Home Blog Pagina 47

‘De voetbal brengt mensen echt bij elkaar’

Naar voren geschoven door collega’s van zijn werk is Michel Vink sinds afgelopen zomer bij Altena actief als bestuurslid facilitaire zaken. Ondanks dat de inwoner van Nieuwendijk nooit zelf voor de club heeft gevoetbald, voelt hij zich volledig thuis in zijn nieuwe rol. “Ik vind het leuk om dingen op te pakken.”

Met zijn achtergrond in de installatietechniek was de stap naar facilitaire zaken een logische. “Ik ben er vol overgave ingegaan. Eerst inlezen, daarna de mensen leren kennen.” Hoewel Vink al twaalf jaar in Nieuwendijk woont en via zijn voetballende kinderen bij Altena betrokken raakte, komt hij zelf uit Woudrichem. “Ik heb altijd bij Woudrichem gevoetbald. Ik ben een echte Woerkumer.”

Verduurzamen en verbeteren

Als speler kwam hij niet verder dan het tweede elftal, maar als bestuurslid heeft Vink inmiddels veel bereikt. “Het hoofdveld is vernieuwd en ook de verwarming in de kleedkamers hebben we aangepakt.” Dankzij gesprekken met de gemeente kwamen er bovendien subsidies beschikbaar voor verduurzaming.

Samen met vrijwilligers zoals Bert van Noorloos en Sico van Burgel houdt hij het sportpark draaiende. “Zij lopen hier dagelijks rond. Als ze iets signaleren, bespreken we dat samen en koppel ik het terug aan het bestuur.” Zo werden onder meer nieuwe doelnetten, ballenvangers en LED-verlichting gerealiseerd.

Te grote investeringen blijven voorlopig uit, met het oog op de toekomstige fusie met Almkerk. “Maar de velden liggen er super bij. We houden alles zo goed mogelijk bij.” De aanschaf van een nieuwe trekker wordt bijvoorbeeld geregeld via de Club van 50.

Het belang van vrijwilligers

Juist het contact met mensen maakt het bestuurswerk voor Vink zo leuk. “Als je ergens instapt, moet je dat met volle overgave doen.” Hij vindt vrijwilligerswerk essentieel voor het verenigingsleven. “Het zorgt voor positiviteit en reuring. Het zijn je sociale contacten.”

De waardering voor vrijwilligers is groot, benadrukt hij. “Ik vind het mooi om iedereen zo bezig te zien.” Daarnaast vervult Altena volgens hem een belangrijke rol in Nieuwendijk. “Er is hier niet veel. De voetbal brengt mensen samen, soms gewoon voor een praatje.”

Zijn eigen betrokkenheid groeide toen zijn dochter ging voetballen. Inmiddels staat ook zijn gezin regelmatig achter de bar of in de keuken. “Vier van de vijf zitten hier op voetbal. We zijn echt verweven met de club.”

Vooruitkijken

Het dorpse karakter van Altena spreekt hem enorm aan. “Als je ziet hoeveel publiek er staat bij een vierdeklasser, dan streelt me dat.” Daarom vindt hij het belangrijk dat de club blijft investeren in de toekomst. “We willen verder verduurzamen. De bestuurskamer is vernieuwd, nu kan de kantine wel een opfrisbeurt gebruiken. En de kleedkamers moeten we bijhouden.”

Zelf is Vink voorlopig niet weg te denken. “Ik ben net begonnen, ik ga niet zomaar stoppen. Het is soms druk, maar vooral ontzettend leuk!”

Klik op Altena voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Altena voor meer informatie over de club.

‘Promotie is eigenlijk de enige doel dat we met MOC’17 willen najagen’

BERGEN OP ZOOM – Na twee seizoenen in de tweede klasse degradeerde de grootste club uit de gemeente Bergen op Zoom in mei door als hekkensluiter de competitie te eindigen. Tot teleurstelling van iedereen bij MOC’17 en zeker ook Jaap de Ruijter. Nu bestaat er voor de verdediger en iedereen bij de club maar één doel: promotie.

“Dat is zeker waar we naar streven en wat we ook moeten durven uitspreken. Als we aan het eind van de rit derde eindigen dan hebben we het in mijn ogen niet goed gedaan. Het ultieme zou natuurlijk een titel zijn, maar promoveren is het minste waar we voor moeten strijden na de degradatie van afgelopen jaar. Het is ook de overtuiging die leeft in het hele team. Alleen hebben we in het begin van dit seizoen een aantal onnodige punten laten liggen en dat moeten we toch zien te voorkomen als we in mei opnieuw de stap omhoog willen maken.”

