Sommige transfers draaien om ambitie, geld of een nieuwe uitdaging. De terugkeer van Simon van Zeelst naar Jan van Arckel draait vooral om timing. Op 32-jarige leeftijd verruilt de middenvelder de derde divisie voor de club waar hij als kind begon. Niet om rustig uit te bollen, maar om opnieuw plezier te maken én verantwoordelijkheid te pakken.
Van Zeelst groeide op in Ammerzoden en trapte vanaf zijn vierde bij Jan van Arckel tegen een bal. Op dertienjarige leeftijd werd hij gescout door RKC, waarna hij via de jeugdopleiding van RKC en Willem II het profvoetbal bereikte. Hij maakte zelfs zijn Eredivisiedebuut en speelde in de Arena.
Een echte doorbraak bij Willem II bleef uit. Een verhuurperiode bij RKC leverde hem wel volop wedstrijden in de Keuken Kampioen Divisie op. Daarna volgden stages bij onder meer FC Dordrecht en clubs in het buitenland, maar een nieuw profcontract kwam er niet. Het bleek het begin van een indrukwekkende amateurcarrière.
Tien jaar derde divisie
Na een seizoen in de Topklasse kwam Van Zeelst terecht in de derde divisie. Tien jaar lang bleef hij daar actief, bij JVC Cuijk, DOVO en Stedoco. Daarmee behoort hij tot de spelers met de meeste wedstrijden op dat niveau. Toch begon de lange reis door Nederland hem steeds minder te trekken.
Ook buiten het veld veranderde zijn leven. Van Zeelst heeft een eigen recruitmentbedrijf, personeel in dienst, werd vader en kocht een oude woonboerderij die volledig wordt verbouwd. “Op een gegeven moment krijg je andere prioriteiten.” De keuze om de derde divisie achter zich te laten, kwam daardoor niet uit het niets.
Terug naar waar het begon
In oktober hakte Van Zeelst de knoop door. Jan van Arckel bleek de logische bestemming. Niet alleen omdat hij daar ooit begon, maar vooral vanwege de mensen. Zijn beste vriend Bart Goesten is trainer van de club.
Toch voelt de terugkeer niet alsof hij simpelweg negentien jaar terugstapt in de tijd. “Ik ben op mijn dertiende weggegaan en heb er negentien jaar niet gevoetbald.” De cirkel is rond, maar de herinneringen aan zijn eerste jaren zijn beperkt.
Geen vedettenrol, wel verantwoordelijkheid
Van Zeelst weet dat zijn komst verwachtingen oproept. Iemand die honderden wedstrijden in de derde divisie speelde en ooit Eredivisie-ervaring opdeed, wordt in de vierde klasse al snel gezien als de man die het verschil moet maken. Zelf kijkt hij daar nuchter naar.
Hij verwacht ook slechte wedstrijden te spelen, maar wil vooral waarde toevoegen met coaching, positiviteit en leiderschap. Juist dat laatste ziet hij als een behoefte binnen de selectie. Er zit volgens hem voldoende kwaliteit, maar het elftal kan nog winnen aan leiderschap. Die rol past hem goed.
Opvallend genoeg schuift hij daarbij in het veld weer een linie naar voren. Na vier jaar als centrale verdediger wil hij opnieuw op het middenveld spelen. Daar kan hij weer meer de verbinding vormen tussen verdediging en aanval.
Meer dan alleen terugkeren
De eerste trainingen bevestigden voor Van Zeelst dat de stap hem goed doet. Het niveau ligt lager, maar de bereidheid binnen de groep spreekt hem aan. Hij ziet een jonge selectie met spelers die nog veel moeten leren, maar vindt het vooral belangrijk dat niemand verzaakt.
Zijn toekomst in het voetbal houdt hem eveneens bezig. Trainer worden is niet direct zijn doel; een rol rondom selectiebeleid of spelers samenstellen spreekt hem mogelijk meer aan. Eerst wil hij genieten van het spelen.
Bij Jan van Arckel wil hij ondertussen niet zomaar meedoen. Een periodetitel is volgens hem een realistische ambitie. Promotie? Daar praat hij liever later over. Eerst voetballen, resultaten halen en na een paar wedstrijden bekijken waar de ploeg staat. Na negentien jaar is Van Zeelst terug. En dit keer wil hij niet vertrekken.

