Home Blog Pagina 1171

De voorbeschouwing: Mathijs Knapen van Uno Animo

Uno Animo heeft in zijn eerste elftal een echte routinier lopen. Mathijs Knapen (32) is inmiddels al bezig met zijn 14e seizoen in de selectie en maakte op zijn 16e al zijn debuut in het eerste elftal. Nu is hij in zijn rol als centrale verdediger één van de meest ervaren spelers op het veld. Samen met Knapen analyseren wij de wedstrijd van afgelopen zondag tegen Beek Vooruit en doen we verwachtingen voor de aankomende wedstrijd tegen Madese Boys.

Vorig weekend heeft Uno Animo goede zaken gedaan tegen hun tegenstander uit Prinsenbeek. Een goed afgesproken tactiek van tevoren is zeer belangrijk geweest in de behaalde zege. ‘’Tegen Beek Vooruit speelde we tot nu toe onze beste wedstrijd van de competitie. Vanwege de specifieke kwaliteiten van Beek Vooruit hebben we ervoor gekozen om heel compact te spelen en geprobeerd met snelle uitbraken gevaarlijk te worden. Dit resulteerde kort na rust in een 4-0 voorsprong. Daarna hebben we de wedstrijd uitgespeeld en zijn nooit in de problemen gekomen.’’

Nieuwe talent in de selectie, Stan Mutzers, was voor Knapen de man of the Match. ‘’ Stan speelt voor het eerste jaar in de selectie en was tegen Beek Vooruit weer ijzersterk als rechtsback. Stan heeft als enige speler van Uno Animo de eerste 3 wedstrijden allemaal prima gespeeld.’’

Volgende week mag Uno Animo zich bewijzen tegen Madese Boys. Een waarschijnlijk moeilijke tegenstander, maar zeker niet onmogelijk. Toch is Knapen niet zeker van een overwinning. ‘’Madese Boys uit is altijd een lastige wedstrijd. Als wij weer als één team en vol beleving spelen dan gaan we uit bij Made zeker niet verliezen. Ik gok op een 1-1 als eindstand.’’

Uno Animo zal geen ploeg zijn die mee gaat doen om het kampioenschap, maar niet iedereen kan de beste zijn. Knapen gaat in ieder geval proberen het team zo snel mogelijk naar een veilige zone te spelen. ‘’Dit lukt eigenlijk al jaren en we gaan proberen om ook dit jaar veilig te zijn voordat de slotfase van de competitie begint. Als dat lukt gaan we met Uno Animo (een club waar geen enkele speler betaald wordt of een vergoeding krijgt) voor het 10e jaar in de 2e klasse spelen.’’

Als het de mannen van Uno Animo lukt dit te behalen schat Knapen in dat de 8e plek op de ranglijst een mooi streven kan zijn.

Fotobron: https://bit.ly/2MoQ9lD

Johan Voskamp : De sluwe vos van Lyra is weer los

Na ruim een jaar stilstand maakte Johan Voskamp zijn rentree als voetballer. Bij zijn eerste club Lyra hoopt de oud-prof van Excelsior, RKC Waalwijk, Sparta, Helmond Sport en het Poolse Slask Wroclaw zijn oude professie op te pakken: doelpunten maken.

Hij moet er zelf ook om lachen: de bijnamen die hij tijdens zijn loopbaan in het betaalde voetbal kreeg. De Stier van De Lier is de meest in het oog springende. “Blijkbaar heb ik die gekregen in de Jupiler League. Als topscorer kreeg je een Gouden Stier. Veel toepasselijker kan het niet nu ik voor Lyra speel, zou je kunnen zeggen. Al vind ik me in het veld meer een sluwe vos dan een dolle stier. Ik ben altijd de manbgeweest die een neusje had voor de goal en was allesbehalve een Engelse spits die door muren gaat en iedereen omver beukt.”

Voskamp zit al een tijdje in een fase dat hij aan het uitzoeken is wat hij na zijn actieve voetballeven wil gaan doen. Hij traint bij Lyra de jongste jeugd twee middagen in de week en bestiert daarnaast een voetbalschool. Hij ontdekte op die manier dat hij werken met kinderen leuk vond. “Vandaar dat ik nu een éénjarige opleiding volg voor gespecialiseerd pedagogisch medewerker. Daarnaast werk ik twintig uur in de week bij een kinderopvangorganisatie.”