De Ruijter zegt het met overtuiging en bemerkt dat er veel motivatie in de groep zit. “We hebben een aantal nieuwe jongens erbij gekregen en ook een stukje ervaring. Het zorgt voor meer concurrentie en dat maakt iedereen natuurlijk nog meer gedreven om te knokken voor zijn plek in het elftal. Voor de trainers geeft dat meer keuze maar is het soms ook lastig. Want iedereen wil spelen dan is niet altijd even makkelijk om dan keuzes te maken denk ik.”

Zelf speelt de Bergenaar al sinds zijn zesde aan de Olympialaan en doorliep er de gehele jeugdopleiding. “Ik heb altijd in de selectieteams gespeeld en ben nu bezig aan mijn tweede volledige seizoen bij het eerste. Daarvoor begon ik vanuit de JO19 eerst in het tweede, werd doorgeschoven en ben sindsdien basisspeler als rechter centrale verdediger. Soms word ik, als dat nodig blijkt, ook als breekijzer voorin gebruikt, maar bij voorkeur houd ik het toch bij het verdedigen.”

De 22-jarige basiskracht is momenteel qua studie bezig aan zijn afstudeerjaar van de opleiding fysiotherapie. Een handige studie en een rol die ook bij een voetbalclub nooit lang onopgemerkt blijft. “Dat klopt wel haha. Want daar waar het kan ondersteun ik ook regelmatig wel het team van verzorgers en fysio’s bij de club als dat nodig is. Zo kan ik studie en mijn passie voor voetbal ook nog op een mooie manier bij mijn club combineren.”

Op het voetbalveld doet hij dat ook al sinds hij als jong ventje lid werd van de ambitieuze derdeklasser. “In de jeugd speelde ik op vrijwel alle posities. Ik ben in de spits begonnen en daarna naar het middenveld verhuisd. Maar gaandeweg kwam ik erachter dat ik veel meer voldoening vond in het verdedigen. En ik denk ook dat daar meer mijn kwaliteiten liggen. Ik ben niet zo statisch gevormd als verdediger, maar probeer toch heel graag gewoon te voetballen van achteruit, in te schuiven en als het even kan ook geregeld mijn goals mee te pikken. Mijn grootste kracht zit wel in het aangaan en winnen van duels met tegenstander, daar haal ik veel voldoening uit. Verder ben ik ook lid van de spelersraad en krijg op die manier ook de kans om over zaken mee te denken. Erg leuk en een mooie rol om op die manier ook te mogen meedenken over de club en zaken die er leven. Binnen de selectie is dat helder. We willen terug naar de tweede klasse en daar gaan we ook alles aan doen met elkaar.”

Klik hier voor meer artikelen over MOC ’17
Klik hier voor meer informatie over MOC ’17

Adriaan Bastiaansen (DHV): “Zolang ze dankjewel blijven zeggen, blijf ik het doen”

Bij DHV uit Hooge Zwaluwe weten ze al jaren dat er op één man gerekend kan worden: Adriaan Bastiaansen. De goedlachse vrijwilliger draait inmiddels tientallen jaren mee binnen de vereniging — als trainer, grensrechter én als drijvende kracht achter de bar. “In het begin had ik veertien vrijwilligers. Nu nog maar drie. Dan weet je wel hoe laat het is.”

De liefde voor de club kwam niet uit het niets. “Ik ben bij DHV terechtgekomen via mijn dochter en schoonzoon”, vertelt Bastiaansen. “Ik ging in eerste instantie gewoon eens kijken, een biertje drinken, wat supporteren. Totdat de dames op een dag zonder trainer zaten. Toen riep mijn dochter keihard: ‘Dat kan ons pa wel doen!’ En ja hoor, voor ik het wist, stond ik drie jaar lang een meisjesteam te trainen.”

Toen de grensrechter van het eerste elftal ermee stopte, duurde het niet lang voordat ook daar een beroep op hem werd gedaan. “Dat heb ik zeven, acht jaar gedaan. En daarna kwam iemand erachter dat ik wat kon met horeca. Nou, toen was het hek van de dam,” lacht hij. “Sindsdien regel ik de bardiensten. Tegenwoordig beheer ik de hele bar en stuur ik alles aan. Maar het is wel steeds moeilijker om mensen te vinden die willen helpen.”

“Van veertien vrijwilligers naar drie”

Het tekort aan helpende handen is volgens Bastiaansen hét grote probleem binnen amateurverenigingen. “In de beginjaren had ik twaalf tot veertien vrijwilligers. Je kon een schema maken en heel het seizoen was rond. Nu heb ik er nog drie. Dan krijg je geen weekend meer gevuld.”

Toch probeert hij de moed erin te houden. “We zijn bezig om dat te veranderen, maar zo simpel is dat niet. Leden moeten ook bardiensten gaan draaien, maar ja — op zaterdag staan ze allemaal op het veld. Dan blijft er niemand over. Dat is een groot probleem bij veel dorpsclubs.”

