Marciano IJsselmeervogels

Het kampioenschap in de Derde Divisie, een negende plaats in het debuutseizoen in de Tweede Divisie en afgelopen jaar derde. Sinds zijn komst boekt Marciano van Leijenhorst telkens progressie met IJsselmeervogels. “Deze club hoort altijd voor de prijzen te gaan. Dit seizoen het kampioenschap.”  

BUNSCHOTEN-SPAKENBURG – In zijn trainingsfout neemt hij plaats in de Businessclub boven in de prachtige tribune van IJsselmeervogels. Natuurlijk prijkt het nummer 23 op zijn borst. “Het eerste jaar voetbalde ik hier nog met 16, maar ik wilde graag 23. Ik ben groot fan van Rafael van der Vaart. Ontstaan toen ik als kind tegen hem opkeek bij Ajax en bij Oranje. Hij was zo goed. Bij IJsselmeervogels droeg keeper Raymon van Emmerik dat nummer. Ik heb na het seizoen 2016/17 gevraagd of ik het nummer mocht overnemen. Hij stemde in en ging verder met 99. Of ik Van der Vaart ooit persoonlijk heb ontmoet? Nee, dat niet. Ik ben nog regelmatig in de Johan Cruijff Arena. Vind het leuk om voetbal op een hoog niveau te bekijken. Ik bezoek ook geregeld de Galgenwaard om een wedstrijd van FC Utrecht mee te pikken.”

Hij speelde zes jaar in de jeugdopleiding van FC Utrecht. “Als linkshalf. Net als Van der Vaart, haha. Ik ben pas in de Onder 19 van FC Groningen naar de positie van centrale verdediger verhuisd. Trainer Paul Raveneau vond dat een geschikte positie voor me. Ik kon me daar volgens hem beter ontwikkelen. Ik was niet direct om, maar volgde het advies. Achteraf had me het ook leuk geleken om middenvelder te blijven, dan kom je meer aan voetbal toe.”

Bij FC Utrecht maakte de nu 25-jarige linkspoot deel uit van een team met onder meer Sean Klaiber, Oussama Tannane en Yassin Ayoub. “Ik voelde me lekker. Van de C1 mocht ik direct door naar de B1. Daar speelde ik samen met mijn huidige teamgenoot Yannick Cortie. De B2 sloeg ik over. Daar bleef mijn ontwikkeling hangen. Het liep niet. In het laatste jaar kreeg ik ook nog een conflict met de trainer. Het was beter dat onze wegen scheidden.” FC Groningen luidde de nieuwe bestemming. “Ik zag het als een uitdaging. Mijn vmbo-tl had ik zojuist afgerond. Schoolverplichtingen kende ik niet. Het eerste jaar woonde ik in een gastgezin in Beilen. Daarna deelde ik een appartement met Ron Janzen (later Cambuur, RKC en Helmond Sport, red.).”


RKC WAALWIJK
Marciano van Leijenhorst vormde in de jeugd van FC Groningen een centraal verdedigingsduo met Hans Hateboer. “We stonden goed als blok. Terwijl Hans een kans kreeg in het eerste elftal, was die voor mij nooit weggelegd. Ik trainde als eerstejaars A-junior weleens mee als er een partijvorm werd gedaan. Stond Virgil van Dijk bij de basiself centraal achterin. Maar ik ben nooit opgenomen in de wedstrijdselectie. Toen ik besefte dat een vertrek dichtbij kwam, trainde ik mee bij RKC Waalwijk. Zij hadden serieuze belangstelling. Tijdens die stage verrekte ik al snel een binnenband. Lag ik er vijf maanden uit! Ik kreeg een herkansing bij RKC Waalwijk, maar was natuurlijk nog niet helemaal wedstrijd t. Dat liep op niets uit.”

Door een telefoontje van trainer Hans van de Haar belandde Van Leijenhorst bij FC Lienden. “Ruim een uur rijden, maar het werd een prachtig seizoen. We werden kampioen van de Topklasse en daarna ook Nederlands Amateurkampioen. IJsselmeervogels had al geïnformeerd en we zaten aan tafel. De overgang kwam niet rond, waardoor ik op zoek moest naar een andere club. Dat werd Hercules. Een heel jn jaar waarin ik helemaal ben opgeleefd. Trainer Eric Speelziek wist me op de juiste manier te prikkelen. Het had geen zin om mij in een groep af te vallen. We voerden daarom veel individuele gesprekken. Het plezier in het voetbal vond ik terug. Hercules wist dat ik maar een jaar zou blijven. Al in november kwam mijn transfer naar IJsselmeervogels voor de zomer daarna rond.”
In Hilversum pakte de blonde Soestenaar de studie Sport & Bewegen op. “Ik heb alle stages bij IJsselmeervogels kunnen lopen. Bij de Onder 8, 9 en 11. En tijdens de opleiding ook mijn diploma Trainer- Coach III onder docenten René Stoffels en Willem Romp behaald. Dit seizoen train ik geen team.” Sinds september werkt hij als salesmanager bij SkarpWear, de onderneming van ploeggenoot Jeffrey Buitenhuis in Bunschoten-Spakenburg gespecialiseerd in bedrijfskleding. “Na afloop van onze thuiswedstrijden loop ik altijd naar de Businessclub. Daar lopen potentiële klanten rond. Mijn eerste commerciële afspraak via die manier is al tot stand gekomen. We richten ons niet op een afgebakend gebied, maar de meeste klanten komen logischerwijs uit de regio Soest-Amersfoort.”


CLUB VAN 100
Begin september trad Marciano van Leijenhorst, die vastligt tot medio 2021, toe tot de Club van 100 bij IJsselmeervogels. Spelers die minimaal honderd officiële wedstrijden voor het voetbalbolwerk uit het vissersdorp hebben gespeeld. “Het bevalt me hier erg goed. De club wordt professioneel gerund. Wellicht nog beter dan menig Eerste Divisionist. Een club als IJsselmeervogels moet elk jaar meedoen om de prijzen, dus het kampioenschap.” Vorig jaar haakten de Vogels in de slotfase af in de titelrace. In de huidige jaargang gaan de roodwitten al vanaf de start aan kop. “De titel zou een mooie bekroning zijn. Ook richting de fans, die ons elke uitwedstrijd massaal achternareizen.”

“Van het vorige kampioenschap heb ik de medaille, het shirt en de ingelijste foto nog. Er is in mijn huis zeker ruimte voor uitbreiding. Het zou mooi zijn als we in mei weer een feestje kunnen vieren.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over Ijsselmeervogels? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over Ijsselmeervogels.