toch wel heel speciaal. Je merkt ook dat het leeft binnen de club.” Want nadat het 50-jarig bestaan uitgebreid werd gevierd, is dit jubileum voor Schijf net zo bijzonder. “Dat blijft mooi!” Het jubileumjaar begonnen met een Nieuwjaarswandeling, barst in het weekend van 19 tot en met 21 juni, het feest dan echt helemaal los. “Met onze jubileumcommissie, bestaande uit achttien man, zijn we druk bezig om alles te regelen.” Al is er ook nu, al het nodige te beleven, voor de echte liefhebbers. “In samenwerking met de lokale supermarkt, slagerij en tankstation, kun je een memoryspel verzamelen. Met zaken uit Schijf en allerlei voetbal gerelateerde dingen.”

Samen

Een stukje voorpret, zou je kunnen zeggen. “Op vrijdag 19 juni starten we met een expositie, over de geschiedenis van onze club. Daarna hebben we nog een kinderdisco en komen de mannen van D’n Hoefcast langs.” Een dag later, staat de zeskamp op het programma, neemt Naenen ons mee naar de zaterdag. “En ‘s avonds hebben we een feestavond in de feesttent.” Het weekend wordt op zondag afgesloten met een freestyle workshop voor de jeugd, een toernooi, en natuurlijk nóg een feestmiddag- en avond. “Het is heel leuk om dingen te regelen én om samen leuke dingen te doen.” In zijn geval, als wedstrijdsecretaris en lid van het jeugdbestuur. “Vanuit die functie, zit ik nu ook in de jubileumcommissie. Om me bezig te houden met de activiteiten voor de jeugd.” Waaronder het jeugdkamp. “Die organiseren we dit jaar een week voor het jubileumweekend.” En die is groter, dan ooit. “We blijven nu niet één, maar twee nachten slapen op ons sportpark. In echte tipitenten.” Uiteraard, worden er ook de nodige spelletjes gespeeld. “Gelinkt aan het jubileum.” Want dat ze daar trots op zijn, mag duidelijk zijn. “Dat is ook wel een beetje de kracht van Schijf. Dat we het samen voor elkaar krijgen.” Voetbal, in combinatie met plezier. “Sinds 2019 zit ik als wedstrijdsecretaris in het jeugdbestuur, en vooral het organiseren, vind ik leuk. Om te zorgen dat alles loopt, de randvoorwaarden op orde zijn en we met z’n allen lekker bezig kunnen zijn.”

Veel te leuk

Onder meer als jeugdtrainer, van de JO13. “Alle drie mijn zoontjes voetballen bij Schijf, en ik geef nu mijn oudste training. Daar ben ik bij de JO7 mee begonnen.” Zorgt dat af en toe niet voor wat discussies thuis, met zijn andere twee zoons? “Ik probeer wel eens bij ze in te vallen, daardoor geef ik mijn jongste regelmatig training bij de JO8.” Want begonnen op zijn zesde, is de liefde voor de club er bij Naenen zelf, ook met de paplepel ingegoten. “Ik heb zeventien jaar lang in het eerste gespeeld en daarna ook nog in het tweede, derde en vijfde. Nu doe ik op vrijdagavond mee met de 35+.” Want, zo is de voormalig centrale verdediger of middenvelder eerlijk: “Het is gewoon veel te leuk om mee te stoppen.” Helemaal, bij Schijf. “Het is echt een familieclub, waar we het allemaal samen doen.” De inwoner van het dorp, haalt er dan ook veel voldoening uit. “Ik krijg heel veel energie van alle mensen die willen helpen. En dan wordt het vanzelf gezellig.” Naenen omschrijft Schijf dan ook als een positieve en energieke club. “Door dat stukje samenwerking, bestaan we nu 60 jaar. Schijf is niet groot, dus heb je behalve de voetbal, eigenlijk maar weinig keuze.” Zaak om het juist daarom, zo goed en leuk mogelijk te maken, vindt Naenen. “Met elkaar!” Ook de komende jaren. “De toekomst zie ik rooskleurig tegemoet. Wat betreft jeugd is de instroom goed en ook de plannen rondom de nieuwbouw in Schijf, zien er gunstig uit.” Al neemt het aantal senioren, wel langzaam af. “Het is ons jaren gelukt om dat gelijk te houden, dus dat komt wel goed.” Op persoonlijk vlak, denkt de voetballiefhebber in ieder geval nog lang niet aan stoppen. “Ik hoop zelf nog een aantal jaar te blijven voetballen, en door mijn zoontjes, blijf ik sowieso betrokken!”