Volgens Bastiaansen ligt de oorzaak bij de drukke levens van tegenwoordig. “Mensen hebben het allemaal druk. Werk, gezin, hobby’s. Dan is het vrijwilligerswerk vaak het eerste wat sneuvelt. En dat is zonde, want zonder vrijwilligers is er geen club. Punt.”

“DHV is gewoon een vriendenclub”

Ondanks de uitdagingen blijft Bastiaansen vol enthousiasme actief voor DHV. “DHV is voor mij vooral een vriendenclub,” zegt hij trots. “Iedereen kent elkaar, jong en oud gaat goed met elkaar om. Dat maakt het bijzonder. Als er een zanger komt optreden, zit de kantine bomvol. Er is in het dorp geen café meer, dus mensen komen hier een biertje drinken. Dat maakt het levendig.”

Die sociale rol van de club kan volgens hem niet genoeg benadrukt worden. “Het is niet alleen voetbal. Het is samen zijn. Mensen uit het dorp ontmoeten elkaar hier. Zeker voor oudere inwoners — of juist voor nieuwkomers — is dat belangrijk.”

“Ik voel me jong tussen de jongeren”

Voor Bastiaansen zelf is DHV een bron van energie. “Ik ben al een paar jaar gepensioneerd, maar ik voel me hier jong tussen de jongeren. Ik heb niks met bejaardenclubjes,” zegt hij met een knipoog. “Ik ga veel liever om met de jongens en meiden van de club. Dat houdt me fris.”

De waardering die hij krijgt, maakt alles de moeite waard. “Iedereen zegt altijd netjes gedag of bedankt. Er loopt hier nooit iemand weg zonder even iets te zeggen. Dat geeft mij voldoening. Zolang dat zo blijft, blijf ik het doen. Dat is mijn drijfveer.”

“We moeten het samen doen”

Toch maakt hij zich zorgen over de toekomst. “We hebben onlangs flyers uitgedeeld om nieuwe vrijwilligers te werven. Daar is maar één reactie op gekomen. Maar die persoon wil zich graag integreren in het dorp — dat vind ik mooi. Zo bouw je iets op. Zo leer je mensen kennen. Zo hoort het in een gemeenschap.”

Hij ziet het als een gemiste kans dat veel nieuwkomers niet meedoen aan het verenigingsleven. “Er komen veel mensen van boven de rivieren wonen. Die komen eigenlijk alleen om te wonen. Dat vind ik jammer. Ze weten niet wat ze missen. Een vereniging als DHV brengt het dorp bij elkaar.”

Ondanks alles blijft Bastiaansen optimistisch. “Het is en blijft een leuke club. Er is altijd gezelligheid. En zolang ik nog kan lopen, blijf ik mijn steentje bijdragen. Want als je eenmaal in die DHV-familie zit, dan kom je er nooit meer uit — en dat bedoel ik alleen maar positief.”

Klik op de link voor meer artikelen over DHV
Klik op de link voor meer informatie over DHV

Luuk Holverda is terug in het eerste van Warmunda

0

Luuk Holverda (28) is niet iemand die loopt te dromen van promoties of overstappen. Hij is gewoon blij dat hij weer op het veld staat bij Warmunda, de club waar hij al zijn hele leven voetbalde. “Ik heb nooit die ambitie gehad om hogerop te gaan. Ik wil gewoon lekker voetballen met jongens die ik ken. Dat is het mooiste wat er is.”

Vier jaar geleden stopte hij met selectievoetbal. “Mijn vriendin ging toen naar het buitenland, naar Dublin. Ik studeerde fysiotherapie, liep ’s avonds stage en werkte overdag. De combinatie van werk, studie en haar op afstand was lastig. Dan moet je keuzes maken. Even rust nemen van dat intensieve ritme van trainen en spelen.”

“Ik heb m’n hele leven bij Warmunda gevoetbald. In de A1 zaten we met een vaste groep gasten. Toen hadden we nog een zaterdag- en een zondag elftal. Soms deed ik met allebei mee. Toen de zaterdag 1 werd opgeheven, schoof ik automatisch door naar de selectie. Eerst in het tweede, en binnen een jaar stond ik in het eerste.”

Toen hij stopte, ging hij spelen in het tweede team, inmiddels het derde. “Dat was eigenlijk een soort vriendenteam. We speelden niet op niveau, maar het was gezellig. Daar deed ik het voor. Op dat moment was het ook prima zo.”

Toch begon het op een gegeven moment weer te kriebelen. “Er kwam een nieuwe trainer en dat gaf nieuwe energie. Bovendien kwamen een paar vrienden van me ook terug. Toen dacht ik: waarom niet? Ik ben 28, ik kan nog een paar jaar mee. Als ik nog langer zou wachten, werd het alleen maar lastiger om terug te keren.”

