HARRY

“Het blijft mensenwerk, hé”, zegt Harry van Kapel als de competitiestart van MSV’71 ter sprake komt. “Het is geen kwestie van een duracelletje erin en het loopt. Dit team kan leuk voetballen, maar komt fysiek soms nog wat tekort.”

Van Kapel (59) kwam zelf als voetballer van SVV tot 244 officiële wedstrijden in de eerste divisie. Op zijn 27ste besloot hij echter te stoppen op Harga én met het betaalde voetbal. “Dat waren andere tijden, hoor. Het was meer een betaalde hobby. Ik werkte gewoon fulltime en na mijn werk racete ik naar SVV om te trainen. Mijn zoon was net geboren en ik ging ook nog een opleiding volgen voor mijn werk. Die combinatie, dat was niet te doen. Ik heb ook nooit spijt gehad dat ik ben gestopt. Ik heb negen jaar gespeeld bij SVV. Het was een mooie tijd met trainers als Nol de Ruiter en Sandor Popovics. Daarna ben ik gaan spelen bij SFC, dat in de derde klasse speelde. Lekker dichtbij, ik kon er op de fiets naartoe. Ik kon naar Quick Boys en Nieuw-Lekkerland, toen ook een gerenommeerde amateurclub, maar ik had geen zin in dat gereis.”

De Schiedammer heeft het uitstekend naar zijn zin aan de Docter Albert Schweitzerdreef in Maassluis. “MSV’71 is een gezellige club. Ik heb het zelf ook altijd belangrijk gevonden dat er een goede combinatie is tussen in- en ontspanning. Voetbal is op elk niveau plezier en zeker in de vierde klasse. Mij maakt het niveau niet uit, als er maar beleving is en bij MSV is dat er.”

Een kleine anderhalf jaar geleden werd hij trainer van MSV’71, dat opgelapt moest worden na een dramatisch seizoen in de derde klasse.

“De ploeg was dat seizoen ervoor onverwacht gepromoveerd. Het was vierde geworden in de competitie en won de nacompetitie. Knap, maar promotie was eigenlijk te vroeg voor deze jonge ploeg. Dat bleek ook wel, want ze zijn met maar acht of negen punten gedegradeerd.”

Het bestuur van de club stelde geen ‘eisen’ aan Van Kapel. “In ieder geval niet in de vorm van een promotie of zo. Dat was ook onverstandig geweest. Natuurlijk willen we allemaal hogerop, maar alleen als we er klaar voor zijn. Twee jaar geleden was het elftal er duidelijk niet klaar voor. We zijn wat volwassener geworden, maar vergeet niet dat nog altijd het merendeel van de spelers erg jong is. Als we met de onder 23 een wedstrijd spelen kan tachtig procent meedoen.”

Van Kapel predikt vooral geduld. “Het gaat met kleine stapjes. We hopen dit seizoen de lijn doortrekken die we in de tweede competitiehelft van vorig seizoen hebben ingezet. Het eerste half jaar na de degradatie uit de derde klasse was heel moeilijk. Die jongens hadden alleen maar achteruit moeten lopen en als je nederlaag na nederlaag incasseert wordt het zelfvertrouwen er ook niet beter door. Daar kwam bij dat bepalende spelers geblesseerd waren. Na de winterstop hebben we gelukkig een goede serie kunnen neerzetten. Er komt steeds meer voetbal in, maar op het fysieke vlak willen we het nog wel eens afleggen.”