In dat nieuwe leven is ook plaats voor Lyra, de club waar hij begon en tot zijn zestiende, voordat hij naar Westlandia vertrok, speelde. “De verplichtingen bij Lyra zijn te overzien. Twee trainingen in de week en een wedstrijd op zaterdag. De druk van het moeten presteren voel ik niet meer.”

Hij is blij dat hij weer is hersteld van een vervelende blessure die hem verhinderde in actie te komen voor Westlandia. “Ik heb het de tijd gegeven en dat is verstandig geweest”, zegt hij over zijn ontsteking bij zijn hiel. “Ik heb vorig seizoen twee weken meegedaan in de voorbereiding. De pijn was niet te verdragen. Ik heb gezegd: ik geef die hiel nu rust en wie weet gaat het straks dan weer kriebelen.”

Bij Lyra komt hij een hoop oude bekenden tegen van zijn jeugdjaren. De eerste competitiewedstrijd tegen Duindorp was zijn debuut in Lyra 1. Mét de aanvoerdersband om de arm. “Ik ben één van de oudere spelers en dan moet ik niet weglopen voor mijn verantwoordelijkheid. Ik heb natuurlijk wel het één en ander meegemaakt.” Hij kijkt met een meer dan voldaan gevoel terug op zijn betaald voetbal-carrière. “Ik was pas twintig toen ik bij Excelsior terecht kwam. Ik heb meer dan honderdveertig keer gescoord, promoties en kampioenschappen meegemaakt. Degradatie ook, want dat hoort er ook bij. Overal waar ik heb gespeeld heb ik het redelijk tot goed gedaan.” De twee jaar dat bij Helmond Sport en Sparta speelde, wijst hij aan als zijn beste periode. “Ik scoorde aan de lopende band.” Voskamp schreef eerste divisie-geschiedenis door tegen Almere City acht keer te scoren (12-1). Sparta-trainer Jan Everse haalde hem een kwartier voor tijd naar de kant. “Op dat moment vond ik het een logische wissel, omdat het pas mijn eerste wedstrijd voor Sparta was en maar één keer had getraind. Achteraf denk je wel: ik had het record van Henk Schouten met negen goals kunnen verbeteren.” Als topscorer van de eerste divisie verdiende hij wel een transfer naar Slask Wroclaw. In zijn eerste seizoen had hij een belangrijk aandeel in de landstitel van de Poolse club. “Dat feest vergeet je nooit meer, met tienduizenden mensen in de stad.”

In het tweede seizoen verdween Voskamp echter uit de basis. “De eerste zes wedstrijden speelde ik nog wel. Dat ging best goed, maar ik scoorde niet. Dan weet je, met twee trappelende spitsen achter je, dat de trainer andere keuzes gaat maken. Ik kwam eerst op de bank, daarna zelfs op de tribune. Dat had voor mij geen zin, dan is Polen net niet mooi genoeg.” Hij heeft geen idee wat hij van de derde klasse kan verwachten. “Het is voor mij een open boek. Het is de bedoeling dat we met Lyra hogerop gaan, maar hoe onze kansen liggen vind ik moeilijk in te schatten.” In de beker was hij in drie wedstrijden goed voor zes goals. “Scoren verleer je niet.”

Paul Koster denkt niet in resultaatdoelen

Hij leek (even) van de hoofdtrainersradar in Dordrecht verdwenen, maar maakt dit seizoen zijn rentree als technisch verantwoordelijke van een hoofdmacht: Paul Koster heeft als opvolger van Pippy Pruymboom zondag-derdeklasser RCD onder zijn hoede genomen.

DORDRECHT – Dat Paul Koster als opvolger van huidig Wieldrecht-trainer Pippy Pruymboom werd benoemd, was niet zo verbazingwekkend. Koster, die op 1 oktober 47 jaar wordt, was immers als in ‘deeltijd’ waarnemer van Pruymboom bij de Racing Club Dordrecht aangezien laatstgenoemde in de afgelopen voetbaljaargang ook nog trainer was van de Dordtse zaterdag-eersteklasser Oranje Wit. ,,Er was dus al een goede relatie met RCD. Bovendien heb ik goed contact met bestuurslid Louis Laros, dus dat contact was snel gelegd’’, legt Paul Koster uit

