DE GEWILDE KOLFF MAAKT OVERSTAP NAAR DE ZWERVER

0
10
KOLFF

meeNa drie jaar Vuren en drie jaar Altena is het tijd voor een nieuwe club. Rick Kolff (42) tekent bij De Zwerver en maakt daarmee waar wat hij een jaar geleden in Voetbaljournaal beloofde: een stap naar de eerste of tweede klasse. “Uiteindelijk had ik hier het beste gevoel bij.”

Negen keer nee

Dat er uiteindelijk voor De Zwerver gekozen werd, was niet vanzelfsprekend. Negen clubs klopten aan bij Kolff, waarvan hij er zes bij voorbaat afwees. Alleen met GRC’14, Tricht en De Zwerver ging hij het gesprek aan. Opvallend is dat wanneer je zijn cijfers bij Altena puur resultaatgericht bekijkt, niet eens zo uitzonderlijk waren. Eén keer gepromoveerd, maar ook één keer gedegradeerd. “Puur resultaatgericht was het niet heel goed. Maar clubs kijken daar wel doorheen heb ik in die gesprekken gemerkt. Ze verzamelen info over hoe je traint, wat je voetbalfilosofie is en hoe je binnen een vereniging staat. Dat vinden mensen in het amateurvoetbal ook wel heel belangrijk.” Zijn eigen antwoord daarop is simpel: aanwezig zijn. “Ik laat mijn gezicht zien en loop niet zomaar weg. Ik heb twee keer drie jaar bij een club gezeten en bij beide clubs wilden ze dat ik bleef. Ook kom ik nog steeds graag langs bij Vuren en Altena.”

Tussen de drie kandidaten koos Kolff uiteindelijk op gevoel. Het was de technische commissie van De Zwerver die de doorslag gaf. “Daar zaten jongens van mijn leeftijd die zelf ook op niveau gevoetbald hebben en gewoon wisten hoe en wat. Die hadden veel over me uitgezocht en waren duidelijk actief bezig en ambitieus. Dat vond ik wel belangrijk.”

De twee clubs die het uiteindelijk niet werden, kent Kolff goed. GRC’14 zit bij hem in de buurt en degradeerde dit jaar juist van de tweede naar de derde klasse. Tricht speelt komend seizoen net als De Zwerver in de tweede klasse. “Het waren allebei serieuze opties, en ze wilden mij alle drie graag hebben. Maar uiteindelijk gaat het om waar je gevoel het beste bij past.”

Van biertje naar ambitie

Elke stap in zijn trainerscarrière is een stapje hoger, legt Kolff uit. Vuren was een dorpsclub waar jongens vooral voor de gezelligheid en het biertje voetbalden. “Dat is een omgeving waar je jezelf in moet aanpassen als je zelf presteren gewend bent. Maar als je dat niet kan, moet je ook geen trainer worden. Je moet ergens onderaan beginnen.” Bij Altena, ooit op een hoger niveau actief met betaalde spelers, zat al net iets meer fanatisme. De club stapte een aantal jaar geleden volledig over op eigen jeugd, zonder betalingen, en begon eigenlijk weer bij nul. Een vaste stip op de horizon heeft Kolff niet. “Ik heb niet zoiets van ‘over vijf jaar wil ik daar of daar zijn’. Ik ben heus wel ambitieus, maar het is geen must voor mij om op het hoogste niveau te trainen. Voor mij gaat het gewoon om een leuke club waar ik het naar mijn zin heb. Niveau is goed, maar niet heiligmakend.”

Persoonlijk valt de overstap samen met nog een grote verandering: twee weken voor dit gesprek kreeg Kolff de sleutel van zijn nieuwe huis. Terwijl de voorbereiding bij De Zwerver al over anderhalve week begon. Veel tijd om te settelen is er dus niet. Toch maakt hij zich er niet druk om. Zes weken voorbereiding vindt hij ruim voldoende. “Spelers moeten naar mijn mening ook even het voetbal los laten en hun eigen ding doen. Om weer fris te starten. Tegenwoordig moeten clubs van alles: drie keer trainen, blokken, weet ik veel wat. Ik geloof daar niet zo in. Spelers moeten volgens mij ook gewoon eventjes hetzelfde ding kunnen doen.” Aan de moderne trainingsdrukte, waarbij spelers volgens hem soms wel erg opgejaagd worden, doet hij liever niet mee. “Ik geloof er niet in dat iedereen elkaar achternaholt.”

