Hoe neem je een bal aan, leg je hem goed en speel je hem vervolgens weer door naar een medespeler? Het klinkt heel simpel, maar toch is dat precies waar er tijdens de trainingen van Jaap van Dam bij Seolto op wordt gehamerd. “We vergeten nog weleens hoe belangrijk de basistechniek is.”

En hij kan het weten, als oud-aanvaller van het eerste van de club. “Daar moest ik het vroeger echt van hebben. Ik stond als klein jochie urenlang een bal tegen de muur te trappen, daar had ik later wel profijt van.” En dus begon de 46-jarige Van Dam een aantal maanden geleden met het geven van individuele training. Gewoon voor spelertjes die het leuk vonden om iets extra’s te doen. Hij hoopte op minimaal vijf, dat werden er iets meer. “De groepjes moesten niet te groot worden, anders kan je ze te weinig aandacht geven. Inmiddels hebben we 30 aanmeldingen, dus ook meer trainers.”

Op gevoel
Het idee ontstond toen iemand binnen de club hem vroeg of hij het niet zag zitten om spitsen te gaan trainen. Al snel werd dat uitgebreid naar individuele training voor ‘iedereen’. “Ik heb hier een tijdje gespeeld, dan is iedereen voor jou aan het rennen en vliegen. Ik wilde graag iets terugdoen.” Hij probeerde het anderhalf jaar als TC-lid, trainde een jaar lang de JO13, maar dat was toch niet zo zijn ding. “Ik kan niet zo goed omgaan met spelers die geen zin hebben.” Dat soort spelers treft hij nu gelukkig dus niet, hij legt uit wat ze precies doen. “Eigenlijk is het gewoon mijn voetbalgedachte, van toen ik nog jong en fit was, overbrengen. Kijk, als je niemand om je heen hebt als voetballer, kan iedereen goed voetballen. Maar wat doe je, als dat niet het geval is?” Hij hanteert vier basisregels. “Eerst ga je een bal aannemen, dan leg je hem goed, ga je kijken om vervolgens te spelen. Maar als je eerst kijkt voordat je de bal hebt, geef je jezelf meer tijd om te voetballen ‘zonder tegenstander’.” Daarom hamert hij continu op de basistechniek, volgens hem is de bal net een mens. “Als je vader of moeder tegen je roept: Ruim je kamer eens op! Komt dat heel anders over dan wanneer ze het gewoon aan je vragen. Zo werkt het ook met een bal. Je moet alles op gevoel doen.” In dat kader leert hij de voetballertjes tot vijftien jaar, ook om vaker de buitenkant van hun sterke been te gebruiken. “Ik was zelf stijf links en gebruikte vaker mijn buitenkant dan mijn verkeerde been.”

Filmpjes
Als ouderwetse linksbuiten weet hij precies wat er wordt gevraagd, dat komt dan ook terug in zijn trainingen. “Het is net een beetje anders. Ik laat ze uit stand op goal schieten, zodat ze merken hoe lastig dat is. Met een ‘tikkie’ is dat veel makkelijker, zo leren ze hoe belangrijk het goed aannemen van de bal is. Met de onderkant van je voet ligt hij meteen klaar.” Maar ook ‘latjetrap’, waarbij het de bedoeling is dat ze de lat zo zachtjes mogelijk raken en het geven van voorzetten komt aan bod. “Met een boogje naar de bal, anders kun je nooit een voorzet geven. Of uit de rug weglopen, een tegenstander kijkt altijd naar de bal.” Om zijn verhaal kracht bij te zetten, laat hij filmpjes zien van Memphis Depay. “Dat maakt natuurlijk indruk.” Het klinkt allemaal zo simpel, maar toch is er volgens hem nog onvoldoende aandacht voor. “We maken het vaak allemaal heel moeilijk, dan wordt de gewoon simpele basistechniek vergeten. Passjes binnenkant voet over twintig meter, bij afwerken niet hard schieten maar plaatsen en schijnbewegingen die nuttig zijn.” Hij merkt het enthousiasme niet alleen bij de kinderen. “Ook hun trainers zien dat ze zich steeds comfortabeler voelen. Die ventjes blijven komen en ook de ouders vinden het hartstikke mooi.” Of Van Dam, die op 100 meter van de club woont, de trainingen vol blijft houden is nog even de vraag. “Het mooiste zou eigenlijk zijn dat trainers het zelf gaan doen en dat ik overbodig word!”

Klik hier voor meer informatie over Seolto
Lees hier meer artikelen over Seolto