Voorzitter Mario Papavoine, penningmeester Wil Sierat en secretaris Hennie van der Sluis zijn bezig aan hun laatste maanden bij RVVH. Aan het eind van dit jaar, bij de eerstvolgende algemene ledenvergadering van de Ridderkerkse club, treedt het volledige dagelijkse bestuur af.

“Er zijn kandidaat-bestuursleden maar het is aan de leden om te beslissen”, zegt Papavoine, die nu bijna veertien jaar voorzitter is van RVVH. Hij benadrukt dat het nieuwe bestuur extra steun moet krijgen vanuit de leden. “Commissies zijn nu minimaal bezet, veel taken worden niet uitgevoerd. Het is een trend die je bij veel verenigingen ziet, maar het baart me wel zorgen. Ik heb twee weken geleden een oproep geplaatst voor vrijwilligers voor zaterdag voor de jeugdcommissiekamer. Dat bericht heeft via sociale media vijftienhonderd mensen bereikt, maar er is nog geen enkele reactie gekomen.”

Papavoine is geen voorstander van verplichte vrijwilligerstaken. “Dan krijg je mensen die hier met tegenzin lopen. Wil je dat? Dat is ook niet goed, maar er moet wel iets veranderen. Het verenigingsleven is de afgelopen tien, vijftien jaar enorm veranderd. Het feit dat mensen het hebben over kantine in plaats van clubhuis is een teken aan de wand. De functie van een club is veranderd. Als deze ontwikkeling zich doorzet, bestaat de club, in de vorm zoals wij die kennen, over vijftien jaar niet meer. Dan zal een groot deel van de taken betaald worden verricht. Met de consequentie dat de contributie een stuk hoger wordt.”

Iedere morgen, voordat hij naar zijn werk gaat, is hij op de club. Dat doet hij al jaren. Als hij straks wordt afgelost als voorzitter zal hij op de achtergrond bij RVVH betrokken blijven. “Het is nooit mijn doel geweest om voorzitter te worden. Het kwam op mijn pad. Ik heb dat altijd op de best mogelijk manier geprobeerd in te vullen.” Soms wordt hij er moedeloos van. Pas geleden zag hij, en niet voor het eerst, een bezoeker het toilet uitlopen zonder de kraan uit te zetten. “Die ben ik nagelopen en heb ik gevraagd of hij dat thuis ook doet. Ik wil geen politieagentje zijn, maar soms gebeurt het.”

TOPKLASSE
Onder zijn voorzitterschap beleefde hij sportieve hoogtepunten. Met Giovanni Francken promoveerde RVVH naar de Topklasse, toen het hoogste niveau van Nederland. De grootmachten van het amateurvoetbal kreeg RVVH op bezoek. “In die tijd lukte het ons nog om spelers met een krasje of naam te verleiden naar ons toe te komen. Gio speelde daarin een grote rol. De verhoudingen zijn tegenwoordig veranderd. Het is onmogelijk om nog een rol te spelen in de top van het amateurvoetbal. Geld is allesbepalend.” Volgens Papavoine moet RVVH koesteren wat het heeft: de eerste klasse. “Met hopelijk op termijn weer een uitschieter naar de hoofdklasse.”

Meer zorgen maakt hij zich over de organisatie. Hij ziet overal een vrijwilligerstekort. Dat geldt voor de bezetting achter de bar en de invulling van de commissies. “Er is geen vangnet. Het zou mooi zijn als we wat vlees op de botten krijgen. We zijn nu een skelet als het om bestuurlijke organisatie gaat. Alles is voorzien maar mondjesmaat. Dat is echt

het voornaamste aandachtspunt voor de komende jaren.” Hij heeft wel een idee welke taken hij na zijn aftreden op zich wil nemen. “Maar het nieuwe bestuur moet zich daar ook in kunnen vinden. Misschien heeft dat heel andere ideeën.” Nu is hij bezig om RVVH zo goed mogelijk over te dragen. “Onze verenigingsmanager heeft een baan gevonden die hem meer zekerheid biedt. Van zijn kant begrijpelijk, maar ééntwee-drie een nieuwe is er niet. We zijn nu bezig iemand vanuit de club in te werken.”