Toch was het niet helemaal gepland om als hoofdtrainer terug te keren in het voetbalwereldje, dat Koster al zoveel bracht. Als speler was hij actief voor Wieldrecht, VVGZ en ASWH, als trainer bouwde hij ook een staat van dienst op. De Dordtenaar was regiocoach binnen het district Zuid I en was als jeugdtrainer actief binnen de opleiding van betaald voetbalclub FC Dordrecht. Als hoofdtrainer was hij een drietal seizoenen werkzaam bij Dordtse oudste club DFC, de club  die onder zijn leiding de status van tweedeklasser bereikte. Daarna trad Koster, die zich in het verleden ook verdienstelijk maakte op het gebied van sportstimulering in de gemeente Dordrecht én Zwijndrecht, in dienst van de KNVB waar hij zich bezighield met jeugdvoetbal en maakte hij ook mooie voetbalreizen zoals naar Hawaii (zie foto). ,,In de periode dat ik werkzaam was bij de KNVB heb ik de keuze gemaakt om geen team ernaast te trainen en te coachen. Dankzij RCD ben ik uiteindelijk toch weer erin gerold en dat beviel van beide kanten zo goed dat daaruit een hoofdtrainerschap is voortgekomen. En ik moet zeggen, het is heerlijk om weer op het veld te staan en met een groep bezig te zijn. Om dingen goed te zien gaan waarop je met elkaar getraind heb en te werken aan verbeteringen in de speelwijze. Het is fijn om dat weer te ervaren.’’

HECHT TEAM
Minder blij was Koster met de aanloopperiode van zijn nieuwe ploeg. In de districtsbeker trof RCD met Sparta’30, Asperen en Hardinxveld drie zaterdagploegen als opponenten. ,,Wedstrijden die dus geen enkele waarde voor ons hebben gehad. Als zondag ploeg moet je maar naar de zaterdagtegenstander buigen en dat had voor ons grote gevolgen. In drie wedstrijden heb ik met verschillende samenstellingen moeten spelen omdat jongens ontbraken vanwege werkzaamheden en andere redenen. Waarom kon dit niet anders? Er zijn volgens mij genoeg zondagploegen die ook nog in de districtsbeker uitkomen. Is het dan niet mogelijk om bijvoorbeeld een Dordtse poule samen te stellen met voor SSW, FC Dordrecht amateurs en GSC zondag om maar wat te noemen? Of misschien moeten we in de toekomst maar afspreken dat we zo’n bekerwedstrijd tegen een zaterdagploeg op vrijdagavond spelen om gelijke kansen te hebben. Deze bekerronde heeft ons echt niets opgeleverd.’’

En dat terwijl Koster de tijd juist goed kon gebruiken om zijn team naar de hand te zetten en te kneden. ,,vormen
van een hecht team, toch één van de kenmerken waarom RCD bekend staat, is voor mij één van de belangrijkste uitgangspunten geweest toen ik hier aantrad als trainer. En bovendien een club met talentvolle jeugd, die de doorstroming naar het eerste team kan en moet gaan maken. Vorig jaar is er het nodige in de selectie gebeurd, waar ik buitenstaander bij ben geweest. In de groep die er nu staat, zit zeker kwaliteit maar we zullen wel met elkaar de schouders eronder moeten zetten om dat te vertalen naar goede prestaties. Waarbij ik het als trainer belangrijk vind dat er een goede sfeer is waarin iedereen zich lekker voelt. Van daaruit is het dan prettig werken met elkaar.’’

BASIS
Vorig seizoen moest RCD zich inspannen om de status van derdeklasser te houden. Dit seizoen, in een andere voetbalomgeving (zie kader), is het uitgangspunt anders: Paul Koster wil zich niet laten vastpinnen op een mogelijke eindklassering of resultaatgerichtheid.

,,Ik weet dat mensen heel graag willen horen wat dé doelstelling is van een ploeg, maar ik denk niet in resultaatdoelen. Wat voor mij voorop staat, is dat we plezier met elkaar hebben want dat is de basis van alles. In die sfeer wil ik werken aan de ontwikkeling van het team, waarbij duidelijk is dat we keihard met elkaar moeten zullen werken om goed voor de dag te kunnen komen. In de afgelopen weken heb ik die bereidheid geproefd en daar gaan we mee verder. Waar ik momenteel sta in mijn trainerscarrière en waar ik naartoe wil? Vind ik ook lastig om te zeggen. Eerst maar eens kijken hoe het de komende maanden gaat voordat we daar iets over kunnen zeggen

 

 

Paul Koster denkt niet in resultaatdoelen

Hij leek (even) van de hoofdtrainersradar in Dordrecht verdwenen, maar maakt dit seizoen zijn rentree als technisch verantwoordelijke van een hoofdmacht: Paul Koster heeft als opvolger van Pippy Pruymboom zondag-derdeklasser RCD onder zijn hoede genomen.

