Het avontuur van een stel voetbalvrienden, die drie jaar geleden aanklopten bij Van Nispen om op zaterdag te mogen spelen, krijgt een steeds mooiere wending. Na het afgetekende kampioenschap in de derde klasse A wordt voor de tweede maal een stap omhoog gemaakt.

“Ik ben erg nieuwsgierig of de tweede klasse ons eindstation wordt of misschien wel een tussenstation is”, zegt verdediger Rick van der Vlugt. “We beseffen in ieder geval wel dat het serieuzer moet.” ING-bankier Van der Vlugt sloot zich twee seizoenen geleden aan bij de voetbalvrienden van Van Nispen. “Mijn broers Ivo en Mike speelden al in het team.” Desondanks moest hij eerst goed nadenken voordat hij zijn jawoord gaf. “Ik speelde bij Noordwijk in het derde, het team dat de pensionado’s wordt genoemd. Dat is familie, maar dat was Van Nispen ook. Het was een keuze tussen familie en familie. Wat de doorslag gaf?

Heel simpel, mijn ouders. We zijn een hechte familie. We waren thuis met vier broers die allemaal voetbalden. Voor mijn ouders was het altijd een hele toer om hun programma af te stemmen op mijn wedstrijden en die van Mike en Ivo. Doordat ik koos voor Van Nispen hoeven ze nu nog maar naar één wedstrijd.”

Zijn trouwste supporters waren erbij toen Van Nispen onlangs zijn kampioenswedstrijd speelde tegen CVC Reeuwijk (1-4). Er stond echter maar één zoon binnen de lijnen: Rick. “Mike is tijdelijk gestopt vanwege zijn werk en Ivo was geblesseerd aan zijn knie. Hij kón echt niet spelen.”

De enige Van der Vlugt op het kunstgras toonde zich op bekende wijze: opbouwend sterk, stevig in de duels. “Dat fanatieke heb ik altijd gehad”, reageert hij. “Soms kost me dat een gele kaart, zoals tegen Reeuwijk. Het team verwacht ook van me dat ik mijn mannetje sta.”

“Ik ben niet naar Van Nispen gekomen om af te bouwen”, vervolgt hij. “Daar ben ik nog te jong voor Dat klinkt wat raar uit de mond van een speler die er met zijn voetbalvrienden een andere aanpak op na houdt dan doorgaans gebruikelijk. Geen twee loodzware trainingssessies per week en ook geen trainer die de spelers de wetten voorschrijft. “We zijn een zelfregulerend team. Dat wil overigens niet zeggen dat we er een zootje van maken. We hebben een soort TC die uit vier mensen bestaat. Zij nemen de beslissingen.”

Stefan Spruijt is op zaterdag de trainer. “Hij begrijpt hoe we het willen. Hij past goed in het concept.”

De ene keer dat er getraind wordt, is Van der Vlugt niet van de partij. Door zijn drukke baan in Amsterdam is het voor hem te ingewikkeld om aanwezig te zijn in De Zilk. “Ik woon ook in Amsterdam. De jongens wisten dat ik niet zou komen trainen. Die afspraak heb ik ook met ze gemaakt. Ik hou mezelf fi t.”

Hij doet dat door vier keer in de week naar de sportschool te gaan. “Ik durf wel te beweren dat ik de fitste speler van de ploeg ben.”

Die fitheid is ook nodig als de Van Nispen-vrienden komend seizoen hun entree in de tweede klasse maken. “Ik ben echt nieuwsgierig of dit concept ook stand houdt op dat niveau. We zullen meer tegenslagen krijgen, dat is zeker. Het omgaan met die tegenslagen wordt ook meteen de grote uitdaging.”