Stille krachten van De Zwerver nemen afscheid

0
28

Ze lopen al jaren samen over het sportpark van De Zwerver. Cock de Boom en Olav Everhard. Teammanagers van het eerste. Regelaars, aanspreekpunten, mannen van de achtergrond. Dit seizoen zwaaien ze af. Niet met een groot gebaar, maar zoals ze altijd gewerkt hebben: rustig, nuchter, zonder drama.

Olav (48) begon als klein ventje bij Alblasserdam, maar zijn blik ging al snel richting De Zwerver. “Al sinds kleins af aan wilde ik daarheen. Maar het mocht niet van mijn ouders. Het was te ver.” Toch bleef het trekken. Toen hij uiteindelijk op zijn zestiende de overstap maakte, voelde het meteen als thuis. “Dat is moeilijk uit te leggen. De accommodatie is niet top, maar er heerst hier een saamhorigheid. Een familiegevoel.”

“Mijn moeder begreep er in het begin weinig van. ‘Wat moet je daar nou doen joh, met die slechte velden?’ Tot ze een keer meeging. Toen zei ze direct: ‘Ik snap je helemaal. De mensen zijn heel sociaal en de sfeer is warm.’”

Als doelman speelde Olav in het tweede. Hij zat er tegenaan, tegen het eerste. Toen koos hij voor een vriendenteam. “Leuk,” zegt hij. “Maar achteraf heb ik daar spijt van. Dat serieuze miste ik.” Toen zijn dochter werd geboren, stopte hij zes jaar lang helemaal bij De Zwerver. Tot zijn dochter op een dag op de bank zat en zei: “Papa, ik wil voetballen.” “Ik pakte haar op en ging naar De Zwerver. Terwijl ik hemelsbreed tweehonderd meter van Drechtstreek woon.”

Zijn dochter begon bij de mini’s. Er was trainerstekort en Olav stapte in. Eén team werd er meerdere. Doordeweeks trainen, weekenden op de club. Zijn dochter stopte na een jaar, maar hij bleef. Zo rolde hij erin. Vier jaar geleden kwam hij Cock tegen bij het eerste. “Hij zei gekscherend dat hij iemand nodig had.” Dat was het begin van zijn rol als teammanager.

Het bevalt hem. “Je krijgt een heel andere kijk op het eerste,” zegt Olav. “Hoe bereid je een wedstrijd voor? Zorgen dat alles geregeld is. Het is geen hogere wiskunde, maar puur hobby. Pure ontspanning. Van hot naar her lopen, alles klaarzetten en achteraf een biertje in de kleedkamer. Je bent onderdeel van een team. Als je er een keer niet bent, weten ze wat ze missen.”

Toch stopt hij. Cock ook. “Ontzettend jammer dat hij stopt,” zegt Olav over zijn collega. “Echt een clubman. Maar ik begrijp zijn keuze wel. Hij is nu begin zestig, en fysiek merk je dat. Zelf stop ik om een andere reden. Ik heb een nieuwe relatie. Dan is het fijn om de zaterdagen samen door te brengen. Voor nu stop ik dus even, maar ik sluit niet uit dat ik wedstrijden ga fluiten of vlaggen.”

Cock de Boom (61) noemt De Zwerver zijn tweede huis. Hij kwam er als zesjarige, maar kon eigenlijk niet voetballen, zegt hij zelf. “Ik was eerder bang voor de bal dan dat ik ertegenaan wilde schoppen. Ik ging al snel weer van voetbal af. Op mijn twintigste ben ik nog bij De Zwerver 11 gaan spelen. Ook dat werd niks.” Wel bleef Cock betrokken als jeugdleider en trainer. 25 jaar lang had hij ploegen vanaf de Onder 13 tot en met de Onder 19 onder zijn hoede. Daarna hielp hij in de keuken en achter de bar. Personeel regelen, praktische zaken. Toen werd hij gevraagd als teammanager bij de A1. Uiteindelijk belandde hij bij het eerste. Zes jaar zit hij er nu bij. “Je zorgt dat het eten en drinken klaarstaat. Het wedstrijdformulier. Alle kleine dingen regelen we voor die jongens.”

Hij noemt ze steevast “mijn jongens”. En dat meent hij. “Ik ben gek op mijn jongens. Daar ligt het niet aan.” In zes jaar maakte hij veel mee: Promoveren , twee keer degraderen en afgelopen seizoen  kampioen geworden. “Meer dan de meeste leiders in hun hele periode. Maar op een of andere manier is de feeling weg. Als je die passie niet meer voelt, dan moet je eerlijk zijn en stoppen.”

Klik op De Zwerver voor de laatste artikelen over de club.
Klik op De Zwerver voor meer informatie over de club.