Holverda stroomde opnieuw in bij het eerste elftal, waar hij nu speelt als linksbenige verdediger, links centraal of linksback. “Het was wel even wennen hoor. Van een vriendenteam naar de selectie betekent toch iets meer tijd erin steken. Je traint vaker, het niveau ligt hoger. Maar het is ook weer extra leuk. Je voelt dat er meer uit te halen valt.”

Nieuwe trainer, nieuwe ideeën

Bij Warmunda staat sinds dit seizoen Michel Schouls aan het roer, afkomstig van Lisse Onder 23. “Dat was een frisse wind. Nieuwe ideeën, nieuwe spelprincipes. De tactiek is anders, de trainingen intensiever. In het begin was het even inkomen, maar het pakt goed uit.”

Het team speelt in de vierde klasse, met realistische ambities. “We moeten niet te hard van stapel lopen. Het doel is om in de middenmoot te eindigen en hopelijk wat hoger. Kampioen worden zou leuk zijn, maar dat wordt lastig. Misschien over twee of drie jaar. Nu is het belangrijk dat we een stabiel seizoen draaien.”

Volgens Holverda is het team bezig met de opbouw. “Er zijn wat jongens weggegaan en nieuwe bijgekomen. We moeten aan elkaar wennen en aan de speelwijze.”

Voor Holverda is het sociale aspect misschien wel het belangrijkste. “Ik kom uit Warmond. De helft van het team ken ik al jaren. We gaan samen wat drinken na de wedstrijd, lachen met elkaar. Dat hoort erbij. Natuurlijk wil je winnen, dat zit er bij iedereen in. Maar ik doe dit niet om hogerop te komen. Ik wil gewoon plezier hebben in het spelletje.”

Klik op SV Warmunda voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Warmunda voor meer informatie over de club.

Van universiteit naar vierde divisie: Dongen-middenvelder Mick van Geet kiest zijn eigen pad

De Tilburger combineert zijn studie aan de universiteit met voetbal op hoog amateurniveau – een bewuste keuze. Geen blinde jacht op een profdroom, maar een doordacht traject waarin plezier en prestatie hand in hand gaan. “Ik wilde zekerheid, maar ook gewoon lekker voetballen op niveau”, zegt hij.
Van Geet groeide op in Tilburg en zette zijn eerste stappen bij SV Reeshof. Daarna volgde een opmerkelijk avontuur in België. “Ik heb twee jaar bij Turnhout gespeeld, net over de grens,” vertelt hij. “Dat was nationaal niveau, iets onder de top van de jeugdcompetities daar. Ik speelde altijd boven mijn leeftijd, dus dat was een mooie uitdaging.”
Toen de club fuseerde, keerde hij terug naar Nederland, waar hij na een korte periode bij ’t Zand zijn plek vond bij Dongen. “Daar viel alles op z’n plek. Ik voelde meteen dat dit een club was waar ik wilde blijven.”
Binnen vier jaar schopte hij het van de onder 17 tot de hoofdmacht. “Ik mocht al vrij snel met het eerste meetrainen. In mijn tweede jaar bij de onder 19 ging dat hard. Binnen no-time maakte ik minuten in de competitie en nu ben ik basisspeler. Dat was toen best onwerkelijk.”

Geen profdroom, wel ambitie

De middenvelder kreeg op jonge leeftijd wel kansen bij profclubs. “Ik heb bij Willem II, NAC en PSV op stage gezeten,” zegt Van Geet. “Altijd ertegenaan, maar nooit echt gehaald. Heel simpel: net niet goed genoeg.” Waar veel jongens op dat moment blijven hopen, koos hij een andere route. “Ik had altijd een vwo-advies en wist dat ik wilde gaan studeren. Dan kijk je anders naar de toekomst. Op de universiteit heb je gewoon meer zekerheid dan in het profvoetbal. Die afweging maakte het voor mij logisch om me op studie te richten.”
Hij lacht even: “Misschien had ik het anders gedaan als ik minder slim was. Maar ik wilde gewoon een goede balans tussen studie en sport. Twee keer per week trainen, lekker spelen in het weekend – dat past perfect bij me. En als ooit de kans komt om bij een derde of tweede divisionist te spelen, dan zie ik wel. Nu ligt de focus op Dongen.”

De kracht van een hecht team

Van Geet speelt bij Dongen op het middenveld, vaak naast de ervaren Rick Mulder. “Rick is echt onze spelverdeler,” legt hij uit. “Ik ben meer de loper, de harde werker die ballen afpakt en veel meters maakt. We vullen elkaar goed aan. Dat zie je dit seizoen ook terug in de resultaten.”
Want de resultaten mogen er zijn: Dongen draait bovenin mee in de vierde divisie. “Het gaat gewoon super. We winnen veel, domineren bijna elke wedstrijd. Natuurlijk, de echte toppers – Veen en EVV – moeten we nog treffen, maar ik denk dat we reëel gezien kans maken op het kampioenschap.”
De kracht van Dongen zit volgens Van Geet niet alleen in het veld, maar juist daarbuiten. “We zijn echt een vriendenteam. Iedereen kent elkaar, we doen ook buiten het voetbal veel samen. Stapjes zetten, dingen organiseren, er is altijd sfeer. Dat merk je in de wedstrijden. Als het even tegenzit, slepen we elkaar erdoorheen. Dat is typisch Dongen.”

