Home Blog Pagina 1412

Peter de Vries, teammanager bij Heerjansdam

Peter de Vries (62) is alweer vier jaar teammanager van Heerjansdam 1. Hij maakt zichzelf graag ondergeschikt aan het resultaat en de sfeer. Want zo is het toch wel, vertelt De Vries, die onmiddellijk aangeeft niet uit te zijn op roem of status. “Als teammanager knap je vooral klusjes op”, weet de man die nog niet zo heel lang geleden ook wel ‘elftalleider’ werd genoemd. “Kleding verzorgen, praktische probleempjes oplossen. Je staat niet in de schijnwerpers als je mijn functie bekleedt.”

Dat laatste is geen bittere noodzaak voor De Vries, die op de kop af 26 jaar lid is van het ooit zo beroemde Heerjansdam. Hij is nog van het altruïstische soort dat intens kan genieten wanneer het reilen en zeilen van het eerste team voorspoedig geschiedt. Sfeer en resultaten zijn nu eenmaal slechts haalbaar wanneer de randvoorwaarden in orde zijn, weet De Vries. Hij zegt: “Zonder dat mensen het vaak uitspreken, proef ik de waardering van de spelers.”

Voetballers zijn ijdeltuitjes die zich graag laten verwennen. Ze voelen zich behaaglijk wanneer hun tenuetje op zaterdag keurig klaar hangt, aan de haakjes in het kleedlokaal. De Vries op zijn beurt grijpt zijn organisatietalent aan om alles goed te regelen. “Dat vinden die jongens prettig”, zo gaat hij dieper op de materie in. “Ze willen weinig aan hun hoofd hebben en moeten worden gefaciliteerd in hun presteren, zonder dat het overdreven wordt. Ik vind het erg leuk om ervoor te zorgen dat alles op rolletjes loopt. In de wandelgangen hoor ik van mensen dat mijn werk op prijs wordt gesteld.”

De Vries meerde bij Heerjansdam aan toen zijn inmiddels 32-jarige dochter lid werd van de vereniging. Zelf schopte hij het als amateur tot één officiële wedstrijd in Xerxes 1, waarna een lelijke kruisbandblessure alle aspiraties op een glanzende voetballoopbaan aan gruzelementen werkte. “Maar ik wilde wel graag bij het voetbal betrokken blijven”, aldus de Vries. “Ik had het ook heel leuk gevonden als mijn zoon een goede voetballer was geworden. Helaas is hij op zestienjarige leeftijd in een rolstoel beland, toen er een hersentumor bij hem werd geconstateerd. Dat zijn dan van die dingen die je moeilijk een plaats kunt geven.”

De Vries zwijgt een aantal seconden wanneer zijn zoon ter sprake is gekomen. Dan pakt hij de draad op en schakelt over naar de trainerspositie van Heerjansdam 1. Hij heeft geen enkele behoefte om zich met de opstelling van het eerste elftal te bemoeien, beweert hij stellig. Die klus is voor coach Patrick Kok, die dat doorgaans vakbekwaam doet.

De trainersfunctie en leidersfunctie moeten vooral gescheiden blijven, besluit De Vries. Vandaar dat hij zich ook niet bemoeit met wissels, teleurgestelde reservespelers en andersoortig leed dat zich op het veld zelf afspeelt. “Laat mij maar lekker de tenues klaarhangen en probleempjes oplossen”, besluit De Vries opvallend monter. “Iedereen heeft zijn taak en daar is helemaal niets mis mee. De trainer bepaalt – en zo hoort het. Ik zit ook niet bij het wekelijkse technisch overleg.”

De Klerk dolblij met vertrouwen Zwaluwe: ‘Je mag hier op je bek gaan’

Vincent de Klerks belangrijkste doel voorafgaand aan dit seizoen was het terugbetalen van het vertrouwen dat voetbalvereniging Zwaluwe in de Zuid-Hollander stelde. “Het is een geweldige kans voor iemand zonder ervaring.”

