“Ik vermaak me wel”, reageert Tom Westerink als zijn vele functies in de voetballerij aan bod komen. Bij RVVH leidt hij niet alleen het jongste talent van de vermaarde Voetbalschool op, hij is met Willem Grootenboer ook verantwoordelijk voor de samenstelling van de vrouwenselectie van de club. “Wat ik doe is zó veelzijdig.”

Westerink (63) is een echte duizendpoot, want naast zijn werkzaamheden voor RVVH zet hij zich in voor de KNVB (als teammanager bij jeugdelftallen), vrouwenzaal-eredivisionist Pernis en eerstedivisieclub NEC. Bij de Nijmeegse club is hij sinds twee jaar scout voor de JO17 en JO19 in het westen van het land. “Ik hou eigenlijk ook de onder vijftien in de gaten. Dat zit eigenlijk niet in mijn portefeuille, maar in de regio rond Nijmegen zit in die leeftijdsklasse net even wat minder talent.”

Het is niet zo dat spelers massaal naar Nijmegen vertrekken. “Een speler uit het westen halen is voor NEC een dure business. Er moet van alles geregeld worden, zoals huisvesting. NEC hanteert het principe dat een speler van ver een stuk beter moet zijn dan een speler uit de regio Oost. Is ie dat niet, dan doet de club het niet.”

Scouten zit Westerink in het bloed. Vandaar dat hij vorig seizoen ja zei tegen RVVH om technisch coördinator van de succesvolle vrouwentak te worden. In die functie struint de inwoner van ’s-Gravendeel de velden in de regio af, speurend naar ongepolijste diamanten. “De concurrentie in deze regio is moordend”, stelt hij. “Feyenoord is een meisjestak begonnen in de hoop ooit Eredivisie te gaan spelen, Excelsior is actief en ook ADO Den Haag is niet heel ver weg.”

Onder die concurrentiedruk moet RVVH ook nieuwe speelsters naar de Ridderkerkse Sportlaan lokken. “We hebben een goede naam, dat helpt natuurlijk”, zegt Westerink. “Met RVVH spelen we al jaren in de top van het amateurvoetbal. Het eerste speelt in de Topklasse, het tweede in de eerste klasse. We hebben een goed niveau te bieden.” Vorig seizoen moesten Westerink en Grootenboer hard aan de slag. Door een uittocht van speelsters was een blik nieuwe speelsters vereist. “Er zijn achttien nieuwe speelsters gekomen”, vertelt Westerink.

We hebben geen jeugdelftallen en daardoor moeten opengevallen plaatsen van buitenaf worden opgevuld. De ideale situatie zou zijn dat we een MO15 en MO17 zouden hebben. Dan zouden we ook eerder met opleiden kunnen beginnen. De club denkt er over na, maar vooralsnog is die wens lastig te realiseren vanwege ruimtegebrek.” Zolang er geen doorstromende jeugd is, is Westerink verplicht om de regio af te speuren naar talent. “We scouten op alle niveau’s. Een mooi voorbeeld is Vivianne Verheijen. Die hebben we opgepikt bij vierdeklasser Oranje Wit. Zij speelt nu in de basis bij het eerste.” Al een paar jaar bekommert hij zich over de spelertjes en speelstertjes van de Voetbalschool, de kraamkamer van RVVH. “Daar vallen alle kinderen van vier tot met zeven, acht jaar onder. Ik stel de trainingen samen en verzorg met vaders de training. Plezier is belangrijk en daarnaast proberen we spelenderwijs de kinderen de beginselen van het voetbal bij te brengen.” “Op zaterdagmorgen hebben we een onderlinge competitie, de Champions League. De kinderen spelen in shirts van Barcelona, Real Madrid, Chelsea en Paris Saint Germain. Iedere zaterdag spelen ze een wedstrijdje van twee keer twintig minuten. Voordat we beginnen draaien we vooraf de hymne van de Champions League.”