Een club met karakter

De club zelf ademt volgens Van Geet gemoedelijkheid. “Dongen is een warme vereniging. Alles voelt dorps aan, terwijl het best een grote club is. Iedereen kent elkaar en dat maakt het bijzonder. Voor mij is dit echt mijn plek. Ik zou niet zomaar vertrekken, zeker niet voor een andere club op hetzelfde niveau.” De middenvelder beseft dat hij met Dongen iets bijzonders meemaakt. “We hebben een jonge groep, maar ook veel kwaliteit. En als we zo doorgaan, kan dit seizoen weleens heel mooi eindigen. Natuurlijk droomt iedereen van promotie. Dat zou de kers op de taart zijn – met deze gasten, met deze club.”
Of hij ooit nog een stap hogerop zet? “Wie weet,” zegt Van Geet met een glimlach. “Maar voor nu ben ik gewoon trots op wat we hier aan het doen zijn. Een vriendenteam dat bovenaan staat in de vierde divisie — daar teken ik voor.”

Klik hier voor meer artikelen over VV Dongen
Klik hier voor meer informatie over VV Dongen

Vivoo in heeft eindelijk nieuwe complex officieel in gebruik

HUIJBERGEN – Het had wat voeten in de aarde maar uiteindelijk loont het geduld van de volhouder. Dat is wel van toepassing als het gaat om het nieuwe complex van voetbalvereniging Vivoo. Na ruim twee jaar werd op 25 oktober jl. het volledig vernieuwde Sportpark aan de Veenbes officieel geopend.

“Het is uiteindelijk toch de kroon op het werk van heel veel mensen die zich op tal van manieren hebben ingezet voor de realisatie van dit schitterend vernieuwde onderkomen. Het bouwproject heeft bloed, zweet en tranen gekost maar we zijn enorm trots op wat we met elkaar hebben neergezet. We hebben gewerkt met een taakstellend budget en alles geheel zelf gebouwd. Dankzij een groot netwerk aan sponsoren en vrijwilligers hebben we voor het beschikbare budget veel meer kunnen realiseren dan wanneer we alles hadden uitbesteed. Het heeft ons dus geen windeieren gelegd en we kunnen met Vivoo nu weer flink wat jaren vooruit”, zegt voorzitter Rob de Rond.

Het bouwproject stond onder auspiciën van Bouw Management Van Velthoven met oud-Vivoo-speler Sijmon van Velthoven aan het roer. “En zou zijn er nog heel mensen met een hart voor Vivoo betrokken geweest bij het bouwproject, net zoals we een ongekende groep vrijwilligers hebben gehad die keihard hun best hebben gedaan onder deskundig toekzicht van Jac Koolen. Maar we mogen ook zeker de mensen van Bergh Bouw en installatietechniek P. Jansen niet vergeten. Net als J&W Bouwpartners. Het eindresultaat is een toekomstbestendig complex, iets waar ook de gemeenschap van Huijbergen trots op kan zijn. Prachtige nieuwe kunstgrasvelden, gloednieuwe verlichting, een nieuwe kantine en kleedaccommodaties

Vivoo heeft de wind weer in de zeilen. Ook met de realisatie van de kantine, kleedlokalen en bestuurskamer ging het crescendo. “Bouwen in vooral mensenwerk, wat je samen moet doen. Er is keihard gewerkt door professionals van Bergh in combinatie met alle gewaardeerde vrijwilligers. Hierdoor is het project, ook door meedenken van, binnen de planning en budget gebleven. Het resultaat is een toekomstbestendige voetbal-accommodatie waar de vereniging nog jaren plezier van zal hebben. Iets waar Huijbergen trots op mag zijn!”.

Het nieuwe complex heeft op een positieve manier de afgelopen tijd zijn weerslag op de club gegeven. “We zijn voor het eerst, mede op aandringen van de spelers, overgestapt naar het zaterdagvoetbal. Dat heeft, in combinatie met het nieuwe complex, voor een aanwas aan nieuwe spelers gezorgd. Verder merken we ook dat er extra aantrekkingskracht is op sponsoren die zich aan de club willen verbinden. Daar zijn we uiteraard enorm blij mee en zegt ook hoe de club leeft bij veel mensen. Het is een bekroning voor jarenlang geduld en heel hard werk.”

