Bij VV Rhoon weten ze het, ze hoeven maar de telefoon te pakken om naar Stijn Hendriks te bellen of te app’en en de tiener (19) is er om als noodverband te fungeren. Voorzitter Mart van Ginkel ziet hem als voorbeeld van zijn generatie: “Een supervrijwilliger.” Voor Hendriks zelf is het de gewoonste zaak van de wereld om zijn club de helpende hand toe te streken. “Ik vind het niet bijzonder wat ik doe.”

Een moment om op een wedstrijddag een foto af te spreken met de tweedejaars scholier Sport en Bewegen blijkt een heel lastige klus. Om tien uur speelt hij met de JO10-1, twee uur later zit hij op de bank bij de JO15-1, waar hij als assistent-trainer fungeert.

Het is kenmerkend dat hij de tegenstanders van de door hem getrainde teams meteen oprakelt, terwijl hij het antwoord schuldig moet blijven tegen wie hij zelf als speler van Rhoon 5 speelt. “Dat hoor ik wel van die jongens als ik in de kleedkamer zit. Of ik zie het buiten aan de kleuren van de shirts.

Op zijn veertiende was Hendriks al scheidsrechter. “De club zocht scheidsrechters en ik heb me opgegeven voor de cursus. Ik ben begonnen bij de F- en E-tjes, maar daar had ik niet de echte uitdaging. Vandaar dat ik doorgeschoven ben naar de junioren.” Het fluiten doet hij nu nog wel, maar op ‘back-up’ basis. “Ik train twee en coach twee teams. Dat programma is lastig te combineren met het fluiten. Bij één team zou dat nog wel gaan, met twee teams is het vrijwel onmogelijk. Doordeweeks wil ik nog wel eens een wedstrijdje meepakken.”

Druk programma of niet, het kan zomaar gebeuren dat toeschouwers Hendriks bij Rhoon 1 als assistent grensrechter in actie zien. “Dat gebeurt inderdaad wel eens”, zegt hij. “Als de grensrechter er niet is en het past in programma doe ik dat ook graag. In de voorbereiding op dit seizoen heb ik nog gevlagd. Ik ben sowieso niet zo goed om nee te zeggen als ik ergens voor word gevraagd.”

Het training geven vindt hij het allerleukste. “Ik ben er drie jaar geleden mee begonnen. Ik geef in de week twee trainingen aan de JO10- 1 en JO15-1. Ze trainen op verschillende dagen. Ik ben er op maandag, dinsdag, woensdag en donderdag. Het leuke van twee teams vind ik dat het twee verschillende leeftijdsgroepen zijn. Bij de JO10-1 train je heel anders dan bij de JO15-1.”

Met de JO10-1 speelt hij in de hoofdklasse. “Dat is een enorm getalenteerde groep. Normaal ben je op die leeftijd met andere dingen bezig, maar die jongens hebben een heel goed gevoel voor het positiespel.”

Voor school moeten we stage lopen en dat kan nu via Rhoon”, beschrijft hij een voordeel voor zijn vele Rhoon uren. Aan carrièreplanning doet hij niet. “Nee hoor. Ik heb nog geen idee wat ik wil bereiken als trainer. Daar denk ik niet over na, maar ik zie mezelf niet bij een andere club training geven, daarvoor ben ik te veel een Rhoon-man.