Hij laat zijn breedste glimlach zien als hij een blik werpt op het veld. Op het hoofdveld van BSM staan op de middenlijn dertig mini’s klaar om aan de training te beginnen. “Mooi, hé”, zegt Wim de Jong. “We zijn in korte tijd van twintig naar dertig mini’s gegaan. Er zijn vandaag weer twee nieuwe. Twee Amerikaanse kinderen.”

De Jong (50) volgde dit seizoen bij de Bennebroekse club Wim van Marsbergen als technisch jeugdcoördinator op. “Het bestuur zocht iemand die, naast de beschikking moet hebben over de juiste technische bagage, dicht bij de club staat. Ik voldeed aan dat profiel, want mijn zoontje is hier toen hij zeven was komen voetballen.”

De Jong neemt de nodige ervaring mee. Als voetballer maakte hij deel uit van het ‘gouden’ Noordwijk, dat onder leiding van trainer Ruud Bröring kampioen van de hoofdklasse A werd. “Ik ging van EDO naar Noordwijk en bij EDO was ik altijd verdediger geweest. Bij Noordwijk zette de trainer mij meteen op het middenveld. Ik was een speler met veel loopvermogen en leed weinig balverlies. Ik was vooral nuttig voor het elftal”, kijkt De Jong terug op die periode.

Als trainer werkte hij voor Soccer Skills en het wekt dan ook geen verwondering dat techniek een stokpaardje voor hem is. “In mijn tijd als speler was ik me daar helemaal niet bewust van. Ik heb een jaar bij AZ gespeeld en toen werd me voor het eerst verteld dat ik behalve met rechts ook met links iets kon doen. Om maar aan te geven dat in mijn jeugdjaren het accent van het voetbal heel ergens anders op werd gelegd. Ik was helemaal niet bezig dat ik als speler over de bal heen moest kijken. Ik deed gewoon iets. Intuïtie.”

Met de kennis van nu gaat het volgens De Jong vooral om het zo vroeg mogelijk aanleren van de basisvaardigheden. “Met die insteek ben ik ook begonnen bij BSM. We zijn een kleine club, maar dat wil niet zeggen dat je geen talent kunt ontwikkelen. Om dat voorbeeld van tweebenigheid aan te halen: we zijn onlangs begonnen daar bij de trainingen aandacht aan te besteden. Die kinderen pakken dat razendsnel op. Je moet het zo in de training integreren dat het straks voor hen heel natuurlijk is om zowel met rechts als links te trappen. Als ik dan op zaterdag bij een wedstrijd die tweebenigheid terug zie, zit ik echt te genieten.”

Bij BSM, waar hij verantwoordelijk is voor achttien jeugdteams, is hij bezig om een goede structuur neer te zetten om trainers handvatten te bieden. “Het kost tijd om je visie over te brengen. Gelukkig hebben we goede trainers lopen.”

De Jong, die in het bezit is van TC3- en TC2-diploma, staat in de toekomst open voor het hoofdtrainerschap bij een club. “Ik werk drie dagen bij het KWF, daarnaast heb ik een eigen bedrijfje, Vita-Jong. Ik ben flexibel in mijn tijd en wil best ergens aan de slag als hoofdtrainer of assistent-trainer. Ik hoop dat die kans een keer komt.”

https://www.dominos.nl/