Van kleins af aan wist De Klerk al dat hij trainer wilde worden. “Ook de droom om een eerste elftal te trainen is er al lange tijd. Ik vind het echt een mooie uitdaging om die gasten steeds weer een diverse training voor te schotelen, met het groepsproces bezig te zijn en duidelijk te communiceren.” Hij rook vorig seizoen al aan het trainersvak en liet zien talent te hebben: met een achterstand van dertien punten en nog tien wedstrijden te gaan, toverde hij een Houdini-act tevoorschijn door Papendrecht voor degradatie te behoeden.

Zwaluwe kende hij nauwelijks, maar toch leken de club en de trainer voor elkaar gemaakt. “Ik kwam hier terecht via een tip van een andere trainer, die wist mij te vertellen dat ze bij Zwaluwe een jonge en ambitieuze trainer zochten. Ik heb gesolliciteerd en het klikte meteen. De Brabantse gemoedelijkheid ligt me wel. In Rotterdam en omgeving lig je er na vier nederlagen uit, hier mag je op je bek gaan. Dat heb ik ze ook gevraagd tijdens de gesprekken, wat ze zouden doen als ik twaalf wedstrijden op rij zou verliezen. Toen zeiden ze: ‘Als de spelersgroep blij met je is, mag je gewoon blijven.’ Je krijgt hier de ruimte om ergens aan te bouwen, dat waardeer ik heel erg. En om op dit niveau te beginnen, dat is echt een buitenkans.”

Want volgens De Klerk zijn er maar genoeg trainers die graag in zijn schoenen zouden staan. “Ook mannen met veel meer ervaring, die nu thuiszitten. Als ik om me heen kijk en de trainers waar wij soms tegen spelen zie, denk ik wel: dan is het toch eigenlijk geen gezicht dat hier het groentje De Klerk zit.” En toch gaat het tot nu toe geweldig met Zwaluwe in de tweede klasse. “We hebben gewoon een hele stabiele groep. Er staat een goede keeper, een hele degelijke achterhoede waardoor we weinig goals tegen krijgen, daarvoor een middenveld met harde werkers én sierlijke voetballers en in de spits onberekenbare aanvallers.” Dat zorgt ervoor dat Zwaluwe in het eerste seizoen na de promotie naar de tweede klasse op het moment van schrijven ‘gewoon’ in het linkerrijtje meedraait. “Dat terwijl ik blij was geweest als we ons direct zouden handhaven. Het gaat gewoon heel goed, ik vind het erg fijn dat ik het vertrouwen heb gekregen, ook nadat we acht van de negen wedstrijden in de voorbereiding verloren.”

Hij noemt zichzelf een duidelijke trainer, die al zijn beslissingen goed uitlegt en kijkt of er wel genoeg draagvlak is in de spelersgroep. “Ik ben docent Lichamelijke Opvoeding en weet dus hoe belangrijk het is om duidelijk te communiceren met je leerlingen. Het was voor mij wel erg fijn dat het met de discipline al goed zat dankzij mijn voorganger Jack Beusenberg.”

Wat De Klerk nog lastig vindt, is afstand houden tot de spelersgroep. “Ik ben ook nog maar 32 jaar oud en vind het echt heel gezellig bij Zwaluwe, de verleiding is dan ook heel groot om mee de stad in te gaan na een wedstrijd. Toch doe ik dat bijna nooit, omdat ik een bepaalde afstand wil houden. Ik ben niet hun vriend, maar hun trainer. Ze moeten ook de ruimte krijgen om met wat bier op over mijn keuzes te klagen, haha.”

De inwoner van Hendrik-Ido-Ambacht hoopt nog een paar jaar door te mogen werken in Lage Zwaluwe. “Ik koester wat ik heb, het is mijn wens om hier langer te blijven en aan hele mooie jaren te bouwen. Maar ik weet ook: er hoeft maar iets te gebeuren binnen een spelersgroep en je positie ziet er opeens heel anders uit.”