Klik op RKVV Schijf voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RKVV Schijf voor meer informatie over de club.

Karsten Poppe wil gaan voor maximaal haalbare bij Terneuzense Boys

TERNEUZEN – Hij doorliep de jeugd van RKVV Koewacht, de club uit zijn eigen woonplaats. Daar haalde Karsten Poppe ook het eerste elftal dat uitkomt in de 5e Klasse A van het zondagvoetbal. Hij wilde zichzelf echter doorontwikkelen op een hoger niveau en die kans kreeg hij bij Terneuzense Boys. Daar speelt hij nu in het tweede team wat uitkomt in Reserve 2e Klasse. ‘Ze hadden een duidelijk meerjarenplan en daarbinnen wil ik gaan voor het maximaal haalbare.’

Die rode stip aan de horizon is als het aan de jonge Koewachtenaar ligt dus het eerste elftal van de ambitieuze tweedeklasser. “Ik kende al veel jongens die bij Terneuzense Boys spelen vanuit mijn studietijd aan het Lodewijk College. Nadat ik goede gesprekken had gevoerd met Ludwig de Bruin namens ‘de Boys’ was ik overtuigd dat een overstap de juiste keuze was. En tot op heden is dat ook gebleken. Ik was het echte plezier en de uitdaging bij Koewacht wat kwijtgeraakt en deze overstap kwam voor mij op het juiste moment. Nu voetbal ik samen met jongens waar ik in de jeugd altijd tegen voetbalde. Erg leuk en we proberen elkaar allemaal naar een hoger niveau te tillen.”

In de jeugd voetbalde de linksbenige Poppe vanaf de O13 in een combiteam van Koewacht/ Steen. “We speelde altijd in de eerste klasse en dan bij de senioren ineens onderin de vijfde klasse. Dat was echt een groot verschil. Ik koos er wel bewust voor om eerst een paar jaar in het eerste bij Koewacht te spelen om fysiek te wennen aan het seniorenvoetbal. We werden vervroegd doorgeschoven met een aantal jongens maar toch bleek het voor mij niet de gewenste uitdaging te zijn. Vanuit de O19 kwam ik terecht bij het eerste en was daar anderhalf jaar basisspeler. Ik heb in die periode wel veel geleerd maar ik wilde mezelf graag meten op een hoger niveau. Die kansen krijg ik nu bij Terneuzense Boys volop en dat is goed voor mijn ontwikkeling.”

Momenteel speelt hij dus in het tweede onder trainer Leander Duerinck, zelf oud-speler van het eerste bij Terneuzense Boys. “Hij is helder in de communicatie en geeft goed aan wat er van me wordt verwacht. Ik speel meestal linksvoor of linksmidden en kan daar prima mijn kwaliteiten kwijt als voetballer. Voor volgend seizoen is het de bedoeling om in de O23 te gaan spelen, een team wat een opstap moet worden richting het eerste elftal. Daar wil ik graag vol voor gaan, want in de periode dat ik nu hier voetbal ben ik op verschillende vlakken als voetballer wel flink gegroeid. Gelukkig zien ze dat hier ook en heb ik al verschillende keren met het eerste mogen meetrainen.”

Vooral in het maken van juiste keuzes in het veld, vooral de loopacties ook zonder bal zijn zaken waarin Poppe zeker stappen heeft gemaakt. “Leander geeft dat duidelijk aan en we proberen als spelers onderling elkaar daarin ook goed te coachen. Zelf moet ik nog minder bescheiden worden, mezelf meer laten horen. Als team is het soms nog wel wennen en moet vooral het samenspel in sommige wedstrijden nog beter worden. Als we daarin slagen dan gaan we zeker nog meer punten pakken. We gingen ervoor om kampioen te worden maar dat zit er niet meer in. Nu is het zaak om het seizoen zo hoog mogelijk te eindigen.”

Komend seizoen stapt hij dus over naar de O23 en gaat er werken aan het vergroten van zijn rendement. Qua goals en assists. “Dat is het doel. Dit jaar was vooral wennen aan een nieuwe omgeving. Komend seizoen wil ik er echt staan en toewerken naar het maximale en dat is toch om de selectie van het eerste elftal te bereiken.”

Klik op Terneuzense Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Terneuzense Boys voor meer informatie over de club.

