Het was in de strengste lockdownperiode een bezienswaardigheid in de polders van Sommelsdijk en omstreken. Een hardlopende Patrick Verolme achter een kinderwagen met daarin zijn anderhalf jaar oude dochtertje.

“Of ze dat leuk vond”, herhaalt de routinier van VV Den Bommel vraag. “Jazeker. Met die kou had ze alleen wat minder. In die week van de hevige sneeuw en strenge vorst is ze alleen de eerste dag buiten geweest, daarna wilde ze absoluut niet meer en was ze met geen tien paarden naar buiten te krijgen.”

Verolme zelf is blij dat hij weer in de buitenlucht met de selectie van Den Bommel kan trainen, al moet hij als 27-plusser nog even geduld hebben. Als zijn jongere ploeggenoten partijtje spelen, is de laboratoriummedewerker veroordeeld tot het trainen in een tweetallen met een lotgenoot. “Ik hoop dat ook wij snel kunnen aansluiten, niets is natuurlijk zo leuk als een partijtje spelen.”

Het is voor Verolme, 33 jaar inmiddels, bepaald geen jaar om te feesten, terwijl daar wel reden voor is. Dit, afgebroken, seizoen was het tiende seizoen dat hij het shirt van Den Bommel droeg. “Mijn beste keus ooit”, zegt hij over de overstap naar Den Bommel. “Ik speelde bij Flakkee, waar ik in de jeugd was begonnen. Een prima club, maar ik voelde de drang om mij op een hoger niveau te manifesteren. Ik had vrienden die speelden bij Den Bommel en dat maakte mijn besluit makkelijker. Ik hoefde mij niet aan iedereen voor te stellen. Den Bommel speelde toen in de derde klasse en promoveerde toen ik in de voorbereiding op het nieuwe seizoen aansloot.”

Ook zijn drie jaar jongere broer Roel ging spelen bij Den Bommel, maar waar hij na zeven seizoenen de wijk nam naar De Jonge Spartaan bleef Verolme zijn club trouw. “Het niveau en de groep bevalt me. Er zijn in die jaren wel wat wisselingen geweest, maar echte grote veranderingen hebben er in de selectie niet plaatsgevonden. Voetballend heb ik het ook prima naar mijn zin. We hebben twee keer in de tweede klasse gespeeld en spelen nu weer in de derde klasse. Daar zit zeker meer in en dat is ook een mooie uitdaging voor de komende jaren.”

In het elftal van Den Bommel is Verolme nauwelijks weg te denken. Zijn positie veranderde in de loop der jaren wel eens, maar hij speelde altijd in de as. “Als centrale verdediger, maar ook vaak op de nummer tien-positie. Ik ben al een paar keer geswitcht. Het is net waar het elftal mij het hardst nodig heeft. We hebben nu een prima laatste man, dus schuif ik door naar de positie van aanvallende middenvelder.”

Dat Verolme goed uit de voeten kan als verdediger en aanvaller is een bewijs van zijn veelzijdigheid, die hij ook nog eens combineert met een groot loopvermogen. Het is niet verwonderlijk dat hij ook aanvoerder is van Den Bommel. Die rol vervult hij met trots. “Ik behoor met een aantal andere jongens tot de oudere spelers. Dat geeft je een bepaalde verantwoordelijkheid.”

“Ik ben enorm fanatiek en heb een grote hekel aan verliezen. We kunnen elkaar in het veld flink de waarheid zeggen, maar als de wedstrijd is gespeeld, is alles vergeten en vergeven. Dat vind ik het mooie aan deze groep.”

Supporters van Den Bommel hoeven voorlopig niet te vrezen voor een naderend voetbalpensioen van Verolme. “Leon Breeman is veertig jaar. Ik kan dus nog jaren mee.”

Dat hij trouw blijft aan Den Bommel is ook zeker. “Ik ben honkvast. Dat heb ik ook met mijn werk. Toen ze verhuisden van Barendrecht naar Delft ben ik gewoon meegegaan.”

Voor meer artikelen over Den Bommel klik hier