Na ruim een jaar stilstand maakte Johan Voskamp zijn rentree als voetballer. Bij zijn eerste club Lyra hoopt de oud-prof van Excelsior, RKC Waalwijk, Sparta, Helmond Sport en het Poolse Slask Wroclaw zijn oude professie op te pakken: doelpunten maken.

Hij moet er zelf ook om lachen: de bijnamen die hij tijdens zijn loopbaan in het betaalde voetbal kreeg. De Stier van De Lier is de meest in het oog springende. “Blijkbaar heb ik die gekregen in de Jupiler League. Als topscorer kreeg je een Gouden Stier. Veel toepasselijker kan het niet nu ik voor Lyra speel, zou je kunnen zeggen. Al vind ik me in het veld meer een sluwe vos dan een dolle stier. Ik ben altijd de manbgeweest die een neusje had voor de goal en was allesbehalve een Engelse spits die door muren gaat en iedereen omver beukt.”

Voskamp zit al een tijdje in een fase dat hij aan het uitzoeken is wat hij na zijn actieve voetballeven wil gaan doen. Hij traint bij Lyra de jongste jeugd twee middagen in de week en bestiert daarnaast een voetbalschool. Hij ontdekte op die manier dat hij werken met kinderen leuk vond. “Vandaar dat ik nu een éénjarige opleiding volg voor gespecialiseerd pedagogisch medewerker. Daarnaast werk ik twintig uur in de week bij een kinderopvangorganisatie.”

In dat nieuwe leven is ook plaats voor Lyra, de club waar hij begon en tot zijn zestiende, voordat hij naar Westlandia vertrok, speelde. “De verplichtingen bij Lyra zijn te overzien. Twee trainingen in de week en een wedstrijd op zaterdag. De druk van het moeten presteren voel ik niet meer.”

Hij is blij dat hij weer is hersteld van een vervelende blessure die hem verhinderde in actie te komen voor Westlandia. “Ik heb het de tijd gegeven en dat is verstandig geweest”, zegt hij over zijn ontsteking bij zijn hiel. “Ik heb vorig seizoen twee weken meegedaan in de voorbereiding. De pijn was niet te verdragen. Ik heb gezegd: ik geef die hiel nu rust en wie weet gaat het straks dan weer kriebelen.”

Bij Lyra komt hij een hoop oude bekenden tegen van zijn jeugdjaren. De eerste competitiewedstrijd tegen Duindorp was zijn debuut in Lyra 1. Mét de aanvoerdersband om de arm. “Ik ben één van de oudere spelers en dan moet ik niet weglopen voor mijn verantwoordelijkheid. Ik heb natuurlijk wel het één en ander meegemaakt.” Hij kijkt met een meer dan voldaan gevoel terug op zijn betaald voetbal-carrière. “Ik was pas twintig toen ik bij Excelsior terecht kwam. Ik heb meer dan honderdveertig keer gescoord, promoties en kampioenschappen meegemaakt. Degradatie ook, want dat hoort er ook bij. Overal waar ik heb gespeeld heb ik het redelijk tot goed gedaan.” De twee jaar dat bij Helmond Sport en Sparta speelde, wijst hij aan als zijn beste periode. “Ik scoorde aan de lopende band.” Voskamp schreef eerste divisie-geschiedenis door tegen Almere City acht keer te scoren (12-1). Sparta-trainer Jan Everse haalde hem een kwartier voor tijd naar de kant. “Op dat moment vond ik het een logische wissel, omdat het pas mijn eerste wedstrijd voor Sparta was en maar één keer had getraind. Achteraf denk je wel: ik had het record van Henk Schouten met negen goals kunnen verbeteren.” Als topscorer van de eerste divisie verdiende hij wel een transfer naar Slask Wroclaw. In zijn eerste seizoen had hij een belangrijk aandeel in de landstitel van de Poolse club. “Dat feest vergeet je nooit meer, met tienduizenden mensen in de stad.”

In het tweede seizoen verdween Voskamp echter uit de basis. “De eerste zes wedstrijden speelde ik nog wel. Dat ging best goed, maar ik scoorde niet. Dan weet je, met twee trappelende spitsen achter je, dat de trainer andere keuzes gaat maken. Ik kwam eerst op de bank, daarna zelfs op de tribune. Dat had voor mij geen zin, dan is Polen net niet mooi genoeg.” Hij heeft geen idee wat hij van de derde klasse kan verwachten. “Het is voor mij een open boek. Het is de bedoeling dat we met Lyra hogerop gaan, maar hoe onze kansen liggen vind ik moeilijk in te schatten.” In de beker was hij in drie wedstrijden goed voor zes goals. “Scoren verleer je niet.”