Roy van Daalen houdt het internationale jeugdtoernooi van Brederodes levend: “Dit mag gewoon niet verloren gaan”

Bij sommige voetbalclubs heb je vrijwilligers die een taak uitvoeren. Bij Brederodes heb je ook mensen die een traditie bewaken. Roy van Daalen is er daar één van. De oud-speler van het eerste elftal is al jarenlang één van de drijvende krachten achter het internationale jeugdtoernooi van de club, dat dit jaar voor de 49e keer wordt gehouden. Volgend jaar wacht dus een bijzonder moment: de vijftigste editie.

Dat toernooi is voor Brederodes veel meer dan een paar wedstrijden in een pinksterweekend. Het is een visitekaartje, een jaarlijks ontmoetingspunt en voor veel jeugdspelers een herinnering die voor de rest van hun leven blijft hangen. Precies daarom vond Roy dat het moest blijven bestaan toen de toekomst ervan even onzeker werd.

“Mijn moeder heeft het jarenlang gedaan,” vertelt hij. “Volgens mij bijna 28 jaar. Op een gegeven moment wilde zij een stap terug doen en was het een beetje de vraag: wie pakt het op? Toen had ik wel zoiets van: dit toernooi mag gewoon niet verloren gaan. Daarnaast wil ik Aldert Guijt en Nick van den Berg noemen die allebei de periode na mijn moeder voorzitter zijn geweest van de IJT commissie. Echt 2 sterkhouders.”

Roy is inmiddels 48, maar zijn band met Brederodes gaat veel verder terug. Hij begon er als vijfjarig jochie, speelde later in de jeugd van FC Utrecht en kreeg zelfs op latere leeftijd nog een kans via een stage bij RKC Waalwijk. Het profvoetbal haalde hij uiteindelijk niet. Daarna keerde hij terug naar Vianen, waar hij tot zijn dertigste in het eerste van Brederodes speelde.

Dat verleden als speler helpt nu nog steeds. Niet alleen omdat hij de club door en door kent, maar ook omdat hij weet wat voetbal voor jonge gasten kan betekenen. Juist daarom haalt hij zoveel voldoening uit het toernooi dat hij nu al zestien, zeventien jaar mee organiseert. “Je creëert gewoon een onvergetelijke ervaring voor heel veel kinderen. Daar doe je het voor.”

Het toernooi is in de loop van de jaren uitgegroeid tot iets dat in de regio echt bekend is. Dit jaar doen er teams mee in de categorieën onder 13, onder 15, onder 17 en onder 19. Daarnaast is er al een aantal jaar ook een meisjescategorie bijgekomen. Clubs komen niet met één team, maar liefst met hun hele jeugdafvaardiging. Dat is ook meteen wat het toernooi bijzonder maakt: er is namelijk niet alleen een prijs per leeftijdscategorie, maar ook een verenigingsklassement. Alle resultaten van de teams van een club worden bij elkaar opgeteld.

Daarnaast is er de internationale uitstraling. Het Engelse FC Hereford komt al sinds de jaren zeventig naar Vianen. Met die club bestaat inmiddels een hechte band. Ook Belgische ploegen en Nederlandse clubs uit andere regio’s keren vaak terug. Niet omdat ze moeten, maar omdat ze graag willen.

“Je probeert niet elk jaar nieuwe clubs te zoeken. Je probeert juist een band op te bouwen.” Dat lukt. Sommige verenigingen komen al tientallen jaren. En het mooiste volgens Roy: inmiddels zie je weer kinderen meedoen van vaders die vroeger zelf ook op het toernooi speelden.

Tijdens het pinksterweekend verandert Brederodes in een klein voetbaldecor. Vier clubs overnachten op het sportpark zelf, waar een soort camping wordt opgebouwd met tientallen tenten. De Engelse gasten slapen bij gastgezinnen van Brederodes-spelers. Overdag wordt er gevoetbald, ’s avonds zijn er discoavonden en rondom het toernooi wordt veel meer georganiseerd dan alleen de wedstrijden.

Zelfs de opening is bijzonder. Teams lopen het hoofdveld op, er worden speeches gehouden, vlaggen gehesen, volksliederen afgespeeld en geregeld is er ook vuurwerk. Het klinkt bijna profachtig, maar dan in de warme, wat lossere sfeer van een amateurclub die weet hoe je een evenement moet neerzetten.

