Björn Sebregts gaat zijn verbintenis bij HSC’28 met een jaar verlengen. Het wordt het derde seizoen in Heerle voor de keeper uit Wouwse Plantage, en merkt dat zijn vorm steeds beter wordt: „Zolang ik ritme heb, gaat het een stuk beter’’, vertelt hij.
Voor Sebregts is HSC’28 inmiddels al zijn derde club, maar pas de eerste waar hij meerdere jaren achter elkaar als eerste keeper actief is. Zowel bij Rimboe als bij NSV bleef dit namelijk beperkt tot één echt seizoen. Vijf seizoenen speelde hij bij de Nispenaren, waar Sebregts dus voornamelijk als tweede keeper actief was. Die reserverol ging de doelman steeds meer tegenstaan. Tevens waren er in het laatste jaar veel personele problemen bij het tweede, waardoor wedstrijden vaak werden afgelast: „Als ik pech had, speelde ik een maand niet.’’
Na het onderlinge duel tussen NSV en HSC’28, raakte Sebregts in gesprek met de mannen uit Heerle: „Ik kende er een aantal via via. Zij zeiden tegen mij: ‘Kom lekker bij ons spelen’. Opzich sprak dat idee sprak me wel aan. Toen hoorde ik een aantal weken later dat de eerste keeper van HSC’28, Colin Janse, een stap terug ging doen naar het tweede. De plek onder de lat bij het eerste kwam dus vrij.”
En dus besloot Sebregts de overstap te maken naar de Heerlese club, waar hij nog vrij onbekend was. „Ik kende mensen vanuit het zaalvoetbal en van de wedstrijden tegen Nispen, maar niemand echt goed’’, vertelt hij. „Maar ik had er vertrouwen in dat ik met open armen zou worden ontvangen. Heerle is, net als Wouwse Plantage en Nispen, een klein dorp, waar gemoedelijkheid voorop staat. Uiteindelijk bleek dat ook zo te zijn.’’
Na vijf jaar bij Nispen, waar hij met name in zijn laatste jaar pendelde tussen de bank van het eerste en de onzekerheid bij het tweede, was het weer eventjes inkomen voor Sebregts: „Ik had al een lange tijd bijna niet gekeept. Dat merkte ik wel in het begin. Als team begonnen we ook heel slecht aan het seizoen. Na de winterstop hebben we dat omgezet, met mensen op een andere positie en een andere tactiek. Toen draaiden we vrij goed mee – we konden zelfs even dromen over een periodetitel – en begon ik zelf ook mijn ritme weer terug te krijgen.’’
Uiteindelijk bleef het bij dromen. Wel maakte dat ruimte voor ambitie in het seizoen erna: HSC’28 wilde meedoen om promotie. Nu het seizoen al vergevorderd is, lijken die ambities misschien iets te optimistisch te zijn geweest: de ploeg staat met een zevende plaats bovenaan het rechterrijtje. „We zijn een paar keer ongelukkig geweest tegen directe concurrenten’’, begint Sebregts. „Maar in de winterstop zag je dat we van alle ploegen boven ons hadden verloren, en van alle ploegen onder ons hadden gewonnen. Dan sta je misschien ook wel terrecht in de middenmoot, ondanks dat we dit graag anders hadden gezien.’’
Waar dat aan ligt? „We hebben een vrij jong team en daarom zijn we een beetje wisselvallig’’, duidt Sebregts, die met zijn 25 jaar een van de oudere spelers is. „Soms ontbrak de wil om te winnen. Ook missen we misschien net één of twee spelers die op bepalende momenten wel de kwaliteit hebben om de ploeg op sleeptouw te nemen.’’
Met het oog op de toekomst en de continuïteit heeft HSC’28 Sebregts dus nog een jaar vastgelegd. „Ik heb het prima naar mijn zin hier en keepend gaat het ook steeds beter’’, vertelt hij. „Ik denk dat ik nog wel langer blijf dan dit ene jaar, maar je weet het nooit. Voorlopig zit er niets in de pijplijn.’’
Klik op HSC’28 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op HSC’28 voor meer informatie over de club.

