Peter Looij staat erop om met het clublogo van voetbalvereniging Zwartewaal op de foto vereeuwigd te worden. “Deze club betekent heel veel voor mij”, zegt hij als zijn oog valt op de twee sterren in het logo.

Daar wil hij meer van weten en gelukkig zijn Jan Boers en Reyn Geilvoet, respectievelijk coördinator horeca en terrein/materiaalman, in de buurt. “Die twee sterren staan voor onze topscorer met twee doelpunten en die ene voor onze andere met één doelpunt”, lacht Boers zelf nog het hardst om zijn grap. “Nee joh”, valt Geilvoet hem in de rede. “Dat is voor het winnen van de Roteb Cup.”

Humor, jezelf niet al te serieus nemen, maar ook diepe verbondenheid. Dat is vv Zwartewaal. Looijs vader was in 1976 één van de twee oprichters van de club. “Ik zie hem nog binnen komen. Met tranen in zijn ogen, tranen van geluk. Zwartewaal heeft weer een voetbalclub, zei hij.”

In het clubhuis loopt Looij (63) naar een foto uit de jaren tachtig. “Kijk, dat kleine mannetje ben ik”, zegt hij als hij naar een elftalfoto van Zwartewaal 1 wijst. “Ik was rechtsback, een terriër. Echt goed voetballen kon ik niet, maar ik had wel een enorme inzet.”

Inzet is ook datgene wat hij van zijn spelertjes vraagt als coach en trainer van de JO13 van Zwartewaal. Hij staat bekend als iemand die altijd positief coacht. “Talent of niet, ik verlang van die gastjes wel dat ze hun best doen. Dat als ze de bal verliezen hun uiterste best doen om de bal weer terug te veroveren. Als ze dat niet doen, kan dat ze wel eens op een wissel komen te staan.”

Zelfs zijn eigen zoon ontkomt dat niet aan de toorn van zijn vader. “Ik maak geen uitzondering en al helemaal niet bij hem. Hij kan goed voetballer, maar niemand krijgt een voorkeursbehandeling.”

Volgens Looij kan dat ook niet bij Zwartewaal, waar ze blij zijn met één team per leeftijdscategorie. “Doordat wij klein zijn en altijd in deze situatie zitten beseffen wij als club altijd heel goed waar het echt om gaat: plezier. Dat staat ook voorop. Bij training en wedstrijden. Systemen? Nee joh. Ik zou niet willen om ze in een keurslijf te drukken.”

“Het gevolg van het feit dat we maar één team hebben in een leeftijdscategorie is dat je alle niveaus hebt. Je hebt spelers die aardig tegen een bal kunnen trappen en je hebt er die minder getalenteerd zijn.”

“Nou en!” geeft Looij zelf het antwoord. “Dan lopen de beteren maar wat harder voor de minderen. Zo werkt dat in de maatschappij ook.”
Hij geniet van de progressie van zijn jongens, die voor de winterstop kampioen werden van de zevende klasse en na de herindeling in de subtop spelen in de vijfde klasse. Volgend seizoen ‘groeit’ hij mee naar de JO15.

Hij moet er niet aan denken als Zwartewaal geen voetbalclub meer zou hebben. “De voetbalvereniging vertolkt een belangrijke sociale en maatschappelijke functie.” Hij kan het weten want hij is sinds een jaar of twaalf beheerder van dorpshuis De Gaffelaar in zijn geboorteplaats. “Er komt hiernaast een nieuwe wijk. Zeker tachtig woningen. Dat betekent ook nieuw en vers bloed voor de club.”