Durven voetballen

Van De Zwerver zag Kolff vorig seizoen al drie wedstrijden, en hij regelde ook een oefenpotje tegen de club. Zijn beeld: een ploeg die bikkelt en hard werkt, met veel jongens die er al langer zitten. De grootste winst valt volgens hem te behalen in het voetballende gedeelte. “Het opbouwende gedeelte. Durven om te voetballen. Dat is ook precies waar ik bij clubs graag aan werk.” Dat spits Glenn Weijts vertrok, ziet hij niet enkel als een verlies. “Dat was een jongen die best wat doelpunten maakte en stempel drukte. Nu komen er andere jongens voor terug die het team denk ik wel ten goede komen.”

Een concrete doelstelling spreekt Kolff nog niet uit. De Zwerver verhuist dit seizoen naar een poule dichter bij zijn eigen regio, met onder meer Sliedrecht en Papendrecht als favorieten. Waar de club voorheen meer richting het Rotterdamse speelde, komt de competitie nu dichter bij Kolff zelf in de buurt te liggen. Ook een club als SVW zit in de nieuwe indeling. “Ik vind het lastig om nu al te zeggen waar wij gaan eindigen. Iedereen roept al snel: we willen om een periodetitel meedoen… De afgelopen jaren hebben wel uitgewezen dat De Zwerver een stabiele tweedeklasser is. Dan zouden wij dat misschien ook wel kunnen roepen.”

Kozakken Boys

Wie Kolff nu langs de lijn ziet staan, ziet niet direct de speler die hij ooit was. Heel zijn jeugd voetbalde hij bij Kozakken Boys, waar hij uiteindelijk via het derde, tweede en eerste meer dan 150 wedstrijden speelde. Dat was destijds het hoogste amateurniveau. Bekerduels tegen Ajax en PSV en mooie wedstijden tegen Spakenburg en IJsselmeervogels. “Voor een amateurvoetballer is dat wel het summum. Leuk om op terug te kijken.” Aan het einde van zijn jeugd toonde FC Utrecht interesse, maar Kolff haakte zelf af. “Ik wilde gewoon lekker thuis blijven, bij mijn vrienden. Die behoefte had ik nooit zo. Als ik goed genoeg was, kwamen ze later ook wel weer.” Zijn jongere broer maakte die stap destijds wel, speelde op zijn zeventiende al in het eerste van Utrecht, maar redde het uiteindelijk net niet als prof.

Spijt heeft Kolff niet. “Om op dat niveau te komen, moet je heel goed zijn en heel veel opofferen. Je ziet alleen de mooie kant, maar onderschat niet wat erachter zit.” Ook geluk speelt mee, denkt hij. Het juiste moment, de juiste plek. Makkelijk was Kolff als speler overigens niet. “Ik was niet brutaal, maar had wel altijd mijn mening klaar.” Iets waar hij nu als trainer nog profijt van heeft. “Daarom kan ik denk ik goed met lastige jongens omgaan.”

meer dan alleen cijfertjes

Dat hij, ondanks een niet uitzonderlijk trackrecord, zoveel clubs achter zich aan kreeg, verbaast Kolff zelf nog het meest. Hij wijt het vooral aan hoe hij zich als trainer opstelt binnen een vereniging, meer dan aan resultaten alleen. “Het amateurvoetbal is klein. Iedereen kent elkaar, en een goed woordje doet meer dan een lijstje met cijfers.” Voor komend seizoen hoopt hij dat te bevestigen bij De Zwerver. “Ik hoef niet elk jaar de grootste ambities uit te spreken. Als het klikt met de groep en het bestuur, dan komt de rest vanzelf.”

Voor Kolff zelf is de overstap naar De Zwerver vooral een prettige, ook buiten het veld. “Ik ben hier best wel blij mee. In deze buurt, op dit niveau, bij deze club. Ik denk dat ik hier wel kan passen.”