Van der Waal wordt hoofdtrainer bij Meerkerk na vertrek bij Sliedrecht

0
63
Van der Waal

Coen van der Waal (38) is de nieuwe hoofdtrainer van Meerkerk. Hij vertrok daarvoor bij Sliedrecht, waar zijn broer hoofdtrainer is.

Pijn deed het vertrek niet, zegt Van der Waal. Het was een bewuste keuze. Er was maar één weg om bij Sliedrecht te blijven: zelf hoofdtrainer worden. Hij besprak dat open met de club en met zijn broer Sjoerd, de huidige trainer. Hij vroeg hem rechtstreeks of hij plaats wilde maken. Het bestuur en de technische commissie besloten uiteindelijk nog een jaar door te gaan met Sjoerd. Van der Waal begreep die keuze. Langer wachten wilde hij niet. Dus ging hij op zoek naar een andere club. Als speler en trainer samen zat hij inmiddels zo’n tien jaar bij Sliedrecht.

Toen Van der Waal stopte met voetballen, werd hij meteen assistent-trainer bij het eerste van Sliedrecht. Een jaar keek hij mee. Daarna haalde hij zijn trainersdiploma VC 3. Jarenlang werkte hij als assistent naast zijn broer. “Een supertoffe tijd.” Toch bleef de wens om zelf voor een groep te staan. Die ambitie had hij altijd al.

Frisse start

Bij Meerkerk geniet Van der Waal vooral van het nieuwe. Nieuwe mensen, een andere clubcultuur, een andere manier van werken. Dat geeft hem energie. Dat hij nog niemand kent, ziet hij als voordeel. Zo kan hij zijn eigen ideeën neerzetten.

Meerkerk had een moeilijk seizoen achter de rug. Vier overwinningen, waarvan twee tegen Schelluinen, de club waarbij het hele eerste elftal was opgestapt. De rest werd verloren. Via de nacompetitie is SV Meerkerk gedegradeerd naar de vierde Klasse. Van der Waal, die in zijn jeugd bij FC Dordrecht speelde, vergelijkt de groep bewust niet met het niveau waarop hij zelf speelde. “Dat is het domste wat je als trainer kan doen.” Over zijn nieuwe groep is hij positief verrast. “Het is een gretige groep. Ze zijn er, ze willen graag, en ze klagen niet.”

Tactisch houdt Van der Waal het bewust simpel. “Je kan zelf technisch willen denken en op een bepaalde manier willen spelen, maar als een groep daar nog niet klaar voor is, moet je gewoon bij de basis beginnen. Is die basis eenmaal goed, dan kun je verder uitbouwen. Dus zo ben ik ook dit seizoen begonnen: eerst de basiselementen, en dan zien we vanzelf hoe ver we komen.” Ook in speelwijze kiest hij voor rust in plaats van variatie. “Laat me eerst één systeem goed neerzetten, voordat we allerlei dingen gaan aanpassen. Niet elke jongen heeft een opleiding genoten bij een BVO of een hoog spelende club. Dat leren ze nu eigenlijk pas bij het eerste elftal. Daar moet je als trainer wel rekening mee houden.”

Een eerste bewijs dat de aanpak aanslaat, kwam al snel. Vier weken na zijn aantreden won Meerkerk de eerste bekerronde met 6-0. “Dat is wel lekker als nieuwe trainer. Als je dingen aanleert en dingen zegt, en je verliest steeds maar, dan gaan spelers al snel denken: wie is die gozer eigenlijk? Nu geloven ze steeds meer in wat we aan het doen zijn. En niet alleen in mij, want uiteindelijk moet ik het gewoon samen met de overige stafleden en de spelers doen.”

Een gezamenlijk gevoel

Wat Van der Waal wel verbaasde, was hoe makkelijk spelers vorig seizoen afzegden voor training of wedstrijden. “Niet één keer per jaar op skivakantie, maar drie keer. En ik snap het allemaal wel, hoor. Maar we spreken met elkaar een heel seizoen af. Iedereen weet van tevoren wanneer er gespeeld wordt, dat schema ligt gewoon vast. Dan plan je een weekend weg maar in als dat uitkomt. Als jij afzegt, geef je daarmee ook een reden aan anderen om af te zeggen. En dat moeten we niet willen.”

Dat er iets leeft rond het eerste van Meerkerk, bleek al in de beker. De streekderby tegen Ameide trok bijna duizend toeschouwers. Op 5 december, de laatste speeldag voor de winterstop, staat de competitiewedstrijd tussen beide ploegen op het programma. “Het leeft hier echt. En dat vind ik mooi. Bepaalde waarden die in een club leven, daar doe je het uiteindelijk voor.”