Hij leek (even) van de hoofdtrainersradar in Dordrecht verdwenen, maar maakt dit seizoen zijn rentree als technisch verantwoordelijke van een hoofdmacht: Paul Koster heeft als opvolger van Pippy Pruymboom zondag-derdeklasser RCD onder zijn hoede genomen.

DORDRECHT – Dat Paul Koster als opvolger van huidig Wieldrecht-trainer Pippy Pruymboom werd benoemd, was niet zo verbazingwekkend. Koster, die op 1 oktober 47 jaar wordt, was immers als in ‘deeltijd’ waarnemer van Pruymboom bij de Racing Club Dordrecht aangezien laatstgenoemde in de afgelopen voetbaljaargang ook nog trainer was van de Dordtse zaterdag-eersteklasser Oranje Wit. ,,Er was dus al een goede relatie met RCD. Bovendien heb ik goed contact met bestuurslid Louis Laros, dus dat contact was snel gelegd’’, legt Paul Koster uit

Toch was het niet helemaal gepland om als hoofdtrainer terug te keren in het voetbalwereldje, dat Koster al zoveel bracht. Als speler was hij actief voor Wieldrecht, VVGZ en ASWH, als trainer bouwde hij ook een staat van dienst op. De Dordtenaar was regiocoach binnen het district Zuid I en was als jeugdtrainer actief binnen de opleiding van betaald voetbalclub FC Dordrecht. Als hoofdtrainer was hij een drietal seizoenen werkzaam bij Dordtse oudste club DFC, de club  die onder zijn leiding de status van tweedeklasser bereikte. Daarna trad Koster, die zich in het verleden ook verdienstelijk maakte op het gebied van sportstimulering in de gemeente Dordrecht én Zwijndrecht, in dienst van de KNVB waar hij zich bezighield met jeugdvoetbal en maakte hij ook mooie voetbalreizen zoals naar Hawaii (zie foto). ,,In de periode dat ik werkzaam was bij de KNVB heb ik de keuze gemaakt om geen team ernaast te trainen en te coachen. Dankzij RCD ben ik uiteindelijk toch weer erin gerold en dat beviel van beide kanten zo goed dat daaruit een hoofdtrainerschap is voortgekomen. En ik moet zeggen, het is heerlijk om weer op het veld te staan en met een groep bezig te zijn. Om dingen goed te zien gaan waarop je met elkaar getraind heb en te werken aan verbeteringen in de speelwijze. Het is fijn om dat weer te ervaren.’’

HECHT TEAM
Minder blij was Koster met de aanloopperiode van zijn nieuwe ploeg. In de districtsbeker trof RCD met Sparta’30, Asperen en Hardinxveld drie zaterdagploegen als opponenten. ,,Wedstrijden die dus geen enkele waarde voor ons hebben gehad. Als zondag ploeg moet je maar naar de zaterdagtegenstander buigen en dat had voor ons grote gevolgen. In drie wedstrijden heb ik met verschillende samenstellingen moeten spelen omdat jongens ontbraken vanwege werkzaamheden en andere redenen. Waarom kon dit niet anders? Er zijn volgens mij genoeg zondagploegen die ook nog in de districtsbeker uitkomen. Is het dan niet mogelijk om bijvoorbeeld een Dordtse poule samen te stellen met voor SSW, FC Dordrecht amateurs en GSC zondag om maar wat te noemen? Of misschien moeten we in de toekomst maar afspreken dat we zo’n bekerwedstrijd tegen een zaterdagploeg op vrijdagavond spelen om gelijke kansen te hebben. Deze bekerronde heeft ons echt niets opgeleverd.’’

En dat terwijl Koster de tijd juist goed kon gebruiken om zijn team naar de hand te zetten en te kneden. ,,vormen
van een hecht team, toch één van de kenmerken waarom RCD bekend staat, is voor mij één van de belangrijkste uitgangspunten geweest toen ik hier aantrad als trainer. En bovendien een club met talentvolle jeugd, die de doorstroming naar het eerste team kan en moet gaan maken. Vorig jaar is er het nodige in de selectie gebeurd, waar ik buitenstaander bij ben geweest. In de groep die er nu staat, zit zeker kwaliteit maar we zullen wel met elkaar de schouders eronder moeten zetten om dat te vertalen naar goede prestaties. Waarbij ik het als trainer belangrijk vind dat er een goede sfeer is waarin iedereen zich lekker voelt. Van daaruit is het dan prettig werken met elkaar.’’

BASIS
Vorig seizoen moest RCD zich inspannen om de status van derdeklasser te houden. Dit seizoen, in een andere voetbalomgeving (zie kader), is het uitgangspunt anders: Paul Koster wil zich niet laten vastpinnen op een mogelijke eindklassering of resultaatgerichtheid.

,,Ik weet dat mensen heel graag willen horen wat dé doelstelling is van een ploeg, maar ik denk niet in resultaatdoelen. Wat voor mij voorop staat, is dat we plezier met elkaar hebben want dat is de basis van alles. In die sfeer wil ik werken aan de ontwikkeling van het team, waarbij duidelijk is dat we keihard met elkaar moeten zullen werken om goed voor de dag te kunnen komen. In de afgelopen weken heb ik die bereidheid geproefd en daar gaan we mee verder. Waar ik momenteel sta in mijn trainerscarrière en waar ik naartoe wil? Vind ik ook lastig om te zeggen. Eerst maar eens kijken hoe het de komende maanden gaat voordat we daar iets over kunnen zeggen