Natuurlijk zijn er nog wat kinderziektes die stapje voor stapje moeten worden weggewerkt maar volgens de voorzitter is dat niet noemenswaardig en wordt dat geleidelijk gerealiseerd. Verder heeft de club voor de toekomst nog wel een aantal wensen. “Dat gaat dan om de parkeersituatie. Daar wordt naar gekeken hoe dat anders kan en moet. En verder? Misschien nog een stuk extra verduurzamen met zonnepanelen. Maar voorlopig zijn we vooral blij. En heel erg trots met wat we hebben gerealiseerd.”

Klik hier voor meer informatie over Vivoo
Klik hier voor meer artikelen over Vivoo

Arie Koppenhol is bij FC Oegstgeest benoemd tot erelid

0

Arie Koppenhol (70) is een geboren Rotterdammer en groeide op bij Xerxes, de club die in zijn jeugd nog betaald voetbal speelde. “Ik speelde er in de jeugd, en mijn beste vriend bij Excelsior. Op mijn veertiende verhuisden we beiden naar de Bollenstreek. Wij wilden samen gaan voetballen en mijn vader koos VV Oegstgeest op aanraden van de KNVB. Zo is het begonnen.”

Wat begon als een overstap op jonge leeftijd, groeide uit tot een leven lang verbondenheid. “Ik heb zeventien jaar in het eerste van VV Oegstgeest gespeeld. Ook nog twee jaar bij ARC op een hoger niveau, maar daar redde ik het net niet. En toen kwam ‘good old Arie Koppenhol’ weer terug,” lacht hij.

Voorzitterschap

Na zijn actieve voetbaljaren bouwde Koppenhol aan een carrière in de IT-wereld. “Ik heb veel internationale projecten gedaan, dus ik was veel onderweg. In 2002 kwam ik weer eens een wedstrijd kijken bij VV Oegstgeest. Ze hadden toen geen voorzitter en zeiden: ‘Arie, we hebben je nodig.’ Blijkbaar had het zo moeten zijn.”

Lang bleef hij niet voorzitter want zijn werk liet het niet toe. “Het was niet te combineren met mijn baan. Maar de club bleef trekken. Toen ik richting mijn pensioen ging, zocht ik vrijwilligerswerk. En na corona was er bij Fusieclub (FC) Oegstgeest weer behoefte aan een nieuw bestuur. Ik werd penningmeester.”

Erelid

Na drieënhalf jaar penningmeester te zijn, draagt hij het stokje over. “Het is serieus veel werk. De club is flinkgegroeid, de administratie ook. Bovendien heb ik vier kleinkinderen, een hoop hobby’s en het plan om Italiaans te leren. Op een gegeven moment moet je keuzes maken.”

De club zag dat anders en benoemde hem tot erelid. “Dat kwam echt als een verrassing. Mijn vader is hier vroeger ook erelid geweest. Dat ik dat mag herhalen, dat voelt bijzonder. Een stukje erkenning, maar vooral mooi dat je het met elkaar hebt gedaan.”

FC Oegstgeest staat er goed voor. “We zijn in drie jaar tijd met zo’n 25 procent gegroeid. Dat is fantastisch, maar het brengt ook uitdagingen met zich mee. We zijn bezig met plannen voor extra kunstgrasvelden. En we willen padelbanen aanleggen om dat deels te financieren. Dat zou op de plek komen van de tennisbanen.”

“Het laat zien dat de club vooruit wil. En dat doen we met beleid. FC Oegstgeest is een nette vereniging, een veilige omgeving. We hebben weinig incidenten, en dat is prettig om te melden. Hier kun je je kinderen met een gerust hart laten voetballen.”

Als iemand weet hoe belangrijk vrijwilligers zijn, dan is het Koppenhol. “Zonder vrijwilligers bestaat geen enkele club. En wat ik hier mooi vind: het zit in het DNA van de vereniging. Mensen staan op, nemen verantwoordelijkheid, doen het voor elkaar. Dat gevoel wil ik vasthouden, ook nu ik geen penningmeester meer ben.”

Helemaal stilzitten zit er voor hem niet in. “Ik blijf zeker vrijwilligerswerk doen bij FC Oegstgeest. Alleen moet ik nog even kijken wat bij me past. Zolang ik gezond ben, blijf ik betrokken.”

Als je Koppenhol vraagt waar hij het meest trots op is, blijft hij even stil. “Het mooiste vind ik dat ik dit allemaal samen met anderen heb gedaan. Je kunt wel voorzitter of penningmeester zijn, maar zonder de mensen om je heen lukt het niet. Dat is wat FC Oegstgeest zo bijzonder maakt: het is een club van samen.”

Klik op FC Oegstgeest voor meer informatie over de club.