Oscar de Kooning is op de weg terug

Lewedorpse Boys is bezig aan een moeilijk seizoen in de derde klasse van het zaterdagvoetbal. Door een aantal langdurige blessures bij bepalende spelers strijdt de ploeg tegen degradatie. Volgens sterkhouder Oscar de Kooning is handhaving het ultieme doel. “Voor aanvang van dit seizoen had ik ons in de top van het rechterrijtje gezet, maar door veel tegenslagen binnen het team is overleven het hoogst haalbare.”

Dat Lewedorpse Boys een lastig seizoen kent, heeft ook te maken met het blessureleed van De Kooning. “In de derde wedstrijd van het seizoen, het duel tegen Yerseke, heb ik mijn meniscus gescheurd. Ik ben eind november geopereerd en ben nu weer op de weg terug. ”

De inmiddels 29-jarige De Kooning is een belangrijke schakel. “Ik ben zelf één van de oudere spelers en voel mij geroepen om de leider binnen het veld te zijn en de kar te trekken. Ik ben van veel jongens ook jeugdtrainer geweest, waardoor ze wel wat van mij aannemen en weten dat ik fanatiek kan zijn tijdens trainingen en wedstrijden.”

De controlerende middenvelder is niet de enige speler die in de lappenmand heeft gelegen.  “Helaas zijn veel sterkhouders dit seizoen langdurig geblesseerd geweest. Desondanks denk ik dat wij genoeg kwaliteit hebben met spelers als Olde Raas, Sven Nieuwenhuijze, Matthijs van ‘t Westeinde, Jesper Poortvliet en Dave van de Klooster. We hebben een team waar nog erg veel rek in zit. We spelen standaard met vijf jongens van achttien jaar in de basis.”

Volgens de kleine middenvelder ontbeert het de ploeg soms aan volwassenheid. “We moeten als team volwassener worden. We kunnen best lekker ballen, maar soms vraagt een wedstrijd ook om de mouwen op te stropen en dan mag er weleens aan de rem getrokken worden. “
Ondanks de lage klassering gelooft de kleine middenvelder nog steeds in een goede afloop. “In deze klasse steken Yerseke en RCS erboven uit. De andere teams zijn aan elkaar gewaagd, waarbij iedereen van elkaar kan winnen. Zo kan een laagvlieger opeens van een stabiele subtopper winnen.“

Irene’58 viert 60ste verjaardag

Zaterdag 23 juni was het feest op het terrein van Irene’58. Het 60-jarige estaan werd gevierd met een complete jubileumdag. Allereerst waren de kinderen aan de beurt. Daarvoor was een zeepvoetbaltoernooi georganiseerd. Er werd fanatiek geglibberd en gegleden om de bal in het doel van de tegenstander te krijgen. Een geslaagde activiteit voor de jeugd. 

Jeu-de-Bal
’s Middags was het de beurt aan de volwassen. 22 teams, waaronder de Kluivenduikers, Paaspop Den Hout, Vrouwen van Nu en voetballers en andere betrokkenen van Irene’58, begonnen aan een Jeu-de-Bal toernooi. Er werd driftig gepasst, afgegaan op eigen balgevoel en gemeten om zoveel mogelijk punten te pakken. Wedstrijdleider Pim van den Hout maakte er een soepel geheel van door iedereen op tijd op het juiste veld te krijgen en de scores met grote precisie te verwerken. Na een fanatieke strijd werd Irene’58-1 voor de tweede keer dit jaar kampioen. De sportieve inspanningen werden beloond met een barbecue als afsluiting, waarvan zichtbaar genoten werd.

En het bleef nog lang gezellig
Ondertussen bouwde FHM Sound & Light het veld om tot een waar festivalterrein met podium, gelid, alles erop en eraan. Een sponsoringsbijdrage waar de club erg dankbaar voor is. Na het officiele gedeelte, waarin Frans van Mook (60 jaar lid) officieel werd benoemd tot erelid van zijn club inclusief oorkonde, knalde een groep vrijwilligers de feestavond letterlijk van start. Feestband Stoot! En DJ Youri zorgden ervoor dat het nog lang onrustig bleef aan het Ruiterspoor.

