“Springen. Goed zo! Springen.” Het is een druilerige zondagmorgen bij VDL in Maassluis en Arjan van der Kaay moedigt één van de ruim twintig keepertjes bij een oefenvorm aan.

Mooi, hé”, zegt de voormalige profkeeper en naamgever van Keeperschool Van der Kaay. “Het plezier straalt er vanaf. Dat vind ik het belangrijkste. Als keepertje hoef je heus niet supergetalenteerd te zijn om aan onze cursussen mee te doen, de veruit belangrijkste voorwaarde is dat je het leuk vindt en plezier hebt.

Op zijn website (keepersschoolvanderkaay.nl) staat een uitdagende kop: Keepen: nieuwe helden. “Keepers zijn steeds belangrijker geworden”, legt hij uit. “Het zijn geen eenlingen meer, maar belangrijke schakels in het team. Dat zie je ook terug in de aandacht die er voor keepers is. De meeste clubs hebben speciale keeperstrainingen, er zijn keeperscholen. Dat was er vroeger allemaal niet.

Toen Van der Kaay zelf een jonge keepertje was moest hij het maar uitzoeken. “Ik moest mezelf vaardigheden aanleren. In die tijd was er veel minder voetbal op televisie. Dus je had veel minder voorbeelden dan nu.”

Pas later, toen hij bij ADO Den Haag onder de lat stond kreeg hij professionele begeleiding. Na zijn profloopbaan speelde hij bij Westlandia en bouwde hij af bij MSV’71 in Maassluis. Terwijl hij als actief keeper aan het afbouwen was, bouwde hij een nieuw bestaan als keeperstrainer op. “Op een gegeven moment trainde ik iedere dag een club.”

Intussen is het aantal clubs beperkt tot drie. Zijn meeste uren draait hij bij Feyenoord, waar hij de keepers in de onder- en middenbouw onder zijn hoede. Bij FC ‘s-Gravenzande traint hij de jeugd- en selectiekeepers. Sinds de winterstop is daar een nieuwe klus bijgekomen: eerstedivisionist FC Dordrecht.

Het is allemaal uitstekend te combineren met zijn eigen keeperschool, die hij sinds 2013 heeft. Zijn school beschikt over vestigingen op twee lokaties, één op het terrein van FC ’s-Gravenzande (op vrijdag) en één op het complex van VDL (op zondagmorgen). “We trainen in kleine groepjes”, vertelt Van der Kaaij. “Ik krijg assistentie van trainers die gecertificeerd zijn. We houden rekening met de relatief korte concentratieboog van kinderen, vanuit een positieve houding, zonder prestatiedruk.”

We werken met blokken en thema’s, maar we houden het wel spannend en dus gevarieerd voor de keepers”, benadrukt hij.

Het insnijden van de bal, een goede uitgangspositie, de traptechniek, het positiespel, het meevoetballen en de één-tegen-één duels. Allemaal technische zaken waar we aandacht aan besteden.

Daarnaast krijgen ze sociale vaardigheden aangeleerd als praten voor een groep en coachen van medespelers. Ook leren ze hoe ze zich mentaal kunnen voorbereiden op een wedstrijd.”