“Ach, joh, ik krijg ook nog een fotoshoot.” Als verzorger van het Jaar heeft Hans Hekman (56) zo zijn verplichtingen. Voor de sinds 2002 aan Excelsior’20 verbonden verzorger is de titel meer waard dan hij op het eerste gezicht zou zijn. “Geweldig dat de mensen van de club zo massaal op mij gestemd hebben. Ik waardeer het enorm.”

Voorzitter Zoran Nikolic gebruikt ook al het woord ‘geweldig’, maar dan om Hekman te betitelen: “Een geweldige man.” “Hans heeft een heel moeilijke tijd achter de rug, maar toch was hij er voor de club. Zoals hij er altijd was en is geweest voor iedereen. Na de wedstrijd tegen SVV heb ik in de kantine bekend gemaakt dat Hans verzorger van het Jaar was geworden. De kantine stond bomvol. Dat zegt alles. Iedereen gunt Hans die titel. Geweldige man, superfijn mens.”

Die titel doet mij heel veel”, reageert Hekman. “Ik beschouw het als een enorme steun voor mezelf en twee dochters.

Niet dat Hekman daaraan twijfelde. De bij Wilton Feyenoord begonnen voetballer, die later speelde bij SFC, SVV en SMC, verloor in augustus vorig jaar zijn vrouw. Ze overleed plotseling. “Dan kom je in een soort achtbaan van gevoelens terecht”, vertelt hij. Hij vond en kreeg steun bij zijn club en vrienden. “De uitvaartdienst hebben we in het clubgebouw gedaan. Mijn gevoel zei dat dat zo moest. De club heeft alles in het werk gesteld om alles netjes te maken. Er zijn vijfhonderd mensen geweest. Een biertje na afloop. Het was mooi, het was goed. Ik ben zó blij dat we op die manier van haar afscheid hebben genomen.”

Toen Zoran bekendmaakte dat ik verzorger van het jaar was geworden, liep ik eigenlijk met de pest in mijn lijf. We hadden net verloren van SVV”, vertelt hij lachend. Al snel begreep hij dat hij zijn gewonnen titel als een soort ‘oeuvreprijs’ moest beschouwen, als hart onder de riem in een zwarte periode van zijn leven en dat van zijn twee nog thuiswonende dochters. Inmiddels heeft hij het gezinsleven weer redelijk op orde. “We redden ons wel met zijn drieën, maar het gemist blijft enorm.

Aan de Olympiaweg kan hij zijn verdriet en energie kwijt. “Excelsior’20 speelt een grote rol in mijn leven”, zegt de eigenaar van een incassobureau en verzekeringsagent. “Dat is onveranderd gebleven.”

Dat betekent dat iedere speler weet dat hij kan aankloppen bij de verzorger. “Als iemand een probleem heeft, mag hij mij op de tafel komen. De deur van mijn hok staat altijd open. Of je nu speler bent van het derde of speler van de B4. Als ik geen tijd heb, maak ik tijd.”

In zijn ‘hok’ komt het regelmatig tot diepe en vertrouwelijke gesprekken. “Als verzorger ben je heel veel: klankbord, psycholoog, vertrouwenspersoon. Ik hoor heel veel, maar buiten het hok hou ik mijn kaken stijf op elkaar. De inhouden van vertrouwelijke gesprekken blijven binnen die vier muren.” Hij is lid van de sponsorcommissie en smeert de broodjes voor de selectie. En carnaval bij de club is geen carnaval als Hans Hekman en maatje Daan Bakboord niet bij de deur zitten voor het controleren van de kaartjes. Zorgen heeft hij over de positie van het eerste elftal. “Het zou Excelsior’20-onwaardig zijn als we zouden degraderen naar de derde klasse. Dat heb ik de spelers ook verteld: kappen met dat degradatievoetbal.”