Trainer Thomas Mangelaars verruilt FC Moerstraten voor RKSV Halsteren

Dit seizoen is Thomas Mangelaars gestopt als trainer bij Fc Moerstraten en gaat volgend seizoen aan de slag bij RKSV Halsteren. Vijf jaar geleden heeft hij zijn UEFA-C diploma gehaald en heeft hij enkele jaren het eerste elftal van de Dames bij RKSV Halsteren training gegeven. Maar voordat Mangelaars aan de slag ging als trainer, is hij zelf actief geweest als speler bij Halsteren en momenteel is hij al meer dan 25 jaar lid bij de club.

Zes jaar geleden heeft Thomas Mangelaars zijn carrière als speler beëindigd, omdat het plezier in het voetbal bij hem begon af te nemen. ‘’Ik werd gevraagd om, vanuit Zondag 2, voor een korte periode te gaan voetballen bij de Zaterdag 1 van Halsteren. Na een paar trainingen merkte ik dat het plezier voor mij steeds minder werd. Daarna heb ik nog een seizoen in het eerste elftal van FC Moerstraten gevoetbald, maar toen ik een aanbod kreeg om bij Smediek de Dames te gaan trainen, heb ik besloten om helemaal te stoppen met voetballen.’’

Trainerschap
Na zijn periode bij Halsteren, heeft Mangelaars de overstap gemaakt naar Smediek om daar aan de slag te gaan als trainer van de Vrouwen 2. Vanuit Smediek heeft Mangelaars de overstap gemaakt naar RBC, waar hij de trainer werd van het toenmalige B1-elftal (JO17-1). ‘’Helaas kwam de samenwerking snel tot een einde en nam ik, in datzelfde seizoen, de A2 (JO19-2) over bij MOC’17.’’

Na zijn korte periode als trainer bij MOC’17, werd Mangelaars benaderd om trainer te worden van het tweede zondag elftal bij RKSV Halsteren. ‘’Ik ben op dit aanbod ingegaan, maar halverwege het seizoen kwamen zij er achter dat wij eigenlijk ‘gewoon’ een gebrek hadden aan spelers om zowel het eerste als tweede elftal te behouden. Halverwege het seizoen werd de stekker uit het tweede elftal getrokken en ben ik aangesloten bij Zondag 1. Dat seizoen ben ik assistent-trainer geworden bij het eerste elftal en het seizoen daarna ben ik een dubbel functie gaan uitvoeren, namelijk die van assistent-trainer en teamleider.’’

Vanuit deze dubbel functie bij Halsteren heeft Thomas Mangelaars de overstap gemaakt naar FC Moerstraten, maar lang is hij niet gebleven bij de club. Hij is namelijk slechts één seizoen actief geweest bij Moerstraten en keert aankomend seizoen weer terug naar Halsteren. ‘’Komend seizoen start ik aan de cursus UEFA-B en ga ik mijn stage lopen bij de Zondag 1 van RKSV Halsteren.’’

Thomas Mangelaars gaf aan dat hij wilt kijken waar zijn plafond als trainer ligt. ‘’Het is wel het streven om zo hoog mogelijk te behalen, maar tegelijkertijd wil ik wel realistisch blijven en kijken wat haalbaar is.’’ Ondanks zijn bovenstaande mening, gaf Mangelaars aan dat hij niet per sé ergens hoofdtrainer hoeft te zijn. Hij vertelde namelijk het volgende: ‘’Stel, ik zal mijn UEFA-B halen en Halsteren zou zeggen dat ik hier de komende twintig jaar kan blijven als assistent-trainer of er komt een andere club en ik zou dan aan de slag kunnen als hoofdtrainer van een tweede- of derdeklasser, dan denk ik dat ik altijd Halsteren zou verkiezen boven een andere club.’’

