UVV’40 ontving Bart de Koning (20) afgelopen zomer met open armen. Trainer Johan Gabriels haalde de Ulvenhouter over om na periodes bij NAC en Baronie terug te keren op het oude nest en daar heeft de middenvelder geen spijt van. “Ik heb weer plezier in het spelletje.”

Types als Bart de Koning zie je vaak rondlopen in eerste elftallen van amateurclubs. Op jonge leeftijd worden ze bij hun vereniging weggeplukt door een profclub en na een behoorlijke periode daar keren ze naar verloop van tijd als volwassen kerels én erg goede spelers terug bij hun oude cluppie. De Koning werd als E-pupil opgepikt door NAC Breda en daar speelde hij als linksback een seizoen in de D2. Door bezuinigingen werden meerdere teams, ook het team van De Koning, opgedoekt en zo vertrok de Ulvenhouter naar Baronie.

Na een paar jaar keerde hij terug als speler van de B2 en later B1 van NAC, waarna zijn droom om profvoetballer te worden definitief in duigen viel. “Het is jammer dat ik het niet gered. Een profcarrière is helaas voor weinig spelers weggelegd, ik ben wel trots dat mijn oude maatjes Daan Klomp, Bodi Brusselers en Richelor Sprangers wél zijn doorgebroken”, zegt hij.

De Koning ging terug naar Baronie, maakte daar de overstap naar het eerste team, maar door blessures kwam de linksback in twee seizoenen maar twee keer in actie voor de hoofdmacht van de groen-witten. “Dat kwam vooral door een zware knieblessure. De laatste wedstrijden van het vorige seizoen deed ik mee met het tweede en dit seizoen mocht ik ook blijven bij Baronie om voor mijn kans te gaan. Maar dat zag ik niet zitten. Ik was toe aan iets nieuws.”

UVV’40-trainer Johan Gabriëls nam contact op met De Koning om de Ulvenhouter te polsen voor een terugkeer naar sportpark Jeugdland. Daar had de verdediger wel oren naar. “Ik wilde het plezier  terugvinden in het spelletje en had enorm veel zin om weer bij UVV te gaan voetballen. Ik kende alle jongens van dat team, want ik kom al jarenlang op dezelfde plekken als zij in Ulvenhout. De jongens hebben me ook erg goed opgevangen en de trainer laat me als middenvelder spelen, zodat ik me wat meer met aanvallen kan bemoeien. Daar ben ik blij mee, want vroeger was ik linksbuiten. Ik heb dus zeker scorend vermogen.”

Bij de derdeklasser heeft De Koning echter nog niet veel duels kunnen spelen. Vanwege een hamstringblessure miste hij tot nu toe behoorlijk wat wedstrijden. “Daar baal ik enorm van, want ik wil zo snel mogelijk een goed wedstrijdritme opbouwen en het team helpen. We hebben een erg leuk en goed team, dat prima meekan in de derde klasse. Een plekje in de middenmoot is sowieso mogelijk, misschien zit er nog meer in voor ons.” Is de derde klasse het eindstation van het voormalige NAC-talent? “Ik hoop van niet”, zegt De Koning. “Ik ben pas 20 jaar, kan nog jarenlang mee op een goed niveau. We zien wel waar de toekomst me brengt.”