rijnmond-danny-kanselaar-abbenbroek

Hij bekleedt in het bestuur van Abbenbroek misschien wel de belangrijkste functie die er bij de dorpsclub is. Danny Kanselaar (32) is bestuurslid technische zaken en probeert de selectie op peil te houden. Daarbij maakt hij maximaal gebruik van zijn netwerk. “Dat moet wel, want als Abbenbroek zijn we allesbehalve zelfvoorzienend.”

De club heeft nog maar twee jeugdelftallen. “Doorstroming naar de senioren is er dus bijna niet”, weet Kanselaar, die als hr-manager zijn brood verdient. “We zijn aangewezen op spelers van buitenaf. Dat betekent dat we met zijn allen onze oren en ogen open houden. Horen we dat iemand het niet naar zin heeft elders en daar in een tweede elftal speelt, dan proberen we contact te leggen. Niet dat we iedereen zomaar bellen. Het moet wel een speler zijn waarvan wij overtuigd zijn dat die bij Abbenbroek past.”

Dat wist hij ruim zes jaar geleden zelf ook niet toen hij van Simonshaven naar ‘Albanello’, zoals het sportpark door Abbenbroek-spelers en -supporters liefkozend wordt genoemd, verhuisde. “Mijn neefje Jordi de Looze, die in het eerste van Abbenbroek speelt, heeft jarenlang lopen zeuren of ik niet naar Abbenbroek kwam. Om van dat gezeur af te zijn heb ik maar ja gezegd.”

Veel plezier in sportief opzicht beleefde hij niet aan zijn vier jaar in Abbenbroek. “Ik ging van de ene na de andere blessure. Ik moest het hebben van mijn explosiviteit. Ik was razendsnel, maar liep daarbij wel steeds hamstringblessures op. Ik speelde nooit eens vier, vijf wedstrijden blessurevrij achter elkaar. Daar werd ik zo moedeloos van dat ik ben gestopt.”

Hij haast zich erbij te zeggen dat hij niet de ‘Messi van Abbenbroek’ was. “Ik was snel en kon redelijk afmaken, maar dat was ook mijn hele repertoire.”

Realistisch is hij ook over de mogelijkheden en reikwijdte van Abbenbroek als club. Om te overleven moet de dorpsclub creatief en inventief zijn. Die kwaliteiten waren ook afgelopen zomer hard nodig toen de eerste twee keepers de club verlieten. “We zaten best even met de handen in het haar. Dat ga je rondkijken en via via kwamen op het spoor van jongens die mogelijk wat voor ons konden zijn. Uiteindelijk hebben we twee nieuwe keepers gevonden.”

Hij maakt onderdeel uit van een nieuw bestuur. “Het vorige bestuur heeft prima werk verricht, maar het is voor iedere club goed dat er na verloop van tijd weer een jongere generatie komt. Die pakt het even wat anders aan.”

Dat nieuwe elan is niet tastbaar, maar ook zichtbaar. Wie de kantine binnenstapt, begeeft zich in een opgeknapte ruimte. “Het was allemaal wat verouderd. Een likje verf was hard nodig”, aldus Kanselaar. “Uitstraling is heel belangrijk, zeker voor een club als de onze die het van spelers van buitenaf moet hebben.”

Wil je meer informatie over de club Abbenbroek? Klik hier.
Lees hier de krant van Voorne-Putten.