Memorabele momenten
Toen Thomas Mangelaars werd gevraagd naar zijn hoogtepunten/ meest memorabele momenten, gaf hij het volgende antwoord: ‘’Voor mij is het absolute hoogtepunt in mijn carriere als trainer tot nu toe, dat ik (na het opheffen van het tweede elftal) mocht aansluiten bij de staf van het eerste elftal. Dit is mijn hoogtepunt omdat ik ook een jaar lang de trainingen heb mogen verzorgen.’’

Doelstellingen komend seizoen
Op persoonlijk gebied is het behalen van het UEFA-B diploma, het allerbelangrijkste voor Mangelaars. Maar uiteraard gaf hij aan dat er ook verwachtingen/ doelstellingen zijn op sportief gebied: ‘’Afgelopen seizoen heeft Halsteren de derde plaats en nacompetitie voor promotie naar de Derde Divisie weten te behalen, maar helaas wisten zij dit niet te winnen. Ik denk dat het realistisch is om vast te stellen dat Halsteren weer de nacompetitie moet halen om promotie af te dwingen en dat de ploeg binnen nu en drie jaar tijd in de Derde Divisie actief moet zijn.’’

Vanaf vrijdag 22 juni j.l. is SPV ’81 twee ereleden rijker

Uit handen van voorzitter Theo Sangers ontvingen Jos de Goeij en Henk Rijneveld het erelidmaatschap van de voetbalvereniging SPV ’81 uit Polsbroek. Speciaal voor deze benoeming was wethouder Johan van Everdingen uitgenodigd om met veel mooie woorden deze huldiging een extra lading te geven.

Zo wist de wethouder geheel op eigen wijze Jos de Goeij te verrassen met een inleiding waarin de ruime staat van dienst van Jos volledig tot zijn recht kwam. Een bescheiden bestuursperiode maar heel veel commissies van diverse pluimage maakte Jos tot een ambassadeur voor de vereniging. Vanaf de oprichting tot op heden is Jos o.a. vanwege zijn financiële knowhow een waardevol adviseur geweest voor de club. Ook Henk Rijneveld werd met lovende woorden van wethouder Johan van Everdingen het erelidmaatschap aangeboden. Henk heeft na 27 jaar afscheid genomen van zowel een teamleidersrol als een bestuursfunctie. Henk is een bestuurder pur-sang en weet als geen ander de juiste paden te vinden. Hij heeft veel besturen, in woord en daad de goede kant op gestuurd. Tevens heeft Henk het mede mogelijk gemaakt om SPV ’81 door de jaren heen tot volledige wasdom te laten komen met o.a. eigentijdse trainingsfaciliteiten. De benoemingen werden door alle aanwezigen op deze vrijwilligersavond met luid applaus ontvangen en met veel felicitaties bezegeld.

CvdW: Irene ’58 – Jos van den Kieboom

Jos van den Kieboom is alweer 17 jaar betrokken bij Irene ‘58. Toen hij betrokken raakte bij de club uit Den Hout, lag zijn eigen spelerscarrière, wegens rugklachten, al achter zich. Ondanks zijn rugklachten wilde hij toch actief bezig zijn met voetbal en zodoende besloot hij om zich aan te melden als jeugdtrainer. Daarna is Van den Kieboom ook lid van de jeugdcommissie geweest en is hij momenteel alweer enkele jaren actief als secretaris. ‘’Heb het nog steeds erg naar mijn zin bij de club.’’

In 2001 raakte Jos van den Kieboom betrokken bij Irene ’58, toen hij zijn zoon kwam inschrijven. Hij heeft gekozen voor de club uit Den Hout, omdat het een kleine en gezellige club is. De reden dat Jos van den Kieboom gekozen heeft voor een kleine en gezellige vereniging, heeft voornamelijk te maken dat hij zelf heeft ervaren hoe het is als je bij een grotere club niet bij de selectie speelt.