In de loop der jaren is het toernooi ook veranderd. Toen Roy en een jongere groep commissieleden het overnamen, besloten ze het naar een hoger plan te tillen. Niet door de ziel eruit te halen, maar juist door de beleving te verbeteren. Waar vroeger een hamburgertent en een snoepkraam stonden, is nu meer ruimte voor een breder aanbod. Het terrein werd mooier aangekleed, de avonden kregen meer uitstraling en het hele weekend werd strakker georganiseerd.

Toch wil Roy vooral benadrukken dat hij dit niet alleen doet. “Zonder mijn commissie en zonder de mensen van de club ben ik niks waard. We doen het echt met elkaar.”

Klik op Brederodes voor het laatste artikel over de club.
Klik op Brederodes voor meer informatie over de club.

Braat durft te dromen: ‘Uniek voor een club als RSV’

0

Een liesbreuk, twee kruisbandblessures en een schouderblessure. Arjan Braat heeft het in zijn voetbalcarrière op fysiek gebied niet echt getroffen. Maar inmiddels weer fit, droomt de aanvaller met vierdeklasser RSV van het kampioenschap. “Ik durf dat zeker uit te spreken!”

Aan vertrouwen dus geen gebrek, bij de 31-jarige buitenspeler. “Aan het begin van het seizoen heb ik al eens gezegd dat we zouden kunnen verrassen. Toen hoopte ik top drie en nacompetitie.” Want met een brede selectie en voldoende kwaliteit, zag Braat het destijds al helemaal voor zich. “We beschikken over veel verschillende kwaliteiten. Snelheid voorin en kracht achterin.” Een gedeelde eerste plaats, laat de inwoner van Sprundel dan ook dromen. “Misschien zit er nog wel wat leuks in het vat!”

Scherp blijven

Zoals bijvoorbeeld directe promotie naar de derde klasse. “Ik durf zeker uit te spreken dat we voor het kampioenschap moeten gaan!” Gebaseerd, op resultaten uit het verleden. “We creëren altijd kansen, scoren makkelijk en zijn nagenoeg iedere wedstrijd de bovenliggende partij. Wat dat betreft komen we er tot nu toe redelijk makkelijk doorheen. Al had ik, om eerlijk te zijn, ook weer niet verwacht dat het zó goed zou gaan.” Helemaal niet na vorig seizoen, waarin de ploeg niet verder kwam dan een zevende plek. “Toen hadden ze vaak moeite om genoeg spelers te hebben, en moesten ze regelmatig jongens van het tweede of derde lenen. Dat is nu gelukkig niet meer.” Mede dankzij een aantal versterkingen én doorgeschoven jeugd. En trainer Bas Antens. “Door hem zijn we conditioneel sterk en zitten we in een goede flow.” Maar te hard van stapel lopen, wil Braat nog lang niet doen. “Soms blijven jongens tijdens de derde helft nog heel lang hangen voor een feestje, maar onze koppies moeten op scherp blijven. We moeten het echt gewoon wedstrijd voor wedstrijd bekijken.” Want één ding, weet Braat wel: “Dit is uniek voor RSV. De club heeft nog nooit derde klasse gevoetbald, dat is toch bizar? Dat besef mis ik soms. Maar dat kan ook de jeugdigheid zijn.”

Van glas

Jeugdigheid die Braat zelf, in ieder geval niet met zich meebrengt. “Ik heb ondertussen behoorlijk wat clubjes gehad.” Want begonnen bij Rood Wit, droeg hij in de jaren daarna achtereenvolgens het shirt van Unitas’30, opnieuw Rood Wit, Hoeven, Dosko en nu dus RSV.” Sinds dit seizoen, maakt hij onderdeel uit van het vlaggenschip van de club uit Rucphen. “Twee jaar geleden speelde ik hier nog in een vriendenteam en twijfelde ik om te stoppen. Tot ik contact kreeg met Bas.” Eén ding weet Braat dan ook zeker: “RSV wordt echt mijn laatste club!” Waarom viel zijn keuze op de blauwe formatie? “Het is dichtbij huis, alles is goed geregeld, het zijn leuke gasten en de club leeft. Iedere wedstrijd staan er veel mensen langs de kant, waaronder mijn ouders en vriendin.” Gelukkig voor hen, staat hij sinds de laatste weken ook weer op het veld. “Ik ben echt wel een man van glas. Heb twee keer mijn kruisband gescheurd, heb een liesbreuk gehad en de afgelopen drie maanden, was ik herstellende van een schouderblessure. Nadat mijn schouder uit de kom was gegaan.” Toch is de rechtspoot, die ooit nog eerste klasse speelde, weinig van zijn voetbaltalent verloren in de afgelopen jaren. “Vroeger moest ik het écht van mijn snelheid hebben, dat is nu iets minder geworden. Maar ik ben ontzettend tweebenig, dat is mijn wapen. En ik maak graag acties en houd van goaltjes maken.” De linksbuiten denkt voorlopig, dan ook nog niet aan stoppen. “Het liefste blijf ik nog voetballen tot mijn 34ste.” In het liefst, de derde klasse. “Dat zou geweldig zijn!”