DORDRECHT – Dat Paul Koster als opvolger van huidig Wieldrecht-trainer Pippy Pruymboom werd benoemd, was niet zo verbazingwekkend. Koster, die op 1 oktober 47 jaar wordt, was immers als in ‘deeltijd’ waarnemer van Pruymboom bij de Racing Club Dordrecht aangezien laatstgenoemde in de afgelopen voetbaljaargang ook nog trainer was van de Dordtse zaterdag-eersteklasser Oranje Wit. ,,Er was dus al een goede relatie met RCD. Bovendien heb ik goed contact met bestuurslid Louis Laros, dus dat contact was snel gelegd’’, legt Paul Koster uit

Toch was het niet helemaal gepland om als hoofdtrainer terug te keren in het voetbalwereldje, dat Koster al zoveel bracht. Als speler was hij actief voor Wieldrecht, VVGZ en ASWH, als trainer bouwde hij ook een staat van dienst op. De Dordtenaar was regiocoach binnen het district Zuid I en was als jeugdtrainer actief binnen de opleiding van betaald voetbalclub FC Dordrecht. Als hoofdtrainer was hij een drietal seizoenen werkzaam bij Dordtse oudste club DFC, de club  die onder zijn leiding de status van tweedeklasser bereikte. Daarna trad Koster, die zich in het verleden ook verdienstelijk maakte op het gebied van sportstimulering in de gemeente Dordrecht én Zwijndrecht, in dienst van de KNVB waar hij zich bezighield met jeugdvoetbal en maakte hij ook mooie voetbalreizen zoals naar Hawaii (zie foto). ,,In de periode dat ik werkzaam was bij de KNVB heb ik de keuze gemaakt om geen team ernaast te trainen en te coachen. Dankzij RCD ben ik uiteindelijk toch weer erin gerold en dat beviel van beide kanten zo goed dat daaruit een hoofdtrainerschap is voortgekomen. En ik moet zeggen, het is heerlijk om weer op het veld te staan en met een groep bezig te zijn. Om dingen goed te zien gaan waarop je met elkaar getraind heb en te werken aan verbeteringen in de speelwijze. Het is fijn om dat weer te ervaren.’’

HECHT TEAM
Minder blij was Koster met de aanloopperiode van zijn nieuwe ploeg. In de districtsbeker trof RCD met Sparta’30, Asperen en Hardinxveld drie zaterdagploegen als opponenten. ,,Wedstrijden die dus geen enkele waarde voor ons hebben gehad. Als zondag ploeg moet je maar naar de zaterdagtegenstander buigen en dat had voor ons grote gevolgen. In drie wedstrijden heb ik met verschillende samenstellingen moeten spelen omdat jongens ontbraken vanwege werkzaamheden en andere redenen. Waarom kon dit niet anders? Er zijn volgens mij genoeg zondagploegen die ook nog in de districtsbeker uitkomen. Is het dan niet mogelijk om bijvoorbeeld een Dordtse poule samen te stellen met voor SSW, FC Dordrecht amateurs en GSC zondag om maar wat te noemen? Of misschien moeten we in de toekomst maar afspreken dat we zo’n bekerwedstrijd tegen een zaterdagploeg op vrijdagavond spelen om gelijke kansen te hebben. Deze bekerronde heeft ons echt niets opgeleverd.’’

En dat terwijl Koster de tijd juist goed kon gebruiken om zijn team naar de hand te zetten en te kneden. ,,vormen
van een hecht team, toch één van de kenmerken waarom RCD bekend staat, is voor mij één van de belangrijkste uitgangspunten geweest toen ik hier aantrad als trainer. En bovendien een club met talentvolle jeugd, die de doorstroming naar het eerste team kan en moet gaan maken. Vorig jaar is er het nodige in de selectie gebeurd, waar ik buitenstaander bij ben geweest. In de groep die er nu staat, zit zeker kwaliteit maar we zullen wel met elkaar de schouders eronder moeten zetten om dat te vertalen naar goede prestaties. Waarbij ik het als trainer belangrijk vind dat er een goede sfeer is waarin iedereen zich lekker voelt. Van daaruit is het dan prettig werken met elkaar.’’

