Rik de Leeuw is uitgegroeid tot vaste waarde bij Meerkerk

0
27

Vijf gele kaarten, één rode kaart en tussendoor ook nog een schorsing die uiteindelijk werd teruggedraaid: op papier oogt het seizoen van Rik de Leeuw als dat van een verdediger die graag op het randje leeft. Zelf lacht hij er een beetje om, maar veel plezier beleeft hij er niet aan. “Jawel, zeker wel dat ik daarvan baal”, zegt de 23-jarige back van Meerkerk. “Het liefst wil ik elke wedstrijd spelen. En om dan te moeten toekijken, vind ik wel lastig. Kijk, als ik wissel zit, dan snap ik het. Maar dit is dan wel echt mijn eigen schuld.”

Die kaarten zijn in zijn geval geen gevolg van commentaar op de scheidsrechter of ander gedoe eromheen. “Niet voor praten. Wel voor overtredingen.” De Leeuw speelt links- of rechtsback, een positie waarop je soms de prijs betaalt als je in een duel te laat bent of een keer aan de noodrem moet trekken. Toch voelt hij zich niet als zo’n speler die er bewust een kaartenverzameling van maakt. Eerder als iemand die er af en toe net te hard in vliegt en daar vervolgens zelf last van heeft.

De rode kaart tegen RWB vertelt wat dat betreft een apart verhaal. Die werd in eerste instantie als directe rode kaart genoteerd, maar later geseponeerd. “Er was iemand die de scheidsrechter controleert, zo’n rapporteur, en die ging tegen de beslissing van de scheidsrechter in”, vertelt De Leeuw. “Toen hebben wij ook nog bezwaar gedaan.”

“Nu ga je er wel van uit dat je speelt”

Zijn weg naar het eerste was een geleidelijke klim. Tijdens de coronaperiode sloot De Leeuw aan bij de selectie, maar de eerste jaren was het vooral pendelen tussen het eerste en het tweede. “Veel wissel gezeten ja. De eerste twee jaar zat ik wel echt tussen één en twee in.” Dat veranderde pas de afgelopen tweeënhalf jaar. Sindsdien staat hij er wekelijks in en is zijn rol een stuk steviger geworden.

Dat verschil voelt hij zelf ook duidelijk. “Toen de app soms nog kwam op zaterdag, dacht je: nou, ik zal wel weer wissel zitten en misschien speel ik helemaal niet of vijf minuten. En nu ga je er wel van uit dat je speelt. Minimaal sta ik erin en vaak ook gewoon negentig minuten.”

Tegelijk blijft hij realistisch. Een basisplaats is voor hem geen bezit. “Als er iemand beter is dan mij, dan moet ik me daar maar bij neerleggen. Of nog harder werken om er wel weer in te staan.”

“Na vijf minuten is het alweer gezellig”

Over het seizoen van Meerkerk zelf is De Leeuw minstens zo eerlijk. De ranglijst oogt niet fraai en het gevaar van nacompetitie hangt nadrukkelijk boven de ploeg. Toch had hij vooraf wel verwacht dat het lastig zou worden. Meerkerk promoveerde, verloor wat ervaren krachten. “We wisten op voorhand al dat dit seizoen lastig ging worden.”

Die verwachting is inmiddels ingehaald door de werkelijkheid. Binnen de groep heerst volgens De Leeuw geen gelatenheid, maar juist strijdlust. “Iedereen heeft wel uitgesproken: het zijn nog twee finales en die willen we kost wat kost winnen en gewoon nog in de derde klasse blijven.”

Mocht dat lukken, dan is het seizoen geslaagd. Al is er volgens De Leeuw ook in moeilijkere tijden iets dat Meerkerk overeind houdt. Hij noemt de sfeer binnen de club als het grootste onderscheid met andere verenigingen. “Ik merk toch wel dat er op Meerkerk, in vergelijking met sommige andere clubs, echt wel een stuk meer publiek staat. Wekelijks wel tussen de honderd en tweehonderd man.”

Maar het zit hem niet alleen in de aantallen. Juist ook in wat er na afloop gebeurt. “Na de wedstrijd staat heel die kantine vol, ook al heeft het eerste met 5- of 6-0 verloren. Er wordt natuurlijk wel geklaagd dat we niet gewonnen hebben, maar dat waait binnen vijf minuten weer over en dan is het gewoon gezellig.”

Klik op SV Meerkerk voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Meerkerk voor meer informatie over de club.