Klik op RSV de laatste artikelen over de club.
Klik op RSV voor meer informatie over de club.

Dubbeldam blij met terugkeer op oude nest bij Corn Boys

SAS VAN GENT – Na drie seizoenen v.v. Terneuzen keerde Karsten Dubbeldam afgelopen zomer terug naar Corn Boys. Een terugkeer voor de middenvelder op het oude nest, de club waar hij als jong ventje zijn eerste stappen op het voetbalveld zette. Vooralsnog is het sportief een stapje terug, maar bevalt het voetballen in het ‘vertrouwde’ oranje, wit en blauw hem heel goed.

“Het feit dat ik nu wekelijks speel is sowieso erg prettig, al had ik van mezelf wel verwacht om tijdens wedstrijden meer te kunnen brengen. Dat is nog niet altijd gelukt zoals ik het zou willen, maar in alles is dit voor mij wel een goed stap geweest.”

De 21-jarige Sluiskillenaar, die zowel als aanvallende middenvelder of rechtsbuiten uit de voeten kan, is naar zijn zeggen wel als een sterkere voetballer teruggekeerd vanuit Terneuzen. “Daar heb ik een seizoen bij de O19 in de hoofdklasse gespeeld en vervolgens was ik twee seizoenen onderdeel van de eerste selectie. Echte kansen heb ik niet gekregen, want het merendeel van de wedstrijden speelde ik bij het tweede. Maar toch ben ik, zéker in fysiek opzicht, gegroeid als voetballer. Maar om echt stappen te kunnen zetten in je ontwikkeling heb je tegenstand, uitdaging en vooral speeltijd nodig. Daarom heb ik weloverwogen de keuze gemaakt om weer in vertrouwde omgeving bij Corn Boys in de vijfde klasse te gaan spelen.”

In die vijfde klasse van het zaterdagvoetbal vindt de ploeg zichzelf terug die in de rechtse rij. Een klassering die volgens Dubbeldam lager is dan waar men vooraf op had gehoopt. “Maar sportief liep het in het begin niet echt. We hebben na de wedstrijd tegen concurrent Vlissingen ook een trainerswissel gehad. Tom stopte en nu staat de trainer van het tweede elftal voor de selectie. We merken wel dat we inmiddels de opgaande lijn wel te pakken hebben, al laat zich dat nog niet altijd vertalen in punten en goede uitslagen.”

Een niet heel brede selectie is volgens de middenvelder mede de reden dat het soms in wedstrijden niet even eenvoudig is om met dezelfde elf namen op het wedstrijdformulier te beginnen. “Dat is een reden denk ik, maar ook dat de bal er soms niet in wil. Dan krijgen we kansen op goals en die laten we onbenut, maar aan de andere kant vliegt dan de eerste beste kans er wel in en lopen we achter de feiten aan. Irritant maar wel de realiteit. Dan voetballen we prima mee en na zo’n tegenslag valt het uit elkaar. Dat mag niet gebeuren en daarin moeten we nog beter worden. Als ons dat lukt, dan ben ik overtuigd dat de punten vanzelf gaan volgen.”

Met de terugkeer naar Corn Boys heeft hij de afgelopen maanden geleerd om ook wel anders te gaan voetballen. “Zelf ben ik van nature een meer voetballende speler en in deze competitie is het soms veel duwen en trekken, veel duels uitvechten en fysiek voetbal. Daarin heb ik wel stappen gezet en is leerzaam. Maar ooit hoop ik nog wel een keer een stap omhoog te maken. Puur om te ontdekken waar mijn plafond ligt. Die uitdaging heb ik nodig als voetballer, maar om nu weer even een tijdje met vrienden te kunnen voetballen is voorlopig wel even mooi.”

Klik op Corn Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Corn Boys voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.