Voor zijn laatste wedstrijd tegen Den Bommel kreeg Timo Lemmens van trouwe supporters van OVV 1 een fotoalbum in handen gedrukt. Het boek doorbladerend werd hij gepakt door de emotie. “Er staan foto’s in waarop mijn dochtertje voor het eerst op het voetbalveld was. Haar geboorte heeft heel veel met mij gedaan.”

De komst van de kleine Nova, een klein jaar geleden, veranderde het leven van de organisator van de Vaksportbeurs in Gorinchem, die dit jaar op 13 en 14 november wordt gehouden, voorgoed. Het gaf hem het zetje om met voetballen op niveau te stoppen. Volgend seizoen draagt hij niet het groen en wit van OVV, maar het blauw en zwart van een ‘vriendenteam’ bij fusieclub Poortugaal.

“Natuurlijk heb ik er goed over nagedacht”, zegt de controlerende middenvelder, die ‘pas’ 29 jaar is. “Ik ben ook niet over één nacht ijs gegaan. Mijn prioriteiten zijn de afgelopen jaar steeds meer bij andere zaken komen te liggen. Werk, gezin en daar komt ook bij dat ik ook op mijn zestigste fatsoenlijk uit mijn bed moet kunnen komen en een ommetje wil kunnen maken.”

De lange en ranke Lemmens werd in zijn carrière nogal eens getroffen door blessureleed. Als er iemand kan vertellen hoe het is om een knie-operatie te ondergaan, is het de inwoner van Schiedam wel. Vier keer moest één van zijn knieën onder het mes. Zijn laatste operatie was in 2012.

Het had een grote impact op zijn leven en zijn hobby. “Ik heb twee keer mijn kruisbanden afgescheurd van dezelfde knie. Ik had net een lange revalidatieperiode achter de rug toen het bij de eerste training weer mis ging.”

Zijn arts en fysiotherapeut legden hem geen voetbalverbod op, maar ze gaven wel aan dat hij zich in een risicogebied bevond. “Ik moest er voorzichtig aan gaan denken om te stoppen, was zo’n beetje de vertaling van hun advies.”

Lemmens hield zich daar, min of meer, half aan. De drang om meteen terug te keren op het veld was er niet, een nieuw revalidatieproces moest hij volgen of hij dat wilde of niet. “Na ruim anderhalf jaar begon het toch weer de kriebelen. Waarom ook niet, heb ik bij mezelf afgevraagd.”

Die gok leverde hem nog vijf mooie voetbaljaren op waarvan hij zegt dat hij ze nooit zou hebben willen missen. Zijn knie doet het nog best op wat ‘stijvigheid’ na. “Ik zal heel mijn leven thuis oefeningen moeten doen.”

De overstap van OVV van de zondag naar de zaterdag is wel een indirecte reden van zijn besluit. “Vooral omdat we in één klap werden teruggeworpen qua niveau. Vanuit de club was en is het een begrijpelijk besluit geweest, maar als speler streef je het hoogste na. We hadden twee fantastische jaren achter de rug. Kampioen in de tweede klasse en ons gehandhaafd in de eerste klasse.”

Even dacht hij erover om zijn heil elders te zoeken. “Er waren wat contacten met andere zondagclubs in de eerste klasse, maar ik heb het niet gedaan. OVV is mijn cluppie geworden. Bovendien ging praktisch het hele elftal naar de zaterdag mee.”

In de vierde klasse vonden Lemmens en zijn ploeggenoten weinig uitdaging. “Kampioen worden is altijd leuk, maar we zijn in dat jaar eerder slechter geworden dan beter”, concludeert hij. De optie om één keer te gaan trainen was er niet. “Omdat ik dat al deed”, gniffelt hij.

“Ach, iedereen bij OVV wist dat ik geen trainingsbeest was. Ik leefde puur voor de wedstrijden.”