Stefan Fontijne geniet als jeugdtrainer bij Steenbergen

STEENBERGEN – Nooit had Stefan Fontijne verwacht dat hij als trainer op het voetbalveld zou komen te staan. Maar doordat zijn zoontje ging voetballen werd hij al snel enthousiast gemaakt. Inmiddels is hij alweer aan zijn tiende seizoen bezig en hoopt nog een paar jaar van zijn trainersrol te blijven genieten.

“Ik ben ooit begonnen toen mijn zoontje ging spelen bij Steenbergen. Dat was destijds in de JO7 en inmiddels ben ik met de groep meegegroeid nu naar de JO17. Dat is prachtig want je ziet zeker de laatste anderhalf jaar dat ze echt stappen maken. Technisch maar zeker ook tactisch in het veld. En dat is erg mooi om te ervaren als trainer. Maar wie mij destijds had gezegd dat ik al tien jaar op het trainingsveld zou staan als trainer die had ik niet geloofd. Want ik riep altijd dat dit niets voor mij zou zijn. Maar ja, je weet hoe dat gaat als je kinderen op voetbal gaan en je zelf altijd hebt gespeeld…. Dat klassieke verhaal is dus ook op mij van toepassing gebleken haha..”

Fontijne speelde zelf nooit voor een andere club dan NOAD’67 uit Sint-Philipsland. Maar de liefde deed hem uiteindelijk in Steenbergen belanden waar hij ging samenwonen met zijn vriendin. “Hoewel ik nooit gedacht had trainer te worden is het wel heerlijk om te zien hoe ze plezier in het spelletje hebben en hoe leergierig ze allemaal zijn. We zijn vorig jaar kampioen geworden zelfs in de vierde klasse en ook dit seizoen doen we het meer dan prima met z’n allen. Het zou helemaal mooi zijn mochten we erin slagen om met deze groep kunnen promoveren naar de tweede klasse. Zover is het nog niet maar we laten wekelijks zien dat we op dit niveau prima kunnen meestrijden om de prijzen.”

Samen met Roger van Poppelen en Matthijs van der Reest vormt Fontijne de staf. Drie vaders met voetballende zonen in de JO17-selectie. “We proberen zoveel mogelijk om elkaar zonen te coachen om ervoor te zorgen niet te streng te worden voor die van onszelf. Dat werkt goed en de sfeer in het team is echt goed te noemen. We hebben een mix van jonge talentvolle spelers en daarbij ook drie dispensatiespelers die héél graag bij deze spelersgroep wilden blijven. Dat zegt ook veel over hoe we met z’n allen op een positieve manier aan het werken zijn op het trainingsveld en in de competitie.”

Het nadeel voor een heel seizoen kunnen meestrijden bovenin kan volgens de trainer uiteindelijk liggen in de breedte van de groep. “We hebben maar in totaal de beschikking over veertien spelers. Dan mag er niks gebeuren op het vlak van blessures want dan heb je toch een probleem. Het is dus ook vooral zaak om iedereen fit te houden om het een heel seizoen te kunnen bolwerken met deze kleine selectie. Maar het gegeven dat tijdens trainingen meestal dertien van de veertien jongens aanwezig zijn dat laat zien dat ze graag voetballen en trainen. En het is ook mooi voor ons als trainer natuurlijk dat de manier waarop we samenwerken blijkbaar in de smaak valt bij de jongens.”

De geboren Fliplander wil nog een paar jaar genieten van zijn rol als jeugdtrainer. “Maximaal tot en met de JO19, want de ambitie om als seniorentrainer door te gaan die heb ik niet. Ik heb geen trainersdiploma en ben ook niet van plan die te gaan halen. Dus voor zolang het nu nog duurt blijf ik ervan genieten. En als mijn zoon dan naar de senioren gaat dan zal mijn rol overgaan in die van voetbalvader en supporter.”

Klik op VV Steenbergen voor de laatste artikelen over de club
Klik op VV Steenbergen  voor meer informatie over de club.

Bram Blom Cup 2026 bij VV Papendrecht

Op tweede paasdag 2026 organiseert Voetbalvereniging Papendrecht de derde editie van de Bram Blom Cup. Op maandag 6 april volgend jaar gaat VV Papendrecht opnieuw een groot voetbalfeest van het pupillentoernooi maken. Naast het voetbal wordt gezorgd voor muziek en verschillende stands alsook vermaak voor broertjes en zusjes. De intentie is om in poules van 7 teams te spelen. Voor iedere deelnemer is er een mooie medaille en voor de winnaars staat een prachtige beker klaar. Het programma is als volgt:

– JO8, JO9 en JO10: 9.00 – 12.30 uur
– JO11 en JO12: 13.00 – 16.30 uur

Voor de volgende categorieën kan worden ingeschreven:
– JO8: 4e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO9-1: 4e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO9-2: 5e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO10-1: 3e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO10-2: 3e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO10-3: 5e/6e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO11-1: 2e klasse (4 plaatsen vrij)
– JO11-2: 3e klasse (5 plaatsen vrij)
– JO11-3: 4e/6e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO12-1: hoofdklasse / 1e klasse (5 plaatsen vrij)
– JO12-2: 2e/3e klasse (6 plaatsen vrij)
– JO12-3: 4e klasse (6 plaatsen vrij)

Voor de toernooidag zijn scheidsrechters, vrijwilligers en sponsors nodig. Mocht u uw medewerking willen verlenen of nadere inlichtingen willen, dan kunt u contact opnemen met de toernooicommissie van VV Papendrecht: toernooien@vvpapendrecht.nl.