Spelerscarrière
‘’Ik ben met voetballen begonnen bij BVC 54, toen ik zeven jaar oud was en hier heb ik zes á zeven jaar lang gespeeld. Daarna heb ik de overstap gemaakt naar SCO, waar ik 32 jaar lang heb mogen spelen. Ik ben nooit doorgebroken bij de selectie bij SCO en speelde vandaar de meeste wedstrijden in het derde elftal (vriendenteam) en ook enkele keren bij het tweede elftal.’’

Volgens Van den Kieboom liep bij SCO bijna iedereen langs elkaar heen en kende mensen maar weinig andere leden van de club. ‘’Als wij terugkwamen van een uitwedstrijd en het eerste speelde thuis, dan wilden zij ons gewoon laten betalen bij het loket omdat ze nog geen eens wisten dat wij lid waren van SCO.’’ Dit was voor hem een van de redenen voor de keuze om zijn zoon in te schrijven bij Irene ’58. Zijn zoon speelt bij Irene ’58 momenteel wedstrijden voor zowel het eerste elftal als het tweede elftal.

Hoogtepunten
Voor Jos van den Kieboom is de promotie naar de vierde klasse van 10 jaar geleden het grootste hoogtepunt voor de club, buiten de prestatie van dit seizoen. De promotie naar de vierde klasse staat Van den Kieboom nog in het geheugen gegrift. ‘’We moesten naar Kaaise Boys en daar was op de tribune één zijde helemaal oranje gekleurd. Uiteindelijk wonnen wij die wedstrijd en wisten wij te promoveren naar de vierde klasse. Dat was net zo mooi als de promotie naar de derde klasse die wij dit seizoen hebben mogen meemaken.’’

Zestigjarig jubileum aankomend weekend
Om 12 uur begint de viering ter ere van het zestigjarig bestaan van de club met zeepvoetbal voor de jongere jeugdleden in een toernooivorm. Voor de oudere jeugdleden is er een Jeu de Boules spel organiseert en ook dit is uiteraard in een voetbalvariant. Vervolgens vindt er om 17 uur een barbecue plaats voor alle leden en betrokken die aanwezig zullen zijn. ‘’Voor deze dag hebben ongeveer 150 mensen zich ingeschreven, dus dat zal een flinke barbecue worden’’, vertelde hij lachend. Uiteraard wordt de dag vol festiviteiten afgesloten met een knallende feestavond en een optreden van een liveband.

VV Wernhout leert kinderen meer dan voetbal

Als verantwoordelijke voor de jongste voetballertjes bij VV Wernhout doet John Adriaensen er alles aan om de jeugd uit het dorp warm te maken voor het spelletje. Nu de schoolklassen krimpen is dat niet makkelijk, maar toch krijgt het bestuurslid het samen met de andere vrijwilligers voor elkaar om het ledenaantal stabiel te houden.

Een jaar of zeven geleden kwam Adriaensen bij voetbalvereniging Wernhout terecht. Oorspronkelijk komt hij uit Achtmaal, maar zijn kinderen werden lid van de club uit Wernhout. Adriaensen is niet het type dat passief langs de lijn gaat staan, dus begon hij al snel met de functie van leider en trainer. Een jaar of vier geleden werd hij bestuurslid voor de jongste jeugd. “De oudere elftallen zijn vaak alleen maar met voetbal bezig, bij deze jongere junioren is dat eigenlijk maar bijzaak. Je bent ook bezig met dingen als veters strikken, praat met ze over school en probeert ze in toom te houden. Ik vind het heerlijk om die kinderen vol energie het veld op te zien rennen en ze dan een uitlaatklep te bieden.” Zelf was Adriaensen geen erg begenadigde voetballer. “Ik heb twee rotte knieën, daardoor moest ik al vroeg stoppen met voetballen en ik ben ook niet zo technisch onderlegd dat ik alles voor kan doen tijdens de trainingen. Bij deze categorieën is dat niet zo’n probleem.”

