Hij hamert op saamhorigheid en weigert spelers van lagere teams links te laten liggen. Jack van den Ende is als coördinator en trainer van RVVH’s JO13 vooral een gids voor zijn spelers. “Op deze leeftijd kan je spelers vormen.”

Het is een zonovergoten zaterdag in Rotterdam en Jack van den Ende heeft de JO13-1 zojuist met 6-0 zien verliezen van thuisclub VOC. “Er zat weinig voetbal in”, stelt de 48-jarige oefenmeester even later nuchter vast. “Ik miste de gezonde agressie bij ons, we liepen achter de tegenstander aan te wandelen.”

Van den Ende, zelf ooit een ‘leuk spitsje’ bij Aeolus en Swift Boys in Rotterdam, verheft zijn stem in zijn analyse niet, zoals hij in de kleedkamer ook niet boos wordt. “Dat doe ik nooit. Zo kort na de wedstrijd heeft dat helemaal geen zin. Ze zijn allemaal teleurgesteld. Dinsdag na de warming-up bespreek ik de wedstrijd na. Dan vertel ik wat er niet goed is gegaan en vooral hoe het beter kan. Op deze leeftijd moet je veel aanreiken.”

Van den Ende is al voor het vierde seizoen trainer van de JO13-1, het vroegere D1. “Pittig hoor”, zegt hij over de stap die spelertjes moeten maken als ze de D-leeftijd hebben bereikt. “Van een klein naar een groot veld en alles wat daar bij komt kijken. Van buitenspel tot elf tegen elf. Welkom in het echte voetbal.” Het is die uitdaging die Van den Ende in de JO13 trekt, in combinatie met een kwetsbare leeftijd. “De puberteit komt immers om de hoek kijken.”

Bij RVVH is hij coördinator van alle JO13-teams. “Bij andere clubs zie je dat er veel aandacht is voor de selectieteams en veel minder voor de elftallen daaronder. Wij gaan uit van een andere filosofie. Wij vinden iedereen belangrijk. Waarom? Omdat ik ervan overtuigd ben dat dit een leeftijd is waar nog van alles kan gebeuren. Je hebt vroeg- en laatbloeiers. We plukken regelmatig een voetballertje uit de JO13-4 die prima uit de voeten kan in de JO13-1 of JO13-2.”

Circuittraining

Die aandacht voor iedere jeugdspeler komt ook tot uiting in de training. Op dinsdag zet Van den Ende een circuit uit met allerlei oefeningen. “Basisvormen, zoals trappen, passen, dribbelen. We hebben dan een heel veld en alle spelertjes van de JO13 doen mee, ongeacht welk team ze spelen. Op donderdag hebben we teamtrainingen.”

Zijn voetbalopvoeding gaat verder dan alleen technisch en tactisch, geeft hij aan. Hij hecht waarde aan teamgeest en discipline. “Er willen wel eens jongetjes tussen zitten die een grote mond gaan krijgen in het tweede jaar. Daar moet je mee omgaan. Het is belangrijk om daar ouders goed in te betrekken. Overleg met ze. Als ouders hun kind voetbal ontzeggen vanwege wangedrag straffen ze het hele team. Ik probeer het anders oplossen. Confronteer de kinderen met hun gedrag en vraag meteen wat voor straf zichzelf geven als ze weer over de schreef gaan.”

Van den Ende heeft bij RVVH loopscholing geïntroduceerd en een paar keer per jaar organiseert hij snuffelstages voor zijn spelers. “Voor het teamgevoel, maar ook om dingen te leren.”

“Als trainer ben ik natuurlijk hartstikke trots dat vijf spelers dit seizoen zijn doorgestroomd naar de JO15-1, maar net zo trots ben ik op al die andere jongens die naar de JO15- 2 zijn gegaan. We spelen in de hoofdklasse, maar resultaat is in deze leeftijdsgroep echt van ondergeschikt belang.”