Rijsoord 5 juicht bij een verkeerde ingooi

“Tegenstanders denken best wel eens: wat zijn dat voor een rare snuiters.” Jesper Lagendijk is al jaren topscorer én met keeper Ronald Rietbroek dé regelneef van Rijsoord 5. “We houden van een biertje, maar eenmaal in het veld zijn we bloedfanatiek.”

Het contrast voor een wedstrijd van Rijsoord 5 is gigantisch. Terwijl tegenstanders (Lagendijk: ‘We spelen alleen maar tegen tweede teams’) de tijd nemen om zich voor te bereiden, stappen de spelers van Rijsoord 5 vaak pas een paar minuten voor het beginsignaal het veld op. “Sommige hebben dan nog een sigaretje in de mond. Het enige wat we doen is de bal op het doel rossen”, lacht Lagendijk. “De tegenstander heeft er dan al een flinke warming-up opzitten. Met pionnen en al.”

Twaalf jaar geleden ontstond het vriendenelftal. “Het was een allegaartje van jongens. Sommige hadden nog nooit in competitieverband tegen een bal getrapt, andere in een selectie-elftal”, vertelt Lagendijk, die jarenlang bij RVVH speelde en bij die club ook nog twee jaar deel uitmaakte van de selectie.

“We zijn op zoek gegaan naar een club en kwamen al snel bij Rijsoord uit. Een gezellige club met een goede derde helft. We hadden destijds en nu nog steeds trouwens maar één voorwaarde: spelen op zaterdag. Dat heeft er alles mee te maken dat de helft van onze spelers een seizoenkaart heeft bij Feyenoord. Als Feyenoord op donderdag speelt, is er bijna niemand op de training en die wordt doorgaans erg trouw bezocht.”

Rijsoord 5 was niet meteen Rijsoord 5. Lagendijk: “We zijn zelfs begonnen als het achtste, maar meteen in ons eerste jaar werden we kampioen van de vierde klasse. Daardoor schoven we wat op de ranglijst, haha. Later zijn we ook gepromoveerd naar de derde en tweede klasse. Vorig seizoen zijn we daar echter uit gedegradeerd. We hadden te veel blessures. Dit seizoen strijden we met Klundert 2 om het kampioenschap in de derde klasse, dus wie weet keren we binnen één seizoen terug.”

“We maken heel veel lol met elkaar, maar we willen wel graag winnen”, benadrukt Lagendijk, die op maandag steevast de topscorerslijst van zijn team in de groepsapp zet. “Dat doe ik met veel plezier, want ik sta altijd bovenaan. Ach, dat doe ik een beetje om die jongens te pesten. Dollen, gedold worden, dat hoort erbij.”

Daar weten scheidsrechters alles van. Regelmatig krijgen ze voor de wedstrijd van een Rijsoord 5-speler de vraag of hij voor een verkeerde ingooi van een medespeler wil fluiten. “Op verkeerd ingooien staat bij ons een kratje bier”, verklaart Lagendijk. “En we willen wel verzekerd zijn van wat vocht na afloop, vandaar.”

“We hebben ook jarenlang een boetepot gehad. Twee euro moest je dan betalen voor te laat komen en voor het niet dragen van je gesponsorde trainingspak. Nou, we hadden in één seizoen een vermogen opgebouwd: ik geloof achthonderd euro.”

Dat bedrag werd tijdens de jaarlijkse Familiedag bij Rijsoord keurig opgemaakt door de mannen. “Drinken én eten.” De Derde Helft van Rijsoord 5 is sowieso berucht bij de club. “Zonder ons had Rijsoord een flink gat in de begroting”, meent Lagendijk. “We zitten vaak op zaterdag totdat de kantine sluit. We zijn echt gezelligheidsdieren.”

Dat viel ook buiten Ridderkerk en omstreken op. Bij een landelijke verkiezing De Derde Helft eindigde Rijsoord 5 een paar jaar geleden als tweede. “Wij trainen tijdens de zomer ook gewoon door. Van de club krijgen we de sleutel van de kleedkamer. Het is al erg genoeg dat er dan geen competitie meer is.”