Ondanks dat de JO19-1 van DEVO slechts dertien spelers telt, is het elftal behoorlijk succesvol. Het vriendenteam kroonde zich in de najaarscompetitie glansrijk tot kampioen van de derde klasse. Bij de club uit Bosschenhoofd hoopt iedereen dan ook van harte dat de tieners uitgroeien tot belangrijke spelers voor de selectie van de geel-zwarten.

Het is een kletsnatte zaterdagmiddag en de velden van DEVO liggen er verlaten bij. Wie om zich heen kijkt, zou niet verwachten dat er vandaag gevoetbald wordt op de opmerkelijke sportlocatie pal achter de A58 en de landingsbaan van Breda Airport. De warme kantine is gevuld met wandelaars gekleed in fleecetruien, die lurken aan koppen koffie en knabbelen aan gevulde koeken. Gelukkig is Het VoetbalJournaal niet voor niets naar Bosschenhoofd gekomen.

Verderop in het clubgebouw maakt de technische staf van DEVO JO19-1 zich klaar voor de thuiswedstrijd tegen de leeftijdsgenoten van De Fendert JO19-1. “Nou: laat dat van die leeftijdsgenoten maar weg”, zegt trainer Sven Broos grinnikend. “We zitten nogal krap in onze spelers. Vaak doen er spelers mee van de JO17-1 en dat is vandaag ook het geval. Bovendien zijn onze meeste spelers zeventien jaar. Maar we gaan er het beste van maken: al het hele seizoen gaat het aardig.”

Dat laatste is een understatement. DEVO JO19-1 werd in de eerste seizoenshelft kampioen in de najaarscompetitie en komt daarom nu uit in de sterke tweede klasse. Terwijl Broos trots vertelt over zijn groep vol talenten, druppelen zijn spelers het clubgebouw aan de Pastoor van Breugelstraat binnen. Iedereen begroet elkaar hartelijk, een teken dat het met het groepsgevoel ook wel goed zit.

Het kampioenschap hebben we goed gevierd en het was ook verdiend dat we de titel pakten”, zegt Rick van Batenburg, de aanvoerder van het piepjonge team. “We spelen al jaren samen en zijn een vriendenteam”, zegt de aanvallende middenvelder. “We hebben nog met z’n allen carnaval gevierd.”

DEVO telt maar éen JO19- team en de spelers van dat elftal hebben vorig jaar na één seizoen in de JO17-1 al gezamenlijk de sprong gemaakt naar het hoogst spelende jeugdteam van de club. “De overstap was niet gemakkelijk, maar het was de juiste keuze”, zegt Van Batenburg. “Het is leerzaam om tegen oudere jongens te spelen en de resultaten bewijzen dat we ook tegen oudere gasten goed kunnen presteren.”

Sven Broos maakte de eerste seizoenshelft niet mee als coach van JO19-1, die taak heeft hij pas na de winterstop overgenomen van de toenmalige trainer, die door een blessure zijn taak niet meer kan uitvoeren. “Hopelijk verwacht niet iedereen dat we ook in de tweede klasse even kampioen worden, ik wil niet direct onder druk staan”, zo grinnikt hij. En dan zonder dollen: “De groep zat ineens zonder trainer en ik wilde die gasten niet aan hun lot overlaten. Ze kunnen namelijk heel goed voetballen en volgend jaar zijn deze jongens waardevol voor onze selectie.”

De spelers maken volgend seizoen na één jaartje in de JO19 wéér een sprong, ditmaal naar de seniorenafdeling van DEVO. Veel spelers van het tweede team verkassen naar een team dat lager gaat spelen, waardoor er ruimte ontstaat voor de tieners in dat elftal. “Maar een aantal jongens kan wellicht direct de overstap naar het eerste maken”, voegt Broos hieraan toe. Van Batenburg heeft in ieder geval de ambitie om volgend jaar in het vlaggenschip van de club te spelen. “Ik doe nu al af en toe mee en dat smaakt naar meer. Maar eerst willen we nog een goed seizoen draaien met de JO19-1.”