bollenstreek-henri-van-winsen-sv-hillegom

“Ik mis zelden een wedstrijd”, had hij nog gezegd. Maar als zijn elftal zaterdagmiddag in actie komt tegen Ter Leede staat Henri van Winsen van SV Hillegom in burgerkloffie naast de dug-out. “Ik heb een kleine verrekking aan mijn knie. In de vorige wedstrijd viel mijn tegenstander met zijn volle gewicht op me. Volgende week zaterdag kan ik weer spelen volgens de fysiotherapeut.” En met een lachje: “Dat had ik sowieso gedaan.”

Van Winsen, speler van het tweede zaterdagelftal van HSV Hillegom, weet niet van ophouden. Met zijn 62 jaar speelt hij bovendien nog op een zeer respectabel niveau: reserve derde klasse.

“Ik heb het geluk dat ik een sterk lichaam heb”, reageert hij. “Ik ben altijd fi t geweest en heb nooit eigenlijk een kilootje te veel meegedragen. Op deze leeftijd is het wel belangrijk dat je goed naar je lichaam luistert. Vroeger had ik met die knie gewoon gaan spelen, nu weet je dat het verstandiger is om even een wedstrijd over te slaan. Hoe vervelend dat ook is, want ik had nu natuurlijk veel liever op dan naast het veld gestaan.”

Hij grinnikt als hij de spelers van tegenstander Ter Leede ziet. “Het zouden mijn kleinkinderen zelfs kunnen zijn. We spelen ook regelmatig tegen selectieteams. Zo zitten we bij Meerburg 2 in de poule.” Van Winsen groeide als voetballer op bij Warmunda. Daar kwam hij al op zijn zestiende in het eerste elftal. “In 1977 ben ik verhuisd naar Hillegom. Een jaar of vier reisde ik heen en weer naar Warmond. In het seizoen ‘81/’82 ben ik overgestapt naar Concordia. Ik was eigenlijk van plan om naar FC Lisse te gaan. Dat was net ontstaan na de fusie van Sportclub Lisse en Lisser Boys. Ik raakte op een dag echter verzeild bij Concordia. Dat voelde zo goed dat ik niet meer ben weggegaan.”

Van Winsen speelde jarenlang in Concordia 1. “Als verdediger. Ik kon bikkelhard zijn als het moest. Ik stond altijd mijn mannetje.” Op zijn veertigste nam hij afscheid, maar nog twee keer werd hij door de club teruggehaald om de hoofdmacht in nood de helpende hand toe te steken. “Op mijn 42ste heb ik er echt punt achter gezet.” Het voetbal liet hem niet los. Zelf voetballen ging naadloos over in training geven. “Ik heb eerst vier jaar het tweede elftal getraind, daarna kreeg ik de A1 onder mijn hoede. Dat was wat ik altijd al wilde. Ik vind dat een prachtleeftijd om training te geven. Ik heb heel wat talenten zien komen en gaan. Een aantal jongens speelt nog in het derde van Hillegom. Achtentwintig, negenentwintig zijn ze. Te jong om te stoppen met selectievoetbal, maar dat is helaas wel een tendens.” Op zijn vijftigste keerde hij terug als voetballer op het veld. “Dit huidige elftal is toen ontstaan. Dat is inmiddels twaalf, dertien jaar geleden. We hebben veel lol, maar zijn ook fanatiek.”

Hij staat nog steeds zijn mannetje in het hart van de defensie. “Voor mijn leeftijd ben ik nog altijd vrij snel”, benoemt hij zijn kwaliteiten. “Mijn snelheid wordt regelmatig onderschat door de tegenstanders. Bij balbezit speel ik vooral sober. Over de middenlijn kom ik zelden meer.” Hij wordt regelmatig ‘opa’ genoemd. “Meer om te dollen dan om te kwetsen”, weet hij. “En ze zeggen niets verkeerds: ik ben ook opa. Ik zie het meer als geuzennaam.”

Hij weet dat zijn voetbalcarrière niet oneindig is. Dit seizoen ‘dreigde’ hij al over te stappen naar de zeven-tegen-zeven competitie. “Ik ben blij dat ik het toch niet heb gedaan. Ik vind het echte voetbal, op een groot veld, nog veel te leuk.”

Wil je meer informatie over de club SV Hillegom? Klik hier.
Lees hier de krant van de Bollenstreek.