BASIS
Vorig seizoen moest RCD zich inspannen om de status van derdeklasser te houden. Dit seizoen, in een andere voetbalomgeving (zie kader), is het uitgangspunt anders: Paul Koster wil zich niet laten vastpinnen op een mogelijke eindklassering of resultaatgerichtheid.

,,Ik weet dat mensen heel graag willen horen wat dé doelstelling is van een ploeg, maar ik denk niet in resultaatdoelen. Wat voor mij voorop staat, is dat we plezier met elkaar hebben want dat is de basis van alles. In die sfeer wil ik werken aan de ontwikkeling van het team, waarbij duidelijk is dat we keihard met elkaar moeten zullen werken om goed voor de dag te kunnen komen. In de afgelopen weken heb ik die bereidheid geproefd en daar gaan we mee verder. Waar ik momenteel sta in mijn trainerscarrière en waar ik naartoe wil? Vind ik ook lastig om te zeggen. Eerst maar eens kijken hoe het de komende maanden gaat voordat we daar iets over kunnen zeggen

 

 

Club van de Week: VCK-Koudekerke met David Scheermeijer

David Scheermeijer (51) is geen typisch clubicoon die al 50 jaar rondloopt bij de club, maar heeft wel al zijn steentje kunnen bijdragen in de zeven jaar die hij al bij VCK Koudekerke te vinden is. Momenteel is hij mede de trainer van MO13. 

David is in 2005 naar Koudekerke verhuist waarna hij al snel in contact kwam met VCK. ‘’Ik was nog vrij nieuw in Koudekerke, maar mijn kinderen wilden gelijk voetballen. Toen zijn ze lid geworden bij VCK en net als bij iedere vereniging zoeken ze altijd wel trainers of vrijwilligers. Zo ben ik er een beetje ingerold.’’ Voor het trainerschap was David als speler ook al op de velden te vinden, niet bij VCK, maar bij V.V. RCS. ‘’Al mijn jeugdjaren heb ik bij RCS gezeten tot ongeveer mij twintigste. Mijn posities waren een beetje verschillend. Een tijdje als laatste man gestaan, ook nog als ‘old school’ voorstopper en links op het middenveld.’’

Vijf jaar geleden heeft VCK de start gemaakt met een nieuw Meiden team, het huidige Meiden JO13 van David Scheermeijer. ‘’Mijn dochtertje kwam er ook in aanmerking voor en nadat ik het eerst nog even een had aangekeken ben ik begonnen met af en toe training geven en coachen op de zaterdag. Ik doe dit nu nog samen met een andere trainer en zo hebben we een goede afwisseling van taken.’’

VCK is geen grote vereniging, maar dit geeft de club volgens David juist wel zijn charme. ‘’Je ziet nu ook steeds meer dat mensen uit Vlissingen en omstreken meer naar ons toe komen om lid te worden. Dat komt omdat gewoon een kleine en gezellige vereniging is. We hebben bij wijze van geen rugnummers nodig, want iedereen kent elkaars naam. Dat trok mij wel aan VCK. Bij andere verenigingen heb je iets van 12 teams alleen al in de JO13, dan ben je meer een nummertje.’’

Aan de toekomstige vrijwilligers heeft David nog een kleine oproep. ‘’We hebben nu 400 leden, dus er zullen altijd mensen nodig zijn. Vrijwilliger zijn geeft ook energie. Zeker bij de junioren, als je er eenmaal aan begint is het gewoon verslavend. Het kost voor je gevoel geen tijd, want je krijgt er gewoon veel voor terug. Het hoeft ook geen fulltime functie te zijn, maar zelfs één dag in de week zou ons al kunnen helpen.’’

Verwachtingen voor het nieuwe seizoen van VCK 1 zijn positief, geen gekke uitschieters maar een stabiele positie. ‘’Ik denk dat ze een beetje ‘the best of the rest’ kunnen worden. Ze zullen hopelijk ergens bovenin de middenmoot mee kunnen doen, een 4e of 5e plek moet zeker wel haalbaar zijn.’’

Aanstaande zaterdag zal het voor VCK een belangrijke krachtmeting worden. Het zal zich moeten bewijzen tegen de Noormannen uit in Westkapelle. Tot nu toe heeft de tegenstander van aanstaande zaterdag nul punten behaald, maar dit is voor David geen reden om met hoge uitslagen te komen. ‘’Ik denk dat ze daar toch wel voor punt moeten gaan. Qua uitslag zal het niet met veel doelpunten zijn, ik denk een 1-1.’’