Adriaensen ziet de schoolklasjes steeds kleiner worden en dat baart hem zorgen. “Wij moeten het puur hebben van de aanwas vanuit Wernhout. Tot nu toe krijgen we het voor elkaar om de aantallen stabiel te houden, door een steeds hoger percentage van de jeugd aan het voetballen te krijgen. Dat doen we met open trainingen, we vragen niet gelijk contributie, maar alle kinderen kunnen eerst eens ervaren of ze het echt leuk vinden. En als iemand gaat voetballen, is de kans groot dat hij of zij vriendjes of vriendinnetjes meeneemt. Zo’n 75 procent van de kinderen uit Wernhout zit tegenwoordig op voetbal, dat gaat dus goed.”

Hij geniet van de ontwikkeling die hij ziet bij de kinderen. “Zowel individueel als in teamverband. Je ziet ze leren voetballen als een team, ze leren dat ze het niet alleen kunnen. Ze moeten samen plezier hebben, dat is het belangrijkste.” Kwaliteit is op deze leeftijden nog van ondergeschikt belang, vindt Adriaensen. Het deert hem dan ook niet dat zijn teams vaak met grote cijfers verliezen van de andere clubs uit de gemeente Zundert. “Het aantal talenten in een team komt in golfbewegingen. Maar het maakt deze kinderen zelf echt niet veel uit wat de uitslag is. Zolang ze maar plezier hebben. Ook al verliezen ze met 20-1, dan vieren ze dat ene doelpunt alsof ze de Champions League hebben gewonnen. Dat is mooi om te zien.”

Blijven om verloren terrein terug te veroveren

In de as van het eerste elftal speelt een voetballer die massa genoeg heeft. Het is Damian Janssen, een 23-jarige voetballer die zo zijn voorkeuren heeft in Ridderkerk. Hij speelde bij Rijsoord, ging naar Slikkerveer, keerde terug naar Rijsoord en is inmiddels drie jaar selectielid van Slikkerveer. Pratend over de beide clubs die hij in verschillende fasen van zijn leven doorliep, zegt Janssen: “Ik vind ze allebei mooi.”

Om uiteenlopende redenen wisselde de bij Rijsoord opgegroeide Janssen nogal eens van vereniging. Tot scheve gezichten bij de genoemde clubs leidde die gang van zaken niet. Althans, niet in de beleving van Janssen zelf die zich zowel bij Slikkerveer als Rijsoord welkom voelt. “Vrienden van mij spelen in het eerste van Rijsoord”, weet Janssen. “Soms ga ik kijken en dan heb ik echt niet het idee dat mensen me van het terrein willen afkijken. Maar ik voel me inmiddels wel een echte Slikkerveer-man en heb ook een heel goede verstandhouding met de voorzitter, Joop van Ettinger. Toen ik een paar jaar terug aangaf weer van Rijsoord naar Slikkerveer te willen gaan, verzekerde hij me ervan dat ik niet als een overloper zou worden benaderd.”

De in Ridderkerk opgegroeide Janssen kent het lokale voetbal als zijn broekzak. Hij is ervan op de hoogte dat RVVH doorgaans de sterkste elftallen heeft, maar een warm gevoel bij deze club is volledig afwezig. “Er hangt een sfeer van arrogantie”, stelt Janssen onomwonden. “Ze weten dat ze het beste zijn en gedragen zich daar ook naar. Ik houd daar helemaal niet van. En met de club Bolnes heb ik gewoon helemaal niks. Ik kom er ook nooit, en ook haast nooit meer bij RVVH trouwens.”

Janssen en de zijnen maken met Slikkerveer een behoorlijk moeilijke jaargang door. Op het moment dat dit stuk wordt geschreven, zijn de kansen op lijfsbehoud bedenkelijk te noemen. Een gang naar een andere club ging door de hersenpan van Janssen, maar de echte clubman stond in hem op de afgelopen maanden. “Ik wil niet weggaan bij een degradatie”, zo licht hij toe. “Het is een beetje zwak om de club te verlaten als het slecht gegaan is. Op die manier wil ik geen afscheid nemen. Ik blijf volgend seizoen zeker bij de club en wil dan gelijk weer kampioen worden.”

