Björn van Anrooij begon in februari 2020 aan een nieuwe uitdaging bij Nieuw-Lekkerland. Als jeugdvoorzitter wilde hij vooral door op de ingeslagen weg. Het coronavirus stelde hem echter voor meer uitdagingen dan hij op voorhand kon voorzien.

NIEUW-LEKKERLAND – ,,Je kunt wel zeggen dat ik met mijn neus in de boter viel’’, merkt Van Anrooij (inzet) met een lach op. Hij was nog geen twee maanden actief als bestuurslid of het coronavirus legde Nederland in maart 2020 lam. Normaal werd het sindsdien nog niet, maar de voetbalvader heeft zeker geen spijt van het aanvaarden van het jeugdvoorzitterschap. ,,Het was lastig en zwaar, maar ook heel erg uitdagend. Je moet veel beter je best doen om dingen voor elkaar te krijgen.’’

Hoewel de voetbalactiviteiten de voorbije maanden beperkt bleven tot trainingen en interne wedstrijden, merkte Van Anrooij dat het enthousiasme langzaam terugkeerde binnen de club. ,,In die eerste periode ebde dat echt weg. Als er geen wedstrijden zijn, train je zonder doel. Zeker toen het winter werd, werd het moeilijker om spelers gemotiveerd te houden. Wat dat betreft verdienen de jeugdtrainers de credtis, want zij hebben er alles aan gedaan om jeugdleden enthousiast te houden’’, aldus Van Anrooij die na de winter een kantelpunt bemerkte. ,,Toen ontstond steeds meer het gevoel dat de jeugd blij was dat er getraind mág worden.’’

Invloed
Van Anrooij merkte dat de beperkte mogelijkheden ook een grote invloed hadden op het sociale aspect. Ook bij de jeugdafdeling. ,,Die kinderen zien elkaar ook nog wel buiten het complex, maar de binding tussen ouders, trainers en leiders is echt minder geworden. Kinderen moeten bij de ingang afgeleverd worden, dus je ziet elkaar ook echt niet meer.’’

De jeugdvoorzitter hoopt dat de coronamaatregelen uiteindelijk een positieve invloed hebben op de betrokkenheid bij de club. ,,Want ik ben best wel geschrokken van de verminderde betrokkenheid van mensen bij de vereniging. Ook bij een dorpsclub als Nieuw-Lekkerland. Misschien heeft het coronavirus wel een invloed op een kentering daarvan. Iedereen miste de afgelopen tijd het sociale van een vereniging en het lekker kunnen bewegen. Straks mag je er eindelijk weer uit en hopelijk staan mensen dan meer open voor het invullen van een vrijwilligerstaak. Zijn ze wel bereid om af en toe koffie te schenken of gasten te ontvangen in de bestuurskamer. Nu hebben vrijwilligers dubbele taken, maar vele handen maken nog altijd licht werk.’’

Wanneer de invloed van corona op het dagelijkse – en voetballeven straks is afgenomen, kan Van Anrooij zich ook meer focussen op zijn normale taak als jeugdvoorzitter. ,,Normaal is alles van tevoren gepland, weet je waar je rekening mee moet houden. Nu kwamen er dingen bij die onbekend waren’’, aldus Van Anrooij. Schokkende veranderingen voor de jeugdafdeling heeft hij overigens niet in petto. ,,Wat goed is, moet je vooral zo laten.

Een goed team om je heen hebben is belangrijk. Er stond bij mijn aantreden al een goede jeugdcommissie. Dat is heel prettig. In het nieuwe beleidsplan zijn de ideeën voor de jeugd ook niet veranderd ten opzichte van vijf jaar geleden. Dat liep goed, dus er was geen reden om daar iets in aan te passen.’’