Kevin Buijsrogge is zo’n naam die bij Teisterbanders inmiddels onlosmakelijk verbonden is met de club. Al bijna dertig jaar loopt hij rond op sportpark De Woerd, eerst als jeugdspeler, later als vaste waarde in het eerste elftal en tegenwoordig als routinier in het derde. Alsof dat nog niet genoeg is, staat hij ook wekelijks op het veld als jeugdtrainer én is hij een van de drijvende krachten achter het kaboutervoetbal. Een echte clubman, in de meest pure zin van het woord.
De liefde voor Teisterbanders begon al op jonge leeftijd. Buijsrogge groeide niet eens direct op in de buurt, maar raakte bij toeval verknocht aan de club. “Ik woonde toen zo’n tien kilometer verderop en voetbalde bij ISC,” vertelt hij. “Maar ik ging een keer met mijn neefje mee naar de slotdag van Teisterbanders. Dat is elk jaar een groot jeugdfeest, met springkussens en allerlei activiteiten. Die dag vond ik zó leuk, dat ik hier ben gebleven.” Sindsdien is hij niet meer weggegaan. “Ik voetbal hier nu 29 jaar, bijna dertig.”
Buijsrogge speelde jaren in het eerste
In al die jaren doorliep Buijsbrogge praktisch alle jeugdelftallen en schopte hij het uiteindelijk tot het eerste. “Ik heb ongeveer tien jaar in het eerste gespeeld,” zegt hij nuchter. “Tussendoor zat ik nog een periode in het tweede, vanwege werk, maar verder heb ik alles hier meegemaakt.” Het typeert zijn band met de club: altijd aanwezig, altijd betrokken. Zelf omschrijft hij zich als voetballer zonder poespas. “Ik was vooral een harde werker. Geen uitzonderlijk talent, maar door keihard te werken kwam er meer uit dan er misschien in zat.” Zijn positie? “Meestal in de spits, maar net wat uitkwam.”
Inmiddels bouwt Buijsrogge rustig af in het derde elftal, samen met jongens die hij al jaren kent. Toch is hij nog lang niet klaar op de club. Integendeel. De afgelopen jaren vond hij een nieuwe rol langs de lijn. Zijn trainersavontuur begon min of meer vanzelf. “Mijn oudste is nu negen en mocht op zijn vijfde beginnen met voetballen,” legt hij uit. “Toen ben ik hem gaan trainen en van het een kwam het ander.” Eerder had hij al kort ervaring opgedaan als jeugdtrainer, onder meer vanwege een opleiding lichamelijke opvoeding. “Dat vond ik toen al leuk, maar het kwam er daarna niet meer van. Totdat je kinderen krijgt en een club trainers nodig heeft. Dan zit je er ineens middenin.”
Buijsrogge richt zich tot de jeugd
Tegenwoordig is Buijsbrogge trainer van JO10-1 en daarnaast nauw betrokken bij het kaboutervoetbal. Samen met een aantal teamgenoten uit het derde elftal zette hij een laagdrempelig initiatief op voor de allerkleinsten. “We hebben allemaal kinderen van die leeftijd,” vertelt hij. “Dus dachten we: waarom starten we niet iets voor vier- en vijfjarigen?” Elke thuiswedstrijd van het eerste staat de zondagochtend in het teken van de ‘kabouters’. “Drie kwartier lekker bezig zijn, rennen, spelletjes doen. Het is gratis en vrijblijvend. Als ze zin hebben, komen ze. Zo niet, dan is dat ook prima.”
De insteek is bewust simpel gehouden. Geen prestatiedruk, geen vaste verplichtingen. “Het gaat erom dat kinderen bewegen en plezier hebben,” benadrukt Buijsrogge. “Je ziet wel verschil hoor. De één is nog vooral bezig met bloemetjes langs het veld, de ander wil echt al leren voetballen. Maar dat is helemaal goed.” Voor hem zit de waarde vooral in het motorische aspect. “Ik heb het idee dat kinderen tegenwoordig minder buiten spelen dan vroeger. Dan vind ik het belangrijk dat ze hier gewoon kunnen bewegen.”
Wat het trainerschap voor hem zo leuk maakt, is het moment waarop alles samenkomt. “Op zaterdag zie je terug wat je door de week traint,” zegt hij. “Bij de jongste jeugd duurde dat even, maar nu ze ouder worden, zie je echt vooruitgang. Dat geeft voldoening.” Die voldoening haalt hij niet alleen uit resultaten, maar vooral uit betrokkenheid. “Als je ziet dat kinderen met plezier naar de club komen, dan weet je waar je het voor doet.”