 

RCD is blij met derby’s

DORDRECHT – Na een seizoen balen in de derde klasse van het district West II, met een competitie-opzet waar niemand wijzer van werd – een seizoen in twee delen waarbij halverwege ploegen verdeeld werden over een kampioensgroep en degradatiepoule – is RCD terug in het district Zuid I. ,,In een normale competitie gelukkig zonder vreemde opzet’’, constateert Paul Koster met genoegen.

,,Ik ben blij dat we ook de derby’s met Emma en Dubbeldam gaan spelen, want dat geeft toch wat extra’s. Duidelijk is dat wij niet als favoriet zullen starten in deze poule, waarbij ik het moeilijk vind om in te schatten welke ploegen er bovenuit zullen steken.’’

RCD is blij met derby’s

DORDRECHT – Na een seizoen balen in de derde klasse van het district West II, met een competitie-opzet waar niemand wijzer van werd – een seizoen in twee delen waarbij halverwege ploegen verdeeld werden over een kampioensgroep en degradatiepoule – is RCD terug in het district Zuid I. ,,In een normale competitie gelukkig zonder vreemde opzet’’, constateert Paul Koster met genoegen.

,,Ik ben blij dat we ook de derby’s met Emma en Dubbeldam gaan spelen, want dat geeft toch wat extra’s. Duidelijk is dat wij niet als favoriet zullen starten in deze poule, waarbij ik het moeilijk vind om in te schatten welke ploegen er bovenuit zullen steken.’’

SC Gastel houdt sportpark Blankershove spic en span

SC Gastel mag in zijn handjes knijpen met de vrijwilligers Alwie Akkermans, zijn broer Johan Akkermans, Ad Kop en Piet Dijkers. Het viertal pensionado’s komt twee ochtenden in de week samen op het fraaie complex om de accommodatie van hun geliefde voetbalclub een opfrisbeurt te geven. Het VoetbalJournaal ging op de koffie bij de klusclub.

Het is een vroege donderdagochtend in Oud-Gastel. Mensen met kleine oogjes laten hun hond uit, brugpiepers met grote rugzakken fietsen naar school en de meeste winkels in het dorpscentrum zijn nog gesloten. Op sportpark Blankershove is er meer reuring. Om klokslag 08.00 uur zwaait Alwie Akkermans vrolijk de deuren open van het driepuntige clubgebouw ‘Futura’, dat SC Gastel deelt met twee basisscholen. “We zaten al aan de koffie”, zegt de clubman, die Het VoetbalJournaal voorgaat naar de ruimte waar zijn broer Johan Akkermans ,Ad Kop en Piet Dijkers een bakkie doen. “Voordat we beginnen met klussen, drinken we eerst een kopje. Zeker op dinsdag is dat belangrijk: dan moeten we de laatst gespeelde wedstrijd van SC Gastel 1 namelijk analyseren”, zegt hij met een lach op zijn gezicht.

ALTIJD WAT TE DOEN
Elke dinsdag en donderdag is hetviertal van ongeveer 08.00 tot 12.00 uur aan het werk op het openbare sportcomplex, waar kinderen altijd terecht kunnen om te voetballen. “Dat is mooi, maar het levert ons wel veel werk op”, zegt Johan Akkermans. “Het kost ons veel moeite om het sportpark schoon te houden. Elke dinsdag ruimen we veel plastic op en op het kunstgrasveld liggen regelmatig peuken. Daarnaast hebben we onze handen vol aan het groenonderhoud op het sportpark.” Nu de herfst weer in aantocht is, betekent dit dat er een drukke fase ingaat voor de klusclub. “Dan zijn we zoet met het ruimen van bladeren van de velden. Daarnaast regelen we belijning, de snoeiperiode komt er weer aan en zo is er altijd weer iets wat de aandacht vraagt”, voegt Ad Kop toe. “We kunnen wel wat extra handjes gebruiken.”

