Cees van den Heerik staat met Rijsoord 2 dit seizoen voor een nieuwe uitdaging. Na de promotie naar de hoofdklasse kunnen zijn spelers aan de bak. “Eén ding is zeker: we gaan minder winnen.”

Met een beetje fantasie zou je kunnen zeggen dat Van den Heerik een contract voor het leven heeft bij het tweede elftal van de Rijsoorders. Hij begint immers aan zijn vijftiende (!) seizoen als trainer.

Zelf vindt hij het heel normaal. “Ik ben geboren in Rijsoord, was en ben helemaal gek van het spelletje. Toen ik zelf niet meer kon voetballen door mijn slechte knie, ben ik op zoek gegaan naar iets wat dat kon vervangen: een functie nét naast het veld dus.”

Hij werd eerst trainer van Rijsoord 3. “Dat was toen ook nog een selectie-elftal. Dat heb ik een paar jaar gedaan. Toen de trainer van het tweede ermee stopte, ben ik overgestapt naar dat team.” Het werd het begin van een lange relatie die nog steeds voortduurt. Al werd die relatie wel kort onderbroken voor een uitstapje naar De Zwerver in Kinderdijk. “Het bestuur vond het na acht seizoenen tijd worden voor een wisseling van de wacht. Er stopte toen ook wat spelers en er kwam wat jeugd door. Ze wilden een nieuwe start maken en daar hoorde ook een nieuwe trainer bij. Dat was het goed recht van de club natuurlijk.”

Arie Schep, oud-trainer van Rijsoord, haalde Van den Heerik naar Kinderdijk, waar hij ook trainer werd van het tweede team. “Ik heb daar twee jaar eveneens met veel plezier gezeten. Na dat tweede seizoen was echter veel onzekerheid. De basis voor een team werd erg smal. Dat zag ik niet zitten. Ik wil best bouwen, sterker ik doe niet liever, maar dan moet er wel wat te bouwen zijn.”

Rijsoord handelde razendsnel en vroeg Van den Heerik terug in zijn oude functie. Die hapte snel toe, waardoor de oude liefde in alle hevigheid opbloeide. “Inmiddels ben ik hier alweer zes seizoenen. Ik zit perfect op mijn plek. En uitgebouwd ben je nooit. Ieder jaar vallen er jongens af en komen er weer nieuwe bij.”

“Het voordeel van een tweede team is dat je rustig kan werken. Als de resultaten uitblijven is dat vervelend, maar er ontstaat geen hijgerige sfeer zoals bij een eerste elftal.” Hij boekte vooral successen. In zijn eerste periode promoveerde hij met Rijsoord 2 naar de reserve hoofdklasse. Daar was het kampioenschap voor het grijpen in het seizoen 2008/2009. “We stonden met nog drie wedstrijden te spelen zes punten voor. Normaal gesproken is dat kat-in-het-bakkie. Wij verloren echter de laatste drie wedstrijden, waardoor ASWH 2 er met de titel vandoor ging.”

Ook het kampioenschap van afgelopen seizoen in de reserve eerste klasse heeft een bijzonder verhaal. Begin november stond Rijsoord 2 nog tien punten achter op de nummer één om uiteindelijk met vijftien punten voorsprong als kampioen te eindigen. Van den Heerik (58): “We kwamen in een fl ow en hebben vanaf november alles gewonnen. Alles paste.”

Zijn elftal bestaat uit een mix van ervaren en jonge spelers. “De afspraak is dat iedere week twee, drie spelers van de A-selectie met ons meedoen. Dat zijn vaak dezelfde spelers. De zes sleutelposities, 1, 3, 4, 6, 9 en 10, worden door de vaste spelers ingevuld. Zo voorkom je dat er te veel gewisseld wordt, waardoor het proces verstoord zou kunnen worden.”

Hij rekent in de reserve hoofdklasse op een pittig jaar. “We kunnen onze borst natmaken met tegenstanders als ASWH 2 en Kozakken Boys 2. Daarin zit meteen een mooie uitdaging.”