Zeven gele kaarten in zeventien wedstrijden. Op papier is dat het soort statistiek waarbij je al snel uitkomt bij een sloper, een middenvelder die overal te laat komt en zijn tegenstanders systematisch omver schoffelt. Alleen is Daniël van Zuijdam dat juist niet. “Ik ben geen schopper hoor, helemaal niet”, zegt de 26-jarige middenvelder van Haaften 1. “Vaak word ik juist geschopt.” De verklaring voor zijn kaartenstapel ligt ergens anders. “Negentig procent van mijn kaarten is denk ik wel praten. Dat is wel dom ja” lacht Van Zuijdam.
Van Zuijdam weet dat zijn gele kaarten niet goed zijn. “Dan denk ik: ja, superstom. Zo onnodig ook. Maar op dat moment zit ik hoog in mijn emotie. De laatste jaren is het eigenlijk wel iets meer geworden. Voorheen had ik dat nooit zo.”
De middenvelder geeft aan dat hij ervan houdt om het spelletje te verdelen. En wie het spel wil verdelen, wil vaak ook dat het spel een beetje normaal verloopt. Laat dat nu net niet altijd het geval zijn in de vijfde klasse, waar Haaften dit seizoen in uitkomt. “Als je in die vijfde klasse soms bij verenigingen komt… niet best.” Waar dat dan in zit? Van Zuijdam hoeft er niet lang over na te denken. “Gewoon die onkunde soms. Je wordt zo vaak geschopt hier. En dan ook nog eens op van die velden waar net de koeien nog in hebben gestaan, weet je wel.”
Dat is de harde, weinig romantische kant van het amateurvoetbal op dit niveau. Maar tegelijk blijft Van Zuijdam er opvallend nuchter onder. Want hoe matig het soms ook is, het plezier zit voor hem nog altijd ergens anders. “Het is gewoon gezellig met ons eigen team. Dat is uiteindelijk het belangrijkste.”
“Met mijn vrienden voetballen was gewoon leuker”
Van Zuijdam speelt inmiddels twaalf jaar bij Haaften en zit al ongeveer tien seizoenen bij het eerste. Zijn voetballeven begon bij ASH. “Ik woonde eerst in Hellouw, maar ben later verhuisd naar Haaften, waar ik goede vrienden had. Toen dacht ik: het is gewoon leuker om met mijn vrienden te gaan voetballen. En zodoende ben ik naar Haaften gegaan.”
Dat besluit heeft hij zich nooit beklaagd. Integendeel. “Dat is eigenlijk gewoon superleuk geweest. En nu nog steeds, dus ja, blij dat ik dat heb gedaan.” Wat Haaften daarin volgens hem typeert, is de vanzelfsprekende menging van generaties. “Ik vind het mooi dat na de wedstrijd gewoon van alle leeftijden mensen in de kantine staan. Jong, oud, letterlijk alles staat daar door elkaar.”
Dat dorpsgevoel is gebleven, ook nu de sportieve werkelijkheid minder is geworden. Haaften speelde een aantal jaar geleden nog in de derde klasse, later in de vierde, maar is nu voor het eerst in de vijfde klasse beland. Dat heeft alles te maken met het vertrek van een flinke groep ervaren spelers. “Er zijn best wat jongens gestopt waar ik altijd mee gespeeld heb. Een stuk of zeven van het oude eerste. En als zo’n klein clubje kan je dat niet altijd helemaal opvangen.”
Toch ziet hij in die verandering niet alleen maar iets negatiefs. Ja, het is wennen geweest. Ja, de ploeg is jong en zoekende. Maar hij gelooft wel in wat er staat. “We hebben nu een hele jonge groep. Dat komt ook vanzelf wel goed, want we zijn allemaal goed genoeg. Alleen het heeft gewoon even tijd nodig. We moeten meer scoren. Voetballend zijn we eigenlijk echt wel sterk.”
Binnen die jonge ploeg is er nog iets dat voor hem prettig werkt: de trainer. Danny Verwolf, 37 jaar, is niet alleen zijn coach maar ook een goede vriend. Ze speelden jarenlang samen in het eerste. Nu staat de een langs de lijn en de ander op het veld. “Dat hij nu onze trainer is, is wel leuk. Hij is ook een goede vriend van mij, dus dat is echt top. We kunnen wel kwaad op elkaar worden. Maar na de wedstrijd is dat allemaal weer goed joh.”
Klik hier voor meer informatie over vv Haaften
Klik hier voor meer artikelen over vv Haaften