COMPLIMENTEN
Het hele jaar door spannen de gepensioneerde vrijwilligers zich in voor de club tijdens de gezellige klusochtenden. Gelukkig staan ze er niet alleen voor, zo werd onlangs duidelijk op de goedbezochte zogeheten ‘doedag’. Daar kwamen zeker 25 vrijwilligers op af die allerlei klusjes opknapten. “Gelukkig waardeert SC Gastel sowieso onze doordeweekse inspanningen”, zegt Piet Dijkers. “We krijgen regelmatig complimenten, die zijn ons veel waard.” Op de dinsdag- en donderdagochtenden lopen er behalve de vier heren ook veel naar schoolgaande kinderen over het sportpark. “Die kleintjes kijken hun ogen uit als we over het terrein rijden met onze grote wagens”, zegt Alwie. “Ook hangen we soms de conciërge uit hier. Dan repareren we kapotte stepjes of fietsen van de kids, we zijn echt van alle markten thuis”, zegt hij grinnikend. Langzaam maar zeker vult het sportpark zich tijdens het gesprek met haastige ouders die hun kinderen naar school brengen. Als om 08.30 uur het rinkelende geluid van de klassieke schoolbel over het complex klinkt, is het niet alleen voor de schoolkinderen tijd om bij de les te zijn. Het viertal drinkt hun koffie op en stapt naar buiten: er zijn altijd klusjes te doen bij SC Gastel.

Chris Jansen van Lyra blijft van stoelpoten af

Chris Jansen schikt zich al jaren in de bijrol. Als assistent van hoofdtrainer Pim van Hoorn is hij bij Lyra bezig aan zijn zoveelste klus. “Hoofdtrainers hoeven niet te vrezen dat ik uit ben op hun baan.”

Tijdens de bekerderby met Quintus, met 5-2 gewonnen door Lyra, staat Jansen (64) een paar keer op vanuit zijn stoel om spelers individueel aanwijzingen te geven. En ook tijdens de drinkpauze in de eerste helft gaat hij even kort het gesprek aan met vooral de jongelingen in de ploeg. “Mij zal je aan de zijlijn niet zien schreeuwen”, reageert Jansen. “Ik heb sowieso een hekel aan trainers die schreeuwen. Dat is alleen maar storend voor spelers.”

Als assistent-trainer is hij inmiddels gepokt en gemazeld en weet hij precies wat hij wel en niet kan doen. Na zijn actieve carrière, die vooral bij SV Voorburg een hoogtepunt was (‘we promoveerden van de vierde naar de eerste klasse’), werd hij jeugdtrainer bij Vitesse Delft om vervolgens te beginnen aan een lange loopbaan als assistent-trainer. Hij diende VUC, DWO, DUNO, Nootdorp, HVC’10 en SVC’08. “Ik hoop dat ik geen club vergeten ben, want ik heb overal met enorm veel plezier gewerkt.”

Overal ook werkte hij minimaal twee seizoenen. “Twee of drie seizoenen. Dat is meestal de houdbaarheidsdatum van een trainer of assistent-trainer.” Als dat zo is, dan moet Lyra na dit seizoen op zoek naar een nieuwe assistent, want inmiddels heeft de 64-jarige inwoner van Delft er twee seizoenen opzitten op sportpark De Zweth. Jansen ziet zichzelf echter nog wel breken met zijn eigen ‘traditie’. “Ik kan me heel goed voorstellen dat ik nog een seizoen blijf. Als technische staf kunnen we het prima met elkaar vinden. We hebben dagelijks contact en nauw ook”, zegt hij over de samenwerking met hoofdtrainer Pim van Hoorn en Stefan van der Steen, de trainer van Lyra 2.

Hij voelde nimmer de drang om ergens hoofdtrainer te worden. “Mijn werksituatie maakte het ook onmogelijk”, geeft hij aan. Jarenlang was hij directeur/eigenaar van een drukkerij. “Als hoofdtrainer moet je een halve manager zijn. De tijd, die dat kost, had ik niet. Het is me tig keer gevraagd waarom ik geen hoofdtrainer wilde worden. Het antwoord daarop is eenvoudig: ik heb het altijd prima naar mijn zin gehad als assistent. Ik heb met uitstekende trainers samengewerkt. John Karelse, Bert de Best, Wim Schaap, om er een paar te noemen.” Eén periode zat hij als interim-trainer op de bank. “Wim Schaap was bij SVC’08 vertrokken vanwege persoonlijke redenen. Ik heb Wim nog gevraagd wat ik moest doen. Hij gaf aan dat het zijn probleem was en dat ik lekker moest doorgaan.”

Zijn tijdelijke job in Scheveningen verleidde Jansen niet tot meer. “In de functie van assistent ben ik veel meer met de inhoudelijke kant van voetbal bezig. Dat spreekt me aan.” Ja, hij zet pionnen neer, maar hij denkt ook mee met de hoofdtrainer. “Ik ben het klankbord van hem. Pim heeft ideeën, ik de mijne. Die bespreken we samen en de uitkomst daarvan communiceert Pim met de groep. Dat vind ik heel belangrijk, dat je met één mond praat als technische staf. Als assistent moet je je plaats kennen. De hoofdtrainer neemt altijd de eindbeslissing. Een gevaar voor de hoofdtrainer ben ik niet, het heeft voor mij geen nut om aan zijn stoelpoten te zagen.”

