rijnmond-Danny-Niël-VV-Naaldwijk

Hij staat symbool voor de wederopstanding van Naaldwijk in de tweede competitiehelft. Danny Niël had met zijn tien treffers een belangrijk aandeel in het behoud in de derde klasse. In het nieuwe seizoen wil hij niets liever dan ‘doorpakken’.

De 21-jarige Naaldwijker, die net begonnen is aan zijn studie Global Marketing en Sales op de Rotterdamse Hoge School, is niet zo moeilijk. “Maakt niet uit, hoor”, antwoordt hij als hem wordt gevraagd of zijn achternaam nu mét of zonder puntjes is. “Veel mensen hebben er moeite mee. Het is niet zo’n dagelijks voorkomende naam. Hij schijnt uit Frankrijk te komen. In een verleden is één van mijn voorouders hierheen getrokken. Voor de rest heb ik weinig met die Fransen.” Danny Niël, met puntjes dus, krabde zich dit jaar regelmatig achter zijn oren. De aanvaller werd op sportpark De Hoge Bomen altijd al grote kwaliteiten toegedicht, maar zijn doorbraak bleef echter lang uit. Totdat afgelopen winter voor hem én daarmee ook Naaldwijk de voetbalzomer aanbrak. Hij kreeg een nieuwe kans tegen SV Duindorp en scoorde tweemaal.

Het was het steuntje dat hij nodig had. “Daarvoor was het steeds niet gelukt. In het tweede scoorde ik wel, maar in het eerste vlogen ze er om onverklaarbare redenen niet in. Op een gegeven moment ga je dan twijfelen aan jezelf. Natuurlijk heb ik mezelf afgevraagd of ik ooit de vaste spits van Naaldwijk 1 zou worden. Ik denk dat iedere voetballer dat in mijn situatie gedaan zou hebben.”

Met zijn twee treffers tegen Duindorp was het spreekwoordelijke ijs gebroken. Danny Niël maakte zijn belofte in korte tijd helemaal waar. Hij scoorde niet alleen veel doelpunten, maar ook belangrijke. Daardoor kon Naaldwijk afstand nemen van de degradatiezone en klimmen op de ranglijst. Het zal altijd een raadsel blijven waarom het zo lang heeft moeten duren. Dat Danny Niël in bloei kwam, werd ook buiten Naaldwijk gezien. In juni werd hij tijdens het Westlands Voetbalgala gekozen tot Talent van het Jaar. “Een geweldige eer. Als iemand gezegd had in november dat ik talent van het jaar zou worden, had ik die persoon meteen het advies gegeven om eens een afspraak te maken met de psychiater.”

Hij omschrijft zichzelf als een ‘ras’-spits. Zo eentje die op doel schiet als hij maar even de kans krijgt. “Met links en rechts. Die doelgerichtheid heb ik altijd al gehad. Ik ben geen groot technicus, wel iemand die een goed gevoel voor positie heeft en een neusje voor de goal. Ik treuzel niet, maar schiet meteen.”

Hij is ook een spits die van de doelpunten leeft. “Ik wil dat wel heel graag. Geen idee waar die drang vandaan komt. Of ik niet te genieten ben als ik niet gescoord heb? Winnen vergoedt veel. Het is ook weer niet zo dat ik iedere bal op doel schiet met oogkleppen op. Als ik in mijn ooghoek een ploeggenoot er beter voor zie staan, speel ik de bal echt wel over.”

Voor Naaldwijk zijn de voortekenen goed, want Danny Niël was ook in de voorbereiding op schot. “Laten we nu maar doorpakken”, klinkt het uit de mond van de aanvaller, die wel van een gewaagde uitspraak houdt. Amper een half jaar na de degradatienood roept hij zijn Naaldwijk uit tot kampioenskandidaat. “Een pittige uitspraak. Ik weet het. Maar je mag best je grenzen proberen te verleggen.”