Janssen typeert zichzelf als een voetballer “van wie het lastig duels winnen is”. Dat laatste heeft veel te maken met de spiermassa die hij de afgelopen jaren opbouwde in de fitnessschool. Zijn gewicht groeide van 78 naar 95 kilo, waardoor tegenstanders vaak het idee hebben tegen een flinke bestelbus aan te knallen wanneer Janssen – hij volgt op het Zadkine College een opleiding tot sportinstructeur – de lijfelijke confrontatie met ze aangaat. “Als verdedigende middenvelder is fysieke kracht erg handig”, licht hij toe. “Het komt zelden voor dat ik van de bal wordt afgezet. Ik merk alleen wel dat ik minder wendbaar ben geworden. Kappen en draaien gaat me moeilijker af dan vroeger, helaas.”

Sportcomplex van VV Raamsdonk is aan een flinke opknapbeurt toe

In de bestuurskamer van VV Raamsdonk worden niet alleen maar plannen op voetbaltechnisch gebied gemaakt. De voetbalclub wil graag haar sportpark verduurzamen en onderzoekt de mogelijkheden voor milieubewuste maatregelen.

Duurzaamheid is tegenwoordig ook in de sportwereld een belangrijk begrip geworden. Op basis van een grondige energiescan kan een voetbalclub op jaarbasis behoorlijk wat geld besparen als er de juiste maatregelen worden genomen. VV Raamsdonk is zo’n vereniging die hier wel oren naar heeft en wil het sportpark graag verbouwen tot een nieuwe multifunctionele accommodatie (mfa), waar naast VV Raamsdonk ook andere verenigingen de vruchten van plukken.

Volgens clubman Michel Bouwens is het sowieso hoog tijd dat sportpark Den Uilendonck wordt opgeknapt. “Onze accommodatie is vijftig jaar oud. Het oogt bij ons allemaal wel in orde omdat we alles goed onderhouden. De uitstraling van ons sportcomplex is dik in orde. Maar wie beter kijkt, ziet overal wel punten voor verbetering.” Het dak van de kantine is bijvoorbeeld aan vervanging toe. De club gaat samenwerken met de gemeente om dit voor elkaar te krijgen. Met dit werk is ruim twee ton gemoeid, waarvan VV Raamsdonk 20.000 euro bijdraagt. Er zijn meer maatregelen op touw gezet. Spoedig worden de kleedlokalen van de club voorzien van nieuwe (LED-)verlichting en een legionella beheerssysteem. “Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden voor ledverlichting, energiezuinige koelingen en zonnepanelen”, voegt Bouwens toe. “We zijn als club serieus bezig met onze toekomst. Raamsdonk is een bloeiende club met ongeveer 360 leden en we willen onze leden graag verwelkomen op een modern sportcomplex.”

De speler van het vierde team en de leider van Raamsdonk J011-2 is in het dagelijks leven verantwoordelijk voor advies over beheer & exploitatie van het gemeentelijk vastgoed in de gemeente Bernheze. Bouwens weet dus waar hij over praat en wil zijn kennis gebruiken om de gemeente Geertruidenberg te overtuigen in actie te komen. “De contacten met Geertruidenberg zijn goed”, benadrukt Bouwens. “We zijn blij met de kunstgrasvelden en kleedkamers die we met behulp van de gemeente konden realiseren en hopen nu samen weer tot een mooi plan te komen voor onze accommodatie.” Wethouder Bert van den Kieboom gaat binnenkort in gesprek met het bestuur van de voetbalclub. Hij geeft aan ‘waardering’ te hebben voor de brede maatschappelijke rol die VV Raamsdonk in de gemeenschap wil spelen.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.