Idriss Hassani en André van der Heijden technisch duo Kruisland

Idriss Hassani en André van der Heijden vormen sinds november het technisch blok van SC Kruisland. Ze hebben in een klein jaar tijd al flinke stappen gezet: naast Zaterdag 2, is er een jeugdplan gemaakt, Zondag 2 geprofessionaliseerd én een opzet gemaakt voor een Onder 23 team in Kruisland. Iedereen met plezier laten voetballen, de samenhang binnen de vereniging versterken en de organisatie professionaliseren: dat zijn de belangrijkste doelen.

Het is een bijzonder duo, de 39-jarige Idriss Hassani en 55-jarige André van der Heijden. Als Hassani begint te praten, volgt een woordenwaterval, Van der Heijden kijkt in eerste instantie liever de kat uit de boom. Waar Van der Heijden al een half decennium bij Kruisland rondloopt, is Hassani pas een paar jaar geleden bij de vereniging betrokken geraakt via zijn kinderen. Een explosie van energie, naast een brok aan ervaring. “We hebben in de moeilijke gesprekken rondom de beslissing om afscheid te nemen van trainer Natalino Storelli vorig seizoen gemerkt hoe goed we elkaar aanvullen”, vertelt Hassani. Van der Heijden: “Ik was eigenlijk van plan na twaalf jaar te stoppen in het bestuur, maar kreeg weer nieuwe energie. Ik voel verbinding met Idriss en de rest van het bestuur.”

HART
Hassani merkte dat de club extra handjes kon gebruiken en ging eens kijken welke functie bij hem paste. “Het is heel makkelijk om vanaf de zijlijn te roepen, maar je kunt ook zelf wat doen. Ik was al trainer van de JO7-1 en betrokken bij de teamindelingen, daarnaast voetbal ik zelf nog. De functie bestuurslid technische zaken kwam vrij en die past goed bij mij.” Van der Heijden heeft zijn collega ingewerkt. “Ik heb tot mijn veertigste gevoetbald en ben daarna al vrij snel in het bestuur gegaan. Deze club verovert je hart en laat je niet meer los.”

Hassani zag dat het eerste goed stond, maar de rest van de organisatie een nieuw likje verf kon gebruiken. Het tweede speelt in de reserve derde klasse, een niveau dat niet aansluit bij de tweedeklasser die het vlaggenschip is. “Er werd ook niet echt getraind, wat aangemodderd en ze hadden geen trainer. Nu is die er wel, wordt van spelers in het tweede geëist dat ze komen trainen om speelminuten te kunnen maken en krijgen jongens die niet in de basis van het eerste staan de kans om daar een wedstrijd te voetballen. Het is de trainer die bepaalt wie er speelt.”

SAMENHANG
Daarnaast was het tweetal nauwbetrokken bij de oprichting van Zaterdag 2, waar Ben Kruf in het andere artikel op deze pagina meer over vertelt, en hebben ze een jeugdplan gemaakt. “Welke mogelijkheden zijn er om het plezier te behouden, maar de organisatie ook te professionaliseren?” De samenhang tussen het eerste en de rest van de vereniging versterken werd ook een belangrijk doel. “Zo geven de spelers uit het eerste nu twee keer per jaar een clinic aan de jeugdteams en spelen die junioren soms voorwedstrijden op zondag. Het gevolg is dat de jeugd vaker blijft kijken bij de duels van het eerste. Het doel is om de rest van de vereniging te laten profiteren van de enorme voetbalkennis die rondom onze seniorenselectie zit.” Met de komst van Wahiba Didi, de zus van routinier Ahmed uit het eerste elftal, en de dochter van André, Ilse, is ook de verbinding naar de dames gelegd. Daarnaast zijn dit twee speelsters die een directe versterking vormen voor de Dames 1. Een promotie van de herenselectie naar de eerste klasse zouden Van der Heijden en Hassani toejuichen. “Maar het belangrijkste is dat iedereen hier met plezier voetbalt. We zijn en blijven een dorpsclub, maar wel eentje met een ongekende potentie in handen. Laten we gebruik maken van elkaars krachten, dat is ons doel.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.