Overige informatie kunt u krijgen door op de volgende link te klikken:

https://www.tournify.nl/live/bramblomcup2026  >

Klik op vv Papendrecht voor meer informatie over de club.
Klik op vv Papendrecht voor meer artikelen over de club.

‘Een keer niet laatste eindigen zou voor ons geweldig zijn’

LEPELSTRAAT – Op zijn vierde begon Stefan Suijkerbuijk (20) ooit bij Lepelstraatse Boys in zijn woonplaats te voetballen bij de Mini’s. En tot de dag van vandaag draagt hij nog steeds het blauwe met wit. Inmiddels is hij overigens al vier jaar een vaste kracht in het eerste elftal van de vijfdeklasser. De middenvelder en zijn ploegmakkers hebben voor dit seizoen maar één doelstelling: ‘Een keer niet laatste eindigen zou voor ons geweldig zijn.’

De afgelopen jaren waren op sportief vlak voor de vijfdeklasser niet de meest in het oog springende. Dus de doelstelling valt zonder meer te begrijpen. “We hebben over het algemeen ook best een heel jonge ploeg en samen met mijn vrienden zijn we een aantal jaar geleden vanuit de jeugd allemaal doorgeschoven. Dat heeft er zeker voor gezorgd dat het gebrek aan ervaring ons regelmatig is opgebroken. Nu zijn we met een viertal jongens van toen nog over in de selectie en hebben we al vier jaar senioren in de benen. Nu is het dus hopelijk zo dat we dit seizoen wat plekjes hoger op de ranglijst kunnen bereiken.”

In Johan Nagtegaal, afkomstig van Melissant, staat er sinds deze zomer een nieuwe trainer voor de spelersgroep en dat heeft zeker ook een positief effect op de ontwikkeling van de ploeg tot nu toe. “Het is nog niet altijd terug te zien in de uitslagen maar we voetballen bij vlagen gewoon stukken beter dan voorheen. Alleen speelt de factor geluk ook niet altijd in ons voordeel. We laten zien dat we positioneel soms best aardig meedoen en krijgen ook kansjes maar die moeten we nog beter zien af te maken. Als dat gaat lukken dan ben ik er zeker van dat we ook onze punten gaan pakken.”

Waar vorig seizoen door een tekort aan spelers Suijkerbuijk vooral als spits zijn wedstrijden speelde, daar ziet hij zichzelf nu steevast terug op zijn favoriete positie als controleur op het middenveld. “Dat is toch wel meer mijn ding. Ik ben meer een speler die het moet hebben van de duels, ballen afpakken en ze daarna inleveren bij de ‘voetballers’ in ons team. Agressief dekken, duels winnen dat is mijn kwaliteit.”

Hoewel de resultaten de afgelopen seizoenen achterbleven heeft dat volgens Stefan geen invloed gehad op de sfeer. “Nee, daar hebben we wel voor gezorgd. Ik ben zelf een van de aanjagers om de gezelligheid en de sfeer erin te houden. Want dat is wel hetgeen wat ons de afgelopen jaren bij elkaar heeft gehouden én is de reden dat ik er na al die jaren nog altijd speel.”

Vanwege zijn werk in de ploegen is de middenvelder niet altijd aanwezig bij trainingen of wedstrijden, al probeert hij wel zoveel mogelijk te regelen om toch te kunnen voetballen. “Dat merk ik soms wel qua spelritme of zeker ook conditioneel. Daar werk ik aan en vind dat dit ook beter moet. Dat is overigens bij meer jongens het geval waardoor we in het laatste kwart van wedstrijden regelmatig tekort komen. En dat we als jonge groep ook meer het besef moeten hebben dat stevige stapavonden in het weekend niet altijd de beste voorbereiding zijn om wedstrijden te winnen. Gelukkig komt dat bij steeds meer jongens nu binnen. Sinds de start van de competitie laten we groei zien en dan groeit ook bereidheid om er dingen voor te laten soms. Hopelijk kunnen we nog wat blijven stijgen. Het feit dat we dit seizoen niet langer ‘kanonnenvoer’ zijn voor tegenstanders is misschien wel onze grootste overwinning tot nu toe.”

Klik op vv Lepelstraatse Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Lepelstraatse Boys voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.