Na vier jaar niet actief te zijn geweest als trainer, staat Rick Buitenhuis sinds dit seizoen bij het tweede elftal van DVV’09 weer op het veld. En dat is iets waar de inwoner van Stellendam maar wat blij mee is. “Die gasten proberen wat bij te leren blijft toch het mooiste wat er is.”
De eerste weken bij de club uit Dirksland bevallen de voormalig jeugdtrainer van Nieuwenhoorn en Spartaan’20 dan ook uitstekend. “Het is lekker om na vier jaar weer op het veld te staan. En ook de kleedkamer heb ik toch wel een beetje gemist.” Toch was het een bewuste keuze, om na jaren als trainer, even een stapje terug te doen, vertelt de 33-jarige Buitenhuis. “Dat was met name vanwege de geboorte van mijn dochter en onze verhuizing naar Stellendam.”
Ballenbak
Dat inmiddels volledig achter de rug, en alles op de rit, zag Buitenhuis in december van afgelopen jaar een vacature van DVV’09 voorbijkomen. “Ze waren op zoek naar een trainer voor het tweede elftal. En ik wilde eigenlijk wel weer graag een team gaan trainen.” Eén plus één, was voor de oefenmeester dan ook snel twee. “Het voelde meteen goed. De club is op de goede weg, heeft ambities en wil graag de link leggen met de jeugd. In samenwerking ook met de O23. Dat sprak me aan!” Het doel is wat dat betreft dan ook simpel: “Zorgen voor meer doorstroming vanuit de jeugd naar de senioren.” Een uitdaging waar het voetbalhart van Buitenhuis sneller van ging kloppen. “De afgelopen jaren waren mijn zaterdagen toch wel leeg. Zat ik vooral in de ballenbak. Na een tijdje ga je toch die wedstrijdspanning en het voetbalgevoel missen.”
In zijn geval nu voor het eerst, bij de senioren. “Dat is eigenlijk puur toeval. Ik was er niet naar op zoek, maar het kwam gewoon op mijn pad.” Wat is het grootste verschil met het zijn van jeugdtrainer? “Je hoeft minder op de discipline te zitten en bent nog meer bezig met het tactische aspect en goede trainingen geven. En je hebt minder contact met ouders.” Iets wat hij bij Nieuwenhoorn en Spartaan’20, als vanzelfsprekend wel had. “Bij Nieuwenhoorn ben ik trainer geweest van de O13-1, O15-1 en O17-1. Toen speelden we op hoofdklasse- en divisieniveau. Daarna heb ik mijn VC2-diploma (UEFA C) gehaald en werd ik trainer bij Spartaan’20.” Begonnen als assistent, deed Buitenhuis ook daar de nodige ervaring op. “Die club staat niet voor niks bekend als talentenfabriek. Ik ben daar trainer geweest van verschillende selectieteams, met als hoogtepunt een vierde plaats met de O13-1 op Eredivisieniveau.”
Naar het eerste
Toch is ook DVV’09, allesbehalve een onbekende vereniging, voor Buitenhuis. “Mijn schoonvader, Dave van der Stel, is hier jeugdvoorzitter geweest en loopt nu rond bij de dames. Daarnaast heb ik in de afgelopen jaren flink wat derby’s gekeken.” Zijn liefde voor het trainersvak, begon dan ook al op jonge leeftijd. “Op mijn zeventiende was ik al trainer van een pupillenteam. En dat trok me zo erg, dat ik erin door ben gegaan.” Mede vanwege de begeleidende rol, en zijn interesse in tactiek. “Spelers beter maken, zien ontwikkelen en in hun kracht laten komen, is het leukste wat er is.” Hoe zou hij zichzelf als trainer omschrijven? “Een peoplemanager die graag onderdeel is van de groep en er niet te veel boven wil staan. Iemand die de neuzen dezelfde kant op probeert te krijgen. Verder houd ik van aanvallend voetbal, met een hoge intensiteit en veel gedrevenheid.”
Alles, om bij DVV’09 uiteindelijk zoveel mogelijk spelers naar het eerste te krijgen. “Dat is wel het doel. Ik hoop dat dit seizoen een handjevol jongens, hun debuut kunnen maken.” Al blijft dat natuurlijk altijd een dubbel gevoel. “Tuurlijk is het moeilijk als je beste spelers weggaan, maar daar moeten we ons naar schikken. Het biedt ook weer kansen voor andere jongens.” Ook tijdens trainingen. “Ik ben als trainer fan van de KNVB-school. Dus wedstrijdgericht, en veel intensiteit.” Een werkwijze die Buitenhuis de komende jaren, graag wil blijven ontwikkelen. “Ik ben nu bezig met mijn VC3 (UEFA B) en wil in de toekomst uiteindelijk ook mijn VC4 (UEFA A) gaan doen.”
Aan ambities, dan ook geen gebrek. “Over één of twee jaar, zou ik graag ergens een eerste elftal willen trainen. In de tweede of derde klasse. Al moet die kans dan natuurlijk ook wel voorbijkomen.” Tot die tijd, probeert hij zich in zoveel mogelijk trainers te verdiepen en ook daar, het nodige van op te steken. “Arne Slot is voor mij echt een inspiratie, vooral door de manier waarop hij zijn teams laat spelen. Maar ook Dick Schreuder vind ik interessant. In hoe hij zijn ploeg naar zijn hand zet en zijn denkwijze vertaalt naar het veld.”

